Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Geslacht Leeftijd Regio's Perioden Totaal personen in huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Totaal in particuliere huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Thuiswonend kind (aantal) Personen in particuliere huishoudens Alleenstaand (aantal) Personen in particuliere huishoudens Samenwonend Totaal samenwonende personen (aantal) Personen in particuliere huishoudens Ouder in eenouderhuishouden (aantal) Personen in particuliere huishoudens Overig lid huishouden (aantal) Personen in institutionele huishoudens (aantal)
Mannen en vrouwen Totaal Rotterdam 2025 672.960 659.764 169.921 169.243 266.986 35.506 18.108 13.196
Mannen en vrouwen 0 tot 5 jaar Rotterdam 2025 33.284 33.053 32.239 814 231
Mannen en vrouwen 5 tot 10 jaar Rotterdam 2025 33.071 32.869 32.305 564 202
Mannen en vrouwen 10 tot 15 jaar Rotterdam 2025 33.923 33.698 33.058 640 225
Mannen en vrouwen 15 tot 20 jaar Rotterdam 2025 36.885 36.298 30.640 3.632 908 42 1.076 587
Mannen en vrouwen 20 tot 25 jaar Rotterdam 2025 55.231 54.164 21.327 19.158 9.535 543 3.601 1.067
Mannen en vrouwen 25 tot 30 jaar Rotterdam 2025 61.994 60.870 10.319 21.043 24.743 1.636 3.129 1.124
Mannen en vrouwen 30 tot 35 jaar Rotterdam 2025 58.081 57.042 4.388 16.461 31.042 3.322 1.829 1.039
Mannen en vrouwen 35 tot 40 jaar Rotterdam 2025 50.046 49.122 2.394 11.923 28.938 4.753 1.114 924
Mannen en vrouwen 40 tot 45 jaar Rotterdam 2025 43.807 42.979 1.327 9.645 25.874 5.366 767 828
Mannen en vrouwen 45 tot 50 jaar Rotterdam 2025 39.455 38.771 767 8.760 23.501 5.067 676 684
Mannen en vrouwen 50 tot 55 jaar Rotterdam 2025 41.090 40.491 600 10.079 24.091 5.019 702 599
Mannen en vrouwen 55 tot 60 jaar Rotterdam 2025 40.381 39.890 349 11.639 23.201 3.904 797 491
Mannen en vrouwen 60 tot 65 jaar Rotterdam 2025 38.318 37.885 153 12.499 22.133 2.438 662 433
Mannen en vrouwen 65 tot 70 jaar Rotterdam 2025 32.382 31.948 41 11.953 17.978 1.402 574 434
Mannen en vrouwen 70 tot 75 jaar Rotterdam 2025 26.058 25.524 12 10.043 14.119 844 506 534
Mannen en vrouwen 75 tot 80 jaar Rotterdam 2025 22.608 21.881 2 9.268 11.710 576 325 727
Mannen en vrouwen 80 tot 85 jaar Rotterdam 2025 13.779 12.935 0 6.367 6.065 314 189 844
Mannen en vrouwen 85 tot 90 jaar Rotterdam 2025 8.102 7.065 0 4.296 2.484 192 93 1.037
Mannen en vrouwen 90 tot 95 jaar Rotterdam 2025 3.504 2.706 0 1.988 606 74 38 798
Mannen en vrouwen 95 jaar of ouder Rotterdam 2025 961 573 0 489 58 14 12 388
Mannen Totaal Rotterdam 2025 333.476 325.574 90.793 86.010 134.912 4.577 9.282 7.902
Mannen 0 tot 5 jaar Rotterdam 2025 17.080 16.957 16.534 423 123
Mannen 5 tot 10 jaar Rotterdam 2025 17.019 16.906 16.641 265 113
Mannen 10 tot 15 jaar Rotterdam 2025 17.504 17.357 17.008 349 147
Mannen 15 tot 20 jaar Rotterdam 2025 18.712 18.308 15.648 1.708 397 2 553 404
Mannen 20 tot 25 jaar Rotterdam 2025 26.790 26.024 11.664 8.983 3.665 3 1.709 766
Mannen 25 tot 30 jaar Rotterdam 2025 30.958 30.083 6.220 11.271 10.986 31 1.575 875
Mannen 30 tot 35 jaar Rotterdam 2025 29.647 28.846 2.941 9.681 15.136 105 983 801
Mannen 35 tot 40 jaar Rotterdam 2025 25.482 24.784 1.724 7.670 14.513 213 664 698
Mannen 40 tot 45 jaar Rotterdam 2025 21.951 21.339 1.004 6.547 12.887 443 458 612
Mannen 45 tot 50 jaar Rotterdam 2025 19.841 19.318 594 5.848 11.874 602 400 523
Mannen 50 tot 55 jaar Rotterdam 2025 20.550 20.112 428 6.221 12.281 808 374 438
Mannen 55 tot 60 jaar Rotterdam 2025 20.286 19.926 252 6.353 12.032 866 423 360
Mannen 60 tot 65 jaar Rotterdam 2025 18.863 18.560 97 6.030 11.488 614 331 303
Mannen 65 tot 70 jaar Rotterdam 2025 15.639 15.360 29 5.178 9.509 371 273 279
Mannen 70 tot 75 jaar Rotterdam 2025 12.252 11.964 9 3.847 7.640 238 230 288
Mannen 75 tot 80 jaar Rotterdam 2025 10.443 10.135 0 3.149 6.692 142 152 308
Mannen 80 tot 85 jaar Rotterdam 2025 5.953 5.653 0 1.820 3.676 80 77 300
Mannen 85 tot 90 jaar Rotterdam 2025 3.155 2.852 0 1.122 1.655 44 31 303
Mannen 90 tot 95 jaar Rotterdam 2025 1.120 932 0 475 434 13 10 188
Mannen 95 jaar of ouder Rotterdam 2025 231 158 0 107 47 2 2 73
Vrouwen Totaal Rotterdam 2025 339.484 334.190 79.128 83.233 132.074 30.929 8.826 5.294
Vrouwen 0 tot 5 jaar Rotterdam 2025 16.204 16.096 15.705 391 108
Vrouwen 5 tot 10 jaar Rotterdam 2025 16.052 15.963 15.664 299 89
Vrouwen 10 tot 15 jaar Rotterdam 2025 16.419 16.341 16.050 291 78
Vrouwen 15 tot 20 jaar Rotterdam 2025 18.173 17.990 14.992 1.924 511 40 523 183
Vrouwen 20 tot 25 jaar Rotterdam 2025 28.441 28.140 9.663 10.175 5.870 540 1.892 301
Vrouwen 25 tot 30 jaar Rotterdam 2025 31.036 30.787 4.099 9.772 13.757 1.605 1.554 249
Vrouwen 30 tot 35 jaar Rotterdam 2025 28.434 28.196 1.447 6.780 15.906 3.217 846 238
Vrouwen 35 tot 40 jaar Rotterdam 2025 24.564 24.338 670 4.253 14.425 4.540 450 226
Vrouwen 40 tot 45 jaar Rotterdam 2025 21.856 21.640 323 3.098 12.987 4.923 309 216
Vrouwen 45 tot 50 jaar Rotterdam 2025 19.614 19.453 173 2.912 11.627 4.465 276 161
Vrouwen 50 tot 55 jaar Rotterdam 2025 20.540 20.379 172 3.858 11.810 4.211 328 161
Vrouwen 55 tot 60 jaar Rotterdam 2025 20.095 19.964 97 5.286 11.169 3.038 374 131
Vrouwen 60 tot 65 jaar Rotterdam 2025 19.455 19.325 56 6.469 10.645 1.824 331 130
Vrouwen 65 tot 70 jaar Rotterdam 2025 16.743 16.588 12 6.775 8.469 1.031 301 155
Vrouwen 70 tot 75 jaar Rotterdam 2025 13.806 13.560 3 6.196 6.479 606 276 246
Vrouwen 75 tot 80 jaar Rotterdam 2025 12.165 11.746 2 6.119 5.018 434 173 419
Vrouwen 80 tot 85 jaar Rotterdam 2025 7.826 7.282 0 4.547 2.389 234 112 544
Vrouwen 85 tot 90 jaar Rotterdam 2025 4.947 4.213 0 3.174 829 148 62 734
Vrouwen 90 tot 95 jaar Rotterdam 2025 2.384 1.774 0 1.513 172 61 28 610
Vrouwen 95 jaar of ouder Rotterdam 2025 730 415 0 382 11 12 10 315
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Personen in Nederland wonend in een particulier of institutioneel huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio op 1 januari.
De volgende uitsplitsingen zijn mogelijk:
- Personen in alle huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in particuliere huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in institutionele huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio.

De in de tabel opgenomen regio's zijn landsdelen, provincies, COROP-gebieden en gemeenten.

De gepresenteerde regiototalen betreffen samentellingen van gemeenten. In geval van grenswijzigingen die over verschillende regiogrenzen heen gaan is de indeling van de gemeenten gegroepeerd naar de meest recente situatie.
Bijvoorbeeld: voor de gemeente Vianen, die per 1 januari 2002 is overgegaan van de provincie Zuid-Holland naar de provincie Utrecht, geldt dat ze in de tabel is gegroepeerd in de provincie Utrecht.

De regionale cijfers over de institutionele bevolking vertonen van jaar op jaar soms moeilijk te verklaren schommelingen. De gehanteerde methodiek is gebaseerd op typering van adresbewoning op basis van secundaire bronnen. Niet in alle gevallen valt de typering perfect uit. Dat kan komen doordat een adres van functie is veranderd, bij voorbeeld van zorginstelling naar huisvesting van (voormalige) asielzoekers, zonder dat het CBS daar kennis van heeft genomen. In andere situaties kan het voorkomen dat een adres het ene jaar wel en het andere jaar niet boven de gehanteerde drempelwaarden blijft qua aantal institutionele bewoners die gelden voor het afbakenen van institutionele adressen. Indirect hebben dergelijke schommelingen ook effect op het aantal eenpersoonshuishoudens.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2000

Status van de cijfers:
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 18 juli 2025:
De cijfers per 1 januari 2025 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers uit?
In het 3e kwartaal van 2026 worden cijfers per 1 januari 2026 toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Totaal personen in huishoudens
Totaal aantal personen in zowel particuliere als institutionele huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Personen in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.
Totaal in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.
Thuiswonend kind
Thuiswonende kinderen in particuliere huishoudens.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Alleenstaand
Alleenstaande personen in particuliere huishoudens.

Alleenstaand:
Persoon die alleen in een woonruimte woont en een eenpersoonshuishouden vormt.
Tot alleenstaanden worden ook personen gerekend die met anderen op eenzelfde adres wonen maar een eigen huishouding voeren.
Alleenstaanden kunnen een relatie hebben en zelfs gehuwd zijn met een persoon met wie ze niet samenwonen.
Samenwonend
Samenwonende personen in particuliere huishoudens.

Samenwonende persoon:
Persoon die samen met iemand anders als paar, al dan niet met elkaar gehuwd, al dan niet als geregistreerd partners en al dan niet met kinderen, een particulier huishouden vormt.
Totaal samenwonende personen
Ouder in eenouderhuishouden
Persoon in een particulier huishouden die een ouder-kindrelatie heeft met één of meer thuiswonende kinderen en die geen partner heeft in hetzelfde huishouden.

Eenouderhuishouden:
Particulier huishouden bestaande uit één ouder met één of meer thuiswonende kinderen.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Overig lid huishouden
Overige leden in particuliere huishoudens.

Overig lid huishouden:
Persoon die anders dan als partner, ouder in een eenouderhuishouden of als thuiswonend kind deel uitmaakt van een particulier huishouden.
Te denken valt hierbij bijvoorbeeld aan een kostganger die bij een gezin inwoont, een persoon die samen met een broer of zus één huishouden vormt, of een pleegkind.
Personen in institutionele huishoudens
Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.