Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Huishoudens; personen naar geslacht, leeftijd en regio, 1 januari

Geslacht Leeftijd Regio's Perioden Totaal personen in huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Totaal in particuliere huishoudens (aantal) Personen in particuliere huishoudens Thuiswonend kind (aantal) Personen in particuliere huishoudens Alleenstaand (aantal) Personen in particuliere huishoudens Samenwonend Totaal samenwonende personen (aantal) Personen in particuliere huishoudens Ouder in eenouderhuishouden (aantal) Personen in particuliere huishoudens Overig lid huishouden (aantal) Personen in institutionele huishoudens (aantal)
Mannen en vrouwen Totaal Asten 2025 17.385 17.110 4.700 2.405 9.322 404 279 275
Mannen en vrouwen 0 tot 5 jaar Asten 2025 861 861 849 12 0
Mannen en vrouwen 5 tot 10 jaar Asten 2025 805 804 791 13 1
Mannen en vrouwen 10 tot 15 jaar Asten 2025 841 838 819 19 3
Mannen en vrouwen 15 tot 20 jaar Asten 2025 949 949 924 9 3 0 13 0
Mannen en vrouwen 20 tot 25 jaar Asten 2025 982 974 782 76 91 1 24 8
Mannen en vrouwen 25 tot 30 jaar Asten 2025 1.079 1.066 338 216 479 7 26 13
Mannen en vrouwen 30 tot 35 jaar Asten 2025 1.048 1.035 86 191 724 17 17 13
Mannen en vrouwen 35 tot 40 jaar Asten 2025 1.002 991 42 137 757 42 13 11
Mannen en vrouwen 40 tot 45 jaar Asten 2025 954 949 23 138 725 53 10 5
Mannen en vrouwen 45 tot 50 jaar Asten 2025 934 929 13 130 714 63 9 5
Mannen en vrouwen 50 tot 55 jaar Asten 2025 1.094 1.084 11 135 870 60 8 10
Mannen en vrouwen 55 tot 60 jaar Asten 2025 1.267 1.261 17 161 1.015 53 15 6
Mannen en vrouwen 60 tot 65 jaar Asten 2025 1.369 1.366 4 196 1.085 52 29 3
Mannen en vrouwen 65 tot 70 jaar Asten 2025 1.118 1.116 1 178 894 20 23 2
Mannen en vrouwen 70 tot 75 jaar Asten 2025 1.093 1.076 0 191 850 9 26 17
Mannen en vrouwen 75 tot 80 jaar Asten 2025 945 923 0 235 664 8 16 22
Mannen en vrouwen 80 tot 85 jaar Asten 2025 580 542 0 208 324 9 1 38
Mannen en vrouwen 85 tot 90 jaar Asten 2025 336 280 0 158 110 7 5 56
Mannen en vrouwen 90 tot 95 jaar Asten 2025 108 58 0 39 17 2 0 50
Mannen en vrouwen 95 jaar of ouder Asten 2025 20 8 0 7 0 1 0 12
Mannen Totaal Asten 2025 8.845 8.743 2.587 1.236 4.664 105 151 102
Mannen 0 tot 5 jaar Asten 2025 436 436 432 4 0
Mannen 5 tot 10 jaar Asten 2025 414 413 407 6 1
Mannen 10 tot 15 jaar Asten 2025 462 461 449 12 1
Mannen 15 tot 20 jaar Asten 2025 494 494 485 2 1 0 6 0
Mannen 20 tot 25 jaar Asten 2025 533 528 440 42 32 0 14 5
Mannen 25 tot 30 jaar Asten 2025 561 557 235 121 188 1 12 4
Mannen 30 tot 35 jaar Asten 2025 546 538 57 141 327 0 13 8
Mannen 35 tot 40 jaar Asten 2025 538 531 31 99 394 2 5 7
Mannen 40 tot 45 jaar Asten 2025 483 481 17 99 349 10 6 2
Mannen 45 tot 50 jaar Asten 2025 455 451 9 83 340 15 4 4
Mannen 50 tot 55 jaar Asten 2025 557 554 10 95 418 24 7 3
Mannen 55 tot 60 jaar Asten 2025 651 646 12 91 514 20 9 5
Mannen 60 tot 65 jaar Asten 2025 677 675 3 97 541 18 16 2
Mannen 65 tot 70 jaar Asten 2025 560 558 0 85 453 8 12 2
Mannen 70 tot 75 jaar Asten 2025 568 556 0 85 457 1 13 12
Mannen 75 tot 80 jaar Asten 2025 473 465 0 86 367 2 10 8
Mannen 80 tot 85 jaar Asten 2025 278 265 0 62 199 3 1 13
Mannen 85 tot 90 jaar Asten 2025 123 111 0 39 71 0 1 12
Mannen 90 tot 95 jaar Asten 2025 31 20 0 6 13 1 0 11
Mannen 95 jaar of ouder Asten 2025 5 3 0 3 0 0 0 2
Vrouwen Totaal Asten 2025 8.540 8.367 2.113 1.169 4.658 299 128 173
Vrouwen 0 tot 5 jaar Asten 2025 425 425 417 8 0
Vrouwen 5 tot 10 jaar Asten 2025 391 391 384 7 0
Vrouwen 10 tot 15 jaar Asten 2025 379 377 370 7 2
Vrouwen 15 tot 20 jaar Asten 2025 455 455 439 7 2 0 7 0
Vrouwen 20 tot 25 jaar Asten 2025 449 446 342 34 59 1 10 3
Vrouwen 25 tot 30 jaar Asten 2025 518 509 103 95 291 6 14 9
Vrouwen 30 tot 35 jaar Asten 2025 502 497 29 50 397 17 4 5
Vrouwen 35 tot 40 jaar Asten 2025 464 460 11 38 363 40 8 4
Vrouwen 40 tot 45 jaar Asten 2025 471 468 6 39 376 43 4 3
Vrouwen 45 tot 50 jaar Asten 2025 479 478 4 47 374 48 5 1
Vrouwen 50 tot 55 jaar Asten 2025 537 530 1 40 452 36 1 7
Vrouwen 55 tot 60 jaar Asten 2025 616 615 5 70 501 33 6 1
Vrouwen 60 tot 65 jaar Asten 2025 692 691 1 99 544 34 13 1
Vrouwen 65 tot 70 jaar Asten 2025 558 558 1 93 441 12 11 0
Vrouwen 70 tot 75 jaar Asten 2025 525 520 0 106 393 8 13 5
Vrouwen 75 tot 80 jaar Asten 2025 472 458 0 149 297 6 6 14
Vrouwen 80 tot 85 jaar Asten 2025 302 277 0 146 125 6 0 25
Vrouwen 85 tot 90 jaar Asten 2025 213 169 0 119 39 7 4 44
Vrouwen 90 tot 95 jaar Asten 2025 77 38 0 33 4 1 0 39
Vrouwen 95 jaar of ouder Asten 2025 15 5 0 4 0 1 0 10
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Personen in Nederland wonend in een particulier of institutioneel huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio op 1 januari.
De volgende uitsplitsingen zijn mogelijk:
- Personen in alle huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in particuliere huishouden naar plaats in het huishouden, geslacht, leeftijd en regio;
- Personen in institutionele huishoudens naar geslacht, leeftijd en regio.

De in de tabel opgenomen regio's zijn landsdelen, provincies, COROP-gebieden en gemeenten.

De gepresenteerde regiototalen betreffen samentellingen van gemeenten. In geval van grenswijzigingen die over verschillende regiogrenzen heen gaan is de indeling van de gemeenten gegroepeerd naar de meest recente situatie.
Bijvoorbeeld: voor de gemeente Vianen, die per 1 januari 2002 is overgegaan van de provincie Zuid-Holland naar de provincie Utrecht, geldt dat ze in de tabel is gegroepeerd in de provincie Utrecht.

De regionale cijfers over de institutionele bevolking vertonen van jaar op jaar soms moeilijk te verklaren schommelingen. De gehanteerde methodiek is gebaseerd op typering van adresbewoning op basis van secundaire bronnen. Niet in alle gevallen valt de typering perfect uit. Dat kan komen doordat een adres van functie is veranderd, bij voorbeeld van zorginstelling naar huisvesting van (voormalige) asielzoekers, zonder dat het CBS daar kennis van heeft genomen. In andere situaties kan het voorkomen dat een adres het ene jaar wel en het andere jaar niet boven de gehanteerde drempelwaarden blijft qua aantal institutionele bewoners die gelden voor het afbakenen van institutionele adressen. Indirect hebben dergelijke schommelingen ook effect op het aantal eenpersoonshuishoudens.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2000

Status van de cijfers:
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 18 juli 2025:
De cijfers per 1 januari 2025 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers uit?
In het 3e kwartaal van 2026 worden cijfers per 1 januari 2026 toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Totaal personen in huishoudens
Totaal aantal personen in zowel particuliere als institutionele huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.

Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Personen in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.
Totaal in particuliere huishoudens
Totaal aantal personen in particuliere huishoudens.
Thuiswonend kind
Thuiswonende kinderen in particuliere huishoudens.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Alleenstaand
Alleenstaande personen in particuliere huishoudens.

Alleenstaand:
Persoon die alleen in een woonruimte woont en een eenpersoonshuishouden vormt.
Tot alleenstaanden worden ook personen gerekend die met anderen op eenzelfde adres wonen maar een eigen huishouding voeren.
Alleenstaanden kunnen een relatie hebben en zelfs gehuwd zijn met een persoon met wie ze niet samenwonen.
Samenwonend
Samenwonende personen in particuliere huishoudens.

Samenwonende persoon:
Persoon die samen met iemand anders als paar, al dan niet met elkaar gehuwd, al dan niet als geregistreerd partners en al dan niet met kinderen, een particulier huishouden vormt.
Totaal samenwonende personen
Ouder in eenouderhuishouden
Persoon in een particulier huishouden die een ouder-kindrelatie heeft met één of meer thuiswonende kinderen en die geen partner heeft in hetzelfde huishouden.

Eenouderhuishouden:
Particulier huishouden bestaande uit één ouder met één of meer thuiswonende kinderen.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Overig lid huishouden
Overige leden in particuliere huishoudens.

Overig lid huishouden:
Persoon die anders dan als partner, ouder in een eenouderhuishouden of als thuiswonend kind deel uitmaakt van een particulier huishouden.
Te denken valt hierbij bijvoorbeeld aan een kostganger die bij een gezin inwoont, een persoon die samen met een broer of zus één huishouden vormt, of een pleegkind.
Personen in institutionele huishoudens
Institutioneel huishouden:
Eén of meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats.
Het gaat om instellingen zoals verpleeg-, en verzorgingshuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra, instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten, instellingen voor verslavingszorg en daklozenopvang, internaten, kloosters, gevangenissen, kazernes, en asielzoekerscentra, waarin de personen in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.