Gem. ink. part. huishoudens naar samenstelling huishouden, na revisie,2002

Gem. ink. part. huishoudens naar samenstelling huishouden, na revisie,2002

Regio's Samenstelling van het huishouden Gemidd. besteedb. inkomen per huishouden (1 000 euro)
West-Nederland Eenpersoonshuishouden 18,3
West-Nederland Eenoudergezin 24,3
Zuidwest-Friesland Eenpersoonshuishouden 16,3
Zuidwest-Friesland Eenoudergezin 23,7
Zuidwest-Drenthe Eenpersoonshuishouden 17,0
Zuidwest-Drenthe Eenoudergezin 24,2
Zuidwest-Overijssel Eenpersoonshuishouden 16,7
Zuidwest-Overijssel Eenoudergezin 24,4
Zuidwest-Gelderland Eenpersoonshuishouden 17,1
Zuidwest-Gelderland Eenoudergezin 27,4
Delft en Westland (CR) Eenpersoonshuishouden 18,1
Delft en Westland (CR) Eenoudergezin 26,7
West-Noord-Brabant (CR) Eenpersoonshuishouden 17,5
West-Noord-Brabant (CR) Eenoudergezin 24,9
Geleen/Sittard Eenpersoonshuishouden 16,9
Geleen/Sittard Eenoudergezin 24,0
Geleen/Sittard Eenpersoonshuishouden 16,8
Geleen/Sittard Eenoudergezin 24,2
Veendam Eenpersoonshuishouden 15,8
Veendam Eenoudergezin 22,5
Heerenveen Eenpersoonshuishouden 16,8
Heerenveen Eenoudergezin 23,9
Weststellingwerf Eenpersoonshuishouden 15,7
Weststellingwerf Eenoudergezin 23,9
Hoogeveen Eenpersoonshuishouden 16,7
Hoogeveen Eenoudergezin 23,7
Steenderen Eenpersoonshuishouden 11,9
Steenderen Eenoudergezin x
Westervoort Eenpersoonshuishouden 17,8
Westervoort Eenoudergezin 23,2
Utrecht (gemeente) Eenpersoonshuishouden 18,5
Utrecht (gemeente) Eenoudergezin 23,8
Veenendaal Eenpersoonshuishouden 17,4
Veenendaal Eenoudergezin 27,4
Amstelveen Eenpersoonshuishouden 22,3
Amstelveen Eenoudergezin 30,1
Wester-Koggenland Eenpersoonshuishouden 18,1
Wester-Koggenland Eenoudergezin 34,0
Westvoorne Eenpersoonshuishouden 20,6
Westvoorne Eenoudergezin 28,1
Waddinxveen Eenpersoonshuishouden 19,5
Waddinxveen Eenoudergezin 27,4
West Maas en Waal Eenpersoonshuishouden 17,2
West Maas en Waal Eenoudergezin 28,5
Steenbergen Eenpersoonshuishouden 16,9
Steenbergen Eenoudergezin 26,1
Heeze-Leende Eenpersoonshuishouden 18,8
Heeze-Leende Eenoudergezin 27,5
Westerveld Eenpersoonshuishouden 17,4
Westerveld Eenoudergezin 22,3
Steenwijkerland Eenpersoonshuishouden 15,9
Steenwijkerland Eenoudergezin 23,7
Sittard-Geleen Eenpersoonshuishouden 16,9
Sittard-Geleen Eenoudergezin 23,6
Bron: cbs.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Sinds 1946 houdt het Centraal Bureau voor de Statistiek regelmatig
onderzoek naar de regionale inkomensverdeling. Deze onderzoeken zijn
voornamelijk gebaseerd op registers afkomstig van het Ministerie van
Financiën (de fiscale registers) en de Nederlandse gemeenten
(de bevolkingsregisters = GBA).
De uiteindelijke RIO resultaten zijn gebaseerd op een steekproef
van 1,9 miljoen huishoudens.

De cijfers in deze tabel wijken af van de eerder gepubliceerde
cijfers over 2002 omdat het besteedbaar inkomen en de ophoging
gebruikt is conform de methodiek 2003 (zie ook 4.5 en 4.7.4).
In het verdere verloop van deze toelichting spreken we
over 'nárevisie 2003'.

Inkomensverdelingen van personen en huishoudens, per landsdeel,
provincie, corop-gebied, grootstedelijke agglomeratie, stadsgewest
en gemeente.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2002

Frequentie: eenmalig
Omdat de gemeentelijke indeling jaarlijks verandert worden de
uitkomsten uit het RIO voor elk afzonderlijk onderzoeksjaar
gepubliceerd; samenvoeging of splitsing van gemeenten heeft tot
gevolg dat alle informatie gerelateerd aan het inkomen in een
nieuw gevormde of gesplitste gemeente aanzienlijk kan wijzigen
waardoor vergelijkbaarheid in de tijd niet mogelijk is.

Toelichting onderwerpen

Gemidd. besteedb. inkomen per huishouden
Gemiddeld besteedbaar inkomen van particuliere huishoudens met inkomen.
Het besteedbaar inkomen is het bruto-inkomen verminderd met de premies
sociale zekerheid en andere betaalde overdrachten (o.a. alimentatie voor
ex-partner) en de loon-, inkomsten- en vermogensbelasting.
Het huishoudeninkomen bestaat uit de som van inkomens van de
afzonderlijke huishoudensleden. Bij ongeveer een procent van de
huishoudens is geen belastbaar inkomen waargenomen. Voor een deel is dit
het gevolg van het onvoldoende kunnen toerekenen van studietoelagen aan
studenten en van andere onvolkomenheden in de gekozen werkwijze.
In het algemeen geldt voor de inkomensstatistiek dat huishoudens waar
uitsluitend kinderbijslag, individuele huursubsidie en of tegemoetkoming
studiekosten wordt waargenomen gerekend wordt tot de huishoudens zonder
(waargenomen) belastbaar inkomen.