Kerncijfers wijken en buurten 2013

Tabeltoelichting


Overzicht van statistische gegevens van gemeenten, wijken en buurten in Nederland.

Gegevens beschikbaar: over 2013.

Status van de cijfers
Definitief, tenzij in de toelichting bij het onderwerp expliciet is vermeld dat het voorlopige cijfers betreft.

Wijzigingen per 18 december 2020:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Sociale zekerheid
Personen met een WWB-uitkering totaal
Het aantal personen per 31 maart van het betreffende verslagjaar, met een algemene bijstandsuitkering krachtens de Algemene bijstandswet (ABW) en de Wet werk en bijstand (WWB) die in de betreffende maand geregistreerd zijn. Uitkeringen die met terugwerkende kracht na afloop van de betreffende maand worden vastgesteld, vallen hier niet onder (administratieve vertraging). Het betreft uitkeringen aan thuiswonenden, dus niet uitkeringen die worden toegekend aan mensen die in instellingen of inrichtingen verblijven.
Hoewel bij (echt)paren beide partners voor gelijke delen recht hebben op de uitkering, is er toch sprake van één uitkering. Bij de cijfers is er voor gekozen om bij het toedelen van uitkeringen aan (echt)paren consequent de persoonskenmerken (leeftijd en geslacht) over te nemen van de oudste persoon van het (echt)paar. Uitkomsten over het aantal bijstandsuitkeringen worden ontleend aan de administraties van de gemeenten.
Het gaat hierbij om personen met bijstandsuitkeringen binnen huishoudens waarvan het oudste lid van het bijstandshuishouden jonger is dan de AOW-gerechtigde leeftijd. Bij 'Nederland totaal' zijn ook de personen met uitkeringen meegeteld waarvan de regio van de aanvrager onbekend is of waarbij de aanvrager woonachtig is in het buitenland. Bij gemeenten zijn ook de personen met uitkeringen meegeteld waarvan de wijk en/of buurt onbekend is.
Het aantal is vermeld bij 50 of meer totaal aantal huishoudens per buurt. De aantallen zijn afgerond op tientallen.
De cijfers in deze publicatie wijken af van de cijfers in de regionale Kerncijfers Nederland (RKN). In de RKN hebben de bijstandsgegevens betrekking op 31 december van het desbetreffende jaar.

Het betreft voorlopige cijfers.

Personen met een AO-uitkering totaal
Het aantal personen per 31 maart van het betreffende verslagjaar, met een AO-uitkering krachtens de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet arbeidsongeschiktheids-verzekering zelfstandigen (WAZ) die aan het eind van de verslagperiode niet waren beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
Afhankelijk van de arbeidsmarktsituatie voor de intreding van de volledige of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid kan aanspraak bestaan op meer dan één uitkering. Er is dan sprake van samenloop van uitkeringen. Het gaat hierbij om zo'n tienduizend uitkeringen. Bij een dergelijke samenloop zijn van elke uitkering de gegevens opgenomen.
De gepubliceerde aantallen zijn inclusief nuluitkeringen. Nuluitkeringen zijn uitkeringen die niet tot uitbetaling komen door korting op de uitkering, sanctie of schorsing. De cijfers zijn exclusief de uitkeringen aan uitkeringsgerechtigden in het buitenland. Bij ‘Nederland totaal’ zijn wel de uitkeringen waarvan de woongemeente van de aanvrager onbekend is meegeteld. Bij gemeenten zijn ook de personen met uitkeringen meegeteld waarvan de wijk en/of buurt onbekend is.
Uitkomsten over het aantal arbeidsongeschiktheidsuitkeringen worden ontleend aan de administraties van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV).
Het aantal is vermeld bij 100 of meer totaal aantal inwoners per buurt. De aantallen zijn afgerond op tientallen.
De cijfers in deze publicatie wijken af van de cijfers in de Regionale Kerncijfers Nederland (RKN). In deze laatste publicatie wordt het standcijfer genomen per 31 december van het desbetreffende jaar.

Het betreft voorlopige cijfers.
Personen met een WW-uitkering totaal
Het aantal personen per 31 maart van het betreffende verslagjaar, met een WW-uitkering krachtens de Werkloosheidswet (WW) die aan het eind van de verslagperiode niet waren beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
Afhankelijk van de arbeidsmarktsituatie voor de intreding van de werkloosheid kan aanspraak bestaan op meer dan één uitkering. Er is dan sprake van samenloop van uitkeringen. Bij een dergelijke samenloop zijn van elke uitkering de gegevens opgenomen.
De gepubliceerde aantallen zijn inclusief nuluitkeringen. Nuluitkeringen zijn uitkeringen die niet tot uitbetaling komen door korting op de uitkering, sanctie of schorsing.
De cijfers per gemeente, wijk of buurt zijn exclusief de uitkeringen aan uitkeringsgerechtigden in het buitenland. Bij 'Nederland totaal' zijn wel de uitkeringen meegeteld waarbij de aanvrager woonachtig is in het buitenland en ook uitkeringen waarvan de woongemeente van de aanvrager onbekend is. Bij gemeenten zijn ook de personen met uitkeringen meegeteld waarvan de wijk en/of buurt onbekend is.
Uitkomsten over het aantal WW-uitkeringen worden ontleend aan de administraties van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV).
Het aantal is vermeld bij 100 of meer totaal aantal inwoners per buurt. De aantallen zijn afgerond op tientallen.
De cijfers in deze publicatie wijken af van de cijfers in de Regionale Kerncijfers Nederland (RKN). In deze laatste publicatie wordt het standcijfer genomen per 31 december van het betreffende jaar.

Het betreft voorlopige cijfers.
Personen met een AOW-uitkering totaal
Het aantal personen per 31 maart van het betreffende verslagjaar, met een AOW-uitkering krachtens de Algemene Ouderdomswet (AOW) die aan het eind van de verslagperiode niet waren beëindigd, de zogeheten lopende uitkeringen.
De cijfers per gemeente, wijk of buurt zijn exclusief de uitkeringen aan uitkeringsgerechtigden in het buitenland. Bij 'Nederland totaal' zijn wel de uitkeringen meegeteld waarbij de aanvrager woonachtig is in het buitenland en ook uitkeringen waarvan de woongemeente van de aanvrager onbekend is. Bij gemeenten zijn ook de personen met uitkeringen meegeteld waarvan de wijk en/of buurt onbekend is.
Het aantal is vermeld bij 100 of meer totaal aantal inwoners per buurt. De aantallen zijn afgerond op tientallen.
De cijfers in deze publicatie wijken af van de cijfers in de Regionale Kerncijfers Nederland (RKN). In deze laatste publicatie wordt het standcijfer genomen per 31 december van het betreffende jaar.

Het betreft voorlopige cijfers.