Energieverbruik particuliere woningen; woningtype en regio's

Energieverbruik particuliere woningen; woningtype en regio's

Woningkenmerken Regio's Perioden Gemiddeld aardgasverbruik (m3) Gemiddelde elektriciteitslevering (kWh) Gemiddelde netto elektriciteitslevering (kWh) Stadsverwarming (%)
Totaal woningen Aalten 2024* 940 2.790 1.800 .
Totaal woningen Altena 2024* 910 3.030 2.040 .
Totaal woningen Asten 2024* 960 3.130 1.930 .
Totaal woningen Ten Boer 2024*
Totaal woningen Bunschoten 2024* 890 3.040 2.190 .
Totaal woningen Dronten 2024* 820 2.910 1.790 .
Totaal woningen Druten 2024* 890 2.980 1.920 .
Totaal woningen Eijsden-Margraten 2024* 1.060 3.080 1.880 .
Totaal woningen Etten-Leur 2024* 760 2.860 2.040 .
Totaal woningen Houten 2024* 610 2.690 1.780 16,3
Totaal woningen Littenseradiel 2024*
Totaal woningen Margraten 2024*
Totaal woningen Nuenen, Gerwen en Nederwetten 2024* 1.010 2.990 1.950 .
Totaal woningen Putten 2024* 960 3.090 2.150 1,1
Totaal woningen Rijssen-Holten 2024* 980 2.980 1.930 .
Totaal woningen Voorschoten 2024* 870 2.520 1.950 .
Totaal woningen Buitenland 2024*
Totaal woningen Gemeenten; niet in te delen 2024*
Appartement Aalten 2024* 670 2.060 1.710 .
Appartement Altena 2024* 550 1.940 1.790 .
Appartement Asten 2024* 530 1.990 1.810 .
Appartement Ten Boer 2024*
Appartement Bunschoten 2024* 520 2.000 1.920 .
Appartement Dronten 2024* 520 1.950 1.820 .
Appartement Druten 2024* 610 1.950 1.810 .
Appartement Eijsden-Margraten 2024* 770 2.090 1.750 .
Appartement Etten-Leur 2024* 420 1.960 1.860 .
Appartement Houten 2024* 350 1.900 1.780 .
Appartement Littenseradiel 2024*
Appartement Margraten 2024*
Appartement Nuenen, Gerwen en Nederwetten 2024* 540 1.760 1.680 .
Appartement Putten 2024* 520 1.810 1.590 .
Appartement Rijssen-Holten 2024* 670 1.970 1.710 .
Appartement Voorschoten 2024* 600 1.920 1.860 .
Appartement Buitenland 2024*
Appartement Gemeenten; niet in te delen 2024*
Tussenwoning Aalten 2024* 810 2.310 1.690 .
Tussenwoning Altena 2024* 760 2.440 1.720 .
Tussenwoning Asten 2024* 770 2.570 1.750 .
Tussenwoning Ten Boer 2024*
Tussenwoning Bunschoten 2024* 860 3.040 2.160 .
Tussenwoning Dronten 2024* 750 2.580 1.690 .
Tussenwoning Druten 2024* 760 2.590 1.730 .
Tussenwoning Eijsden-Margraten 2024* 940 2.790 1.720 .
Tussenwoning Etten-Leur 2024* 730 2.700 1.960 .
Tussenwoning Houten 2024* 580 2.650 1.680 .
Tussenwoning Littenseradiel 2024*
Tussenwoning Margraten 2024*
Tussenwoning Nuenen, Gerwen en Nederwetten 2024* 920 2.650 1.720 .
Tussenwoning Putten 2024* 760 2.520 1.900 .
Tussenwoning Rijssen-Holten 2024* 860 2.590 1.720 .
Tussenwoning Voorschoten 2024* 910 2.590 1.860 .
Tussenwoning Buitenland 2024*
Tussenwoning Gemeenten; niet in te delen 2024*
Hoekwoning Aalten 2024* 880 2.470 1.700 .
Hoekwoning Altena 2024* 880 2.670 1.820 .
Hoekwoning Asten 2024* 900 2.750 1.720 .
Hoekwoning Ten Boer 2024*
Hoekwoning Bunschoten 2024* 1.010 3.260 2.180 .
Hoekwoning Dronten 2024* 840 2.760 1.750 .
Hoekwoning Druten 2024* 860 2.820 1.860 .
Hoekwoning Eijsden-Margraten 2024* 1.010 2.980 1.820 .
Hoekwoning Etten-Leur 2024* 850 2.920 2.050 .
Hoekwoning Houten 2024* 690 2.890 1.710 .
Hoekwoning Littenseradiel 2024*
Hoekwoning Margraten 2024*
Hoekwoning Nuenen, Gerwen en Nederwetten 2024* 1.000 2.930 1.910 .
Hoekwoning Putten 2024* 870 2.790 2.020 .
Hoekwoning Rijssen-Holten 2024* 960 2.860 1.820 .
Hoekwoning Voorschoten 2024* 1.090 2.880 2.040 .
Hoekwoning Buitenland 2024*
Hoekwoning Gemeenten; niet in te delen 2024*
2-onder-1-kapwoning Aalten 2024* 970 2.910 1.720 .
2-onder-1-kapwoning Altena 2024* 970 3.230 2.080 .
2-onder-1-kapwoning Asten 2024* 990 3.200 1.680 .
2-onder-1-kapwoning Ten Boer 2024*
2-onder-1-kapwoning Bunschoten 2024* 1.140 3.670 2.350 .
2-onder-1-kapwoning Dronten 2024* 830 3.260 1.750 .
2-onder-1-kapwoning Druten 2024* 1.000 3.330 1.900 .
2-onder-1-kapwoning Eijsden-Margraten 2024* 1.150 3.110 1.860 .
2-onder-1-kapwoning Etten-Leur 2024* 880 3.580 2.270 .
2-onder-1-kapwoning Houten 2024* 870 3.720 1.950 .
2-onder-1-kapwoning Littenseradiel 2024*
2-onder-1-kapwoning Margraten 2024*
2-onder-1-kapwoning Nuenen, Gerwen en Nederwetten 2024* 1.150 3.550 2.200 .
2-onder-1-kapwoning Putten 2024* 1.050 3.380 2.180 .
2-onder-1-kapwoning Rijssen-Holten 2024* 1.030 3.270 1.920 .
2-onder-1-kapwoning Voorschoten 2024* 1.320 3.660 2.310 .
2-onder-1-kapwoning Buitenland 2024*
2-onder-1-kapwoning Gemeenten; niet in te delen 2024*
Vrijstaande woning Aalten 2024* 1.240 3.760 2.060 .
Vrijstaande woning Altena 2024* 1.210 4.160 2.540 .
Vrijstaande woning Asten 2024* 1.390 4.470 2.410 .
Vrijstaande woning Ten Boer 2024*
Vrijstaande woning Bunschoten 2024* 1.410 4.620 2.860 .
Vrijstaande woning Dronten 2024* 1.110 4.040 2.010 .
Vrijstaande woning Druten 2024* 1.260 4.200 2.320 .
Vrijstaande woning Eijsden-Margraten 2024* 1.320 4.030 2.170 .
Vrijstaande woning Etten-Leur 2024* 1.230 4.460 2.520 .
Vrijstaande woning Houten 2024* 1.250 4.430 2.460 .
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel geeft regionale gegevens over het gemiddelde energieverbruik per woning (aardgas en elektriciteit) van particuliere woningen onderverdeeld naar verschillende woningtypen en type eigendom voor Nederland, de landsdelen, provincies en gemeentes. Daarnaast is alleen voor totaal woningen het percentage stadsverwarming opgenomen, omdat dit relevant is voor de interpretatie van de hoogte van het gemiddeld aardgasverbruik.

Gegevens beschikbaar van 2010 tot en met 2024.

Status van de cijfers:
De cijfers over de jaren 2010 tot en met 2021 zijn definitief. De cijfers over 2022 en 2023 zijn nader voorlopig en 2024 is voorlopig.

Wijzigingen per september 2025:
Cijfers over 2024 toegevoegd en cijfers over verslagjaren 2022 en 2023 herzien op basis van slimme-metergegevens. Deze cijfers zijn nauwkeuriger dan de cijfers op basis van standaardjaarverbruiken.

Wijzigingen per maart 2025:
De originele cijfers in deze tabel zijn tot stand gekomen op basis van een foutieve koppeling tussen zonnestroominstallaties en woningen. Dit is in deze versie gecorrigeerd. De verkeerde koppeling hield in dat woningen zonder eigen aansluiting voor elektriciteit abusievelijk het label van ‘woning met zonnestroominstallatie’ hebben gekregen. De foutieve koppeling betreft de cijfers over verslagjaren 2022 en 2023. De fout werkt door in het energieverbruik van woningen, omdat voor woningen zonder eigen aansluiting een verbruik moet worden ingeschat op basis van een set woningeigenschappen, waaronder de aanwezigheid van een zonnestroominstallatie. De impact van de correcties kan groter zijn bij specifieke uitsplitsingen, bijvoorbeeld op (laag) regionaal niveau.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Nieuwe cijfers verschijnen in het derde kwartaal van het jaar volgend op het verslagjaar.

Toelichting onderwerpen

Gemiddeld aardgasverbruik
Het gemiddeld jaarverbruik voor aardgas van particuliere woningen, zoals berekend uit de aansluitingenregisters van de energienetbedrijven.
Bij de berekening van het gemiddeld aardgasverbruik zijn woningen met een zeer laag of zelfs nulverbruik meegeteld indien er sprake is van stadsverwarming. Hierdoor valt in gebieden waar stadsverwarming aanwezig is het gemiddeld aardgasverbruik van woningen laag uit.

De cijfers zijn afgerond op vijftigtallen en vermeld bij zes of meer (bewoonde) woningen per woningtype of type eigendom.
Gemiddelde elektriciteitslevering
De gemiddelde jaarlevering van elektriciteit op individuele aansluitingen van particuliere woningen op het openbare elektriciteitsnet, zoals berekend vanuit de aansluitingenregisters van de netbedrijven. Collectieve elektriciteitsleveringen aan bijvoorbeeld liftinstallaties of hal-/galerijverlichting zijn niet meegeteld bij de berekening.

De cijfers zijn afgerond op vijftigtallen en vermeld bij zes of meer (bewoonde) woningen per woningtype of type eigendom.
Gemiddelde netto elektriciteitslevering
De netto elektriciteitslevering is de elektriciteitslevering gesaldeerd met de eventuele teruglevering op de elektriciteitsaansluiting door opwek met (voornamelijk) zonnepanelen. Indien het saldo van levering en teruglevering negatief is, is een minimale netto-elektriciteitslevering van 0 kWh aangehouden.

De cijfers zijn afgerond op vijftigtallen en vermeld bij zes of meer (bewoonde) woningen per woningtype of type eigendom.
Stadsverwarming
Het percentage woningen dat is aangesloten op stadsverwarming.

Stadsverwarming is een verwarmingssysteem waarbij de woningen in een wijk worden verwarmd via een ondergronds netwerk van warmwaterleidingen. In veel gevallen maakt stadsverwarming gebruik van restwarmte van bijvoorbeeld elektriciteitscentrales. Het aardgasverbruik van deze woningen is in veel gevallen zeer laag of zelfs nul. De hoeveelheid warmte die door aangesloten woningen in een jaar wordt afgenomen van de stadsverwarming is niet beschikbaar. Het percentage is vermeld bij tien of meer (bewoonde) woningen. Voor de gemeentes is een percentage van minder dan vijf of groter dan 95 afgerond op vijftallen.