Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Geslacht Leeftijd Regio's Perioden Totaal personen in huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Totaal in particuliere huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Thuiswonend kind (aantal) Personen in particuliere huishoudens Alleenstaand (aantal) Personen in particuliere huishoudens Samenwonend Totaal samenwonende personen (aantal) Personen in particuliere huishoudens Ouder in eenouderhuishouden (aantal) Personen in particuliere huishoudens Overig lid huishouden (aantal) Personen in institutionele huishoudens (aantal)
Mannen en vrouwen Totaal Tiel 2025 42.575 41.798 11.608 7.280 20.694 1.541 675 777
Mannen en vrouwen 0 tot 5 jaar Tiel 2025 1.931 1.930 1.902 28 1
Mannen en vrouwen 5 tot 10 jaar Tiel 2025 2.008 2.007 1.971 36 1
Mannen en vrouwen 10 tot 15 jaar Tiel 2025 2.229 2.226 2.184 42 3
Mannen en vrouwen 15 tot 20 jaar Tiel 2025 2.379 2.368 2.272 42 8 3 43 11
Mannen en vrouwen 20 tot 25 jaar Tiel 2025 2.665 2.624 1.963 288 287 15 71 41
Mannen en vrouwen 25 tot 30 jaar Tiel 2025 2.742 2.686 774 630 1.171 48 63 56
Mannen en vrouwen 30 tot 35 jaar Tiel 2025 2.887 2.845 257 631 1.793 97 67 42
Mannen en vrouwen 35 tot 40 jaar Tiel 2025 2.704 2.676 111 538 1.812 175 40 28
Mannen en vrouwen 40 tot 45 jaar Tiel 2025 2.564 2.539 58 477 1.763 205 36 25
Mannen en vrouwen 45 tot 50 jaar Tiel 2025 2.704 2.679 48 501 1.867 239 24 25
Mannen en vrouwen 50 tot 55 jaar Tiel 2025 3.091 3.066 31 530 2.211 258 36 25
Mannen en vrouwen 55 tot 60 jaar Tiel 2025 3.209 3.172 23 581 2.299 223 46 37
Mannen en vrouwen 60 tot 65 jaar Tiel 2025 2.937 2.898 8 582 2.164 113 31 39
Mannen en vrouwen 65 tot 70 jaar Tiel 2025 2.443 2.421 5 562 1.759 61 34 22
Mannen en vrouwen 70 tot 75 jaar Tiel 2025 2.110 2.062 1 555 1.443 36 27 48
Mannen en vrouwen 75 tot 80 jaar Tiel 2025 2.023 1.928 0 580 1.301 26 21 95
Mannen en vrouwen 80 tot 85 jaar Tiel 2025 1.100 1.020 0 415 568 20 17 80
Mannen en vrouwen 85 tot 90 jaar Tiel 2025 585 482 0 247 214 10 11 103
Mannen en vrouwen 90 tot 95 jaar Tiel 2025 216 143 0 100 32 10 1 73
Mannen en vrouwen 95 jaar of ouder Tiel 2025 48 26 0 21 2 2 1 22
Mannen Totaal Tiel 2025 21.334 20.992 6.236 3.719 10.353 333 351 342
Mannen 0 tot 5 jaar Tiel 2025 1.013 1.013 994 19 0
Mannen 5 tot 10 jaar Tiel 2025 1.024 1.023 1.012 11 1
Mannen 10 tot 15 jaar Tiel 2025 1.126 1.125 1.105 20 1
Mannen 15 tot 20 jaar Tiel 2025 1.229 1.222 1.169 27 4 0 22 7
Mannen 20 tot 25 jaar Tiel 2025 1.370 1.344 1.068 153 81 0 42 26
Mannen 25 tot 30 jaar Tiel 2025 1.467 1.439 516 386 503 3 31 28
Mannen 30 tot 35 jaar Tiel 2025 1.482 1.458 165 418 826 6 43 24
Mannen 35 tot 40 jaar Tiel 2025 1.416 1.398 84 378 894 20 22 18
Mannen 40 tot 45 jaar Tiel 2025 1.258 1.241 40 331 820 28 22 17
Mannen 45 tot 50 jaar Tiel 2025 1.365 1.346 35 327 921 49 14 19
Mannen 50 tot 55 jaar Tiel 2025 1.540 1.526 24 319 1.098 64 21 14
Mannen 55 tot 60 jaar Tiel 2025 1.602 1.578 17 290 1.172 75 24 24
Mannen 60 tot 65 jaar Tiel 2025 1.494 1.476 4 272 1.145 38 17 18
Mannen 65 tot 70 jaar Tiel 2025 1.158 1.148 2 215 893 20 18 10
Mannen 70 tot 75 jaar Tiel 2025 996 982 1 186 775 9 11 14
Mannen 75 tot 80 jaar Tiel 2025 954 919 0 199 701 14 5 35
Mannen 80 tot 85 jaar Tiel 2025 517 485 0 124 352 2 7 32
Mannen 85 tot 90 jaar Tiel 2025 247 214 0 69 141 2 2 33
Mannen 90 tot 95 jaar Tiel 2025 64 48 0 20 25 3 0 16
Mannen 95 jaar of ouder Tiel 2025 12 7 0 5 2 0 0 5
Vrouwen Totaal Tiel 2025 21.241 20.806 5.372 3.561 10.341 1.208 324 435
Vrouwen 0 tot 5 jaar Tiel 2025 918 917 908 9 1
Vrouwen 5 tot 10 jaar Tiel 2025 984 984 959 25 0
Vrouwen 10 tot 15 jaar Tiel 2025 1.103 1.101 1.079 22 2
Vrouwen 15 tot 20 jaar Tiel 2025 1.150 1.146 1.103 15 4 3 21 4
Vrouwen 20 tot 25 jaar Tiel 2025 1.295 1.280 895 135 206 15 29 15
Vrouwen 25 tot 30 jaar Tiel 2025 1.275 1.247 258 244 668 45 32 28
Vrouwen 30 tot 35 jaar Tiel 2025 1.405 1.387 92 213 967 91 24 18
Vrouwen 35 tot 40 jaar Tiel 2025 1.288 1.278 27 160 918 155 18 10
Vrouwen 40 tot 45 jaar Tiel 2025 1.306 1.298 18 146 943 177 14 8
Vrouwen 45 tot 50 jaar Tiel 2025 1.339 1.333 13 174 946 190 10 6
Vrouwen 50 tot 55 jaar Tiel 2025 1.551 1.540 7 211 1.113 194 15 11
Vrouwen 55 tot 60 jaar Tiel 2025 1.607 1.594 6 291 1.127 148 22 13
Vrouwen 60 tot 65 jaar Tiel 2025 1.443 1.422 4 310 1.019 75 14 21
Vrouwen 65 tot 70 jaar Tiel 2025 1.285 1.273 3 347 866 41 16 12
Vrouwen 70 tot 75 jaar Tiel 2025 1.114 1.080 0 369 668 27 16 34
Vrouwen 75 tot 80 jaar Tiel 2025 1.069 1.009 0 381 600 12 16 60
Vrouwen 80 tot 85 jaar Tiel 2025 583 535 0 291 216 18 10 48
Vrouwen 85 tot 90 jaar Tiel 2025 338 268 0 178 73 8 9 70
Vrouwen 90 tot 95 jaar Tiel 2025 152 95 0 80 7 7 1 57
Vrouwen 95 jaar of ouder Tiel 2025 36 19 0 16 0 2 1 17
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Personen in Nederland wonend in een particulier of institutioneel huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio op 1 januari.
De volgende uitsplitsingen zijn mogelijk:
- Personen in alle huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in particuliere huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in institutionele huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio.

De in de tabel opgenomen regio's zijn landsdelen, provincies, COROP-gebieden en gemeenten.

De gepresenteerde regiototalen betreffen samentellingen van gemeenten. In geval van grenswijzigingen die over verschillende regiogrenzen heen gaan is de indeling van de gemeenten gegroepeerd naar de meest recente situatie.
Bijvoorbeeld: voor de gemeente Vianen, die per 1 januari 2002 is overgegaan van de provincie Zuid-Holland naar de provincie Utrecht, geldt dat ze in de tabel is gegroepeerd in de provincie Utrecht.

De regionale cijfers over de institutionele bevolking vertonen van jaar op jaar soms moeilijk te verklaren schommelingen. De gehanteerde methodiek is gebaseerd op typering van adresbewoning op basis van secundaire bronnen. Niet in alle gevallen valt de typering perfect uit. Dat kan komen doordat een adres van functie is veranderd, bij voorbeeld van zorginstelling naar huisvesting van (voormalige) asielzoekers, zonder dat het CBS daar kennis van heeft genomen. In andere situaties kan het voorkomen dat een adres het ene jaar wel en het andere jaar niet boven de gehanteerde drempelwaarden blijft qua aantal institutionele bewoners die gelden voor het afbakenen van institutionele adressen. Indirect hebben dergelijke schommelingen ook effect op het aantal eenpersoonshuishoudens.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2000

Status van de cijfers:
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 18 juli 2025:
De cijfers per 1 januari 2025 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers uit?
In het 3e kwartaal van 2026 worden cijfers per 1 januari 2026 toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Totaal personen in huishoudens
Totaal aantal personen in zowel particuliere als institutionele huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Personen in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.
Totaal in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.
Thuiswonend kind
Thuiswonende kinderen in particuliere huishoudens.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Alleenstaand
Alleenstaande personen in particuliere huishoudens.

Alleenstaand:
Persoon die alleen in een woonruimte woont en een eenpersoonshuishouden vormt.
Tot alleenstaanden worden ook personen gerekend die met anderen op eenzelfde adres wonen maar een eigen huishouding voeren.
Alleenstaanden kunnen een relatie hebben en zelfs gehuwd zijn met een persoon met wie ze niet samenwonen.
Samenwonend
Samenwonende personen in particuliere huishoudens.

Samenwonende persoon:
Persoon die samen met iemand anders als paar, al dan niet met elkaar gehuwd, al dan niet als geregistreerd partners en al dan niet met kinderen, een particulier huishouden vormt.
Totaal samenwonende personen
Ouder in eenouderhuishouden
Persoon in een particulier huishouden die een ouder-kindrelatie heeft met één of meer thuiswonende kinderen en die geen partner heeft in hetzelfde huishouden.

Eenouderhuishouden:
Particulier huishouden bestaande uit één ouder met één of meer thuiswonende kinderen.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Overig lid huishouden
Overige leden in particuliere huishoudens.

Overig lid huishouden:
Persoon die anders dan als partner, ouder in een eenouderhuishouden of als thuiswonend kind deel uitmaakt van een particulier huishouden.
Te denken valt hierbij bijvoorbeeld aan een kostganger die bij een gezin inwoont, een persoon die samen met een broer of zus één huishouden vormt, of een pleegkind.
Personen in institutionele huishoudens
Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.