Innovatie bij bedrijven; grootteklasse, 2006-2008

Innovatie bij bedrijven; grootteklasse, 2006-2008

Bedrijfstakken/branches (SBI 2008) Bedrijfsgrootte Gebruik informatiebronnen innovatoren Interne bronnen Binnen eigen bedrijf/concern Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Commerciële (markt-)bronnen Leveranciers Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Commerciële (markt-)bronnen Afnemers Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Commerciële (markt-)bronnen Concurrenten Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Commerciële (markt-)bronnen Consultants en dergelijke Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Institutionele bronnen Universiteiten Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Institutionele bronnen Overheidsinstellingen Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Overige bronnen Conferenties, beurzen of exposities Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Overige bronnen Vakliteratuur Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Overige bronnen Beroeps- en brancheverenigingen Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Overige bronnen Officiële normalisatiecommissies Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Overige bronnen Standaardisatiecommissies Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Overige bronnen Normen of standaarden Bron niet gebruikt (%) Innovatoren met ecologische innovaties Gunstige milieu-effecten eindgebruiker Totaal (%) Innovatoren met ecologische innovaties Gunstige milieu-effecten eindgebruiker Lager energieverbruik (%) Innovatoren met ecologische innovaties Gunstige milieu-effecten eindgebruiker Minder vervuiling bodem, water of lucht (%) Innovatoren met ecologische innovaties Gunstige milieu-effecten eindgebruiker Verbetering recycling product na gebruik (%)
Bedrijven, totaal Totaal (10 en meer) werkzame personen 11 12 23 27 52 65 68 33 36 40 56 71 47 28 20 17 15
Bedrijven, totaal 10 tot 50 werkzame personen 13 13 25 29 56 68 71 36 39 43 60 74 51 27 19 17 14
Bedrijven, totaal 50 tot 250 werkzame personen 6 10 16 24 45 61 65 28 29 35 46 65 41 31 22 19 15
Bedrijven, totaal 250 en meer werkzame personen 3 7 12 15 29 43 49 18 18 22 40 53 32 41 32 28 21
A-F Landbouw en nijverheid Totaal (10 en meer) werkzame personen 12 7 26 28 44 55 57 24 29 25 45 60 42 35 26 24 19
A-F Landbouw en nijverheid 10 tot 50 werkzame personen 14 7 27 28 44 56 57 26 30 26 47 61 44 33 25 23 19
A-F Landbouw en nijverheid 50 tot 250 werkzame personen 10 8 21 30 47 61 64 22 30 25 38 62 36 40 29 27 19
A-F Landbouw en nijverheid 250 en meer werkzame personen 3 6 21 16 25 32 32 17 15 14 31 44 30 62 50 47 28
C Industrie Totaal (10 en meer) werkzame personen 8 9 17 23 47 60 66 26 28 38 46 66 41 31 21 19 17
C Industrie 10 tot 50 werkzame personen 12 10 21 27 54 70 73 31 35 43 55 73 50 29 20 17 16
C Industrie 50 tot 250 werkzame personen 3 6 9 18 38 48 58 19 19 32 33 55 28 37 24 21 17
C Industrie 250 en meer werkzame personen 1 9 6 13 27 32 45 12 13 21 29 44 24 44 30 31 24
G-N Commerciële dienstverlening Totaal (10 en meer) werkzame personen 12 15 25 29 56 69 71 38 41 43 63 76 52 25 18 15 13
G-N Commerciële dienstverlening 10 tot 50 werkzame personen 13 16 26 30 60 69 73 40 43 46 65 77 53 24 17 15 13
G-N Commerciële dienstverlening 50 tot 250 werkzame personen 9 12 21 27 49 70 71 36 36 39 58 73 51 27 20 16 13
G-N Commerciële dienstverlening 250 en meer werkzame personen 4 6 15 17 32 54 56 23 23 24 51 63 39 35 29 23 18
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze tabel staan gegevens over innovatie bij Nederlandse bedrijven. Deze gegevens zijn de resultaten van een tweejaarlijkse innovatie-enquête. Eén enquête omvat drie verslagjaren (dit is de verslagperiode). Het laatste jaar in de ene enquête is daarbij hetzelfde als het eerste jaar in de volgende enquête. Het onderzoek omvat een grote diversiteit aan aspecten van het begrip innovatie. Omdat in iedere nieuwe innovatie-enquête nieuwe onderwerpen kunnen worden opgenomen, worden de resultaten per enquête in een afzonderlijke tabel weergegeven. De innovatie-enquête 2006-2008 is gehouden onder een steekproef van bedrijven met 10 en meer werkzame personen. De uitkomsten zijn uitgesplitst naar bedrijfsgrootte en bedrijfstak.

Gegevens beschikbaar over 2006-2008.

Status van de cijfers:
De cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 23 december 2016:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Deze tabel wordt opgevolgd door Innovatie bij bedrijven; bedrijfsgrootte, 2008-2010. Zie paragraaf 3.

Toelichting onderwerpen

Gebruik informatiebronnen innovatoren
Voor innovatoren is nagegaan van welke informatiebronnen in de
beschouwde periode gebruik is gemaakt om innovatieprojecten te starten
of die bijdroegen aan de uitvoering van bestaande innovatieprojecten.
Interne bronnen
Binnen eigen bedrijf/concern
Bronnen binnen het eigen bedrijf of andere bedrijven binnen het concern.
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Commerciële (markt-)bronnen
Voorbeelden van commerciële (markt-)bronnen zijn leveranciers, afnemers,
concurrenten en consultants.
Leveranciers
Leveranciers van apparatuur, materialen, componenten of software.
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Afnemers
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Concurrenten
Concurrenten of andere bedrijven in de eigen bedrijfstak.
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Consultants en dergelijke
Consultants, commerciële laboratoria of particuliere R&D-instituten.
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Institutionele bronnen
Voorbeelden van institutionele bronnen zijn universiteiten en
overheidsinstellingen.
Universiteiten
Universiteiten of andere instellingen voor hoger onderwijs.
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Overheidsinstellingen
Overheids- of openbare onderzoeksinstellingen.
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Overige bronnen
Voorbeelden van overige bronnen zijn:
Conferenties, beurzen of exposities;
Vakliteratuur;
Beroeps- en brancheverenigingen;
Officiële normalisatiecommissies;
Standaardisatiecommissies;
Normen of standaarden.
Conferenties, beurzen of exposities
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Vakliteratuur
Wetenschappelijke tijdschriften en vak-/technische publicaties.
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Beroeps- en brancheverenigingen
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Officiële normalisatiecommissies
Bijvoorbeeld NEN, CEN, ISO.
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Standaardisatiecommissies
Voorbeelden van deze bronnen zijn W3C, OASIS en IEEE.
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Normen of standaarden
Bron niet gebruikt
In procenten van alle innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Innovatoren met ecologische innovaties
Ecologische innovaties zijn nieuwe of sterk verbeterde producten
(goederen of diensten), processen, organisatie- of marketingmethodes die
vergeleken
met alternatieven gunstig zijn voor het milieu.
- De gunstige milieu-effecten mogen het belangrijkste doel zijn van de
innovatie, maar ook het resultaat van andere innovatiedoelen.
- De gunstige milieu-effecten mogen optreden tijdens de productie van de
goederen of diensten, maar ook tijdens het gebruik ervan, dus na
aankoop door de eindgebruiker.
Gunstige milieu-effecten eindgebruiker
Gunstige milieu-effecten tijdens het gebruik, na de aankoop door de
eindgebruiker.
Totaal
In procenten van alle bedrijven.
Lager energieverbruik
In procenten van alle bedrijven.
Minder vervuiling bodem, water of lucht
Minder vervuiling van lucht, water of bodem, of minder geluidsoverlast.
In procenten van alle bedrijven.
Verbetering recycling product na gebruik
Verbetering in het recyclen van producten na gebruik.
In procenten van alle bedrijven.