Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Geslacht Leeftijd Regio's Perioden Totaal personen in huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Totaal in particuliere huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Thuiswonend kind (aantal) Personen in particuliere huishoudens Alleenstaand (aantal) Personen in particuliere huishoudens Samenwonend Totaal samenwonende personen (aantal) Personen in particuliere huishoudens Ouder in eenouderhuishouden (aantal) Personen in particuliere huishoudens Overig lid huishouden (aantal) Personen in institutionele huishoudens (aantal)
Mannen en vrouwen Totaal Heumen 2025 16.861 16.613 4.356 2.443 9.076 472 266 248
Mannen en vrouwen 0 tot 5 jaar Heumen 2025 716 712 702 10 4
Mannen en vrouwen 5 tot 10 jaar Heumen 2025 798 797 789 8 1
Mannen en vrouwen 10 tot 15 jaar Heumen 2025 897 894 880 14 3
Mannen en vrouwen 15 tot 20 jaar Heumen 2025 957 956 907 27 6 0 16 1
Mannen en vrouwen 20 tot 25 jaar Heumen 2025 849 845 678 97 48 3 19 4
Mannen en vrouwen 25 tot 30 jaar Heumen 2025 688 681 252 138 264 5 22 7
Mannen en vrouwen 30 tot 35 jaar Heumen 2025 852 837 71 139 583 30 14 15
Mannen en vrouwen 35 tot 40 jaar Heumen 2025 836 826 22 97 646 54 7 10
Mannen en vrouwen 40 tot 45 jaar Heumen 2025 871 868 23 95 680 61 9 3
Mannen en vrouwen 45 tot 50 jaar Heumen 2025 1.008 993 10 107 795 73 8 15
Mannen en vrouwen 50 tot 55 jaar Heumen 2025 1.128 1.114 8 123 906 71 6 14
Mannen en vrouwen 55 tot 60 jaar Heumen 2025 1.397 1.383 8 194 1.081 85 15 14
Mannen en vrouwen 60 tot 65 jaar Heumen 2025 1.398 1.386 6 227 1.080 48 25 12
Mannen en vrouwen 65 tot 70 jaar Heumen 2025 1.276 1.268 0 243 990 11 24 8
Mannen en vrouwen 70 tot 75 jaar Heumen 2025 1.062 1.051 0 244 775 10 22 11
Mannen en vrouwen 75 tot 80 jaar Heumen 2025 939 923 0 230 668 5 20 16
Mannen en vrouwen 80 tot 85 jaar Heumen 2025 657 626 0 223 386 8 9 31
Mannen en vrouwen 85 tot 90 jaar Heumen 2025 369 333 0 168 145 7 13 36
Mannen en vrouwen 90 tot 95 jaar Heumen 2025 134 107 0 79 23 1 4 27
Mannen en vrouwen 95 jaar of ouder Heumen 2025 29 13 0 12 0 0 1 16
Mannen Totaal Heumen 2025 8.397 8.276 2.384 1.137 4.520 106 129 121
Mannen 0 tot 5 jaar Heumen 2025 379 375 370 5 4
Mannen 5 tot 10 jaar Heumen 2025 397 397 392 5 0
Mannen 10 tot 15 jaar Heumen 2025 445 445 439 6 0
Mannen 15 tot 20 jaar Heumen 2025 538 537 515 11 2 0 9 1
Mannen 20 tot 25 jaar Heumen 2025 468 465 395 44 15 0 11 3
Mannen 25 tot 30 jaar Heumen 2025 368 365 166 79 107 0 13 3
Mannen 30 tot 35 jaar Heumen 2025 420 411 46 89 266 3 7 9
Mannen 35 tot 40 jaar Heumen 2025 400 394 18 72 295 6 3 6
Mannen 40 tot 45 jaar Heumen 2025 420 418 17 71 318 7 5 2
Mannen 45 tot 50 jaar Heumen 2025 496 488 9 83 378 15 3 8
Mannen 50 tot 55 jaar Heumen 2025 545 537 5 79 435 16 2 8
Mannen 55 tot 60 jaar Heumen 2025 683 675 6 111 529 25 4 8
Mannen 60 tot 65 jaar Heumen 2025 698 689 6 103 545 19 16 9
Mannen 65 tot 70 jaar Heumen 2025 650 644 0 99 524 5 16 6
Mannen 70 tot 75 jaar Heumen 2025 514 508 0 78 421 2 7 6
Mannen 75 tot 80 jaar Heumen 2025 447 436 0 75 350 2 9 11
Mannen 80 tot 85 jaar Heumen 2025 310 295 0 62 226 4 3 15
Mannen 85 tot 90 jaar Heumen 2025 163 153 0 53 93 2 5 10
Mannen 90 tot 95 jaar Heumen 2025 47 39 0 23 16 0 0 8
Mannen 95 jaar of ouder Heumen 2025 9 5 0 5 0 0 0 4
Vrouwen Totaal Heumen 2025 8.464 8.337 1.972 1.306 4.556 366 137 127
Vrouwen 0 tot 5 jaar Heumen 2025 337 337 332 5 0
Vrouwen 5 tot 10 jaar Heumen 2025 401 400 397 3 1
Vrouwen 10 tot 15 jaar Heumen 2025 452 449 441 8 3
Vrouwen 15 tot 20 jaar Heumen 2025 419 419 392 16 4 0 7 0
Vrouwen 20 tot 25 jaar Heumen 2025 381 380 283 53 33 3 8 1
Vrouwen 25 tot 30 jaar Heumen 2025 320 316 86 59 157 5 9 4
Vrouwen 30 tot 35 jaar Heumen 2025 432 426 25 50 317 27 7 6
Vrouwen 35 tot 40 jaar Heumen 2025 436 432 4 25 351 48 4 4
Vrouwen 40 tot 45 jaar Heumen 2025 451 450 6 24 362 54 4 1
Vrouwen 45 tot 50 jaar Heumen 2025 512 505 1 24 417 58 5 7
Vrouwen 50 tot 55 jaar Heumen 2025 583 577 3 44 471 55 4 6
Vrouwen 55 tot 60 jaar Heumen 2025 714 708 2 83 552 60 11 6
Vrouwen 60 tot 65 jaar Heumen 2025 700 697 0 124 535 29 9 3
Vrouwen 65 tot 70 jaar Heumen 2025 626 624 0 144 466 6 8 2
Vrouwen 70 tot 75 jaar Heumen 2025 548 543 0 166 354 8 15 5
Vrouwen 75 tot 80 jaar Heumen 2025 492 487 0 155 318 3 11 5
Vrouwen 80 tot 85 jaar Heumen 2025 347 331 0 161 160 4 6 16
Vrouwen 85 tot 90 jaar Heumen 2025 206 180 0 115 52 5 8 26
Vrouwen 90 tot 95 jaar Heumen 2025 87 68 0 56 7 1 4 19
Vrouwen 95 jaar of ouder Heumen 2025 20 8 0 7 0 0 1 12
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Personen in Nederland wonend in een particulier of institutioneel huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio op 1 januari.
De volgende uitsplitsingen zijn mogelijk:
- Personen in alle huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in particuliere huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in institutionele huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio.

De in de tabel opgenomen regio's zijn landsdelen, provincies, COROP-gebieden en gemeenten.

De gepresenteerde regiototalen betreffen samentellingen van gemeenten. In geval van grenswijzigingen die over verschillende regiogrenzen heen gaan is de indeling van de gemeenten gegroepeerd naar de meest recente situatie.
Bijvoorbeeld: voor de gemeente Vianen, die per 1 januari 2002 is overgegaan van de provincie Zuid-Holland naar de provincie Utrecht, geldt dat ze in de tabel is gegroepeerd in de provincie Utrecht.

De regionale cijfers over de institutionele bevolking vertonen van jaar op jaar soms moeilijk te verklaren schommelingen. De gehanteerde methodiek is gebaseerd op typering van adresbewoning op basis van secundaire bronnen. Niet in alle gevallen valt de typering perfect uit. Dat kan komen doordat een adres van functie is veranderd, bij voorbeeld van zorginstelling naar huisvesting van (voormalige) asielzoekers, zonder dat het CBS daar kennis van heeft genomen. In andere situaties kan het voorkomen dat een adres het ene jaar wel en het andere jaar niet boven de gehanteerde drempelwaarden blijft qua aantal institutionele bewoners die gelden voor het afbakenen van institutionele adressen. Indirect hebben dergelijke schommelingen ook effect op het aantal eenpersoonshuishoudens.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2000

Status van de cijfers:
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 18 juli 2025:
De cijfers per 1 januari 2025 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers uit?
In het 3e kwartaal van 2026 worden cijfers per 1 januari 2026 toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Totaal personen in huishoudens
Totaal aantal personen in zowel particuliere als institutionele huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Personen in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.
Totaal in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.
Thuiswonend kind
Thuiswonende kinderen in particuliere huishoudens.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Alleenstaand
Alleenstaande personen in particuliere huishoudens.

Alleenstaand:
Persoon die alleen in een woonruimte woont en een eenpersoonshuishouden vormt.
Tot alleenstaanden worden ook personen gerekend die met anderen op eenzelfde adres wonen maar een eigen huishouding voeren.
Alleenstaanden kunnen een relatie hebben en zelfs gehuwd zijn met een persoon met wie ze niet samenwonen.
Samenwonend
Samenwonende personen in particuliere huishoudens.

Samenwonende persoon:
Persoon die samen met iemand anders als paar, al dan niet met elkaar gehuwd, al dan niet als geregistreerd partners en al dan niet met kinderen, een particulier huishouden vormt.
Totaal samenwonende personen
Ouder in eenouderhuishouden
Persoon in een particulier huishouden die een ouder-kindrelatie heeft met één of meer thuiswonende kinderen en die geen partner heeft in hetzelfde huishouden.

Eenouderhuishouden:
Particulier huishouden bestaande uit één ouder met één of meer thuiswonende kinderen.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Overig lid huishouden
Overige leden in particuliere huishoudens.

Overig lid huishouden:
Persoon die anders dan als partner, ouder in een eenouderhuishouden of als thuiswonend kind deel uitmaakt van een particulier huishouden.
Te denken valt hierbij bijvoorbeeld aan een kostganger die bij een gezin inwoont, een persoon die samen met een broer of zus één huishouden vormt, of een pleegkind.
Personen in institutionele huishoudens
Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.