Innovatie bij bedrijven; grootteklasse, 2006-2008

Innovatie bij bedrijven; grootteklasse, 2006-2008

Bedrijfstakken/branches (SBI 2008) Bedrijfsgrootte Organisatorische en marketinginnovaties Organisatorische innovaties Externe relaties Bij alle bedrijven (%) Organisatorische en marketinginnovaties Organisatorische innovaties Externe relaties Bij de innovatoren (%) Organisatorische en marketinginnovaties Organisatorische innovaties Externe relaties Bij de niet-innovatoren (%)
Bedrijven, totaal Totaal (10 en meer) werkzame personen 6 17 3
Bedrijven, totaal 10 tot 50 werkzame personen 5 14 3
Bedrijven, totaal 50 tot 250 werkzame personen 11 20 5
Bedrijven, totaal 250 en meer werkzame personen 24 34 11
A-F Landbouw en nijverheid Totaal (10 en meer) werkzame personen 5 17 3
A-F Landbouw en nijverheid 10 tot 50 werkzame personen 4 14 2
A-F Landbouw en nijverheid 50 tot 250 werkzame personen 9 24 5
A-F Landbouw en nijverheid 250 en meer werkzame personen 21 31 7
C Industrie Totaal (10 en meer) werkzame personen 8 14 3
C Industrie 10 tot 50 werkzame personen 5 10 3
C Industrie 50 tot 250 werkzame personen 12 16 5
C Industrie 250 en meer werkzame personen 25 30 13
G-N Commerciële dienstverlening Totaal (10 en meer) werkzame personen 6 18 3
G-N Commerciële dienstverlening 10 tot 50 werkzame personen 5 16 3
G-N Commerciële dienstverlening 50 tot 250 werkzame personen 10 22 5
G-N Commerciële dienstverlening 250 en meer werkzame personen 23 38 11
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze tabel staan gegevens over innovatie bij Nederlandse bedrijven. Deze gegevens zijn de resultaten van een tweejaarlijkse innovatie-enquête. Eén enquête omvat drie verslagjaren (dit is de verslagperiode). Het laatste jaar in de ene enquête is daarbij hetzelfde als het eerste jaar in de volgende enquête. Het onderzoek omvat een grote diversiteit aan aspecten van het begrip innovatie. Omdat in iedere nieuwe innovatie-enquête nieuwe onderwerpen kunnen worden opgenomen, worden de resultaten per enquête in een afzonderlijke tabel weergegeven. De innovatie-enquête 2006-2008 is gehouden onder een steekproef van bedrijven met 10 en meer werkzame personen. De uitkomsten zijn uitgesplitst naar bedrijfsgrootte en bedrijfstak.

Gegevens beschikbaar over 2006-2008.

Status van de cijfers:
De cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 23 december 2016:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Deze tabel wordt opgevolgd door Innovatie bij bedrijven; bedrijfsgrootte, 2008-2010. Zie paragraaf 3.

Toelichting onderwerpen

Organisatorische en marketinginnovaties
Een organisatorische innovatie is een vernieuwing van, of een ingrijpende
verandering in, de bedrijfsstructuur of managementmethoden met als doel
de benutting van kennis en daardoor de efficiency van het bedrijfsproces
en/of de kwaliteit van goederen en diensten te verbeteren.
Een marketinginnovatie is de implementatie van een nieuw of sterk
verbeterd productontwerp/productuitvoering of verkoopmethode om goederen
en diensten aantrekkelijker te maken of om nieuwe markten te veroveren.
Organisatorische innovaties
Een organisatorische innovatie is een nieuwe, nog niet eerder door het
bedrijf gebruikte organisatorische methode in de bedrijfsprocessen
(inclusief kennismanagement), werkplekorganisatie of externe relaties.
- Het moet resulteren uit strategische beslissingen van het management.
- Fusies of het verwerven van bedrijf(sonderdelen) behoren hier niet toe,
zelfs niet als dit voor het eerst plaatsvindt.
Externe relaties
Nieuwe methodes om externe relaties met andere bedrijven of instellingen
te organiseren (dat wil zeggen het voor de eerste keer aangaan van
verbintenissen, partnerschappen, uitbesteding of onderaanbesteding,
enzovoort).
Bij alle bedrijven
Bedrijven die in de beschouwde periode een organisatorische innovatie
hebben doorgevoerd.
In procenten van alle bedrijven.
Bij de innovatoren
Innovatoren die in de beschouwde periode een organisatorische innovatie
hebben doorgevoerd.
Innovatoren zijn bedrijven die in de beschouwde periode technologische
innovatieprojecten uitvoeren of deze - al dan niet succesvol - hebben
uitgevoerd.
In procenten van alle innovatoren.
Bij de niet-innovatoren
Niet-innovatoren die in de beschouwde periode een organisatorische
innovatie hebben doorgevoerd.
In procenten van alle niet-innovatoren.