Publiek-gefinancierde zorginstellingen; financiën en pers., 2006-2014

Publiek-gefinancierde zorginstellingen; financiën en pers., 2006-2014

Zorginstellingen (SBI 2008) Perioden Verlies- en winstrekening Bedrijfsopbrengsten Netto omzet Overige netto omzet Totaal overige netto omzet (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfsopbrengsten Netto omzet Overige netto omzet Zorgprestaties tussen instellingen (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfsopbrengsten Netto omzet Overige netto omzet Persoonsgebonden en -volgende budgetten (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfsopbrengsten Netto omzet Overige netto omzet Overige zorgprestaties (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfsopbrengsten Netto omzet Overige netto omzet Overige dienstverlening (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfsopbrengsten Overige bedrijfsopbrengsten Totaal overige bedrijfsopbrengsten (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfsopbrengsten Overige bedrijfsopbrengsten Subsidies (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfsopbrengsten Overige bedrijfsopbrengsten Niet eerder genoemde bedrijfsopbrengsten (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfskosten Overige bedrijfskosten Totaal overige bedrijfskosten (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfskosten Overige bedrijfskosten Overige personeelskosten Totaal overige personeelskosten (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfskosten Overige bedrijfskosten Overige personeelskosten Kosten uitzendkrachten en overige inleen (mln euro) Verlies- en winstrekening Bedrijfskosten Overige bedrijfskosten Overige personeelskosten Niet eerder genoemde personeelskosten (mln euro) Balans Balans activa eindstand Financiële vaste activa Overige langlopende vorderingen (mln euro) Balans Balans activa eindstand Kortlopende vorderingen Overige kortlopende vorderingen (mln euro) Balans Balans passiva eindstand Kortlopende schulden Overige kortlopende schulden (mln euro)
86101 Universitair medische centra 2014 814 48 0 60 706 2.787 2.277 509 2.768 339 181 158 23 887 1.621
86102 Algemene ziekenhuizen 2014 609 186 1 176 246 1.335 641 694 5.823 655 336 319 87 1.386 2.963
86103 Categorale ziekenhuizen 2014 92 12 2 23 56 213 135 79 430 87 46 41 10 131 271
Geestelijke gezondheidszorg 2014 140 23 20 64 33 980 817 163 1.527 357 177 180 29 533 863
Gehandicaptenzorg 2014 331 49 172 55 55 500 342 158 2.475 500 251 249 73 149 1.105
Verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg 2014 765 62 72 427 203 1.673 1.329 344 4.730 1.127 667 460 136 465 2.222
87902 Maatschappelijke opvang 2014 33 4 0 24 5 393 371 22 256 47 25 22 4 35 105
87901 Jeugdzorg met overnachting 2014 17 . . . . 1.353 1.305 48 489 94 44 51 . . .
88991 Ambulante jeugdzorg 2014 3 . . . . 619 . . 147 41 13 28 . . .
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat informatie over de verlies- en winstrekening, balans, investeringen en personeelsinzet van groepen ondernemingen met als hoofdactiviteit ziekenhuiszorg, geestelijke gezondheidszorg, gehandicaptenzorg, verpleeghuiszorg, thuiszorg, maatschappelijke opvang en vrouwenopvang en jeugdzorg. Dit betreft uitsluitend publiekgefinancierde ondernemingengroepen. De ondernemingengroepen worden ingedeeld naar economische hoofdactiviteit conform de Standaard Bedrijfsindeling (SBI) 2008. Hierbij is sprake van een zogenaamde institutionele invalshoek waarbij alle nevenactiviteiten van de beschouwde ondernemingengroepen worden meegenomen. Jaar-op-jaar ontwikkelingen in financiën en personeel worden mede beïnvloed door populatieveranderingen. Wijzigingen van de hoofdactiviteit, oprichtingen en opheffingen leiden tot veranderingen in de populatie van ondernemingengroepen. Ook fusies, overnames en splitsingen kunnen resulteren in wijzigingen in de populatie.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2006 tot en met 2014

Status van de cijfers:
De in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 20 oktober 2017:
Deze tabel is stopgezet en is opgevolgd door de tabel 'Zorginstellingen; financiën en personeel' (zie paragraaf 3).

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Deze tabel is stopgezet.

Toelichting onderwerpen

Verlies- en winstrekening
Bedrijfsopbrengsten
De opbrengsten uit de eigenlijke bedrijfsvoering, voor het geval van de verkopen van goederen en diensten, alsmede de waarde van voorraadmutaties, geactiveerde productie voor het eigen bedrijf, subsidies en schadeuitkeringen.
Netto omzet
Opbrengst (exclusief btw) uit verkoop van goederen en levering van diensten aan derden. Derden zijn particulieren dan wel bedrijven buiten het eigen concernverband.

Zorgverzekeringswet (ZVW)
Wet die een verplichte basisverzekering regelt voor kortdurende, op genezing gerichte zorg voor iedereen die rechtmatig in Nederland woont of hier loon- of inkomstenbelasting betaalt. Deze wet is op 1 januari 2006 in werking getreden en vervangt o.a. de Ziekenfondswet (ZFW).

Algemene wet bijzondere ziektekosten (AWBZ)
Wettelijke sociale verzekering die tot doel heeft om de hele bevolking te verzekeren tegen het risico van bijzondere ziektekosten. Het gaat om zware geneeskundige risico's die niet via het ziekenfonds of de normale ziektekostenverzekering verzekerd zijn. Ook voorzieningen van de preventieve gezondheidszorg vallen hieronder.
---
Te besteden budget voor Zvw/AWBZ-gefinancierde zorg jaarlijks vastgesteld door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), opbrengsten en mutatie onderhanden werk van ziekenhuizen en instellingen voor geestelijke gezondheidszorg voor DiagnoseBehandelingCombinaties (DBC's) en DBC-zorgproducten, opbrengsten uit zorg in opdracht van andere instellingen, overige zorgprestaties en opbrengsten uit dienstverlening.
Overige netto omzet
Opbrengsten uit zorg in opdracht van andere instellingen, pgb's, opbrengsten uit niet-gebudgetteerde zorgverlening zoals kraamzorg en opbrengsten uit dienstverlening.
pgb = Geldbedrag dat iemand kan aanvragen om zelf zorg, begeleiding, hulp(middelen) of voorzieningen vanuit onder andere de AWBZ in te kopen; men kiest zelf de zorg- of hulpverleners, begeleiders of hulpmiddelen uit.
Totaal overige netto omzet
Zorgprestaties tussen instellingen
Opbrengsten uit zorg in opdracht van andere instellingen.
Persoonsgebonden en -volgende budgetten
Betalingen uit persoonsgebonden en persoonsvolgende budgetten (pgb's).

pgb = Geldbedrag waarmee de cliënt zelf langdurige zorg ten laste van de AWBZ kan inkopen of inhuren. De cliënt kiest hiermee zelf een zorgaanbieder.

De cliënt aan wie het zorgkantoor een pgb heeft toegekend wordt ook wel aangeduid als de budgethouder. De budgethouder moet aan het zorgkantoor verantwoorden waaraan hij het budget heeft besteed.

Naast zorg die cliënten inkopen met een persoonsgebonden budget bestaat er ook zorg in natura (ZIN).
Overige zorgprestaties
Opbrengsten uit zorgverlening niet eerder genoemd. Dit betreft niet-gebudgetteerde Zvw/AWBZ-gefinancierde zorg (waaronder kraamzorg), eigen bijdragen en betalingen cliënten voor niet-verzekerde zorg, opbrengsten uit aanvullende zorgverzekering en overige zorgprestaties.
Overige dienstverlening
Opbrengsten uit geleverde diensten (met uitzondering van zorg en Wmo-diensten). Dit betreft onder andere onderzoek (vooral door UMC's), catering, bereide maaltijden voor andere zorginstellingen, winkelverkoop, parkeergelden, verkoop/verhuur van hulpmiddelen, verlenen van gemaksdiensten en het geven van cursussen.
Wmo = Wet maatschappelijke ondersteuning
UMC = Universitair Medisch Centrum
Overige bedrijfsopbrengsten
Bedrijfsopbrengsten die niet behoren tot de netto-omzet.
---
Het gaat hier met name om:
- de waarde van voorraadmutaties, exclusief onderhanden werk voor DiagnoseBehandelingCombinaties (DBC's) en DBC-zorgproducten bij ziekenhuizen en instellingen voor geestelijke gezondheidszorg;
- vergoedingen voor uitgeleend personeel;
- geactiveerde productie voor het eigen bedrijf;
- subsidies (geen Zvw/AWBZ-subsidies);
- beschikbaarheidsbijdragen medisch specialistische zorg vaste segment.
Totaal overige bedrijfsopbrengsten
Subsidies
Betalingen om niet die door de overheid of de Instellingen van de Europese Unie worden gedaan aan ingezeten producenten, met het doel de productieniveaus, de prijzen of de beloning van de productiefactoren te beïnvloeden.
-----------------------------------
Subsidies van Rijk (waaronder ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), ministerie van Veiligheid en Justitie), (zorg)opleidingsfonds, universiteit, provincie (waaronder jeugdzorg) en gemeenten (waaronder jeugdgezondheidszorg, maatschappelijke opvang en vrouwenopvang), Wmo-subsidies (exclusief Wmo-subsidies voor huishoudelijke hulp) en overige subsidies (o.a. loonkostensubsidies).
Inclusief beschikbaarheidsbijdragen medisch specialistische zorg vaste segment.
Exclusief subsidies in het kader van de Zorgverzekeringswet (Zvw) en Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ).
Wmo = Wet maatschappelijke ondersteuning
Niet eerder genoemde bedrijfsopbrengsten
Niet eerder genoemde bedrijfsopbrengsten die niet behoren tot de netto-omzet en subsidies.
---
Vergoedingen voor uitgeleend personeel, verhuur onroerend goed.
Bedrijfskosten
De kosten die zijn gemaakt om de bedrijfsopbrengsten te realiseren, te weten de inkoopwaarde van de omzet, de arbeidskosten, de afschrijvingen op vaste activa en de zogenaamde overige bedrijfskosten.
Overige bedrijfskosten
Som van andere personeelskosten, kosten van voeding, andere hotelmatige kosten, algemene kosten, cliënt-/bewonergebonden kosten, terrein- en gebouwgebonden kosten en overige bedrijfslasten niet eerder genoemd.
Exclusief financiële en buitengewone lasten.
Totaal overige bedrijfskosten
Overige personeelskosten
De betalingen voor uitzendkrachten, gedetacheerd en ingeleend personeel, opleidingskosten, kosten van werving en selectie van personeel, kosten van kantine, Arbodiensten, bedrijfskleding, jubilea, personeelsfeestjes en dergelijke.
Totaal overige personeelskosten
Kosten uitzendkrachten en overige inleen
Betalingen voor stagiaires, uitzendkrachten en overig ingehuurd personeel. Exclusief vergoedingen (zoals de zogenaamde lumpsum) voor vrijgevestigde medische specialisten praktijkhoudend in algemene en categorale ziekenhuizen.
Niet eerder genoemde personeelskosten
Kosten werving en selectie, opleiding, kleding, kinderopvang en dergelijke voor personeel.
Balans
Balans activa eindstand
De balans is een overzicht van de activa en de passiva van een sector of land op een bepaald moment. De activa bestaan onder meer uit machines, gebouwen, niet-geproduceerde activa (zoals grond en minerale reserves), vorderingen en aandelenbezit. De passiva kunnen worden onderscheiden in schulden en eigen vermogen.
---
Totaal activa op 31 december van verslagjaar.
Financiële vaste activa
Vaste activa die betrekking hebben op financiële kapitaalgoederen zoals deelnemingen in andere ondernemingen, beleggingen in vastgoed of effecten, hypotheken, leningen op schuldbekentenis, bancaire kredietverlening, en zaken als vorderingen die op lange termijn aan derden (anders dan uit hoofde van een kapitaaldeelneming) ter beschikking zijn gesteld.
Overige langlopende vorderingen
Kortlopende vorderingen
Kortlopende vorderingen (inclusief vorderingen uit hoofde van bekostiging). Bedragen die in het komende jaar opvorderbaar zijn.
Overige kortlopende vorderingen
Niet eerder genoemde kortlopende vorderingen. Exclusief kortlopende effecten en liquide middelen.
Balans passiva eindstand
De balans is een overzicht van de activa en de passiva van een sector of land op een bepaald moment. De activa bestaan onder meer uit machines, gebouwen, niet-geproduceerde activa (zoals grond en minerale reserves), vorderingen en aandelenbezit. De passiva kunnen worden onderscheiden in schulden en eigen vermogen.
---
Totaal passiva op 31 december van verslagjaar.
Kortlopende schulden
Kortlopende schulden (inclusief schulden uit hoofde van bekostiging).
Verplichtingen die in het komende verslagjaar moeten worden nagekomen.

Overige kortlopende schulden
Niet eerder genoemde kortlopende schulden.