Bedrijfskenmerk koplopers, achterblijvers; arbeidsproductiviteit 2009-2010

Bedrijfskenmerk koplopers, achterblijvers; arbeidsproductiviteit 2009-2010

Branches Perioden Arbeidsproductiviteit: bedrijfsstructuur Netto omzet Koplopers (1 000 euro) Arbeidsproductiviteit: bedrijfsstructuur Netto omzet Achterblijvers (1 000 euro) Arbeidsproductiviteit: bedrijfsstructuur Netto omzet Betrouwbaarheidsmarge (significantie) Arbeidsproductiviteit: bedrijfsstructuur Winst per euro omzet Koplopers (euro) Arbeidsproductiviteit: bedrijfsstructuur Winst per euro omzet Achterblijvers (euro) Arbeidsproductiviteit: bedrijfsstructuur Winst per euro omzet Betrouwbaarheidsmarge (significantie)
28 Machine-industrie 2009 18.260 9.200 0,12 0,143 -0,636 0,01
28 Machine-industrie 2010 34.535 13.185 0,06 . . .
46 Groothandel 2009 24.455 4.760 0,00 0,126 -1,781 0,15
46 Groothandel 2010 40.985 6.395 0,00 0,138 -0,241 0,00
47 Detailhandel 2009 17.485 7.550 0,02 0,112 -0,136 0,00
47 Detailhandel 2010 22.935 6.560 0,00 0,093 -0,030 0,00
49 Vervoer over land 2009 10.240 3.365 0,00 0,059 -0,223 0,04
49 Vervoer over land 2010 14.935 4.790 0,00 0,042 -0,310 0,27
62 IT-dienstverlening 2009 17.340 2.530 0,00 0,223 -0,446 0,00
62 IT-dienstverlening 2010 12.065 1.850 0,00 0,193 -0,210 0,00
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat bedrijfskenmerken van twee groepen bedrijven binnen een bedrijfstak volgens de Standaard Bedrijfsindeling 2008 (SBI 2008) van het CBS. De eerste groep zijn de koplopers binnen een bedrijfstak op het gebied van arbeidsproductiviteit. De tweede groep zijn de achterblijvers binnen dezelfde bedrijfstak op het gebied van arbeidsproductiviteit. De tabel bevat gegevens over personeel, salarissen, omzet, resultaat, balanstotaal, winstmarge en enkele financiële kengetallen. Ook wordt aangegeven hoe betrouwbaar de gevonden verschillen tussen koplopers en achterblijvers zijn.
In deze tabel is de arbeidsproductiviteit gebruikt om te beslissen welke bedrijven de koplopers zijn en welke de achterblijvers. Er zijn nog twee tabellen beschikbaar die een andere invalshoek kiezen; de een baseert de twee groepen op de rentabiliteit van het eigen vermogen, de andere op de winst per euro omzet.

Gegevens beschikbaar over 2009 en 2010.

Status van de cijfers:
De gegevens zijn definitief.

Wijzigingen per 1 november 2019:
Geen, de tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet van toepassing, dit was een eenmalige tabel.

Toelichting onderwerpen

Arbeidsproductiviteit: bedrijfsstructuur
Netto omzet
De opbrengst (excl. btw) uit verkoop van goederen en levering van diensten aan derden.

---
In deze tabel wordt de gemiddelde waarde weergegeven. Derden zijn particulieren dan wel bedrijven buiten het (Nederlandse deel van het) eigen concernverband. Door derden doorberekende vrachtkosten zijn inbegrepen in de netto-omzet. Waar van toepassing wordt de netto-omzet vastgesteld na aftrek van kortingen, bonussen en statiegeld.
Koplopers
De koplopers zijn alle bedrijven die, gemeten naar arbeidsproductiviteit, tot de 20% hoogst scorende bedrijven behoren.
Achterblijvers
De achterblijvers zijn alle bedrijven die, gemeten naar arbeidsproductiviteit, tot de 20% laagst scorende bedrijven behoren.
Betrouwbaarheidsmarge
De betrouwbaarheidsmarge varieert tussen 0 en 1 en geeft aan in hoeverre de afwijking tussen gemiddelden van de koplopers en achterblijvers op toeval berust. Bij een marge hoger dan 0,05 is niet uit te sluiten dat de gevonden verschillen toeval zijn. Bij een score van 0,05 of lager is uitgesloten dat deze verschillen toevallig gevonden zijn.
Winst per euro omzet
Het resultaat voor belasting gedeeld door de netto omzet.

---
In deze tabel wordt de gemiddelde waarde weergegeven.

Koplopers
De koplopers zijn alle bedrijven die, gemeten naar arbeidsproductiviteit, tot de 20% hoogst scorende bedrijven behoren.
Achterblijvers
De achterblijvers zijn alle bedrijven die, gemeten naar arbeidsproductiviteit, tot de 20% laagst scorende bedrijven behoren.
Betrouwbaarheidsmarge
De betrouwbaarheidsmarge varieert tussen 0 en 1 en geeft aan in hoeverre de afwijking tussen gemiddelden van de koplopers en achterblijvers op toeval berust. Bij een marge hoger dan 0,05 is niet uit te sluiten dat de gevonden verschillen toeval zijn. Bij een score van 0,05 of lager is uitgesloten dat deze verschillen toevallig gevonden zijn.