Kerncijfers wijken en buurten 2013

Kerncijfers wijken en buurten 2013

Regio's Regioaanduiding Gemeentenaam (naam) Bevolking Personen met een migratieachtergrond Westers totaal (%) Bevolking Personen met een migratieachtergrond Niet-westers Niet-westers totaal (%) Bevolking Personen met een migratieachtergrond Niet-westers Marokko (%) Bevolking Personen met een migratieachtergrond Niet-westers Nederlandse Antillen en Aruba (%) Bevolking Personen met een migratieachtergrond Niet-westers Suriname (%) Bevolking Personen met een migratieachtergrond Niet-westers Turkije (%) Bevolking Personen met een migratieachtergrond Niet-westers Overig niet-westers (%) Bevolking Particuliere huishoudens Eenpersoonshuishoudens (%) Wonen Woningen naar type Percentage eengezinswoning (%) Inkomen Inkomen van personen Aantal inkomensontvangers   (aantal) Inkomen Inkomen van personen Gemiddeld inkomen per inkomensontvanger  (x 1 000 euro) Inkomen Inkomen van personen Gemiddeld inkomen per inwoner  (x 1 000 euro) Inkomen Inkomen van personen Personen met laag inkomen (%)
Veelerveen Bellingwedde 8 1 . . . . . 28 99 400 25,0 19,1 48
Verspreide huizen Veelerveen Bellingwedde 10 1 . . . . . 25 100 100 29,1 21,6 43
Eenum Loppersum 1 0 . . . . . 31 100 . . . .
De Meenten Almere 10 12 2 1 5 0 5 36 66 1.700 30,7 23,0 35
Vledderveen Stadskanaal 6 1 . . . . . 22 100 200 29,5 22,7 36
Meenteweg Slochteren 4 1 . . . . . 19 100 100 30,0 21,6 36
Steendam Slochteren 8 2 . . . . . 33 100 100 33,6 26,5 35
Verspr.h. in het Siddebuursterveen Slochteren 3 3 . . . . . 15 100 100 29,6 22,4 36
Veendam Veendam 5 7 0 0 1 3 2 31 80 19.900 27,0 19,6 45
Wijk 00 Veendam-kern Veendam 5 8 0 0 1 5 2 34 76 14.300 26,0 19,0 46
Veendam-Centrum Veendam 5 6 0 0 0 3 2 44 58 2.100 24,8 19,7 51
Veendam-Oude Ae Veendam 5 16 0 1 2 12 2 36 74 2.500 23,2 16,8 51
Veendam-Middenweg en omgeving Veendam 3 4 0 0 2 1 1 26 99 600 24,4 17,4 48
Veendam en omgeving station Veendam 6 8 0 0 1 6 2 37 66 1.300 25,9 19,4 46
Veendam-Zuid Veendam 5 5 0 0 1 2 2 48 42 800 23,2 19,3 58
Veendam-Sorghvliet Veendam 6 8 0 0 1 3 3 32 85 5.600 26,4 18,9 45
Veendam-industriegebied Veendam 7 5 . . . . . 50 86 . . . .
Wijk 01 Veendam-buitengebied Veendam 5 1 0 0 0 0 1 21 98 1.500 28,7 20,5 39
Surhuisterveen Achtkarspelen 2 2 0 0 0 0 1 34 81 3.900 24,3 18,0 50
Verspreide huizen Surhuisterveen Achtkarspelen 1 0 . . . . . 12 100 300 26,3 18,1 45
Heerenveen Heerenveen 6 6 1 0 1 1 3 35 75 31.200 28,5 21,0 43
Wijk 01 Heerenveen Heerenveen 7 8 1 0 1 2 4 39 66 20.800 28,3 21,1 43
Wijk 02 Noord-Heerenveen Heerenveen 3 1 0 0 0 0 1 21 95 1.200 29,4 20,7 38
Veenklooster Kollumerland en Nieuwkruisland 3 0 . . . . . 26 95 100 . 19,1 .
Wijk 05 Bakkeveen Opsterland 3 2 0 0 0 0 1 29 95 2.800 27,8 20,0 44
Bakkeveen Opsterland 3 4 0 1 0 0 2 32 95 1.100 28,6 20,7 42
Verspreide huizen Bakkeveen Opsterland 4 0 . . . . . 18 100 300 30,9 22,1 42
De Veenhoop Smallingerland 4 0 . . . . . 22 100 200 29,3 19,7 43
Wijk 08 Kloosterveen Assen 6 5 0 0 1 0 3 15 92 6.500 35,5 21,7 28
Recreatiepark Zeijerveen Assen . . . . . . . . . . . . .
Uitbreidingsgebied Kloosterveen Assen 7 0 . . . . . 17 100 . . . .
Wijk 11 Steenwijksmoer Coevorden 5 1 . . . . . 20 96 700 26,3 19,4 42
Steenwijksmoer Coevorden 5 1 . . . . . 24 96 400 27,0 19,6 39
Verspreide huizen Steenwijksmoer Coevorden 5 0 . . . . . 13 95 200 25,2 18,9 47
Dalerveen Coevorden 4 1 . . . . . 20 98 200 29,7 20,4 41
Verspreide huizen Dalerveen Coevorden 4 0 . . . . . 17 95 . . . .
Wijk 40 Sleen Coevorden 4 1 0 0 0 0 1 28 96 5.000 28,7 21,9 43
Sleen Coevorden 3 1 0 0 0 0 1 26 92 1.700 30,6 23,4 41
Verspreide huizen Sleen Coevorden . . . . . . . 28 . . . . .
Noord-Sleen Coevorden 2 0 . . . . . 23 98 300 32,9 24,5 36
Verspreide huizen Noord-Sleen Coevorden 1 1 . . . . . 26 96 . . . .
Verspreide huizen Kibbelveen Coevorden . . . . . . . 14 . . . . .
Verspreide huizen Veenoord Coevorden . . . . . . . 52 . . . . .
Siepelveen Emmen 3 7 . . . . . 11 100 . . . .
Emmer-Erfscheidenveen Emmen 6 2 0 0 0 0 1 17 98 1.400 25,9 18,9 45
Barger-Erfscheidenveen Emmen 5 0 . . . . . 29 100 100 . 14,4 .
Wijk 08 Klazienaveen Emmen 5 1 0 0 0 0 1 27 83 9.000 24,3 18,5 49
Klazienaveen-Noord Emmen 5 1 0 0 0 0 1 29 80 3.400 25,0 18,8 48
Klazienaveen-Zuid Emmen 6 1 0 0 0 0 1 28 82 4.700 23,4 17,9 52
Barger-Oosterveen Emmen 5 1 . . . . . 22 100 200 29,5 22,2 36
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Overzicht van statistische gegevens van gemeenten, wijken en buurten in Nederland.

Gegevens beschikbaar: over 2013.

Status van de cijfers
Definitief, tenzij in de toelichting bij het onderwerp expliciet is vermeld dat het voorlopige cijfers betreft.

Wijzigingen per 18 december 2020:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Regioaanduiding
De gemeenten in Nederland zijn onderverdeeld in wijken en buurten. Buurten vormen het laagste regionale niveau. Wijken zijn optellingen van één of meer aaneengesloten buurten. De gemeente bepaalt zelf de indeling in wijken en buurten. Het CBS coördineert landelijk deze indeling.

Wijk:
Onderdeel van een gemeente waarin een bepaalde vorm van bodemgebruik of bebouwing overheerst. Bijvoorbeeld: industriegebied, woongebied met hoogbouw of laagbouw. Een wijk bestaat uit één of meerdere buurten.

Buurt:
Onderdeel van een gemeente, dat vanuit bebouwingsoogpunt of sociaaleconomische structuur homogeen is afgebakend. Homogeen wil zeggen dat één functie dominant is, bijvoorbeeld woonfunctie (woongebied), werkfunctie (industriegebied) of recreatieve functie (natuurgebied). Functies kunnen echter ook gemengd voorkomen.
Gemeentenaam
De naam van de bestuurlijke gemeente. Deze naam volgt de officiële schrijfwijze.
Bevolking
Personen met een migratieachtergrond
Het aantal personen met een migratieachtergrond op 1 januari.

Persoon met een migratieachtergrond:
Persoon van wie ten minste één ouder in het buitenland is geboren.
Persoon met een eerste generatie migratieachtergrond:
Persoon die in het buitenland is geboren met ten minste één in het buitenland geboren ouder.
Persoon met een tweede generatie migratieachtergrond:
Persoon die in Nederland is geboren met ten minste één in het buitenland geboren ouder.

Personen met een migratieachtergrond worden onderverdeeld in westers en niet-westers op grond van hun geboorteland. Tot de categorie 'niet-westers' behoren personen met een migratieachtergrond uit Turkije, Afrika, Latijns-Amerika en Azië met uitzondering van Indonesië en Japan. Op grond van hun sociaaleconomische en sociaal-culturele positie worden personen met een migratieachtergrond uit deze twee landen tot personen met een westerse migratieachtergrond gerekend. Het gaat vooral om mensen die in voormalig Nederlands Indië zijn geboren en werknemers van Japanse bedrijven met hun gezin.

Westers totaal
Het aantal personen met een migratieachtergrond op 1 januari, uitgedrukt in hele procenten van het aantal inwoners. Dit gegeven is ontleend aan de Structuurtelling Gemeentelijke Basisadministratie (GBA). Tot de categorie "Westers totaal" behoren personen met een migratieachtergrond uit Europa, Noord-Amerika, Oceanië, Indonesië en Japan.
Het percentage is vermeld bij 50 of meer inwoners per buurt.

Niet-westers
Personen met een migratieachtergrond worden onderverdeeld in westers en niet-westers op grond van hun geboorteland. Tot de categorie 'niet-westers' behoren personen met een migratieachtergrond uit Turkije, Afrika, Latijns-Amerika en Azië met uitzondering van Indonesië en Japan. Op grond van hun sociaal-economische en -culturele positie worden personen met een migratieachtergrond uit deze twee landen tot de westerse personen met een migratieachtergrond gerekend. Het gaat vooral om mensen die in voormalig Nederlands Indië zijn geboren en werknemers van Japanse bedrijven met hun gezin.
Niet-westers totaal
Het aantal personen met een migratieachtergrond met een niet-westerse herkomst op 1 januari, uitgedrukt in hele procenten van het aantal inwoners. Dit gegeven is ontleend aan de Structuurtelling Gemeentelijke Basisadministratie (GBA).
Het percentage is vermeld bij 50 of meer inwoners per buurt.

Marokko
Het aandeel personen met een migratieachtergrond met herkomstgroep Marokko op 1 januari, uitgedrukt in hele procenten van het aantal inwoners.
Het percentage is vermeld bij 50 of meer inwoners per buurt en minimaal 10 personen met een niet-westerse migratieachtergrond per buurt.
Nederlandse Antillen en Aruba
Het aantal personen met een migratieachtergrond met herkomstgroep Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba, Sint Eustatius of Sint Maarten op 1 januari uitgedrukt in hele procenten van het aantal inwoners.

Vanaf 10 oktober 2010 zijn de Nederlands Antillen ontbonden. Het Koninkrijk der Nederlanden bestaat vanaf die datum uit vier landen: Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Alle eilanden hebben een nieuwe status. Curaçao en Sint Maarten zijn nieuwe landen binnen het Koninkrijk. Met een ‘Status aparte’ binnen het Koninkrijk zijn Curaçao en Sint Maarten autonome landen. De landen hebben een zelfstandig bestuur en zijn niet meer afhankelijk van Nederland. De openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, ook wel Caribisch Nederland, hebben een diepere band met Nederland en functioneren als een bijzondere gemeente van Nederland.
Het percentage is vermeld bij 50 of meer inwoners per buurt en minimaal 10 personen met een niet-westerse migratieachtergrond per buurt.
Suriname
Het aandeel personen met een migratieachtergrond met herkomstgroep Suriname op 1 januari, uitgedrukt in hele procenten van het aantal inwoners.
Het percentage is vermeld bij 50 of meer inwoners per buurt en minimaal 10 personen met een niet-westerse migratieachtergrond per buurt.

Turkije
Het aandeel personen met een migratieachtergrond met herkomstgroep Turkije op 1 januari, uitgedrukt in hele procenten van het aantal inwoners.
Het percentage is vermeld bij 50 of meer inwoners per buurt en minimaal 10 personen met een niet-westerse migratieachtergrond per buurt.
Overig niet-westers
Het aandeel personen met een migratieachtergrond met een overige niet-westerse herkomst op 1 januari, uitgedrukt in hele procenten van het aantal inwoners.
Het percentage is vermeld bij 50 of meer inwoners per buurt en minimaal 10 personen met een niet-westerse migratieachtergrond per buurt.
Particuliere huishoudens
Betreft de huishoudens op 1 januari.
Particuliere huishoudens bestaan uit één of meer personen die alleen of samen in een woonruimte zijn gehuisvest en zelf in hun dagelijks onderhoud voorzien. Naast eenpersoonshuishoudens onderscheiden we meerpersoonshuishoudens (niet-gehuwde paren, niet-gehuwde paren met kinderen, echtparen, echtparen met kinderen, eenouderhuishoudens en overige huishoudens). De institutionele huishoudens worden hiertoe niet gerekend.
Eenpersoonshuishoudens
Het aantal huishoudens met één persoon, die ouder is dan 14 jaar, uitgedrukt in hele procenten van het totaal aantal particuliere huishoudens. Het aandeel eenpersoonshuishoudens is ontleend aan de Structuurtelling Gemeentelijke Basisadministratie (GBA). Het percentage is opgenomen indien er 10 of meer huishoudens in de buurt voorkomen.
Wonen
Woningen naar type
Er worden twee typen woningen onderscheiden, eengezins en meergezins. Een woning heeft het type meergezins wanneer het samen met andere woningen of (bedrijfs)ruimten een geheel pand vormt. Hieronder vallen flats, galerij-, portiek-, beneden- en bovenwoningen, appartementen en woningen boven bedrijfsruimten, voorzover deze zijn voorzien van een buiten de bedrijfsruimte gelegen toegangsdeur. Alle overige woningen hebben het type eengezins.
Percentage eengezinswoning
Peildatum: 1 januari van het desbetreffende jaar.
Het aantal eengezinswoningen is vermeld als percentage van de totale woningvoorraad en wordt alleen vermeld bij minimaal 20 woningen.
Inkomen
Deze tabel geeft informatie over het persoonlijk inkomen van personen met een geheel jaar inkomen en het besteedbaar inkomen van particuliere huishoudens. De gegevens (met uitzondering van het aandeel pensioenontvangers) komen uit het Regionaal Inkomensonderzoek (RIO) van het voorgaande jaar.

Het Regionaal Inkomensonderzoek van het CBS is voornamelijk gebaseerd op registers afkomstig van het Ministerie van Financiën (de fiscale registers) en de bevolkingsregisters van de Nederlandse gemeenten (GBA). Het GBA is een register waarin alle inwoners van een gemeente behoren te zijn ingeschreven. Uitgezonderd zijn:
- inwoners van Nederland die gebruik maken van uitzonderingsregels die gelden met betrekking tot opneming in de bevolkingsregisters (niet-Nederlandse diplomaten en niet-Nederlandse NAVO militairen). Zij mogen zelf bepalen of zij in de bevolkingsregisters ingeschreven worden of niet.
- asielzoekers die korter dan zes maanden in de centrale opvang verblijven en nog geen verblijfsvergunning hebben gekregen.
Inkomen van personen
De inkomensgegevens zijn gebaseerd op het persoonlijk inkomen. Dit omvat de volgende bestanddelen van het bruto-inkomen van een persoon:
- inkomen uit arbeid;
- inkomen uit eigen onderneming;
- uitkering inkomensverzekeringen;
- uitkering sociale voorzieningen (met uitzondering van kinderbijslag).
Het gaat hier om het rekenkundig gemiddeld persoonlijk inkomen per persoon op basis van personen met een geheel jaar inkomen.
Aantal inkomensontvangers  
Personen in particuliere huishoudens met een heel jaar inkomen, inclusief studenten.
Een persoon heeft inkomen, indien er sprake is van persoonlijk inkomen.
De cijfers zijn afgerond op honderdtallen en vermeld bij minimaal 100 inwoners per buurt.
Gemiddeld inkomen per inkomensontvanger 
Het rekenkundig gemiddeld persoonlijk inkomen per persoon op basis van personen met een geheel jaar inkomen.
De genoemde bedragen zijn afgerond op duizendtallen met één cijfer achter de komma, dus bijvoorbeeld een waarde van 14,9 moet worden gelezen als 14,9 duizend euro. De waarde is vermeld bij minimaal 100 inwoners per buurt.
Gemiddeld inkomen per inwoner 
Het rekenkundig gemiddeld persoonlijk inkomen per persoon op basis van de totale bevolking. De waarde is vermeld bij minimaal 100 inwoners per buurt.
Personen met laag inkomen
Personen zijn ingedeeld naar hoogte van het persoonlijk inkomen in drie groepen.
De indeling vindt plaats nadat alle personen zijn gerangschikt van laag naar hoog persoonlijk inkomen. Bij de laagste 40-procent-groep worden de eerste (laagste) veertig procent personen met een persoonlijk inkomen meegenomen.
Het persoonlijk inkomen omvat inkomen uit arbeid, inkomen uit eigen onderneming, uitkering inkomensverzekeringen en uitkering sociale voorzieningen (met uitzondering van kinderbijslag).
Het percentage is vermeld bij minimaal 100 inwoners per buurt. Waarden lager dan 5 procent zijn vastgezet op 5 procent, waarden hoger dan 95 procent zijn vastgezet op 95 procent.