Melkaanvoer en zuivelproductie door zuivelfabrieken

Melkaanvoer en zuivelproductie door zuivelfabrieken

Perioden Zuivelproductie Boter (1 000 kg)
1995 maart 12.699
1996 maart 11.641
1997 maart 11.206
1998 maart 13.464
1999 maart 13.031
2000 maart 12.051
2001 maart 10.796
2002 maart 10.561
2003 maart 11.274
2004 maart 9.280
2005 maart 11.302
2006 maart 13.422
2007 maart 12.035
2008 maart 12.299
2009 maart 12.203
2010 maart 13.506
2011 maart 10.427
2012 maart 13.818
2013 maart 13.429
2014 maart 13.854
2015 maart 11.403
2016 maart 16.329
2017 maart 12.042
2018 maart 14.251
2019 maart 12.514
2020 maart 11.810
2021 maart 12.959
2022 maart 11.479
2023 maart 10.643
2024 maart* 10.513
2025 maart* 10.117
Bron: © RVO
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Melkveehouders in Nederland leveren circa 96% van de melk aan de zuivelfabrieken. De overblijvende 4% houden zij voor eigen gebruik (voor de opfok van jongvee en voor de eigen productie van zuivelproducten).
Deze tabel geeft informatie over de aanvoer van melk door Nederlandse melkveehouders aan Nederlandse zuivelfabrieken en de bereiding van een aantal zuivelproducten door deze zuivelfabrieken. De tabel geeft maand- en jaarcijfers. Van de aangevoerde melk zijn de hoeveelheden en de gehaltes aan eiwit en vet bekend. Bij de zuivelproducten gaat het om boter, fabriekskaas, melkpoeder, gecondenseerde melk en weipoeder.

Het CBS verzamelt niet zelf de gegevens maar neemt deze over van de maandstatistiek van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). In deze maandstatistiek zijn niet alle Nederlandse zuivelfabrieken betrokken. De dekking is echter zeer hoog: ongeveer 97-98 procent van de aangeleverde melk komt bij de deelnemende bedrijven terecht. Ter compensatie voor het ontbreken van de niet-waargenomen bedrijven zijn de maandelijkse hoeveelheden aangevoerde
melk met enkele procenten opgehoogd. Bij de zuivelproducten is dit niet nodig; de productie door de niet-waargenomen zuivelfabrieken is zeer klein.

RVO voert naast de maandstatistiek ook een jaarstatistiek uit waarbij wèl alle zuivelfabrieken betrokken zijn. Bij het beschikbaar komen van de jaarcijfers van RVO stelt het CBS de voorlopige maandcijfers bij tot definitieve cijfers, zodanig dat de som van de maandcijfers gelijk is aan het jaarcijfer. Deze bijstelling is in de regel echter zeer klein.

Gegevens beschikbaar vanaf: januari 1995.

Status van de cijfers:
De in de tabel gepubliceerde maandgegevens krijgen bij eerste publicatie de aanduiding 'voorlopig'. In augustus/ december van het daaropvolgende jaar publiceert het CBS de definitieve maandcijfers en het definitieve jaarcijfer. Het definitief maken van de cijfers van 2024 is uitgesteld. Verwachting is dat het definitief maken in mei 2026 zal gebeuren.

Wijzigingen per 18 maart 2026:
De voorlopige cijfers van januari 2026 zijn toegevoegd. De voorlopige cijfers van oktober 2025, november 2025, december 2025 en de voorlopige jaarcijfers van 2025 zijn aangepast.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Ongeveer 6 weken na afloop van de verslagmaand.

Toelichting onderwerpen

Zuivelproductie
Verwerking van onbewerkte melk tot zuivelproducten als boter,
fabriekskaas, melkpoeder, gecondenseerde melk en weipoeder door
Nederlandse zuivelfabrieken.
NB. De voorlopige en nader voorlopige cijfers zijn exclusief, de
definitieve cijfers inclusief producten van kleine zuivelfabrieken.
Boter
Roomboter.