Huishoudens; samenstelling, grootte, regio, 1 januari

Huishoudens; samenstelling, grootte, regio, 1 januari

Leeftijd referentiepersoon Regio's Perioden Particuliere huishoudens: samenstelling Totaal particuliere huishoudens (aantal) Particuliere huishoudens: samenstelling Eenpersoonshuishouden (aantal) Particuliere huishoudens: samenstelling Meerpersoonshuishouden Totaal meerpersoonshuishoudens (aantal) Particuliere huishoudens: samenstelling Meerpersoonshuishouden Niet-gehuwd paar Totaal niet-gehuwde paren (aantal) Particuliere huishoudens: samenstelling Meerpersoonshuishouden Gehuwd paar Totaal gehuwde paren (aantal) Particuliere huishoudens: samenstelling Meerpersoonshuishouden Eenouderhuishouden Totaal eenouderhuishoudens (aantal) Particuliere huishoudens: grootte Meerpersoonshuishouden 2 personen (aantal) Particuliere huishoudens: grootte Meerpersoonshuishouden 3 personen (aantal) Particuliere huishoudens: grootte Meerpersoonshuishouden 4 personen (aantal) Particuliere huishoudens: grootte Meerpersoonshuishouden 5 of meer personen (aantal)
Totaal Elburg 2025 9.754 2.822 6.932 783 5.492 622 3.492 1.272 1.332 836
Totaal Middelburg (Z.) 2025 24.146 10.354 13.792 2.512 9.418 1.769 7.813 2.527 2.336 1.116
15 tot 20 jaar Elburg 2025 23 23 0 0 0 0 0 0 0 0
15 tot 20 jaar Middelburg (Z.) 2025 354 330 24 15 0 1 21 2 1 0
20 tot 25 jaar Elburg 2025 156 98 58 29 23 4 48 7 2 1
20 tot 25 jaar Middelburg (Z.) 2025 1.125 898 227 156 35 22 195 27 4 1
25 tot 30 jaar Elburg 2025 523 200 323 120 183 16 196 78 31 18
25 tot 30 jaar Middelburg (Z.) 2025 1.444 794 650 329 235 72 438 136 54 22
30 tot 35 jaar Elburg 2025 703 200 503 119 341 38 158 138 134 73
30 tot 35 jaar Middelburg (Z.) 2025 1.707 738 969 335 487 133 388 280 200 101
35 tot 40 jaar Elburg 2025 781 172 609 96 424 88 111 109 236 153
35 tot 40 jaar Middelburg (Z.) 2025 1.722 515 1.207 279 687 233 291 274 427 215
40 tot 45 jaar Elburg 2025 799 149 650 86 465 98 95 127 238 190
40 tot 45 jaar Middelburg (Z.) 2025 1.841 516 1.325 264 760 295 266 273 483 303
45 tot 50 jaar Elburg 2025 777 161 616 66 463 85 105 101 241 169
45 tot 50 jaar Middelburg (Z.) 2025 1.797 505 1.292 229 767 293 322 299 445 226
50 tot 55 jaar Elburg 2025 905 154 751 70 576 102 187 189 230 145
50 tot 55 jaar Middelburg (Z.) 2025 2.144 696 1.448 233 911 296 505 412 376 155
55 tot 60 jaar Elburg 2025 1.014 231 783 75 639 68 329 239 151 64
55 tot 60 jaar Middelburg (Z.) 2025 2.152 785 1.367 207 974 183 737 354 207 69
60 tot 65 jaar Elburg 2025 906 219 687 50 599 36 465 161 43 18
60 tot 65 jaar Middelburg (Z.) 2025 2.050 776 1.274 170 1.010 90 926 237 94 17
65 tot 70 jaar Elburg 2025 791 202 589 27 526 30 507 65 15 2
65 tot 70 jaar Middelburg (Z.) 2025 1.873 740 1.133 99 973 58 997 105 26 5
70 tot 75 jaar Elburg 2025 711 237 474 23 435 12 443 22 7 2
70 tot 75 jaar Middelburg (Z.) 2025 1.886 847 1.039 88 923 24 945 76 16 2
75 tot 80 jaar Elburg 2025 803 302 501 18 464 16 477 22 2 0
75 tot 80 jaar Middelburg (Z.) 2025 1.804 825 979 65 887 25 947 31 1 0
80 tot 85 jaar Elburg 2025 521 236 285 2 266 17 275 8 2 0
80 tot 85 jaar Middelburg (Z.) 2025 1.185 645 540 31 483 25 524 14 2 0
85 tot 90 jaar Elburg 2025 241 162 79 2 69 7 74 4 0 1
85 tot 90 jaar Middelburg (Z.) 2025 742 481 261 7 241 12 254 7 0 0
90 tot 95 jaar Elburg 2025 92 69 23 0 18 5 21 2 0 0
90 tot 95 jaar Middelburg (Z.) 2025 264 214 50 4 41 5 50 0 0 0
95 jaar of ouder Elburg 2025 8 7 1 0 1 0 1 0 0 0
95 jaar of ouder Middelburg (Z.) 2025 56 49 7 1 4 2 7 0 0 0
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Particuliere huishoudens in Nederland op 1 januari naar samenstelling of grootte van het huishouden, leeftijd van de referentiepersoon en regio.

De volgende uitsplitsingen zijn mogelijk:
- Particuliere huishoudens naar samenstelling, leeftijd van de referentiepersoon en regio;
- Particuliere huishoudens naar grootte, leeftijd van de referentiepersoon en regio.

De in de tabel opgenomen regio's zijn landsdelen, provincies, COROP-gebieden en gemeenten. De gepresenteerde regiototalen betreffen samentellingen van gemeenten. In geval van grenswijzigingen die over verschillende regiogrenzen heen gaan is de indeling van de gemeenten gegroepeerd naar de meest recente situatie.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2000

Status van de cijfers:
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 22 augustus 2025:
De cijfers van 1 januari 2025 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
In het derde kwartaal van 2026 worden de definitieve cijfers van 1 januari 2026 toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Particuliere huishoudens: samenstelling
Particuliere huishoudens naar samenstelling van het huishouden.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf, dus niet-bedrijfsmatig, voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.

Samenstelling huishouden:
Typering van een particulier huishouden op basis van de onderlinge relaties van de personen binnen het huishouden.

Trendbreuk (personen in) particuliere huishoudens
Door de verbeterde waarneming van personen in institutionele huishoudens treedt vanaf 2014 een trendbreuk op in de ontwikkeling van het aantal eenpersoonshuishoudens/alleenstaanden. Circa 35 duizend personen die eerst voornamelijk als alleenstaanden getypeerd waren, verschuiven nu naar de institutionele huishoudens. Het aantal alleenstaanden steeg daardoor van 2013 op 2014 met maar duizend personen. Van 2012 op 2013 was die stijging nog 41 duizend personen. Ook de totale stijging van het aantal huishoudens liep als gevolg hiervan terug van 57 duizend van 2012 op 2013 naar 21 duizend van 2013 op 2014.
Vanaf 2011 is er voor de samenstelling van huishoudensgegevens gebruik gemaakt van een nieuwe productiemethode. In deze nieuwe methode worden voor het bepalen van de huishoudenssamenstelling naast de gegevens uit het gemeentelijke bevolkingsregister ook belastingdienstgegevens over samenwonende paren gebruikt. De uitkomsten op basis van de nieuwe methode sluiten goed aan op de voorgaande uitkomsten, maar er treden vanaf 2011 wel kleine verschuivingen op in het aantal huishoudens naar samenstelling. De grootste verandering betreft het aantal overige huishoudens en de niet-gehuwde paren. In 2011 valt het aantal overige huishoudens 10 duizend lager uit dan in 2010. Het aantal niet gehuwde paren valt navenant hoger uit.

Totaal particuliere huishoudens
Eenpersoonshuishouden
Particulier huishouden bestaande uit één persoon.
Meerpersoonshuishouden
Particulier huishouden bestaande uit twee of meer personen.
Totaal meerpersoonshuishoudens
Totaal aantal particuliere huishoudens bestaande uit twee of meer personen.
Niet-gehuwd paar
Twee personen die een samenwoonrelatie hebben maar niet met elkaar zijn gehuwd of een partnerschapsregistratie hebben gesloten.

Partnerschapsregistratie:
Een op het huwelijk lijkende vorm van vastlegging van een relatie in een akte van de Burgerlijke Stand. De registratie staat open voor paren van gelijk en van verschillend geslacht.
De registratie is ingevoerd in Nederland per 1 januari 1998.
Totaal niet-gehuwde paren
Gehuwd paar
Twee personen die met elkaar gehuwd zijn of samen een geregistreerd partnerschap hebben gesloten.

Partnerschapsregistratie:
Een op het huwelijk lijkende vorm van vastlegging van een relatie in een akte van de Burgerlijke Stand. De registratie staat open voor paren van gelijk en van verschillend geslacht.
De registratie is ingevoerd in Nederland per 1 januari 1998.
Totaal gehuwde paren
Eenouderhuishouden
Eenouderhuishouden:
Particulier huishouden bestaande uit één ouder met één of meer thuiswonende kinderen.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Totaal eenouderhuishoudens
Eenouderhuishouden:
Particulier huishouden bestaande uit één ouder met één of meer thuiswonende kinderen.
Particuliere huishoudens: grootte
Particuliere huishoudens naar grootte van het huishouden.

Huishoudensgrootte:
Aantal personen dat deel uitmaakt van het huishouden.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.

Trendbreuk (personen in) particuliere huishoudens
Door de verbeterde waarneming van personen in institutionele huishoudens treedt vanaf 2014 een trendbreuk op in de ontwikkeling van het aantal eenpersoonshuishoudens/alleenstaanden. Circa 35 duizend personen die eerst voornamelijk als alleenstaanden getypeerd waren, verschuiven nu naar de institutionele huishoudens. Het aantal alleenstaanden steeg daardoor van 2013 op 2014 met maar duizend personen. Van 2012 op 2013 was die stijging nog 41 duizend personen. Ook de totale stijging van het aantal huishoudens liep als gevolg hiervan terug van 57 duizend van 2012 op 2013 naar 21 duizend van 2013 op 2014.
Vanaf 2011 is er voor de samenstelling van huishoudensgegevens gebruik gemaakt van een nieuwe productiemethode. In deze nieuwe methode worden voor het bepalen van de huishoudenssamenstelling naast de gegevens uit het gemeentelijke bevolkingsregister ook belastingdienstgegevens over samenwonende paren gebruikt. De uitkomsten op basis van de nieuwe methode sluiten goed aan op de voorgaande uitkomsten, maar er treden vanaf 2011 wel kleine verschuivingen op in het aantal huishoudens naar samenstelling. De grootste verandering betreft het aantal overige huishoudens en de niet-gehuwde paren. In 2011 valt het aantal overige huishoudens 10 duizend lager uit dan in 2010. Het aantal niet gehuwde paren valt navenant hoger uit.

Meerpersoonshuishouden
Particulier huishouden bestaande uit twee of meer personen.
2 personen
3 personen
4 personen
5 of meer personen