Bedrijven; naar economische activiteit (SBI 2008, 2006-2010

Bedrijven; naar economische activiteit (SBI 2008, 2006-2010

Bedrijfstakken/branches (SBI 2008) Perioden Totaal aantal bedrijven (aantal) Rechtsvorm Natuurlijke personen (aantal) Rechtsvorm Rechtspersonen (aantal)
A-U Alle economische activiteiten 2010 863.840 615.780 248.060
0111 Teelt van granen en peulvruchten 2010 1.245 1.170 75
0113 Teelt van groenten en knolgewassen 2010 9.160 8.425 735
0124 Teelt van pit- en steenvruchten 2010 1.715 1.650 65
0125 Teelt van overige vruchten 2010 0 0 0
013 Teelt van sierplanten 2010 2.765 2.400 365
0130 Teelt van sierplanten 2010 2.765 2.400 365
0145 Schapen- en geitenhouderij 2010 480 450 25
0161 Diensten voor akker- en tuinbouw 2010 8.505 7.475 1.030
0162 Diensten voor veeteelt en fokkerij 2010 1.680 1.575 105
0990 Dienstenverlening overige winning 2010 0 0 0
1031 Aardappelproductenindustrie 2010 25 10 15
104 Spijsoliën- en -vettenindustrie e.d. 2010 35 5 30
1041 Spijsoliën- en -vettenindustrie 2010 30 5 25
139 Overige textielproductenindustrie 2010 1.115 815 300
1399 Overige textielproductenindustrie 2010 275 245 30
16231 Houten deuren- en ramenindustrie 2010 735 430 305
1624 Houten emballage-industrie 2010 130 50 75
181 Drukkerijen en diensten daarvoor 2010 3.520 2.010 1.510
18122 Drukkerijen van tijdschriften 2010 55 20 30
1910 Industrie van cokesovenproducten 2010 0 0 0
205 Overige chemische productenindustrie 2010 105 15 90
212 Farmaceutische productenindustrie 2010 160 20 140
2120 Farmaceutische productenindustrie 2010 160 20 140
221 Rubberproductenindustrie 2010 100 25 75
2219 Overige rubberproductenindustrie 2010 85 20 65
222 Kunststofproductenindustrie 2010 1.155 335 825
2223 Kunststofbouwproductenindustrie 2010 295 100 195
2229 Overige kunststofproductenindustrie 2010 520 170 350
233 Keramische bouwproductenindustrie 2010 50 15 40
23611 Betonnen bouwproductenindustrie 2010 260 55 205
2362 Gipsen bouwproductenindustrie 2010 10 5 5
2365 Vezelcementproductenindustrie 2010 5 0 5
239 Overige minerale productenindustrie 2010 80 20 55
2399 Overige minerale productenindustrie 2010 65 15 50
25 Metaalproductenindustrie 2010 8.615 4.930 3.685
251 Metalen bouwproductenindustrie 2010 2.150 820 1.330
259 Overige metaalproductenindustrie 2010 830 450 380
2591 Stalen vatenindustrie 2010 15 0 15
2593 Draadproducten- en kettingindustrie 2010 135 50 85
2594 Bouten- en schroevenindustrie 2010 40 15 25
2599 Overige metaalproductenindustrie 2010 620 375 245
261 Elektrocomponentenindustrie e.d. 2010 250 70 180
2611 Elektronische componentenindustrie 2010 245 70 175
263 Communicatie-apparatenindustrie 2010 90 30 65
2630 Communicatie-apparatenindustrie 2010 90 30 65
264 Consumentenelektronica-industrie 2010 135 90 45
2640 Consumentenelektronica-industrie 2010 135 90 45
265 Meetapparaten- en uurwerkindustrie 2010 395 125 270
2651 Meet-, en regelapparatenindustrie 2010 360 105 255
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over het aantal bedrijven en instellingen naar
economische activiteit, gebaseerd op de Standaard Bedrijfsindeling 2008
(SBI 2008) onderverdeeld naar (sub)klassen van de SBI 2008). De bedrijven
zijn voorts ingedeeld naar bedrijfsgrootte op basis van het aantal werkzame
personen en naar rechtsvorm. Het aantal bedrijven is afgerond op een
veelvoud van vijf.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1 januari 2006

Status van de cijfers: definitief

Nieuwe versie:
Met ingang van het statistiekjaar 2008 wordt de nieuwe standaard
bedrijfsindeling 2008 gehanteerd. De reeks is teruggelegd tot en met 2006.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
De tabel is per 20 april 2012 stopgezet.
Het samenstellen van de cijfers is in vergelijking met voorgaande jaren op twee belangrijke onderdelen gewijzigd:
- de statistische eenheid is veranderd.
- kleine bedrijven zijn opgenomen in het kader. Het urencriterium (15 uur) is losgelaten.
Genoemde wijzigingen zijn dusdanig ingrijpend dat de uitkomsten niet vergelijkbaar zijn met die van eerdere jaren en daarom is gestart met een nieuwe tabel waarin de cijfers zijn teruggelegd tot en met 2007.

Toelichting onderwerpen

Totaal aantal bedrijven
Het aantal bedrijven is afgerond op een veelvoud van vijf.
Bedrijf:
De feitelijke transactor in het productieproces gekenmerkt door
zelfstandigheid ten aanzien van de beslissingen over dat proces en door
het aanbieden van zijn producten aan derden.
Uit deze definitie en in het bijzonder uit het element zelfstandigheid
volgt dat een bedrijf meer dan één vestiging kan omvatten, maar ook meer
dan één juridische eenheid. (Onder juridische eenheden worden zowel
natuurlijke als rechtspersonen verstaan). Dit is het geval wanneer de
afzonderlijke vestigingen of juridische eenheden niet zelfstandig
opereren. Andersom komt het voor dat binnen een juridische eenheid
verschillende onderdelen te onderscheiden zijn die wat betreft de
productie zelfstandig opereren.
Deze vormen dan op grond van de definitie evenzovele bedrijven. Dit
laatste doet zich vooral voor bij grotere concerns met uiteenlopende
activiteiten. Wanneer een aldus gedefinieerde eenheid zich uitstrekt over
verschillende landen wordt ter wille van de nationale statistiek het
Nederlandse deel als een geheel bedrijf beschouwd.
In de officiële CBS-terminologie wordt het bedrijf zoals hier
gedefinieerd bedrijfseenheid (BE) genoemd, zodat geen verwarring kan
ontstaan met de term bedrijf uit het - in dit opzicht weinig precieze -
spraakgebruik.
De statistische eenheid bedrijf is een operationalisering van de
kind-of-activity unit, zoals gedefinieerd door Eurostat. Deze definitie
combineert twee eisen die strijdig kunnen zijn: bijdragen aan één
activiteit versus het overeenkomen met één of meer operationele eenheden.
Nederland geeft bij het operationaliseren naar de statistische eenheid
bedrijf prioriteit aan de tweede eis.
Rechtsvorm
Vorm van juridische eenheden die in het recht bekend is.
De navolgende rechtsvormen kunnen onder meer worden onderscheiden:
- Nederlandse rechtsvormen zonder rechtspersoonlijkheid: eenmanszaak,
vennootschap onder firma, commanditaire vennootschap, maatschap;
- Nederlandse rechtsvormen met rechtspersoonlijkheid: besloten
vennootschap, naamloze vennootschap, vereniging, stichting, coöperatie,
onderlinge waarborgmaatschappij;
- Europese rechtsvormen: Europees economisch samenwerkingsverband,
Europese vennootschap, Europese coöperatieve vennootschap;
- Buitenlandse rechtspersonen.
Formeel is de rechtsvorm een kenmerk van een juridische eenheid en niet
van een bedrijf. De statistische eenheid 'bedrijf' kan bestaan uit een of
meer juridische eenheden (natuurlijke personen en/of niet-natuurlijke
personen). Als een bedrijf uit meer dan één juridische eenheid bestaat,
dan heeft het in principe geen eigen rechtsvorm. In de CBS-tabellen
worden dergelijke bedrijven opgenomen onder de rechtsvorm van die
juridische eenheid die als kern van de combinatie kan worden beschouwd.
Natuurlijke personen
Een mens (individu) die in het recht als rechtssubject is erkend en
daarmee drager is van wettelijke rechten en plichten.
Deze klasse omvat de rechtsvormen:
- Eenmanszaken
- Maatschappen
- Vennootschappen onder firma
- Commanditaire vennootschappen
- Rederijen
Rechtspersonen
Een juridische constructie waardoor een organisatie, net als een
natuurlijke persoon, in het recht als rechtssubject is erkend als drager
van wettelijke rechten en plichten.
Een rechtspersoon kan optreden als een persoon in het rechtsverkeer,
d.w.z. bezittingen en schulden hebben, contracten sluiten, rechtszaken
aanspannen of aangeklaagd worden.
De rechtspersonen zijn in drie categorieën te verdelen:
- privaatrechtelijke rechtspersonen (bijv. besloten vennootschap,
naamloze vennootschap, vereniging en stichting);
- publiekrechtelijke rechtspersonen (bijv. ministerie, provincie,
gemeente, waterschap, Sociaal-Economische Raad, Publiekrechtelijke
bedrijfsorganisatie, Zelfstandig bestuursorgaan);
- kerkgenootschappen.
Een rechtspersoon kan bestuurder zijn van een andere rechtspersoon, maar
niet een commissaris.
Deze klasse omvat de rechtsvormen:
- Besloten vennootschappen
- Naamloze vennootschappen
- Verenigingen
- Stichtingen
- Coöperatieve verenigingen
- Onderlinge waarborgmaatschappijen
- Overheidsorganen (o.a. rijk, provincie, gemeente)
- Rechtsvormen van buitenlandse ondernemingen
- Europees economisch samenwerkingsverband (E.E.S.V.)
- Doelvermogen
- Fonds voor gemene rekening
- Kerkgenootschap
- Buitenlandse rechtsvormen