Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Geslacht Leeftijd Regio's Perioden Totaal personen in huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Totaal in particuliere huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Thuiswonend kind (aantal) Personen in particuliere huishoudens Alleenstaand (aantal) Personen in particuliere huishoudens Samenwonend Totaal samenwonende personen (aantal) Personen in particuliere huishoudens Ouder in eenouderhuishouden (aantal) Personen in particuliere huishoudens Overig lid huishouden (aantal) Personen in institutionele huishoudens (aantal)
Mannen en vrouwen Totaal Veendam 2025 27.687 27.291 6.951 4.618 14.252 1.094 376 396
Mannen en vrouwen 0 tot 5 jaar Veendam 2025 1.134 1.126 1.107 19 8
Mannen en vrouwen 5 tot 10 jaar Veendam 2025 1.184 1.180 1.163 17 4
Mannen en vrouwen 10 tot 15 jaar Veendam 2025 1.489 1.486 1.455 31 3
Mannen en vrouwen 15 tot 20 jaar Veendam 2025 1.649 1.628 1.556 30 13 2 27 21
Mannen en vrouwen 20 tot 25 jaar Veendam 2025 1.508 1.486 1.010 163 250 17 46 22
Mannen en vrouwen 25 tot 30 jaar Veendam 2025 1.539 1.516 355 322 781 37 21 23
Mannen en vrouwen 30 tot 35 jaar Veendam 2025 1.561 1.545 123 298 1.004 96 24 16
Mannen en vrouwen 35 tot 40 jaar Veendam 2025 1.501 1.485 62 244 1.017 147 15 16
Mannen en vrouwen 40 tot 45 jaar Veendam 2025 1.591 1.583 35 243 1.106 183 16 8
Mannen en vrouwen 45 tot 50 jaar Veendam 2025 1.640 1.632 24 238 1.184 168 18 8
Mannen en vrouwen 50 tot 55 jaar Veendam 2025 2.038 2.031 30 317 1.499 170 15 7
Mannen en vrouwen 55 tot 60 jaar Veendam 2025 2.147 2.140 18 386 1.595 118 23 7
Mannen en vrouwen 60 tot 65 jaar Veendam 2025 1.967 1.948 11 398 1.464 55 20 19
Mannen en vrouwen 65 tot 70 jaar Veendam 2025 1.796 1.785 1 379 1.341 39 25 11
Mannen en vrouwen 70 tot 75 jaar Veendam 2025 1.708 1.693 1 430 1.231 15 16 15
Mannen en vrouwen 75 tot 80 jaar Veendam 2025 1.571 1.532 0 449 1.039 22 22 39
Mannen en vrouwen 80 tot 85 jaar Veendam 2025 911 863 0 353 487 10 13 48
Mannen en vrouwen 85 tot 90 jaar Veendam 2025 515 459 0 251 196 7 5 56
Mannen en vrouwen 90 tot 95 jaar Veendam 2025 201 153 0 101 44 6 2 48
Mannen en vrouwen 95 jaar of ouder Veendam 2025 37 20 0 16 1 2 1 17
Mannen Totaal Veendam 2025 13.913 13.729 3.809 2.320 7.149 279 172 184
Mannen 0 tot 5 jaar Veendam 2025 612 609 597 12 3
Mannen 5 tot 10 jaar Veendam 2025 637 634 627 7 3
Mannen 10 tot 15 jaar Veendam 2025 754 751 734 17 3
Mannen 15 tot 20 jaar Veendam 2025 840 825 796 15 7 0 7 15
Mannen 20 tot 25 jaar Veendam 2025 805 794 585 103 83 1 22 11
Mannen 25 tot 30 jaar Veendam 2025 822 805 251 203 342 0 9 17
Mannen 30 tot 35 jaar Veendam 2025 798 787 86 217 459 10 15 11
Mannen 35 tot 40 jaar Veendam 2025 773 762 44 193 499 19 7 11
Mannen 40 tot 45 jaar Veendam 2025 807 805 27 186 549 38 5 2
Mannen 45 tot 50 jaar Veendam 2025 788 784 16 170 547 45 6 4
Mannen 50 tot 55 jaar Veendam 2025 1.055 1.050 23 195 764 60 8 5
Mannen 55 tot 60 jaar Veendam 2025 1.092 1.089 13 211 804 50 11 3
Mannen 60 tot 65 jaar Veendam 2025 994 984 9 200 744 21 10 10
Mannen 65 tot 70 jaar Veendam 2025 876 868 0 158 681 15 14 8
Mannen 70 tot 75 jaar Veendam 2025 815 806 1 143 648 8 6 9
Mannen 75 tot 80 jaar Veendam 2025 767 750 0 159 578 6 7 17
Mannen 80 tot 85 jaar Veendam 2025 392 379 0 76 294 3 6 13
Mannen 85 tot 90 jaar Veendam 2025 209 187 0 67 116 2 2 22
Mannen 90 tot 95 jaar Veendam 2025 66 54 0 20 33 1 0 12
Mannen 95 jaar of ouder Veendam 2025 11 6 0 4 1 0 1 5
Vrouwen Totaal Veendam 2025 13.774 13.562 3.142 2.298 7.103 815 204 212
Vrouwen 0 tot 5 jaar Veendam 2025 522 517 510 7 5
Vrouwen 5 tot 10 jaar Veendam 2025 547 546 536 10 1
Vrouwen 10 tot 15 jaar Veendam 2025 735 735 721 14 0
Vrouwen 15 tot 20 jaar Veendam 2025 809 803 760 15 6 2 20 6
Vrouwen 20 tot 25 jaar Veendam 2025 703 692 425 60 167 16 24 11
Vrouwen 25 tot 30 jaar Veendam 2025 717 711 104 119 439 37 12 6
Vrouwen 30 tot 35 jaar Veendam 2025 763 758 37 81 545 86 9 5
Vrouwen 35 tot 40 jaar Veendam 2025 728 723 18 51 518 128 8 5
Vrouwen 40 tot 45 jaar Veendam 2025 784 778 8 57 557 145 11 6
Vrouwen 45 tot 50 jaar Veendam 2025 852 848 8 68 637 123 12 4
Vrouwen 50 tot 55 jaar Veendam 2025 983 981 7 122 735 110 7 2
Vrouwen 55 tot 60 jaar Veendam 2025 1.055 1.051 5 175 791 68 12 4
Vrouwen 60 tot 65 jaar Veendam 2025 973 964 2 198 720 34 10 9
Vrouwen 65 tot 70 jaar Veendam 2025 920 917 1 221 660 24 11 3
Vrouwen 70 tot 75 jaar Veendam 2025 893 887 0 287 583 7 10 6
Vrouwen 75 tot 80 jaar Veendam 2025 804 782 0 290 461 16 15 22
Vrouwen 80 tot 85 jaar Veendam 2025 519 484 0 277 193 7 7 35
Vrouwen 85 tot 90 jaar Veendam 2025 306 272 0 184 80 5 3 34
Vrouwen 90 tot 95 jaar Veendam 2025 135 99 0 81 11 5 2 36
Vrouwen 95 jaar of ouder Veendam 2025 26 14 0 12 0 2 0 12
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Personen in Nederland wonend in een particulier of institutioneel huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio op 1 januari.
De volgende uitsplitsingen zijn mogelijk:
- Personen in alle huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in particuliere huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in institutionele huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio.

De in de tabel opgenomen regio's zijn landsdelen, provincies, COROP-gebieden en gemeenten.

De gepresenteerde regiototalen betreffen samentellingen van gemeenten. In geval van grenswijzigingen die over verschillende regiogrenzen heen gaan is de indeling van de gemeenten gegroepeerd naar de meest recente situatie.
Bijvoorbeeld: voor de gemeente Vianen, die per 1 januari 2002 is overgegaan van de provincie Zuid-Holland naar de provincie Utrecht, geldt dat ze in de tabel is gegroepeerd in de provincie Utrecht.

De regionale cijfers over de institutionele bevolking vertonen van jaar op jaar soms moeilijk te verklaren schommelingen. De gehanteerde methodiek is gebaseerd op typering van adresbewoning op basis van secundaire bronnen. Niet in alle gevallen valt de typering perfect uit. Dat kan komen doordat een adres van functie is veranderd, bij voorbeeld van zorginstelling naar huisvesting van (voormalige) asielzoekers, zonder dat het CBS daar kennis van heeft genomen. In andere situaties kan het voorkomen dat een adres het ene jaar wel en het andere jaar niet boven de gehanteerde drempelwaarden blijft qua aantal institutionele bewoners die gelden voor het afbakenen van institutionele adressen. Indirect hebben dergelijke schommelingen ook effect op het aantal eenpersoonshuishoudens.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2000

Status van de cijfers:
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 18 juli 2025:
De cijfers per 1 januari 2025 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers uit?
In het 3e kwartaal van 2026 worden cijfers per 1 januari 2026 toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Totaal personen in huishoudens
Totaal aantal personen in zowel particuliere als institutionele huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Personen in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.
Totaal in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.
Thuiswonend kind
Thuiswonende kinderen in particuliere huishoudens.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Alleenstaand
Alleenstaande personen in particuliere huishoudens.

Alleenstaand:
Persoon die alleen in een woonruimte woont en een eenpersoonshuishouden vormt.
Tot alleenstaanden worden ook personen gerekend die met anderen op eenzelfde adres wonen maar een eigen huishouding voeren.
Alleenstaanden kunnen een relatie hebben en zelfs gehuwd zijn met een persoon met wie ze niet samenwonen.
Samenwonend
Samenwonende personen in particuliere huishoudens.

Samenwonende persoon:
Persoon die samen met iemand anders als paar, al dan niet met elkaar gehuwd, al dan niet als geregistreerd partners en al dan niet met kinderen, een particulier huishouden vormt.
Totaal samenwonende personen
Ouder in eenouderhuishouden
Persoon in een particulier huishouden die een ouder-kindrelatie heeft met één of meer thuiswonende kinderen en die geen partner heeft in hetzelfde huishouden.

Eenouderhuishouden:
Particulier huishouden bestaande uit één ouder met één of meer thuiswonende kinderen.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Overig lid huishouden
Overige leden in particuliere huishoudens.

Overig lid huishouden:
Persoon die anders dan als partner, ouder in een eenouderhuishouden of als thuiswonend kind deel uitmaakt van een particulier huishouden.
Te denken valt hierbij bijvoorbeeld aan een kostganger die bij een gezin inwoont, een persoon die samen met een broer of zus één huishouden vormt, of een pleegkind.
Personen in institutionele huishoudens
Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.