Heffingskortingen inkomstenbelasting; particuliere huishoudens, 2006-2014
| Heffingskortingen | Kenmerken huishouden | Perioden | Spreidingsmaten bedragen 25e percentiel (1 000 euro) | Spreidingsmaten bedragen 50e percentiel (mediaan) (1 000 euro) | Spreidingsmaten bedragen 75e percentiel (1 000 euro) |
|---|---|---|---|---|---|
| Heffingskorting jonggehandicapten | Paar, minstens één kind >= 18 | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Eenoudergezin, minstens één kind >= 18 | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Huishouden met 1 persoon met inkomen | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Huishouden met 2 personen met inkomen | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Huishouden met 3 personen met inkomen | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Huishouden met >= 4 personen met inkomen | 2014 | . | . | . |
| Heffingskorting jonggehandicapten | 1. Inkomen uit arbeid | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | 1.2 Loon ambtenaar | 2014 | . | . | . |
| Heffingskorting jonggehandicapten | 1.3 Overig inkomen uit arbeid | 2014 | . | . | . |
| Heffingskorting jonggehandicapten | 2. Inkomen uit eigen onderneming | 2014 | . | . | . |
| Heffingskorting jonggehandicapten | 3. Overdrachtsinkomen | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | 3.1 Uitkering inkomensverzekering | 2014 | . | . | . |
| Heffingskorting jonggehandicapten | 3.3 Overig overdrachtsinkomen | 2014 | . | . | . |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 1e 25%-groep | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 2e 25%-groep | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 3e 25%-groep | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 4e 25%-groep | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 1e 10%-groep | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 2e 10%-groep | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 3e 10%-groep | 2014 | 0,7 | 0,7 | 0,7 |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 4e 10%-groep | 2014 | . | . | . |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 5e 10%-groep | 2014 | . | . | . |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 6e 10%-groep | 2014 | . | . | . |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 7e 10%-groep | 2014 | . | . | . |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 8e 10%-groep | 2014 | . | . | . |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 9e 10%-groep | 2014 | . | . | . |
| Heffingskorting jonggehandicapten | Hoogte van het inkomen: 10e 10%-groep | 2014 | . | . | . |
| Bron: CBS. | |||||
Tabeltoelichting
Deze tabel bevat gegevens over heffingskortingen van particuliere huishoudens binnen de inkomstenbelasting. Het gaat hierbij om het aantal huishoudens dat recht heeft op en de hoogte van de verschillende heffingskortingen.
Huishoudens kunnen worden onderscheiden naar diverse kenmerken, zoals hoogte van het inkomen en samenstelling van het huishouden.
De heffingskortingen in deze tabel zijn gebaseerd op de Wet inkomstenbelasting 2001.
Gegevens beschikbaar van 2006 tot en met 2014.
Status van de cijfers:
De cijfers in deze tabel zijn definitief.
Wijzigingen per 21 juni 2019:
Geen, tabel is stopgezet.
Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.
Toelichting onderwerpen
- Spreidingsmaten bedragen
- Deze spreidingsmaten geven aan of de bedragen voor de afzonderlijke
particuliere huishoudens dicht bij elkaar liggen of juist ver uit elkaar.
Bij de berekening van de spreidingsmaten zijn alleen de huishoudens
meegenomen die recht hebben op de geselecteerde heffingskorting.- 25e percentiel
- De hoogte van de geselecteerde heffingskorting is voor 25 procent van de
huishoudens lager of gelijk aan dit bedrag. 75 Procent van de huishoudens
heeft een hogere heffingskorting.
- 50e percentiel (mediaan)
- De hoogte van de geselecteerde heffingskorting is voor 50 procent van de
huishoudens lager of gelijk aan dit bedrag. De andere helft van de
huishoudens heeft een hogere heffingskorting.
- 75e percentiel
- De hoogte van de geselecteerde heffingskorting is voor 75 procent van de
huishoudens lager of gelijk aan dit bedrag. 25 Procent van de huishoudens
heeft een hogere heffingskorting.