Onveiligheidsbeleving; persoonskenmerken (IVM), 2008-2009

Onveiligheidsbeleving; persoonskenmerken (IVM), 2008-2009

Persoonskenmerken Cijfersoort Perioden Onveiligheidsgevoelens Voelt zich 's avonds in buurt onveilig (% komt vaak voor) Onveiligheidsgevoelens Voelt zich 's avonds niet op gemak (% komt vaak voor) Vermijdingsgedrag vanwege onveiligheid Doet 's avonds niet open (% 'komt vaak voor') Vermijdingsgedrag vanwege onveiligheid Rijdt of loopt om (% 'komt vaak voor') Vermijdingsgedrag vanwege onveiligheid Kinderen mogen ergens niet naar toe (% 'komt vaak voor')
Totale bevolking Waarde 2009 25,2 45,5 4,0 4,3 2,4
Totale bevolking Betrouwbaarheidsmarge 2009 0,6 0,6 0,2 0,2 0,2
Leeftijd 15 tot 18 jaar Waarde 2009 30,9 56,7 2,6 6,1 5,6
Leeftijd 15 tot 18 jaar Betrouwbaarheidsmarge 2009 2,9 3,2 0,6 1,0 1,1
Leeftijd 18 tot 25 jaar Waarde 2009 36,8 56,0 1,9 5,9 4,7
Leeftijd 18 tot 25 jaar Betrouwbaarheidsmarge 2009 2,2 2,4 0,4 0,8 0,7
Leeftijd 25 tot 35 jaar Waarde 2009 33,2 54,3 4,5 4,1 2,5
Leeftijd 25 tot 35 jaar Betrouwbaarheidsmarge 2009 1,7 1,8 0,6 0,5 0,4
Leeftijd 35 tot 45 jaar Waarde 2009 28,6 49,6 8,8 3,7 1,9
Leeftijd 35 tot 45 jaar Betrouwbaarheidsmarge 2009 1,3 1,5 0,7 0,5 0,3
Leeftijd 45 tot 55 jaar Waarde 2009 25,5 45,4 5,1 3,5 1,5
Leeftijd 45 tot 55 jaar Betrouwbaarheidsmarge 2009 1,3 1,5 0,6 0,5 0,3
Leeftijd 55 tot 65 jaar Waarde 2009 19,2 40,5 1,7 3,6 1,7
Leeftijd 55 tot 65 jaar Betrouwbaarheidsmarge 2009 1,1 1,4 0,3 0,4 0,3
Leeftijd 65 tot 75 jaar Waarde 2009 12,9 32,8 0,8 4,9 2,5
Leeftijd 65 tot 75 jaar Betrouwbaarheidsmarge 2009 1,2 1,7 0,2 0,7 0,5
Leeftijd 75 jaar of ouder Waarde 2009 6,9 21,7 0,5 5,1 1,7
Leeftijd 75 jaar of ouder Betrouwbaarheidsmarge 2009 1,1 1,8 0,2 0,8 0,4
Mannen Waarde 2009 24,4 40,1 3,2 2,2 1,1
Mannen Betrouwbaarheidsmarge 2009 0,8 0,9 0,3 0,2 0,1
Vrouwen Waarde 2009 25,9 50,9 4,7 6,3 3,7
Vrouwen Betrouwbaarheidsmarge 2009 0,8 0,9 0,3 0,4 0,3
Burgerlijke staat: gehuwd Waarde 2009 21,8 42,6 5,1 3,3 1,9
Burgerlijke staat: gehuwd Betrouwbaarheidsmarge 2009 0,7 0,8 0,3 0,2 0,2
Burgerlijke staat: gescheiden Waarde 2009 22,5 43,2 4,5 6,5 2,8
Burgerlijke staat: gescheiden Betrouwbaarheidsmarge 2009 2,0 2,5 0,9 1,0 0,6
Burgerlijke staat: verweduwd Waarde 2009 8,5 28,1 1,4 7,2 2,0
Burgerlijke staat: verweduwd Betrouwbaarheidsmarge 2009 1,3 2,3 0,5 1,3 0,6
Burgerlijke staat: ongehuwd Waarde 2009 32,7 52,7 2,8 4,7 3,2
Burgerlijke staat: ongehuwd Betrouwbaarheidsmarge 2009 1,1 1,2 0,3 0,4 0,3
Hoogste opleidingsniveau: basisonderwijs Waarde 2009 19,0 39,4 3,3 6,6 4,4
Hoogste opleidingsniveau: basisonderwijs Betrouwbaarheidsmarge 2009 1,7 2,2 0,6 0,9 0,8
Hoogste opleidingsniveau: mavo/vbo Waarde 2009 20,7 39,9 3,6 4,9 2,8
Hoogste opleidingsniveau: mavo/vbo Betrouwbaarheidsmarge 2009 1,0 1,2 0,4 0,4 0,3
Hoogste opleidingsniveau: havo/vwo/mbo Waarde 2009 28,5 47,7 4,4 3,8 2,3
Hoogste opleidingsniveau: havo/vwo/mbo Betrouwbaarheidsmarge 2009 1,1 1,2 0,4 0,3 0,3
Hoogste opleidingsniveau: hbo Waarde 2009 29,4 52,3 4,1 3,5 1,5
Hoogste opleidingsniveau: hbo Betrouwbaarheidsmarge 2009 1,2 1,4 0,5 0,4 0,3
Hoogste opleidingsniveau: wo Waarde 2009 29,4 51,6 3,4 3,2 1,6
Hoogste opleidingsniveau: wo Betrouwbaarheidsmarge 2009 2,1 2,4 0,6 0,7 0,4
Herkomst autochtoon Waarde 2009 25,1 45,6 3,3 3,8 2,1
Herkomst autochtoon Betrouwbaarheidsmarge 2009 0,6 0,7 0,2 0,2 0,2
Herkomst westerse allochtoon Waarde 2009 22,6 44,0 2,9 5,0 2,4
Herkomst westerse allochtoon Betrouwbaarheidsmarge 2009 2,9 3,5 1,2 1,6 0,8
Herkomst niet-westerse allochtoon Waarde 2009 26,4 45,2 10,1 8,0 5,0
Herkomst niet-westerse allochtoon Betrouwbaarheidsmarge 2009 2,4 2,7 1,1 0,8 0,7
Niet verdacht geweest van misdrijf Waarde 2009 25,1 45,8 4,0 4,3 2,4
Niet verdacht geweest van misdrijf Betrouwbaarheidsmarge 2009 0,6 0,6 0,2 0,2 0,2
Verdacht geweest van misdrijf Waarde 2009 27,3 36,1 4,6 2,9 2,8
Verdacht geweest van misdrijf Betrouwbaarheidsmarge 2009 4,1 4,5 1,4 0,8 1,2
Verdacht geweest van geweldsmisdrijf Waarde 2009 34,1 39,3 5,0 4,3 2,7
Verdacht geweest van geweldsmisdrijf Betrouwbaarheidsmarge 2009 8,1 8,5 2,2 2,1 2,0
Verdacht geweest van vermogensmisdrijf Waarde 2009 28,0 41,2 5,1 2,8 4,7
Verdacht geweest van vermogensmisdrijf Betrouwbaarheidsmarge 2009 8,0 8,7 3,4 1,2 3,7
Verdacht geweest van verkeersmisdrijf Waarde 2009 23,5 30,8 3,5 1,9 1,4
Verdacht geweest van verkeersmisdrijf Betrouwbaarheidsmarge 2009 7,0 7,7 2,8 0,8 0,8
Verdacht geweest van vernieling Waarde 2009 28,6 32,1 4,5 2,6 2,1
Verdacht geweest van vernieling Betrouwbaarheidsmarge 2009 8,4 8,4 2,6 1,3 1,6
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze tabel vindt u een overzicht van de onveiligheidsbeleving van personen op basis van de Integrale VeiligheidsMonitor (IVM). Het gaat over onveiligheidsgevoelens, onveilige plekken in de eigen woongemeente, inschatting eigen slachtofferkans en vermijdingsgedrag.
Het gaat steeds om gegevens over de bevolking van 15 jaar of ouder, tenzij anders vermeld. Opgenomen zijn de landelijke cijfers en de cijfers naar persoonskenmerken.
Door wijziging in vraagstelling, onderzoeksopzet en/of context zijn de IVM-gegevens vanaf 2008 niet vergelijkbaar met gegevens uit andere bronnen, zoals de Veiligheidsmonitor Rijk (VMR; 2005-2008) en eerdere veiligheids- en/of slachtofferenquêtes.
De enquête is uitgevoerd in het laatste kwartaal van het jaar.

Gegevens beschikbaar van 2008 tot en met 2009.

Status van de cijfers:
De gegevens zijn definitief.

Wijzigingen per 28 november 2018
In de vorige versie waren de leeftijdscategorieën niet juist gevuld: in plaats van tot een bepaalde leeftijd stonden er cijfers die uitgingen van tot en met een bepaalde leeftijd. Bijvoorbeeld de cijfers van leeftijdscategorie 15 tot 18 jaar bevatte abusievelijk ook cijfers van 18 jarigen. Dit is nu gecorrigeerd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Deze tabel wordt opgevolgd door (On)veiligheidsbeleving; persoonskenmerken. Zie paragraaf 3.

Toelichting onderwerpen

Onveiligheidsgevoelens
In de IVM is de respondenten een aantal vragen voorgelegd over door
hen ervaren onveiligheidsgevoelens in het algemeen en de door hen
ervaren onveiligheidsgevoelens in de eigen woonbuurt.
Eerst is gevraagd of men zich wel eens onveilig voelt. Zo ja, dan
is vervolgens gevraagd of men zich vaak, soms of zelden onveilig
voelt.
Tevens is gevraagd of men zich onveilig voelt als men 's avonds
in de eigen buurt op straat loopt en of men zich niet op zijn
gemak voelt als men 's avonds alleen thuis is.
Voelt zich 's avonds in buurt onveilig
Vraag: 'Komt het wel eens voor dat u zich onveilig voelt als u 's avonds
bij u in de buurt over straat loopt?'
Voelt zich 's avonds niet op gemak
Vraag: 'Komt het wel eens voor dat u zich niet op uw gemak voelt als u 's
avonds alleen thuis bent?'
Vermijdingsgedrag vanwege onveiligheid
In de IVM is de respondenten een aantal vragen voorgelegd over het
door hen getoonde vermijdingsgedrag.
Antwoordmogelijkheden: 'ja, vaak';
'ja, soms'; 'zelden of nooit'; 'weet niet ' ; 'niet van toepassing'.
Onder 'komt vaak voor' worden alle respondenten verstaan die als antwoord
'ja vaak' hebben gegeven.
Doet 's avonds niet open
Vraag: 'Komt het wel eens voor dat u 's avonds of 's nachts niet open
doet, omdat u het niet veilig vindt?'
Rijdt of loopt om
Vraag: 'Komt het wel eens voor dat u in uw eigen buurt omloopt of omrijdt
om onveilige plekken te vermijden?'
Kinderen mogen ergens niet naar toe
Vraag: 'Komt het wel eens voor dat u uw kinderen niet toestaat ergens
naar toe te gaan omdat u het niet veilig vindt?'