Kerncijfers groeirekeningen; nationale rekeningen 1995-2012
| Bedrijfstakken/branches (SBI 2008) | Model | Perioden | Intermediair verbruik Geconsolideerd verbruik mln euro Geconsolideerd verbruik energie (mln euro) | Intermediair verbruik Geconsolideerd verbruik 2005=100 Geconsolideerd verbruik energie (volume-indexcijfers (2005=100)) | Groeirekeningen op basis van productie Bijdrage energie (procentpunt) |
|---|---|---|---|---|---|
| B-E Nijverheid (geen bouw) en energie | Officiële CBS berekeningen | 2012* | 56.164 | 110,3 | 0,6 |
| B-E Nijverheid (geen bouw) en energie | Neoklassiek model | 2012* | 56.164 | 110,3 | 0,6 |
| D Energievoorziening | Officiële CBS berekeningen | 2012* | 12.224 | 103,1 | 2,4 |
| D Energievoorziening | Neoklassiek model | 2012* | 12.224 | 103,1 | 1,9 |
| Bron: CBS. | |||||
Tabeltoelichting
Deze tabel bevat de (vooralsnog experimentele) uitkomsten van de Nederlandse groeirekeningen. De groeirekeningen laten zien welke bijdragen de verschillende productiemiddelen hebben geleverd aan de economische groei. Zo kan worden bepaald welk deel van de productiegroei wordt verklaard door een verandering in de inzet van kapitaal (K), arbeid (L), energie (E), materialen (M) of diensten (S).
Uit de uitkomsten van de groeirekeningen kan ook de ontwikkeling van de multifactorproductiviteit worden afgeleid. Dit is het deel van de groei (van de productie of toegevoegde waarde) dat niet kan worden toegerekend aan één van de verschillende productiemiddelen. Multifactorproductiviteit is daarmee een belangrijke maatstaf voor de productiviteit van de Nederlandse economie. Doordat met alle bekende inputs van het productieproces rekening wordt gehouden, levert de multifactorproductiviteit een breder beeld van de productiviteit dan de van oudsher gehanteerde arbeidsproductiviteit. In deze tabel worden ook de onderliggende data en de arbeidsproductiviteit gepubliceerd.
Deze tabel is gebaseerd op de nieuwe standaard bedrijfsindeling 2008 (SBI 2008). Het referentiejaar voor de volume- en prijsindexcijfers tijdreeksen is verlegd van 2000 naar 2005. Dit als gevolg van een Europese verordening met betrekking tot het referentiejaar van de tijdreeksen van de Nationale rekeningen.
Deze tabel is stopgezet omdat de nationale rekeningen gereviseerd zijn op basis van het Europees Systeem van Rekeningen 2010 (ESR 2010). Deze tabel is gebaseerd op het ESR 1995.
Gegevens beschikbaar van 1995 tot en met 2012
Status van de cijfers
De resultaten die in deze publicatie worden besproken hebben nog een experimentele status. Hoewel publicatie van de groeirekeningen verantwoord wordt geacht, is de ontwikkeling van de groeirekeningen op dit moment nog niet volledig afgerond. Als gevolg van uitbreiding en verdieping van de statistische beschrijving van productiemiddelen zullen de resultaten in de komende jaren nog wijzigen.
De cijfers over de periode 1995-2010 zijn gebaseerd op definitieve cijfers, De gegevens over 2011 en 2012 zijn (nader) voorlopig. Aangezien deze tabel is stopgezet, worden de gegevens niet meer definitief gemaakt.
Wijzigingen per 16 december 2015:
Geen, deze tabel is stopgezet
Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.
Toelichting onderwerpen
- Intermediair verbruik
- Alle producten die in de verslagperiode zijn verbruikt in het
productieproces. Dit kunnen al of niet in de verslagperiode aangekochte
grondstoffen, halffabricaten en brandstoffen zijn maar ook diensten zoals
communicatiediensten, schoonmaakdiensten en diensten van externe
accountants.
---
Niet tot het intermediair verbruik maar tot de afschrijvingen behoort het
verbruik van vaste activa (bedrijfsgebouwen, machines, eigen
vervoermiddelen e.d.).
Ook aangekochte goederen door de handel die, zonder enige bewerking te
ondergaan, weer zijn doorverkocht worden niet tot het intermediair
verbruik gerekend.
Het intermediair verbruik vormt samen met de finale bestedingen de totale
bestedingen aan goederen en diensten.- Geconsolideerd verbruik mln euro
- Geconsolideerd verbruik energie
- Het geconsolideerde verbruik van energie wordt bepaald door
het intermediair verbruik van energieproducten te verminderen met de
interne leveringen van energieproducten.
---
De energieproducten omvatten naast de producten geproduceerd door de
energie- en waterleidingbedrijven ook energiedragers als steenkool en
(ruwe en verwerkte) olie en gas.
Het geconsolideerde verbruik van energie is het verbruik van energie dat
overblijft als de eenheid (bedrijfsklasse, bedrijfstak of de commerciële
sector) wordt beschreven als één enkel bedrijf.
- Geconsolideerd verbruik 2005=100
- Geconsolideerd verbruik energie
- Het geconsolideerde verbruik van energie wordt bepaald door
het intermediair verbruik van energieproducten te verminderen met de
interne leveringen van energieproducten.
---
De energieproducten omvatten naast de producten geproduceerd door de
energie- en waterleidingbedrijven ook energiedragers als steenkool en
(ruwe en verwerkte) olie en gas.
Het geconsolideerde verbruik van energie is het verbruik van energie dat
overblijft als de eenheid (bedrijfsklasse, bedrijfstak of de commerciële
sector) wordt beschreven als één enkel bedrijf.
- Groeirekeningen op basis van productie
- Groeirekeningen op basis van de geconsolideerde productie.
---
De groeirekeningen op basis van de geconsolideerde productie rekenen de
volumeontwikkeling van de geconsolideerde productie toe aan de
verschillende productiemiddelen en aan multifactorproductiviteit. De
bijdragen worden gemeten in procentpunten. De bijdragen van arbeid,
kapitaal, energie, materialen, diensten en multifactorproductiviteit
tellen samen op tot de volumeontwikkeling van de geconsolideerde
productie.- Bijdrage energie
- Bijdrage geconsolideerd verbruik energie aan de ontwikkeling van
de geconsolideerde productie.
---
De bijdrage van het geconsolideerde verbruik energie is te interpreteren
als dat deel van de volumeverandering van de geconsolideerde productie dat
wordt veroorzaakt door veranderingen in de inzet van energie
en energiedragers.