Productieproces; bedrijfstak en regio; nationale rekeningen 1995-2015

Productieproces; bedrijfstak en regio; nationale rekeningen 1995-2015

Bedrijfstakken/branches (SBI 2008) Regio's Perioden Productie basisprijzen (mln euro) Intermediair verbruik (mln euro) Bruto toegevoegde waarde basisprijzen (mln euro) Beloning van werknemers (mln euro) Niet-productgebonden belastingen (mln euro) Niet-productgebonden subsidies (mln euro) Exploitatieoverschot (bruto) (mln euro) Arbeidsvolume werkzame personen (1 000 arbeidsjaren) Arbeidsvolume werknemers (1 000 arbeidsjaren)
Q Gezondheids- en welzijnszorg Nederland 2015* 81.197 25.886 55.311 43.889 379 1.767 12.810 1.009,6 867,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg Noord-Nederland (LD) 2015* 8.998 2.870 6.128 4.869 41 197 1.414 112,3 96,2
Q Gezondheids- en welzijnszorg Oost-Nederland (LD) 2015* 16.854 5.345 11.509 9.187 79 351 2.594 214,2 183,2
Q Gezondheids- en welzijnszorg West-Nederland (LD) 2015* 39.114 12.510 26.605 21.022 183 873 6.273 477,4 413,2
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zuid-Nederland (LD) 2015* 16.231 5.161 11.069 8.811 76 346 2.528 205,7 174,9
Q Gezondheids- en welzijnszorg Extra-Regio (LD) 2015* 0 0 0 0 0 0 0 0,0 0,0
Q Gezondheids- en welzijnszorg Groningen (PV) 2015* 3.642 1.182 2.460 1.926 16 91 609 42,2 36,9
Q Gezondheids- en welzijnszorg Friesland (PV) 2015* 2.785 878 1.907 1.529 13 55 420 37,2 30,8
Q Gezondheids- en welzijnszorg Drenthe (PV) 2015* 2.571 811 1.761 1.414 12 51 385 32,9 28,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg Overijssel (PV) 2015* 5.388 1.710 3.679 2.935 25 113 831 68,4 58,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg Flevoland (PV) 2015* 1.524 469 1.055 861 8 24 211 21,3 17,9
Q Gezondheids- en welzijnszorg Gelderland (PV) 2015* 9.942 3.166 6.776 5.391 46 214 1.553 124,4 106,8
Q Gezondheids- en welzijnszorg Utrecht (PV) 2015* 7.123 2.289 4.834 3.799 33 165 1.167 85,2 74,0
Q Gezondheids- en welzijnszorg Noord-Holland (PV) 2015* 13.508 4.328 9.180 7.237 63 306 2.186 164,7 141,8
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zuid-Holland (PV) 2015* 16.936 5.405 11.531 9.136 79 372 2.688 206,9 180,2
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zeeland (PV) 2015* 1.546 487 1.059 851 7 30 232 20,6 17,2
Q Gezondheids- en welzijnszorg Noord-Brabant (PV) 2015* 10.703 3.400 7.303 5.813 51 226 1.666 136,3 115,6
Q Gezondheids- en welzijnszorg Limburg (PV) 2015* 5.528 1.762 3.766 2.998 25 120 863 69,4 59,3
Q Gezondheids- en welzijnszorg Oost-Groningen (CR) 2015* 567 176 391 318 3 10 80 7,8 6,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg Delfzijl en omgeving (CR) 2015* 164 52 113 90 1 3 25 2,2 1,8
Q Gezondheids- en welzijnszorg Overig Groningen (CR) 2015* 2.910 954 1.956 1.518 12 78 504 32,3 28,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg Noord-Friesland (CR) 2015* 1.401 445 955 760 7 30 219 18,2 15,1
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zuidwest-Friesland (CR) 2015* 448 139 310 251 2 7 63 6,4 5,2
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zuidoost-Friesland (CR) 2015* 936 293 642 518 5 18 138 12,6 10,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg Noord-Drenthe (CR) 2015* 1.265 395 870 704 6 23 183 16,2 14,4
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zuidoost-Drenthe (CR) 2015* 680 219 461 364 3 16 110 8,6 7,1
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zuidwest-Drenthe (CR) 2015* 626 196 430 346 3 12 92 8,2 7,0
Q Gezondheids- en welzijnszorg Noord-Overijssel (CR) 2015* 1.848 590 1.258 997 9 41 293 22,9 19,7
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zuidwest-Overijssel (CR) 2015* 805 255 550 440 4 17 123 10,2 8,8
Q Gezondheids- en welzijnszorg Twente (CR) 2015* 2.735 865 1.871 1.497 13 55 416 35,3 30,0
Q Gezondheids- en welzijnszorg Veluwe (CR) 2015* 2.982 935 2.047 1.651 14 56 438 38,9 33,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg Achterhoek (CR) 2015* 1.658 520 1.138 917 8 31 244 22,3 18,6
Q Gezondheids- en welzijnszorg Arnhem/Nijmegen (CR) 2015* 4.660 1.512 3.148 2.464 20 116 780 54,0 47,3
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zuidwest-Gelderland (CR) 2015* 642 199 443 359 3 11 91 9,2 7,4
Q Gezondheids- en welzijnszorg Utrecht (CR) 2015* 7.123 2.289 4.834 3.799 33 165 1.167 85,2 74,0
Q Gezondheids- en welzijnszorg Kop van Noord-Holland (CR) 2015* 1.028 321 706 570 5 19 151 14,4 11,6
Q Gezondheids- en welzijnszorg Alkmaar en omgeving (CR) 2015* 1.174 376 798 632 5 26 187 14,4 12,4
Q Gezondheids- en welzijnszorg IJmond (CR) 2015* 658 209 449 358 3 14 102 8,4 7,1
Q Gezondheids- en welzijnszorg Agglomeratie Haarlem (CR) 2015* 1.053 331 722 577 5 21 160 13,8 11,6
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zaanstreek (CR) 2015* 462 147 315 251 2 10 72 6,1 5,0
Q Gezondheids- en welzijnszorg Groot-Amsterdam (CR) 2015* 7.998 2.586 5.412 4.229 36 194 1.341 92,8 81,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg Het Gooi en Vechtstreek (CR) 2015* 1.137 359 778 622 6 23 174 14,8 12,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg Agglomeratie Leiden en Bollenstreek (CR) 2015* 2.518 816 1.702 1.334 11 62 419 29,0 25,6
Q Gezondheids- en welzijnszorg Agglomeratie 's-Gravenhage (CR) 2015* 4.179 1.332 2.847 2.254 20 91 664 51,8 44,6
Q Gezondheids- en welzijnszorg Delft en Westland (CR) 2015* 830 264 566 449 4 18 131 10,6 8,9
Q Gezondheids- en welzijnszorg Oost-Zuid-Holland (CR) 2015* 1.151 354 797 649 6 18 160 15,7 13,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg Groot-Rijnmond (CR) 2015* 6.644 2.121 4.524 3.585 31 146 1.054 80,1 70,7
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zuidoost-Zuid-Holland (CR) 2015* 1.614 519 1.096 865 7 37 261 19,6 16,9
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zeeuwsch-Vlaanderen (CR) 2015* 438 140 298 236 2 10 70 5,5 4,6
Q Gezondheids- en welzijnszorg Overig Zeeland (CR) 2015* 1.108 347 761 614 5 21 162 15,1 12,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg West-Noord-Brabant (CR) 2015* 2.570 819 1.751 1.391 12 56 403 32,3 27,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg Midden-Noord-Brabant (CR) 2015* 1.996 627 1.369 1.099 10 38 299 26,4 22,3
Q Gezondheids- en welzijnszorg Noordoost-Noord-Brabant (CR) 2015* 2.694 848 1.845 1.477 13 53 408 35,3 29,8
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zuidoost-Noord-Brabant (CR) 2015* 3.443 1.105 2.338 1.845 16 79 556 42,3 36,1
Q Gezondheids- en welzijnszorg Noord-Limburg (CR) 2015* 1.177 372 806 645 6 24 178 15,2 13,0
Q Gezondheids- en welzijnszorg Midden-Limburg (CR) 2015* 972 304 668 539 5 18 142 13,0 11,0
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zuid-Limburg (CR) 2015* 3.379 1.086 2.293 1.813 15 78 543 41,1 35,4
Q Gezondheids- en welzijnszorg Flevoland (CR) 2015* 1.524 469 1.055 861 8 24 211 21,3 17,9
Q Gezondheids- en welzijnszorg Utrecht-West (CP) 2015* 352 111 241 192 2 7 54 4,8 3,8
Q Gezondheids- en welzijnszorg Stadsgewest Amersfoort (CP) 2015* 1.374 432 942 753 7 27 208 17,9 15,2
Q Gezondheids- en welzijnszorg Stadsgewest Utrecht (CP) 2015* 4.986 1.624 3.362 2.612 22 127 856 55,7 49,7
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zuidoost-Utrecht (CP) 2015* 411 122 289 241 2 4 49 6,7 5,3
Q Gezondheids- en welzijnszorg Amsterdam (CP) 2015* 6.311 2.055 4.257 3.307 28 161 1.083 70,7 63,0
Q Gezondheids- en welzijnszorg Overig Agglomeratie Amsterdam (CP) 2015* 478 151 328 261 2 9 74 6,5 5,3
Q Gezondheids- en welzijnszorg Edam-Volendam en omgeving (CP) 2015* 503 156 347 282 3 8 71 6,8 5,8
Q Gezondheids- en welzijnszorg Haarlemmermeer en omgeving (CP) 2015* 705 225 480 379 3 16 113 8,8 7,5
Q Gezondheids- en welzijnszorg Aggl.'s-Gravenhage excl. Zoetermeer (CP) 2015* 3.741 1.192 2.550 2.018 18 81 594 46,2 39,9
Q Gezondheids- en welzijnszorg Zoetermeer (CP) 2015* 438 140 298 235 2 10 70 5,6 4,6
Q Gezondheids- en welzijnszorg Rijnmond (CP) 2015* 6.263 2.005 4.258 3.367 29 141 1.004 74,2 66,1
Q Gezondheids- en welzijnszorg Overig Groot-Rijnmond (CP) 2015* 381 116 265 218 2 5 50 5,9 4,6
Q Gezondheids- en welzijnszorg Drechtsteden (CP) 2015* 1.131 361 769 610 5 25 179 13,7 12,0
Q Gezondheids- en welzijnszorg Overig Zuidoost-Zuid-Holland (CP) 2015* 484 158 326 255 2 12 82 5,9 4,8
Q Gezondheids- en welzijnszorg Stadsgewest 's-Hertogenbosch (CP) 2015* 1.567 496 1.071 853 8 32 243 19,9 17,0
Q Gezondheids- en welzijnszorg Overig Noordoost-Noord-Brabant (CP) 2015* 1.126 352 774 624 6 21 165 15,4 12,7
Q Gezondheids- en welzijnszorg Almere (CP) 2015* 574 182 392 310 3 12 91 7,7 6,2
Q Gezondheids- en welzijnszorg Flevoland-Midden (CP) 2015* 819 247 572 475 4 10 102 11,3 10,2
Q Gezondheids- en welzijnszorg Noordoostpolder en Urk (CP) 2015* 131 40 91 75 1 2 17 2,3 1,6
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over het macro-economisch productieproces per regio. Hier worden van verschillende bedrijfseenheden de productie, het verbruik, de toegevoegde waarde, de componenten van de toegevoegde waarde en het arbeidsvolume weergegeven.

De gegevens in deze tabel zijn geclassificeerd naar regio en volgens de Standaard Bedrijfsindeling (SBI 2008). Bij de regionale indeling kan gekozen worden uit de verschillende landsdelen (Noord-, Oost-, West- en Zuid-Nederland), provincies en (uitgesplitste) COROP-gebieden.

De cijfers zijn afkomstig uit de regionale rekeningen, de kwantitatieve beschrijving van de economische ontwikkeling van de verschillende regio's binnen een land. Doordat de cijfers aansluiten op de nationale rekeningen geven zij een gecoördineerde beschrijving van de regionale economie en zijn ze bij uitstek geschikt voor de vergelijking van de resultaten van de verscheidene regio's.

De bedragen in deze tabel zijn uitsluitend in lopende prijzen.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1995 tot en met 2015

Status van de cijfers:
De cijfers van de jaren 1995 - 2014 zijn definitief. Gegevens van het jaar 2015 zijn ook definitief met uitzondering van de variabele arbeidsvolume werkzame personen in arbeidsjaren. Door de late beschikbaarheid van de jaargegevens over zelfstandigen wordt een uitzondering gemaakt voor cijfers over banen, arbeidsjaren en gewerkte uren van zelfstandigen en werkzame personen. Deze gegevens worden pas een jaar later definitief gepubliceerd. Aangezien deze tabel is stopgezet, worden de gegevens niet meer definitief gemaakt,

Wijzigingen per 30 november 2018.
Geen, deze tabel is stopgezet.
Het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft onlangs een revisie uitgevoerd van de nationale rekeningen. Hierbij worden nieuwe statistische bronnen en ramingsmethoden gebruikt. Deze tabel met gegevens voor revisie is vervangen door tabel productieproces bedrijfstak en regio; nationale rekeningen. Voor aanvullende informatie zie paragraaf 3.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Is er een opvolger?
Deze tabel wordt opgevolgd door productieproces; bedrijfstak en regio; nationale rekeningen.
Zie paragraaf 3.

Toelichting onderwerpen

Productie basisprijzen
De waarde van alle voor de verkoop bestemde goederen (ook de nog niet verkochte) en de ontvangsten voor bewezen diensten. Verder omvat de productie producten met een marktequivalent die voor eigen gebruik zijn geproduceerd zoals investeringen in eigen beheer, eigen woningdiensten en landbouwproducten voor eigen consumptie door landbouwers. De productiewaarde hiervan wordt berekend door de geproduceerde hoeveelheid te waarderen tegen de prijs die de producent bij verkoop zou hebben ontvangen. De productie is gewaardeerd tegen basisprijzen. De basisprijs is de prijs die de producent daadwerkelijk overhoudt, dus exclusief de handels- en vervoersmarges van derden en exclusief het saldo van productgebonden belastingen (waaronder belasting over de toegevoegde waarde (btw)) en productgebonden subsidies.
Intermediair verbruik
Alle producten die in de verslagperiode zijn verbruikt in het productieproces. Dit kunnen al of niet in de verslagperiode aangekochte grondstoffen, halffabricaten en brandstoffen zijn maar ook diensten zoals communicatiediensten, schoonmaakdiensten en diensten van externe accountants. Het intermediair verbruik is gewaardeerd tegen aankoopprijzen, exclusief aftrekbare belasting over de toegevoegde waarde (btw).
Bruto toegevoegde waarde basisprijzen
De toegevoegde waarde is gelijk aan het verschil tussen de productie (basisprijzen) en het intermediair verbruik (aankoopprijzen) van een bedrijfseenheid. De som van de toegevoegde waarde van alle bedrijfseenheden is een belangrijke component van het bruto binnenlands product (bbp). De toegevoegde waarde wordt gewaardeerd tegen basisprijzen. Bruto is inclusief afschrijvingen.
Beloning van werknemers
De beloning voor geleverde arbeid door werknemers. Werknemers zijn alle ingezeten en niet-ingezeten personen die in Nederland in dienstbetrekking werkzaam zijn. Ook directeuren van nv's en bv's behoren tot de werknemers, dus hun salarissen zijn ook in de beloning van werknemers begrepen. Hetzelfde geldt voor medewerkers van sociale werkplaatsen. De beloning van werknemers heeft twee componenten: lonen enerzijds en sociale premies ten laste van werkgevers anderzijds. De lonen zijn inclusief de door de werkgever ingehouden loonbelasting en de sociale premies die ten laste komen van de werknemers. Verder omvatten de lonen naast het periodiek, direct aan werknemers betaalde loon ook de aanvullingen hierop (zoals bonussen, overwerkvergoeding, fooien en provisie), het loon in natura (zoals vrij wonen, vrije voeding, 'auto van de zaak', korting op kinderopvang, rentevoordeel, voordelig reizen) en het vakantiegeld. Ook bepaalde vergoedingen voor kosten die door werknemers zijn gemaakt in verband met de dienstbetrekking, zoals vergoeding voor de kosten van het woon-werkverkeer, zijn tot de lonen gerekend. De sociale premies zijn de premies wettelijke sociale verzekering, pensioenpremies, overige particuliere sociale premies en toegerekende sociale premies. Deze premies komen ten laste van werkgevers, werknemers, zelfstandigen of niet-werkenden.
Niet-productgebonden belastingen
Niet-productgebonden belastingen op productie. Dit zijn de belastingen op productie die producenten moeten betalen, ongeacht de hoeveelheid of de waarde van de geproduceerde of verkochte producten. Voorbeelden hiervan zijn de onroerendezaakbelasting, reinigingsrechten en rioolrechten betaald door producenten.
Niet-productgebonden subsidies
Hieronder vallen de subsidies op productie. De hoogte van de subsidie is onafhankelijk van de waarde of de hoeveelheid geproduceerde en verkochte producten. Het betreft vooral de loonsubsidies.
Exploitatieoverschot (bruto)
Het bruto exploitatieoverschot per bedrijfsklasse is het saldo dat resteert nadat de toegevoegde waarde tegen basisprijzen is verminderd met de beloning van werknemers en het saldo van niet-productgebonden belastingen op productie en niet-productgebonden subsidies op productie. Bij zelfstandigen wordt dit saldo gemengd inkomen genoemd omdat het ook de beloning voor de door hen geleverde arbeid bevat. Het exploitatieoverschot van de totale economie wordt bepaald door het totaal van de bedrijfsklassen te vermeerderen met het verschil toegerekende en afgedragen belasting over de toegevoegde waarde (btw). Het netto exploitatieoverschot / gemengd inkomen is gelijk aan het bruto exploitatieoverschot / gemengd inkomen verminderd met de afschrijvingen.
Arbeidsvolume werkzame personen
De hoeveelheid arbeid die in een bepaalde periode is ingezet. Het arbeidsvolume kan worden uitgedrukt in banen, arbeidsjaren of gewerkte uren. Werkzame personen zijn alle personen die een baan hebben bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.
Tot de werkzame personen behoren alle personen die betaalde arbeid verrichten, ook al is het maar voor één of enkele uren per week, ook als zij:
- arbeid verrichten die op zichzelf genomen legaal is, maar waarvan de beloning aan de registratie door fiscus en sociale zekerheidsautoriteiten wordt onttrokken ('zwarte arbeid');
- tijdelijk geen arbeid verrichten, maar wel doorbetaald krijgen (bijvoorbeeld bij ziekte of vorstverlet);
- tijdelijk onbetaald verlof hebben opgenomen.
Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Werknemers zijn personen die in een bepaalde periode arbeid verrichten voor loon of salaris, in geld of in natura. Zelfstandigen zijn personen die een inkomen ontvangen door voor eigen rekening of risico, arbeid te verrichten in het bedrijf of het beroep dat zij zelfstandig uitoefenen. Ook meewerkende gezinsleden worden tot zelfstandigen gerekend, tenzij zij een arbeidsovereenkomst zijn aangegaan.
Arbeidsvolume werknemers
De hoeveelheid arbeid uitgevoerd door werknemers die in een bepaalde periode is ingezet. Het arbeidsvolume kan worden uitgedrukt in banen, arbeidsjaren of gewerkte uren. Werknemers zijn personen die in een bepaalde periode arbeid verrichten voor loon of salaris, in geld of in natura.