Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Geslacht Leeftijd Regio's Perioden Totaal personen in huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Totaal in particuliere huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Thuiswonend kind (aantal) Personen in particuliere huishoudens Alleenstaand (aantal) Personen in particuliere huishoudens Samenwonend Totaal samenwonende personen (aantal) Personen in particuliere huishoudens Ouder in eenouderhuishouden (aantal) Personen in particuliere huishoudens Overig lid huishouden (aantal) Personen in institutionele huishoudens (aantal)
Mannen en vrouwen Totaal Kampen 2025 56.547 55.604 17.529 7.645 28.194 1.527 709 943
Mannen en vrouwen 0 tot 5 jaar Kampen 2025 3.264 3.257 3.219 38 7
Mannen en vrouwen 5 tot 10 jaar Kampen 2025 3.403 3.395 3.349 46 8
Mannen en vrouwen 10 tot 15 jaar Kampen 2025 3.662 3.646 3.579 67 16
Mannen en vrouwen 15 tot 20 jaar Kampen 2025 3.624 3.594 3.463 62 18 1 50 30
Mannen en vrouwen 20 tot 25 jaar Kampen 2025 3.694 3.650 2.614 401 547 11 77 44
Mannen en vrouwen 25 tot 30 jaar Kampen 2025 3.747 3.691 839 785 1.957 61 49 56
Mannen en vrouwen 30 tot 35 jaar Kampen 2025 3.618 3.577 213 635 2.602 92 35 41
Mannen en vrouwen 35 tot 40 jaar Kampen 2025 3.688 3.650 103 492 2.852 182 21 38
Mannen en vrouwen 40 tot 45 jaar Kampen 2025 3.446 3.412 47 439 2.675 237 14 34
Mannen en vrouwen 45 tot 50 jaar Kampen 2025 3.388 3.348 39 413 2.587 279 30 40
Mannen en vrouwen 50 tot 55 jaar Kampen 2025 3.581 3.544 27 478 2.769 237 33 37
Mannen en vrouwen 55 tot 60 jaar Kampen 2025 3.703 3.660 22 553 2.849 197 39 43
Mannen en vrouwen 60 tot 65 jaar Kampen 2025 3.367 3.329 11 593 2.589 85 51 38
Mannen en vrouwen 65 tot 70 jaar Kampen 2025 2.965 2.929 4 604 2.213 51 57 36
Mannen en vrouwen 70 tot 75 jaar Kampen 2025 2.596 2.544 0 575 1.915 27 27 52
Mannen en vrouwen 75 tot 80 jaar Kampen 2025 2.242 2.167 0 589 1.512 29 37 75
Mannen en vrouwen 80 tot 85 jaar Kampen 2025 1.400 1.314 0 500 777 20 17 86
Mannen en vrouwen 85 tot 90 jaar Kampen 2025 805 681 0 377 285 9 10 124
Mannen en vrouwen 90 tot 95 jaar Kampen 2025 283 183 0 127 41 6 9 100
Mannen en vrouwen 95 jaar of ouder Kampen 2025 71 33 0 22 6 3 2 38
Mannen Totaal Kampen 2025 28.351 27.967 9.421 3.742 14.094 352 358 384
Mannen 0 tot 5 jaar Kampen 2025 1.668 1.666 1.644 22 2
Mannen 5 tot 10 jaar Kampen 2025 1.798 1.795 1.772 23 3
Mannen 10 tot 15 jaar Kampen 2025 1.890 1.880 1.848 32 10
Mannen 15 tot 20 jaar Kampen 2025 1.860 1.841 1.778 29 4 0 30 19
Mannen 20 tot 25 jaar Kampen 2025 1.947 1.920 1.502 195 180 0 43 27
Mannen 25 tot 30 jaar Kampen 2025 1.940 1.904 559 464 855 2 24 36
Mannen 30 tot 35 jaar Kampen 2025 1.840 1.813 135 410 1.240 7 21 27
Mannen 35 tot 40 jaar Kampen 2025 1.869 1.850 72 335 1.415 15 13 19
Mannen 40 tot 45 jaar Kampen 2025 1.700 1.683 39 311 1.290 38 5 17
Mannen 45 tot 50 jaar Kampen 2025 1.696 1.679 29 269 1.296 69 16 17
Mannen 50 tot 55 jaar Kampen 2025 1.816 1.796 17 295 1.396 73 15 20
Mannen 55 tot 60 jaar Kampen 2025 1.864 1.840 16 276 1.468 59 21 24
Mannen 60 tot 65 jaar Kampen 2025 1.632 1.613 8 260 1.287 40 18 19
Mannen 65 tot 70 jaar Kampen 2025 1.467 1.450 2 250 1.143 22 33 17
Mannen 70 tot 75 jaar Kampen 2025 1.258 1.236 0 210 1.004 9 13 22
Mannen 75 tot 80 jaar Kampen 2025 1.085 1.056 0 184 850 7 15 29
Mannen 80 tot 85 jaar Kampen 2025 612 592 0 136 442 6 8 20
Mannen 85 tot 90 jaar Kampen 2025 309 277 0 86 185 3 3 32
Mannen 90 tot 95 jaar Kampen 2025 81 64 0 25 34 2 3 17
Mannen 95 jaar of ouder Kampen 2025 19 12 0 7 5 0 0 7
Vrouwen Totaal Kampen 2025 28.196 27.637 8.108 3.903 14.100 1.175 351 559
Vrouwen 0 tot 5 jaar Kampen 2025 1.596 1.591 1.575 16 5
Vrouwen 5 tot 10 jaar Kampen 2025 1.605 1.600 1.577 23 5
Vrouwen 10 tot 15 jaar Kampen 2025 1.772 1.766 1.731 35 6
Vrouwen 15 tot 20 jaar Kampen 2025 1.764 1.753 1.685 33 14 1 20 11
Vrouwen 20 tot 25 jaar Kampen 2025 1.747 1.730 1.112 206 367 11 34 17
Vrouwen 25 tot 30 jaar Kampen 2025 1.807 1.787 280 321 1.102 59 25 20
Vrouwen 30 tot 35 jaar Kampen 2025 1.778 1.764 78 225 1.362 85 14 14
Vrouwen 35 tot 40 jaar Kampen 2025 1.819 1.800 31 157 1.437 167 8 19
Vrouwen 40 tot 45 jaar Kampen 2025 1.746 1.729 8 128 1.385 199 9 17
Vrouwen 45 tot 50 jaar Kampen 2025 1.692 1.669 10 144 1.291 210 14 23
Vrouwen 50 tot 55 jaar Kampen 2025 1.765 1.748 10 183 1.373 164 18 17
Vrouwen 55 tot 60 jaar Kampen 2025 1.839 1.820 6 277 1.381 138 18 19
Vrouwen 60 tot 65 jaar Kampen 2025 1.735 1.716 3 333 1.302 45 33 19
Vrouwen 65 tot 70 jaar Kampen 2025 1.498 1.479 2 354 1.070 29 24 19
Vrouwen 70 tot 75 jaar Kampen 2025 1.338 1.308 0 365 911 18 14 30
Vrouwen 75 tot 80 jaar Kampen 2025 1.157 1.111 0 405 662 22 22 46
Vrouwen 80 tot 85 jaar Kampen 2025 788 722 0 364 335 14 9 66
Vrouwen 85 tot 90 jaar Kampen 2025 496 404 0 291 100 6 7 92
Vrouwen 90 tot 95 jaar Kampen 2025 202 119 0 102 7 4 6 83
Vrouwen 95 jaar of ouder Kampen 2025 52 21 0 15 1 3 2 31
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Personen in Nederland wonend in een particulier of institutioneel huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio op 1 januari.
De volgende uitsplitsingen zijn mogelijk:
- Personen in alle huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in particuliere huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in institutionele huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio.

De in de tabel opgenomen regio's zijn landsdelen, provincies, COROP-gebieden en gemeenten.

De gepresenteerde regiototalen betreffen samentellingen van gemeenten. In geval van grenswijzigingen die over verschillende regiogrenzen heen gaan is de indeling van de gemeenten gegroepeerd naar de meest recente situatie.
Bijvoorbeeld: voor de gemeente Vianen, die per 1 januari 2002 is overgegaan van de provincie Zuid-Holland naar de provincie Utrecht, geldt dat ze in de tabel is gegroepeerd in de provincie Utrecht.

De regionale cijfers over de institutionele bevolking vertonen van jaar op jaar soms moeilijk te verklaren schommelingen. De gehanteerde methodiek is gebaseerd op typering van adresbewoning op basis van secundaire bronnen. Niet in alle gevallen valt de typering perfect uit. Dat kan komen doordat een adres van functie is veranderd, bij voorbeeld van zorginstelling naar huisvesting van (voormalige) asielzoekers, zonder dat het CBS daar kennis van heeft genomen. In andere situaties kan het voorkomen dat een adres het ene jaar wel en het andere jaar niet boven de gehanteerde drempelwaarden blijft qua aantal institutionele bewoners die gelden voor het afbakenen van institutionele adressen. Indirect hebben dergelijke schommelingen ook effect op het aantal eenpersoonshuishoudens.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2000

Status van de cijfers:
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 18 juli 2025:
De cijfers per 1 januari 2025 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers uit?
In het 3e kwartaal van 2026 worden cijfers per 1 januari 2026 toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Totaal personen in huishoudens
Totaal aantal personen in zowel particuliere als institutionele huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Personen in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.
Totaal in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.
Thuiswonend kind
Thuiswonende kinderen in particuliere huishoudens.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Alleenstaand
Alleenstaande personen in particuliere huishoudens.

Alleenstaand:
Persoon die alleen in een woonruimte woont en een eenpersoonshuishouden vormt.
Tot alleenstaanden worden ook personen gerekend die met anderen op eenzelfde adres wonen maar een eigen huishouding voeren.
Alleenstaanden kunnen een relatie hebben en zelfs gehuwd zijn met een persoon met wie ze niet samenwonen.
Samenwonend
Samenwonende personen in particuliere huishoudens.

Samenwonende persoon:
Persoon die samen met iemand anders als paar, al dan niet met elkaar gehuwd, al dan niet als geregistreerd partners en al dan niet met kinderen, een particulier huishouden vormt.
Totaal samenwonende personen
Ouder in eenouderhuishouden
Persoon in een particulier huishouden die een ouder-kindrelatie heeft met één of meer thuiswonende kinderen en die geen partner heeft in hetzelfde huishouden.

Eenouderhuishouden:
Particulier huishouden bestaande uit één ouder met één of meer thuiswonende kinderen.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Overig lid huishouden
Overige leden in particuliere huishoudens.

Overig lid huishouden:
Persoon die anders dan als partner, ouder in een eenouderhuishouden of als thuiswonend kind deel uitmaakt van een particulier huishouden.
Te denken valt hierbij bijvoorbeeld aan een kostganger die bij een gezin inwoont, een persoon die samen met een broer of zus één huishouden vormt, of een pleegkind.
Personen in institutionele huishoudens
Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.