Gem.ink. part. huish. naar belangrijkste bron van inkomen, na revisie,2001

Gem.ink. part. huish. naar belangrijkste bron van inkomen, na revisie,2001

Regio's Inkomensbron Aantal huishoudens (x 1 000) Gemidd. besteedb. inkomen per huishouden (1 000 euro)
Achterhoek Totaal particulier huishouden 151,3 27,9
Groot-Amsterdam Totaal particulier huishouden 555,8 26,5
Amsterdam Totaal particulier huishouden 491,4 25,3
Rotterdam Totaal particulier huishouden 453,8 24,8
Amsterdam Totaal particulier huishouden 651,4 26,6
Rotterdam Totaal particulier huishouden 528,8 25,7
Slochteren Totaal particulier huishouden 5,9 27,4
Skarsterlân Totaal particulier huishouden 10,6 27,4
Boarnsterhim Totaal particulier huishouden 7,7 26,4
Lemsterland Totaal particulier huishouden 5,2 27,1
Opsterland Totaal particulier huishouden 11,4 26,5
Terschelling Totaal particulier huishouden 1,9 29,1
Deventer Totaal particulier huishouden 36,1 25,8
Kesteren Totaal particulier huishouden 7,5 30,5
Westervoort Totaal particulier huishouden 6,1 28,3
Winterswijk Totaal particulier huishouden 11,5 26,3
Amsterdam Totaal particulier huishouden 373,9 23,9
Beemster Totaal particulier huishouden 3,3 32,0
Ter Aar Totaal particulier huishouden 3,2 34,3
Drechterland Totaal particulier huishouden 3,7 31,0
Wester-Koggenland Totaal particulier huishouden 5,1 31,1
Monster Totaal particulier huishouden 7,6 29,8
Oudewater Totaal particulier huishouden 3,7 33,0
Rotterdam Totaal particulier huishouden 281,3 23,0
Wateringen Totaal particulier huishouden 6,2 30,6
Zoetermeer Totaal particulier huishouden 44,8 30,4
Zoeterwoude Totaal particulier huishouden 3,0 34,1
Gaasterlân-Sleat Totaal particulier huishouden 4,0 26,2
Terneuzen Totaal particulier huishouden 14,6 27,3
Tytsjerksteradiel Totaal particulier huishouden 12,2 27,6
Oisterwijk Totaal particulier huishouden 9,9 32,2
Oosterhout Totaal particulier huishouden 21,6 29,0
Waterland Totaal particulier huishouden 6,8 33,5
Susteren Totaal particulier huishouden 5,2 28,2
Westerveld Totaal particulier huishouden 7,9 27,7
Zwartewaterland Totaal particulier huishouden 7,6 29,2
Menterwolde Totaal particulier huishouden 5,1 24,5
Bron: cbs.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Sinds 1946 houdt het Centraal Bureau voor de Statistiek regelmatig
onderzoek naar de regionale inkomensverdeling. Deze onderzoeken zijn
voornamelijk gebaseerd op registers afkomstig van het Ministerie van
Financiën (de fiscale registers) en de Nederlandse gemeenten
(de bevolkingsregisters = GBA).
De uiteindelijke RIO resultaten zijn gebaseerd op een steekproef
van 1,9 miljoen huishoudens.

De cijfers in deze tabel wijken af van de eerder gepubliceerde
cijfers over 2001 omdat het besteedbaar inkomen en de ophoging
gebruikt is conform de methodiek 2003 (zie ook 4.5 en 4.7.4).
In het verdere verloop van deze toelichting spreken we
over 'ná revisie 2003'.

Inkomensverdelingen van personen en huishoudens, per landsdeel,
provincie, corop-gebied, grootstedelijke agglomeratie, stadsgewest
en gemeente.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2001

Frequentie: eenmalig
Omdat de gemeentelijke indeling jaarlijks verandert worden de
uitkomsten uit het RIO voor elk afzonderlijk onderzoeksjaar
gepubliceerd; samenvoeging of splitsing van gemeenten heeft tot
gevolg dat alle informatie gerelateerd aan het inkomen in een
nieuw gevormde of gesplitste gemeente aanzienlijk kan wijzigen
waardoor vergelijkbaarheid in de tijd niet mogelijk is.

Toelichting onderwerpen

Aantal huishoudens
De hier opgenomen populatie betreft particuliere huishoudens met inkomen.
Gemidd. besteedb. inkomen per huishouden
Gemiddeld besteedbaar inkomen van particuliere huishoudens met inkomen.
Het besteedbaar inkomen is het bruto-inkomen verminderd met de premies
sociale zekerheid en andere betaalde overdrachten (o.a. alimentatie voor
ex-partner) en de loon-, inkomsten- en vermogensbelasting.
Het huishoudeninkomen bestaat uit de som van inkomens van de
afzonderlijke huishoudensleden. Bij ongeveer een procent van de
huishoudens is geen belastbaar inkomen waargenomen. Voor een deel is dit
het gevolg van het onvoldoende kunnen toerekenen van studietoelagen aan
studenten en van andere onvolkomenheden in de gekozen werkwijze.
In het algemeen geldt voor de inkomensstatistiek dat huishoudens waar
uitsluitend kinderbijslag, individuele huursubsidie en of tegemoetkoming
studiekosten wordt waargenomen gerekend wordt tot de huishoudens zonder
(waargenomen) belastbaar inkomen.