Landbouw; vanaf 1851

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over agrarische bedrijven vanaf 1851.

Het gaat daarbij om gegevens over:
- het aantal agrarische bedrijven
- het aantal regelmatig werkzame arbeidskrachten in de landbouw
- de oppervlakte van gewassen (inclusief totale cultuurgrond, braakland en grasland)
- de omvang van de veestapel
- de opbrengst van gewassen
- de productie van de veehouderij.

De gegevens zijn voornamelijk gebaseerd op de landbouwtellingen, die al in de negentiende eeuw startten.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1851.

Status van de cijfers: de gegevens voor 2024 zijn nog voorlopig, de overige cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 11 december 2025: de cijfers van 2023 zijn geactualiseerd en definitief, de voorlopige cijfers van 2024 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
In april worden de gegevens over het afgelopen jaar toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Gewassen / grondgebruik
Het gaat hier om de oppervlakte van gewassen, inclusief totale
cultuurgrond, braakland en grasland, zoals gemeten in de landbouwtelling.
_
Oppervlakten in gemeten maat (de netto beteelbare oppervlakte inclusief paden die voor de teelt noodzakelijk zijn).
Totale cultuurgrond
Cultuurgrond is grond die, blijvend dan wel tijdelijk, deel uitmaakt van
het bedrijf en in hoofdzaak bestemd is voor het voortbrengen van
landbouwproducten (akkerbouw, tuinbouw, veehouderij) met inbegrip van
braakland en grasland.
_
In de zin van de landbouwtelling worden niet meegerekend bos, tuin voor
eigen gebruik, erf en dergelijke. Ook snelgroeiend hout wordt niet tot de
cultuurgrond gerekend.
_
De totale oppervlakte cultuurgrond bestaat uit:
- de totale oppervlakte akkerbouwgewassen (inclusief braakland);
- de totale oppervlakte grasland;
- de totale oppervlakte tuinbouwgewassen (open grond en onder glas).
Bloemkwekerijgewassen open grond
Bloemkwekerijgewassen zijn onder andere snijbloemen, pot- en perkplanten.
Boomkwekerijgewassen onder glas
Boomkwekerijgewassen inclusief vaste planten onder glas.
Braakland
Inclusief oppervlakte met groenbemestingsgewassen.
_
Vanaf 1967 inclusief leegstaand bollenland (vóór 1967 bij tuinbouw
gerekend).
_
Vanaf 2002 inclusief natuurbraak en groenbraak.
Natuurbraak is het braak laten liggen van landbouwgronden zonder dat
er ingreep door de mens plaatsvindt (agrarisch natuurbeheer).
Bij groenbraak wordt na de oogst een gewas ingezaaid dat later wordt
omgeploegd om als groenbemester te dienen.
_
Als gevolg van de oorlog is er in de bezettingsjaren een toename van
braakliggend land.
_
Vanaf 1993 is er een toename in de oppervlakte braak en groenbemesting
te zien als gevolg van het in werking treden van de Mac Sharry regeling.
Deze regeling bevorderde dat akkerland uit productie werd genomen, met
als doel de landbouwoverschotten in de Europese landbouw terug te
dringen.
Fruit onder glas
Exclusief aardbeien en meloenen.
Groenbemestingsgewassen
Groenbemestingsgewassen worden onder andere geteeld ter verbetering van
de bodem, de opvang van meststoffen en mineralen, of de bestrijding van
ziekten en onkruid. Veel gebruikte groenbemestingsgewassen zijn lupine,
klaver en grassen.
Suikerbieten
Voederbieten
Zaaiuien
Inclusief uitval.