Huishoudens; samenstelling, grootte, regio, 1 januari

Huishoudens; samenstelling, grootte, regio, 1 januari

Leeftijd referentiepersoon Regio's Perioden Particuliere huishoudens: samenstelling Totaal particuliere huishoudens (aantal) Particuliere huishoudens: samenstelling Eenpersoonshuishouden (aantal) Particuliere huishoudens: samenstelling Meerpersoonshuishouden Totaal meerpersoonshuishoudens (aantal) Particuliere huishoudens: samenstelling Meerpersoonshuishouden Niet-gehuwd paar Totaal niet-gehuwde paren (aantal) Particuliere huishoudens: samenstelling Meerpersoonshuishouden Gehuwd paar Totaal gehuwde paren (aantal) Particuliere huishoudens: samenstelling Meerpersoonshuishouden Eenouderhuishouden Totaal eenouderhuishoudens (aantal) Particuliere huishoudens: grootte Meerpersoonshuishouden 2 personen (aantal) Particuliere huishoudens: grootte Meerpersoonshuishouden 3 personen (aantal) Particuliere huishoudens: grootte Meerpersoonshuishouden 4 personen (aantal) Particuliere huishoudens: grootte Meerpersoonshuishouden 5 of meer personen (aantal)
Totaal Nederland 2026 8.474.674 3.412.202 5.062.472 1.128.328 3.250.634 635.126 2.724.190 979.779 953.077 405.426
Totaal Noord-Nederland (LD) 2026 846.084 347.706 498.378 111.624 324.263 58.278 283.681 89.238 88.041 37.418
Totaal Oost-Nederland (LD) 2026 1.718.214 636.618 1.081.596 215.119 735.327 122.407 568.952 204.407 210.547 97.690
Totaal West-Nederland (LD) 2026 4.118.672 1.732.445 2.386.227 556.626 1.473.319 329.551 1.257.278 479.514 453.069 196.366
Totaal Zuid-Nederland (LD) 2026 1.791.704 695.433 1.096.271 244.959 717.725 124.890 614.279 206.620 201.420 73.952
15 tot 20 jaar Nederland 2026 62.990 58.750 4.240 2.578 33 309 3.598 482 94 66
15 tot 20 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 8.765 8.163 602 368 3 38 525 52 16 9
15 tot 20 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 11.886 11.187 699 330 9 53 557 103 26 13
15 tot 20 jaar West-Nederland (LD) 2026 28.600 26.499 2.101 1.339 16 161 1.800 230 42 29
15 tot 20 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 13.739 12.901 838 541 5 57 716 97 10 15
20 tot 25 jaar Nederland 2026 354.522 292.563 61.959 43.228 6.923 5.153 51.783 7.242 1.754 1.180
20 tot 25 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 44.949 36.966 7.983 5.812 618 581 6.718 892 253 120
20 tot 25 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 63.916 52.720 11.196 7.186 1.968 959 9.056 1.472 395 273
20 tot 25 jaar West-Nederland (LD) 2026 177.525 146.254 31.271 21.692 3.321 2.667 26.313 3.642 782 534
20 tot 25 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 68.132 56.623 11.509 8.538 1.016 946 9.696 1.236 324 253
25 tot 30 jaar Nederland 2026 583.726 340.420 243.306 154.498 59.904 18.757 182.801 39.544 15.274 5.687
25 tot 30 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 56.978 33.703 23.275 14.982 5.429 1.966 16.822 4.142 1.738 573
25 tot 30 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 109.885 60.721 49.164 28.120 15.794 3.632 35.163 8.774 3.788 1.439
25 tot 30 jaar West-Nederland (LD) 2026 304.828 182.938 121.890 78.077 28.060 9.782 93.038 19.133 7.062 2.657
25 tot 30 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 112.035 63.058 48.977 33.319 10.621 3.377 37.778 7.495 2.686 1.018
30 tot 35 jaar Nederland 2026 682.702 278.837 403.865 181.220 173.368 42.346 195.675 105.993 76.354 25.843
30 tot 35 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 59.320 24.529 34.791 15.333 14.796 4.266 14.912 9.313 8.007 2.559
30 tot 35 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 130.833 48.734 82.099 32.362 40.741 7.842 35.302 22.221 17.867 6.709
30 tot 35 jaar West-Nederland (LD) 2026 356.099 151.637 204.462 94.838 83.100 22.241 106.139 51.781 34.516 12.026
30 tot 35 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 136.450 53.937 82.513 38.687 34.731 7.997 39.322 22.678 15.964 4.549
35 tot 40 jaar Nederland 2026 688.546 210.996 477.550 146.435 254.830 72.006 129.473 118.492 161.623 67.962
35 tot 40 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 58.901 18.068 40.833 12.864 20.984 6.774 10.033 9.212 14.912 6.676
35 tot 40 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 135.824 37.096 98.728 26.992 57.372 13.669 23.033 22.784 35.584 17.327
35 tot 40 jaar West-Nederland (LD) 2026 354.543 114.048 240.495 74.898 125.565 37.344 70.827 62.007 76.160 31.501
35 tot 40 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 139.278 41.784 97.494 31.681 50.909 14.219 25.580 24.489 34.967 12.458
40 tot 45 jaar Nederland 2026 651.042 174.654 476.388 117.858 263.637 92.079 101.768 101.563 181.807 91.250
40 tot 45 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 57.979 15.410 42.569 10.954 22.824 8.634 8.818 8.316 16.614 8.821
40 tot 45 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 130.151 31.244 98.907 22.531 58.238 17.669 18.798 19.296 38.783 22.030
40 tot 45 jaar West-Nederland (LD) 2026 331.035 93.004 238.031 58.692 130.065 47.553 53.166 53.044 87.688 44.133
40 tot 45 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 131.877 34.996 96.881 25.681 52.510 18.223 20.986 20.907 38.722 16.266
45 tot 50 jaar Nederland 2026 640.723 168.726 471.997 103.227 265.409 100.983 107.496 101.965 175.379 87.157
45 tot 50 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 58.840 15.564 43.276 9.852 23.864 9.421 9.906 9.045 16.206 8.119
45 tot 50 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 130.377 30.773 99.604 20.602 58.907 19.685 21.022 20.138 37.718 20.726
45 tot 50 jaar West-Nederland (LD) 2026 320.886 88.552 232.334 49.967 129.399 51.571 53.823 51.561 84.247 42.703
45 tot 50 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 130.620 33.837 96.783 22.806 53.239 20.306 22.745 21.221 37.208 15.609
50 tot 55 jaar Nederland 2026 698.201 194.363 503.838 98.516 300.557 102.590 148.090 130.885 157.955 66.908
50 tot 55 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 67.717 18.830 48.887 10.311 29.199 9.240 15.198 12.896 14.850 5.943
50 tot 55 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 144.374 35.963 108.411 19.805 68.105 20.113 30.037 27.357 35.195 15.822
50 tot 55 jaar West-Nederland (LD) 2026 343.019 100.895 242.124 46.809 140.817 53.271 71.594 63.289 74.540 32.701
50 tot 55 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 143.091 38.675 104.416 21.591 62.436 19.966 31.261 27.343 33.370 12.442
55 tot 60 jaar Nederland 2026 785.111 240.611 544.500 94.730 362.548 84.898 239.452 156.068 111.457 37.523
55 tot 60 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 78.633 24.251 54.382 10.368 36.487 7.342 26.204 15.210 9.920 3.048
55 tot 60 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 166.031 45.504 120.527 19.386 84.053 16.646 51.319 34.769 25.615 8.824
55 tot 60 jaar West-Nederland (LD) 2026 373.181 122.458 250.723 44.238 160.961 44.324 108.448 71.967 52.024 18.284
55 tot 60 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 167.266 48.398 118.868 20.738 81.047 16.586 53.481 34.122 23.898 7.367
60 tot 65 jaar Nederland 2026 767.288 264.375 502.913 72.077 380.092 48.083 329.609 112.263 46.889 14.152
60 tot 65 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 77.732 27.057 50.675 7.697 38.821 3.914 35.810 10.257 3.626 982
60 tot 65 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 161.963 50.342 111.621 14.662 87.369 9.008 72.999 25.065 10.544 3.013
60 tot 65 jaar West-Nederland (LD) 2026 358.767 133.051 225.716 33.786 164.655 26.022 142.817 52.158 23.187 7.554
60 tot 65 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 168.826 53.925 114.901 15.932 89.247 9.139 77.983 24.783 9.532 2.603
65 tot 70 jaar Nederland 2026 687.671 258.592 429.079 48.221 353.611 24.816 353.197 55.769 15.443 4.670
65 tot 70 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 72.619 27.028 45.591 5.462 37.896 1.989 39.063 5.034 1.157 337
65 tot 70 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 145.327 49.509 95.818 9.780 80.935 4.547 79.751 12.008 3.150 909
65 tot 70 jaar West-Nederland (LD) 2026 316.365 129.172 187.193 22.233 150.196 13.671 149.492 26.969 8.131 2.601
65 tot 70 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 153.360 52.883 100.477 10.746 84.584 4.609 84.891 11.758 3.005 823
70 tot 75 jaar Nederland 2026 604.984 246.022 358.962 30.767 311.638 14.775 326.287 25.831 5.155 1.689
70 tot 75 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 66.025 25.726 40.299 3.601 35.175 1.339 37.228 2.518 420 133
70 tot 75 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 128.784 48.004 80.780 6.394 71.145 2.801 73.788 5.539 1.102 351
70 tot 75 jaar West-Nederland (LD) 2026 273.201 120.359 152.842 13.909 130.446 7.763 136.816 12.420 2.697 909
70 tot 75 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 136.974 51.933 85.041 6.863 74.872 2.872 78.455 5.354 936 296
75 tot 80 jaar Nederland 2026 582.836 265.677 317.159 20.910 283.339 11.615 299.620 14.275 2.413 851
75 tot 80 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 63.199 27.758 35.441 2.430 31.767 1.121 33.711 1.445 215 70
75 tot 80 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 120.578 52.170 68.408 4.230 61.558 2.294 64.835 2.916 482 175
75 tot 80 jaar West-Nederland (LD) 2026 268.928 129.626 139.302 9.669 123.249 5.843 130.747 6.852 1.256 447
75 tot 80 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 130.131 56.123 74.008 4.581 66.765 2.357 70.327 3.062 460 159
80 tot 85 jaar Nederland 2026 371.143 200.764 170.379 8.998 152.851 7.854 162.957 6.099 996 327
80 tot 85 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 41.258 21.825 19.433 1.015 17.554 795 18.753 587 77 16
80 tot 85 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 76.190 40.166 36.024 1.783 32.466 1.600 34.474 1.289 202 59
80 tot 85 jaar West-Nederland (LD) 2026 166.421 92.723 73.698 4.058 65.799 3.582 70.139 2.868 496 195
80 tot 85 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 87.274 46.050 41.224 2.142 37.032 1.877 39.591 1.355 221 57
85 tot 90 jaar Nederland 2026 218.516 142.750 75.766 3.922 66.016 5.462 72.692 2.549 396 129
85 tot 90 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 23.268 15.069 8.199 454 7.171 531 7.919 248 21 11
85 tot 90 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 43.878 28.319 15.559 724 13.604 1.162 14.937 527 77 18
85 tot 90 jaar West-Nederland (LD) 2026 100.525 66.097 34.428 1.873 30.079 2.328 32.918 1.231 206 73
85 tot 90 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 50.845 33.265 17.580 871 15.162 1.441 16.918 543 92 27
90 tot 95 jaar Nederland 2026 79.409 61.141 18.268 978 14.506 2.657 17.521 646 72 29
90 tot 95 jaar Noord-Nederland (LD) 2026 8.300 6.380 1.920 100 1.549 255 1.850 61 8 1
90 tot 95 jaar Oost-Nederland (LD) 2026 15.388 11.764 3.624 196 2.829 572 3.485 122 15 2
90 tot 95 jaar West-Nederland (LD) 2026 37.120 28.665 8.455 468 6.841 1.104 8.102 310 27 16
90 tot 95 jaar Zuid-Nederland (LD) 2026 18.601 14.332 4.269 214 3.287 726 4.084 153 22 10
95 jaar of ouder Nederland 2026 15.264 12.961 2.303 165 1.372 743 2.171 113 16 3
95 jaar of ouder Noord-Nederland (LD) 2026 1.601 1.379 222 21 126 72 211 10 1 0
95 jaar of ouder Oost-Nederland (LD) 2026 2.829 2.402 427 36 234 155 396 27 4 0
95 jaar of ouder West-Nederland (LD) 2026 7.629 6.467 1.162 80 750 324 1.099 52 8 3
95 jaar of ouder Zuid-Nederland (LD) 2026 3.205 2.713 492 28 262 192 465 24 3 0
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Particuliere huishoudens in Nederland op 1 januari naar samenstelling of grootte van het huishouden, leeftijd van de referentiepersoon en regio.

De volgende uitsplitsingen zijn mogelijk:
- Particuliere huishoudens naar samenstelling, leeftijd van de referentiepersoon en regio;
- Particuliere huishoudens naar grootte, leeftijd van de referentiepersoon en regio.

De in de tabel opgenomen regio's zijn landsdelen, provincies, COROP-gebieden en gemeenten. De gepresenteerde regiototalen betreffen samentellingen van gemeenten. In geval van grenswijzigingen die over verschillende regiogrenzen heen gaan is de indeling van de gemeenten gegroepeerd naar de meest recente situatie.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2000

Status van de cijfers:
Alle in de tabel opgenomen cijfers zijn definitief.

Wijzigingen per 25 september 2026:
De cijfers van 1 januari 2026 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
In het derde kwartaal van 2027 worden de definitieve cijfers van 1 januari 2027 toegevoegd.

Toelichting onderwerpen

Particuliere huishoudens: samenstelling
Particuliere huishoudens naar samenstelling van het huishouden.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf, dus niet-bedrijfsmatig, voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.

Samenstelling huishouden:
Typering van een particulier huishouden op basis van de onderlinge relaties van de personen binnen het huishouden.

Trendbreuk (personen in) particuliere huishoudens
Door de verbeterde waarneming van personen in institutionele huishoudens treedt vanaf 2014 een trendbreuk op in de ontwikkeling van het aantal eenpersoonshuishoudens/alleenstaanden. Circa 35 duizend personen die eerst voornamelijk als alleenstaanden getypeerd waren, verschuiven nu naar de institutionele huishoudens. Het aantal alleenstaanden steeg daardoor van 2013 op 2014 met maar duizend personen. Van 2012 op 2013 was die stijging nog 41 duizend personen. Ook de totale stijging van het aantal huishoudens liep als gevolg hiervan terug van 57 duizend van 2012 op 2013 naar 21 duizend van 2013 op 2014.
Vanaf 2011 is er voor de samenstelling van huishoudensgegevens gebruik gemaakt van een nieuwe productiemethode. In deze nieuwe methode worden voor het bepalen van de huishoudenssamenstelling naast de gegevens uit het gemeentelijke bevolkingsregister ook belastingdienstgegevens over samenwonende paren gebruikt. De uitkomsten op basis van de nieuwe methode sluiten goed aan op de voorgaande uitkomsten, maar er treden vanaf 2011 wel kleine verschuivingen op in het aantal huishoudens naar samenstelling. De grootste verandering betreft het aantal overige huishoudens en de niet-gehuwde paren. In 2011 valt het aantal overige huishoudens 10 duizend lager uit dan in 2010. Het aantal niet gehuwde paren valt navenant hoger uit.

Totaal particuliere huishoudens
Eenpersoonshuishouden
Particulier huishouden bestaande uit één persoon.
Meerpersoonshuishouden
Particulier huishouden bestaande uit twee of meer personen.
Totaal meerpersoonshuishoudens
Totaal aantal particuliere huishoudens bestaande uit twee of meer personen.
Niet-gehuwd paar
Twee personen die een samenwoonrelatie hebben maar niet met elkaar zijn gehuwd of een partnerschapsregistratie hebben gesloten.

Partnerschapsregistratie:
Een op het huwelijk lijkende vorm van vastlegging van een relatie in een akte van de Burgerlijke Stand. De registratie staat open voor paren van gelijk en van verschillend geslacht.
De registratie is ingevoerd in Nederland per 1 januari 1998.
Totaal niet-gehuwde paren
Gehuwd paar
Twee personen die met elkaar gehuwd zijn of samen een geregistreerd partnerschap hebben gesloten.

Partnerschapsregistratie:
Een op het huwelijk lijkende vorm van vastlegging van een relatie in een akte van de Burgerlijke Stand. De registratie staat open voor paren van gelijk en van verschillend geslacht.
De registratie is ingevoerd in Nederland per 1 januari 1998.
Totaal gehuwde paren
Eenouderhuishouden
Eenouderhuishouden:
Particulier huishouden bestaande uit één ouder met één of meer thuiswonende kinderen.

Thuiswonend kind:
Persoon ongeacht leeftijd of burgerlijke staat die een kind-ouderrelatie heeft met één of twee tot het huishouden behorende ouders.
Adoptie- en stiefkinderen in het huishouden worden wel gezien als thuiswonende kinderen, maar pleegkinderen niet.
Totaal eenouderhuishoudens
Eenouderhuishouden:
Particulier huishouden bestaande uit één ouder met één of meer thuiswonende kinderen.
Particuliere huishoudens: grootte
Particuliere huishoudens naar grootte van het huishouden.

Huishoudensgrootte:
Aantal personen dat deel uitmaakt van het huishouden.

Particulier huishouden:
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar particulier, dus niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.

Trendbreuk (personen in) particuliere huishoudens
Door de verbeterde waarneming van personen in institutionele huishoudens treedt vanaf 2014 een trendbreuk op in de ontwikkeling van het aantal eenpersoonshuishoudens/alleenstaanden. Circa 35 duizend personen die eerst voornamelijk als alleenstaanden getypeerd waren, verschuiven nu naar de institutionele huishoudens. Het aantal alleenstaanden steeg daardoor van 2013 op 2014 met maar duizend personen. Van 2012 op 2013 was die stijging nog 41 duizend personen. Ook de totale stijging van het aantal huishoudens liep als gevolg hiervan terug van 57 duizend van 2012 op 2013 naar 21 duizend van 2013 op 2014.
Vanaf 2011 is er voor de samenstelling van huishoudensgegevens gebruik gemaakt van een nieuwe productiemethode. In deze nieuwe methode worden voor het bepalen van de huishoudenssamenstelling naast de gegevens uit het gemeentelijke bevolkingsregister ook belastingdienstgegevens over samenwonende paren gebruikt. De uitkomsten op basis van de nieuwe methode sluiten goed aan op de voorgaande uitkomsten, maar er treden vanaf 2011 wel kleine verschuivingen op in het aantal huishoudens naar samenstelling. De grootste verandering betreft het aantal overige huishoudens en de niet-gehuwde paren. In 2011 valt het aantal overige huishoudens 10 duizend lager uit dan in 2010. Het aantal niet gehuwde paren valt navenant hoger uit.

Meerpersoonshuishouden
Particulier huishouden bestaande uit twee of meer personen.
2 personen
3 personen
4 personen
5 of meer personen