Woningvoorraad op 31 december; 1947 - 2011


Deze tabel bevat de woningvoorraad op 31 december vanaf 1947 uitgesplitst naar landsdelen, provincies en gemeenten.
Alle gemeenten zijn in de tabel ingedeeld bij de huidige provincie.
Hierdoor heeft de provincie Flevoland ook gegevens over de jaren voor 1986.

Gemeenten die overgegaan zijn naar een andere provincie:
Noordoostpolder overgegaan van Overijssel naar Flevoland op 1 januari 1986;
Oudewater overgegaan van Zuid-Holland naar Utrecht op 1 september 1970;
Urk overgegaan van Overijssel naar Flevoland op 1 januari 1986;
Vianen overgegaan van Zuid-Holland naar Utrecht op 1 januari 2002;
Woerden overgegaan van Zuid-Holland naar Utrecht op 1 januari 1989.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1947
Frequentie: 2 maal per jaar

Status van de cijfers:
Definitief.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Deze tabel is gestopt na de publicatie van de cijfers over 2011.
De reden van de stopzetting is dat deze cijfers vanaf 2012 uit een andere bron afkomstig zijn. Om trendbreuken binnen één tabel te voorkomen worden de gegevens over veranderingen in de woningvoorraad vanaf het jaar 2012 gepubliceerd in nieuwe tabellen, zie paragaraaf 3. Koppelingen naar relevante tabellen en artikelen.

Woningvoorraad op 31 december; 1947 - 2011

Regio's Perioden Woningvoorraad op 31 december (aantal)
Nederland 1947 2.094.800
Nederland 1950 2.229.595
Nederland 1955 2.512.270
Nederland 1960 2.871.584
Nederland 1965 3.261.008
Nederland 1970 3.786.524
Nederland 1975 4.388.002
Nederland 1980 4.849.719
Nederland 1985 5.384.081
Nederland 1990 5.892.241
Nederland 1995 6.276.045
Nederland 2000 6.650.911
Nederland 2009 7.172.436
Nederland 2010 7.217.803
Nederland 2011 7.266.295
Groningen (PV) 1947 109.496
Groningen (PV) 1950 114.702
Groningen (PV) 1955 123.635
Groningen (PV) 1960 133.467
Groningen (PV) 1965 147.639
Groningen (PV) 1970 164.753
Groningen (PV) 1975 186.621
Groningen (PV) 1980 200.387
Groningen (PV) 1985 214.827
Groningen (PV) 1990 227.287
Groningen (PV) 1995 236.527
Groningen (PV) 2000 244.205
Groningen (PV) 2009 253.984
Groningen (PV) 2010 254.677
Groningen (PV) 2011 255.957
Friesland (PV) 1947 111.341
Friesland (PV) 1950 115.623
Friesland (PV) 1955 121.619
Friesland (PV) 1960 128.981
Friesland (PV) 1965 141.919
Friesland (PV) 1970 160.733
Friesland (PV) 1975 184.616
Friesland (PV) 1980 203.560
Friesland (PV) 1985 220.673
Friesland (PV) 1990 236.617
Friesland (PV) 1995 250.333
Friesland (PV) 2000 264.115
Friesland (PV) 2009 281.632
Friesland (PV) 2010 282.689
Friesland (PV) 2011 284.033
Drenthe (PV) 1947 54.012
Drenthe (PV) 1950 59.296
Drenthe (PV) 1955 66.749
Drenthe (PV) 1960 75.135
Drenthe (PV) 1965 88.828
Drenthe (PV) 1970 104.941
Drenthe (PV) 1975 125.669
Drenthe (PV) 1980 138.598
Drenthe (PV) 1985 153.617
Drenthe (PV) 1990 169.458
Drenthe (PV) 1995 182.266
Drenthe (PV) 2000 193.292
Drenthe (PV) 2009 207.887
Drenthe (PV) 2010 208.462
Drenthe (PV) 2011 208.911
Overijssel (PV) 1947 132.488
Overijssel (PV) 1950 141.116
Overijssel (PV) 1955 159.583
Overijssel (PV) 1960 182.577
Overijssel (PV) 1965 215.375
Overijssel (PV) 1970 250.438
Overijssel (PV) 1975 292.559
Overijssel (PV) 1980 325.249
Overijssel (PV) 1985 358.812
Overijssel (PV) 1990 375.515
Overijssel (PV) 1995 401.287
Overijssel (PV) 2000 428.623
Overijssel (PV) 2009 463.780
Overijssel (PV) 2010 465.936
Overijssel (PV) 2011 469.442
Flevoland (PV) 1947 416
Flevoland (PV) 1950 1.582
Flevoland (PV) 1955 4.339
Flevoland (PV) 1960 6.086
Flevoland (PV) 1965 1.656
Flevoland (PV) 1970 4.416
Flevoland (PV) 1975 10.122
Flevoland (PV) 1980 24.776
Flevoland (PV) 1985 47.271
Flevoland (PV) 1990 83.719
Flevoland (PV) 1995 103.463
Flevoland (PV) 2000 126.542
Flevoland (PV) 2009 151.282
Flevoland (PV) 2010 153.853
Flevoland (PV) 2011 155.719
Gelderland (PV) 1947 204.887
Gelderland (PV) 1950 223.464
Gelderland (PV) 1955 255.956
Gelderland (PV) 1960 294.366
Gelderland (PV) 1965 340.320
Gelderland (PV) 1970 403.409
Gelderland (PV) 1975 481.912
Gelderland (PV) 1980 537.833
Gelderland (PV) 1985 600.806
Gelderland (PV) 1990 663.494
Gelderland (PV) 1995 711.125
Gelderland (PV) 2000 753.353
Gelderland (PV) 2009 816.894
Gelderland (PV) 2010 822.186
Gelderland (PV) 2011 829.446
Utrecht (PV) 1947 119.639
Utrecht (PV) 1950 125.570
Utrecht (PV) 1955 142.605
Utrecht (PV) 1960 167.820
Utrecht (PV) 1965 191.334
Utrecht (PV) 1970 228.589
Utrecht (PV) 1975 267.608
Utrecht (PV) 1980 302.953
Utrecht (PV) 1985 340.999
Utrecht (PV) 1990 391.978
Utrecht (PV) 1995 421.408
Utrecht (PV) 2000 453.236
Utrecht (PV) 2009 506.189
Utrecht (PV) 2010 509.851
Utrecht (PV) 2011 513.836
Noord-Holland (PV) 1947 443.348
Noord-Holland (PV) 1950 461.903
Noord-Holland (PV) 1955 509.923
Noord-Holland (PV) 1960 568.016
Noord-Holland (PV) 1965 623.005
Noord-Holland (PV) 1970 703.260
Noord-Holland (PV) 1975 783.199
Noord-Holland (PV) 1980 842.052
Noord-Holland (PV) 1985 926.049
Noord-Holland (PV) 1990 1.007.263
Noord-Holland (PV) 1995 1.070.776
Noord-Holland (PV) 2000 1.125.741
Noord-Holland (PV) 2009 1.218.453
Noord-Holland (PV) 2010 1.225.878
Noord-Holland (PV) 2011 1.234.517
Zuid-Holland (PV) 1947 531.063
Zuid-Holland (PV) 1950 554.568
Zuid-Holland (PV) 1955 625.247
Zuid-Holland (PV) 1960 725.316
Zuid-Holland (PV) 1965 813.415
Zuid-Holland (PV) 1970 928.659
Zuid-Holland (PV) 1975 1.044.863
Zuid-Holland (PV) 1980 1.135.451
Zuid-Holland (PV) 1985 1.253.948
Zuid-Holland (PV) 1990 1.334.386
Zuid-Holland (PV) 1995 1.401.669
Zuid-Holland (PV) 2000 1.472.479
Zuid-Holland (PV) 2009 1.567.536
Zuid-Holland (PV) 2010 1.578.881
Zuid-Holland (PV) 2011 1.587.401
Zeeland (PV) 1947 64.685
Zeeland (PV) 1950 71.670
Zeeland (PV) 1955 77.410
Zeeland (PV) 1960 82.303
Zeeland (PV) 1965 89.596
Zeeland (PV) 1970 103.726
Zeeland (PV) 1975 118.459
Zeeland (PV) 1980 132.923
Zeeland (PV) 1985 141.470
Zeeland (PV) 1990 150.590
Zeeland (PV) 1995 157.153
Zeeland (PV) 2000 164.459
Zeeland (PV) 2009 175.849
Zeeland (PV) 2010 176.488
Zeeland (PV) 2011 177.617
Noord-Brabant (PV) 1947 209.870
Noord-Brabant (PV) 1950 231.124
Noord-Brabant (PV) 1955 267.614
Noord-Brabant (PV) 1960 317.951
Noord-Brabant (PV) 1965 383.152
Noord-Brabant (PV) 1970 466.579
Noord-Brabant (PV) 1975 578.158
Noord-Brabant (PV) 1980 655.981
Noord-Brabant (PV) 1985 736.239
Noord-Brabant (PV) 1990 823.157
Noord-Brabant (PV) 1995 886.686
Noord-Brabant (PV) 2000 949.038
Noord-Brabant (PV) 2009 1.026.222
Noord-Brabant (PV) 2010 1.033.423
Noord-Brabant (PV) 2011 1.041.771
Limburg (PV) 1947 113.555
Limburg (PV) 1950 128.977
Limburg (PV) 1955 157.590
Limburg (PV) 1960 189.566
Limburg (PV) 1965 224.769
Limburg (PV) 1970 267.021
Limburg (PV) 1975 314.216
Limburg (PV) 1980 349.956
Limburg (PV) 1985 389.370
Limburg (PV) 1990 428.777
Limburg (PV) 1995 453.352
Limburg (PV) 2000 475.828
Limburg (PV) 2009 502.728
Limburg (PV) 2010 505.479
Limburg (PV) 2011 507.645
Amsterdam 1947 220.739
Amsterdam 1950 226.218
Amsterdam 1955 242.383
Amsterdam 1960 260.405
Amsterdam 1965 271.839
Amsterdam 1970 288.005
Amsterdam 1975 298.045
Amsterdam 1980 301.697
Amsterdam 1985 321.006
Amsterdam 1990 339.559
Amsterdam 1995 357.767
Amsterdam 2000 373.198
Amsterdam 2009 394.196
Amsterdam 2010 397.460
Amsterdam 2011 399.817
's-Gravenhage (gemeente) 1947 124.868
's-Gravenhage (gemeente) 1950 130.008
's-Gravenhage (gemeente) 1955 147.097
's-Gravenhage (gemeente) 1960 170.024
's-Gravenhage (gemeente) 1965 175.325
's-Gravenhage (gemeente) 1970 179.523
's-Gravenhage (gemeente) 1975 182.013
's-Gravenhage (gemeente) 1980 186.768
's-Gravenhage (gemeente) 1985 193.628
's-Gravenhage (gemeente) 1990 199.660
's-Gravenhage (gemeente) 1995 207.150
's-Gravenhage (gemeente) 2000 215.807
's-Gravenhage (gemeente) 2009 237.505
's-Gravenhage (gemeente) 2010 239.145
's-Gravenhage (gemeente) 2011 240.572
Rotterdam 1947 162.836
Rotterdam 1950 168.523
Rotterdam 1955 187.020
Rotterdam 1960 207.050
Rotterdam 1965 225.022
Rotterdam 1970 234.985
Rotterdam 1975 240.340
Rotterdam 1980 242.744
Rotterdam 1985 268.304
Rotterdam 1990 275.119
Rotterdam 1995 279.765
Rotterdam 2000 285.041
Rotterdam 2009 290.027
Rotterdam 2010 292.021
Rotterdam 2011 297.445
Bron: CBS.
Verklaring van tekens