Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Geslacht Leeftijd Regio's Perioden Totaal personen in huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Totaal in particuliere huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Thuiswonend kind (aantal) Personen in particuliere huishoudens Alleenstaand (aantal) Personen in particuliere huishoudens Samenwonend Totaal samenwonende personen (aantal) Personen in particuliere huishoudens Ouder in eenouderhuishouden (aantal) Personen in particuliere huishoudens Overig lid huishouden (aantal) Personen in institutionele huishoudens (aantal)
Mannen en vrouwen Totaal Oldenzaal 2025 32.021 31.522 8.605 5.235 16.334 1.029 319 499
Mannen en vrouwen 0 tot 5 jaar Oldenzaal 2025 1.296 1.295 1.282 13 1
Mannen en vrouwen 5 tot 10 jaar Oldenzaal 2025 1.421 1.420 1.409 11 1
Mannen en vrouwen 10 tot 15 jaar Oldenzaal 2025 1.801 1.801 1.778 23 0
Mannen en vrouwen 15 tot 20 jaar Oldenzaal 2025 2.010 2.010 1.947 33 3 1 26 0
Mannen en vrouwen 20 tot 25 jaar Oldenzaal 2025 1.705 1.696 1.347 161 139 9 40 9
Mannen en vrouwen 25 tot 30 jaar Oldenzaal 2025 1.742 1.734 530 384 765 20 35 8
Mannen en vrouwen 30 tot 35 jaar Oldenzaal 2025 1.755 1.746 142 384 1.159 37 24 9
Mannen en vrouwen 35 tot 40 jaar Oldenzaal 2025 1.700 1.691 56 227 1.300 95 13 9
Mannen en vrouwen 40 tot 45 jaar Oldenzaal 2025 1.702 1.685 29 232 1.281 133 10 17
Mannen en vrouwen 45 tot 50 jaar Oldenzaal 2025 1.952 1.941 27 246 1.443 206 19 11
Mannen en vrouwen 50 tot 55 jaar Oldenzaal 2025 2.217 2.206 29 337 1.652 176 12 11
Mannen en vrouwen 55 tot 60 jaar Oldenzaal 2025 2.314 2.300 21 396 1.711 162 10 14
Mannen en vrouwen 60 tot 65 jaar Oldenzaal 2025 2.291 2.273 6 439 1.737 82 9 18
Mannen en vrouwen 65 tot 70 jaar Oldenzaal 2025 2.109 2.085 2 446 1.569 44 24 24
Mannen en vrouwen 70 tot 75 jaar Oldenzaal 2025 1.960 1.934 0 455 1.449 16 14 26
Mannen en vrouwen 75 tot 80 jaar Oldenzaal 2025 1.902 1.857 0 575 1.253 17 12 45
Mannen en vrouwen 80 tot 85 jaar Oldenzaal 2025 1.147 1.068 0 441 600 15 12 79
Mannen en vrouwen 85 tot 90 jaar Oldenzaal 2025 685 590 0 343 227 11 9 95
Mannen en vrouwen 90 tot 95 jaar Oldenzaal 2025 248 159 0 111 43 5 0 89
Mannen en vrouwen 95 jaar of ouder Oldenzaal 2025 64 31 0 25 3 0 3 33
Mannen Totaal Oldenzaal 2025 15.844 15.647 4.659 2.413 8.185 238 152 197
Mannen 0 tot 5 jaar Oldenzaal 2025 671 671 665 6 0
Mannen 5 tot 10 jaar Oldenzaal 2025 704 703 700 3 1
Mannen 10 tot 15 jaar Oldenzaal 2025 913 913 903 10 0
Mannen 15 tot 20 jaar Oldenzaal 2025 1.027 1.027 999 13 1 0 14 0
Mannen 20 tot 25 jaar Oldenzaal 2025 942 937 806 75 39 0 17 5
Mannen 25 tot 30 jaar Oldenzaal 2025 898 895 357 217 299 0 22 3
Mannen 30 tot 35 jaar Oldenzaal 2025 929 922 98 259 550 2 13 7
Mannen 35 tot 40 jaar Oldenzaal 2025 864 856 37 155 646 11 7 8
Mannen 40 tot 45 jaar Oldenzaal 2025 875 864 23 173 635 30 3 11
Mannen 45 tot 50 jaar Oldenzaal 2025 935 930 18 171 682 52 7 5
Mannen 50 tot 55 jaar Oldenzaal 2025 1.127 1.121 26 205 833 51 6 6
Mannen 55 tot 60 jaar Oldenzaal 2025 1.120 1.110 19 215 835 35 6 10
Mannen 60 tot 65 jaar Oldenzaal 2025 1.140 1.129 6 204 886 28 5 11
Mannen 65 tot 70 jaar Oldenzaal 2025 1.027 1.011 2 182 803 14 10 16
Mannen 70 tot 75 jaar Oldenzaal 2025 936 922 0 154 756 5 7 14
Mannen 75 tot 80 jaar Oldenzaal 2025 853 834 0 141 682 4 7 19
Mannen 80 tot 85 jaar Oldenzaal 2025 505 478 0 111 359 3 5 27
Mannen 85 tot 90 jaar Oldenzaal 2025 275 247 0 96 146 2 3 28
Mannen 90 tot 95 jaar Oldenzaal 2025 86 63 0 31 31 1 0 23
Mannen 95 jaar of ouder Oldenzaal 2025 17 14 0 11 2 0 1 3
Vrouwen Totaal Oldenzaal 2025 16.177 15.875 3.946 2.822 8.149 791 167 302
Vrouwen 0 tot 5 jaar Oldenzaal 2025 625 624 617 7 1
Vrouwen 5 tot 10 jaar Oldenzaal 2025 717 717 709 8 0
Vrouwen 10 tot 15 jaar Oldenzaal 2025 888 888 875 13 0
Vrouwen 15 tot 20 jaar Oldenzaal 2025 983 983 948 20 2 1 12 0
Vrouwen 20 tot 25 jaar Oldenzaal 2025 763 759 541 86 100 9 23 4
Vrouwen 25 tot 30 jaar Oldenzaal 2025 844 839 173 167 466 20 13 5
Vrouwen 30 tot 35 jaar Oldenzaal 2025 826 824 44 125 609 35 11 2
Vrouwen 35 tot 40 jaar Oldenzaal 2025 836 835 19 72 654 84 6 1
Vrouwen 40 tot 45 jaar Oldenzaal 2025 827 821 6 59 646 103 7 6
Vrouwen 45 tot 50 jaar Oldenzaal 2025 1.017 1.011 9 75 761 154 12 6
Vrouwen 50 tot 55 jaar Oldenzaal 2025 1.090 1.085 3 132 819 125 6 5
Vrouwen 55 tot 60 jaar Oldenzaal 2025 1.194 1.190 2 181 876 127 4 4
Vrouwen 60 tot 65 jaar Oldenzaal 2025 1.151 1.144 0 235 851 54 4 7
Vrouwen 65 tot 70 jaar Oldenzaal 2025 1.082 1.074 0 264 766 30 14 8
Vrouwen 70 tot 75 jaar Oldenzaal 2025 1.024 1.012 0 301 693 11 7 12
Vrouwen 75 tot 80 jaar Oldenzaal 2025 1.049 1.023 0 434 571 13 5 26
Vrouwen 80 tot 85 jaar Oldenzaal 2025 642 590 0 330 241 12 7 52
Vrouwen 85 tot 90 jaar Oldenzaal 2025 410 343 0 247 81 9 6 67
Vrouwen 90 tot 95 jaar Oldenzaal 2025 162 96 0 80 12 4 0 66
Vrouwen 95 jaar of ouder Oldenzaal 2025 47 17 0 14 1 0 2 30
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Personen in Nederland wonend in een particulier of institutioneel huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio op 1 januari.
De volgende uitsplitsingen zijn mogelijk:
- Personen in alle huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in particuliere huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in institutionele huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio.

De in de tabel opgenomen regio's zijn landsdelen, provincies, COROP-gebieden en gemeenten.

De gepresenteerde regiototalen betreffen samentellingen van gemeenten. In geval van grenswijzigingen die over verschillende regiogrenzen heen gaan is de indeling van de gemeenten gegroepeerd naar de meest recente situatie.
Bijvoorbeeld: voor de gemeente Vianen, die per 1 januari 2002 is overgegaan van de provincie Zuid-Holland naar de provincie Utrecht, geldt dat ze in de tabel is gegroepeerd in de provincie Utrecht.

De regionale cijfers over de institutionele bevolking vertonen van jaar op jaar soms moeilijk te verklaren schommelingen. De gehanteerde methodiek is gebaseerd op typering van adresbewoning op basis van secundaire bronnen. Niet in alle gevallen valt de typering perfect uit. Dat kan komen doordat een adres van functie is veranderd, bij voorbeeld van zorginstelling naar huisvesting van (voormalige) asielzoekers, zonder dat het CBS daar kennis van heeft genomen. In andere situaties kan het voorkomen dat een adres het ene jaar wel en het andere jaar niet boven de gehanteerde drempelwaarden blijft qua aantal institutionele bewoners die gelden voor het afbakenen van institutionele adressen. Indirect hebben dergelijke schommelingen ook effect op het aantal eenpersoonshuishoudens.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2000

Status van de cijfers:
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 18 juli 2025:
De cijfers per 1 januari 2025 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers uit?
In het 3e kwartaal van 2026 worden cijfers per 1 januari 2026 toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Totaal personen in huishoudens
Totaal aantal personen in zowel particuliere als institutionele huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Personen in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.
Totaal in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.
Thuiswonend kind
Thuiswonende kinderen in particuliere huishoudens.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Alleenstaand
Alleenstaande personen in particuliere huishoudens.

Alleenstaand:
Persoon die alleen in een woonruimte woont en een eenpersoonshuishouden vormt.
Tot alleenstaanden worden ook personen gerekend die met anderen op eenzelfde adres wonen maar een eigen huishouding voeren.
Alleenstaanden kunnen een relatie hebben en zelfs gehuwd zijn met een persoon met wie ze niet samenwonen.
Samenwonend
Samenwonende personen in particuliere huishoudens.

Samenwonende persoon:
Persoon die samen met iemand anders als paar, al dan niet met elkaar gehuwd, al dan niet als geregistreerd partners en al dan niet met kinderen, een particulier huishouden vormt.
Totaal samenwonende personen
Ouder in eenouderhuishouden
Persoon in een particulier huishouden die een ouder-kindrelatie heeft met één of meer thuiswonende kinderen en die geen partner heeft in hetzelfde huishouden.

Eenouderhuishouden:
Particulier huishouden bestaande uit één ouder met één of meer thuiswonende kinderen.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Overig lid huishouden
Overige leden in particuliere huishoudens.

Overig lid huishouden:
Persoon die anders dan als partner, ouder in een eenouderhuishouden of als thuiswonend kind deel uitmaakt van een particulier huishouden.
Te denken valt hierbij bijvoorbeeld aan een kostganger die bij een gezin inwoont, een persoon die samen met een broer of zus één huishouden vormt, of een pleegkind.
Personen in institutionele huishoudens
Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.