Gem. ink. part. huishoudens naar samenstelling huishouden,na revisie, 2001

Gem. ink. part. huishoudens naar samenstelling huishouden,na revisie, 2001

Regio's Samenstelling van het huishouden Aantal huishoudens (x 1 000) Gemidd. besteedb. inkomen per huishouden (1 000 euro)
Het Gooi en Vechtstreek Totaal particulier huishouden 104,4 32,4
Het Gooi en Vechtstreek Eenpersoonshuishouden 35,8 19,2
Het Gooi en Vechtstreek Paar zonder kinderen 31,0 36,2
Het Gooi en Vechtstreek Paar met kinderen 29,2 44,8
Het Gooi en Vechtstreek Eenoudergezin 6,0 26,3
Apeldoorn Totaal particulier huishouden 63,8 28,4
Apeldoorn Eenpersoonshuishouden 19,6 17,2
Apeldoorn Paar zonder kinderen 20,0 30,7
Apeldoorn Paar met kinderen 19,0 37,1
Apeldoorn Eenoudergezin 3,3 23,7
Apeldoorn Totaal particulier huishouden 85,5 28,8
Apeldoorn Eenpersoonshuishouden 24,8 17,2
Apeldoorn Paar zonder kinderen 27,2 30,6
Apeldoorn Paar met kinderen 26,6 37,1
Apeldoorn Eenoudergezin 4,1 24,4
het Bildt Totaal particulier huishouden 4,2 25,0
het Bildt Eenpersoonshuishouden 1,2 14,2
het Bildt Paar zonder kinderen 1,3 27,8
het Bildt Paar met kinderen 1,4 31,1
het Bildt Eenoudergezin 0,2 21,6
Hellendoorn Totaal particulier huishouden 13,4 28,5
Hellendoorn Eenpersoonshuishouden 2,9 16,2
Hellendoorn Paar zonder kinderen 4,3 27,8
Hellendoorn Paar met kinderen 5,2 35,3
Hellendoorn Eenoudergezin 0,5 25,9
Apeldoorn Totaal particulier huishouden 63,8 28,4
Apeldoorn Eenpersoonshuishouden 19,6 17,2
Apeldoorn Paar zonder kinderen 20,0 30,7
Apeldoorn Paar met kinderen 19,0 37,1
Apeldoorn Eenoudergezin 3,3 23,7
Doorn Totaal particulier huishouden 4,3 33,9
Doorn Eenpersoonshuishouden 1,5 21,0
Doorn Paar zonder kinderen 1,3 37,7
Doorn Paar met kinderen 1,1 46,7
Doorn Eenoudergezin 0,1 27,6
Borger-Odoorn Totaal particulier huishouden 10,5 26,5
Borger-Odoorn Eenpersoonshuishouden 2,3 15,0
Borger-Odoorn Paar zonder kinderen 3,9 27,4
Borger-Odoorn Paar met kinderen 3,6 32,6
Borger-Odoorn Eenoudergezin 0,4 22,3
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Sinds 1946 houdt het Centraal Bureau voor de Statistiek regelmatig
onderzoek naar de regionale inkomensverdeling. Deze onderzoeken zijn
voornamelijk gebaseerd op registers afkomstig van het Ministerie van
Financiën (de fiscale registers) en de Nederlandse gemeenten
(de bevolkingsregisters = GBA).
De uiteindelijke RIO resultaten zijn gebaseerd op een steekproef
van 1,9 miljoen huishoudens.

De cijfers in deze tabel wijken af van de eerder gepubliceerde
cijfers over 2001 omdat het besteedbaar inkomen en de ophoging
gebruikt is conform de methodiek 2003 (zie ook 4.5 en 4.7.4).
In het verdere verloop van deze toelichting spreken we
over 'ná revisie 2003'.

Inkomensverdelingen van personen en huishoudens, per landsdeel,
provincie, corop-gebied, grootstedelijke agglomeratie, stadsgewest
en gemeente.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2001

Frequentie: eenmalig
Omdat de gemeentelijke indeling jaarlijks verandert worden de
uitkomsten uit het RIO voor elk afzonderlijk onderzoeksjaar
gepubliceerd; samenvoeging of splitsing van gemeenten heeft tot
gevolg dat alle informatie gerelateerd aan het inkomen in een
nieuw gevormde of gesplitste gemeente aanzienlijk kan wijzigen
waardoor vergelijkbaarheid in de tijd niet mogelijk is.

Toelichting onderwerpen

Aantal huishoudens
De hier opgenomen populatie betreft particuliere huishoudens met inkomen.
Gemidd. besteedb. inkomen per huishouden
Gemiddeld besteedbaar inkomen van particuliere huishoudens met inkomen.
Het besteedbaar inkomen is het bruto-inkomen verminderd met de premies
sociale zekerheid en andere betaalde overdrachten (o.a. alimentatie voor
ex-partner) en de loon-, inkomsten- en vermogensbelasting.
Het huishoudeninkomen bestaat uit de som van inkomens van de
afzonderlijke huishoudensleden. Bij ongeveer een procent van de
huishoudens is geen belastbaar inkomen waargenomen. Voor een deel is dit
het gevolg van het onvoldoende kunnen toerekenen van studietoelagen aan
studenten en van andere onvolkomenheden in de gekozen werkwijze.
In het algemeen geldt voor de inkomensstatistiek dat huishoudens waar
uitsluitend kinderbijslag, individuele huursubsidie en of tegemoetkoming
studiekosten wordt waargenomen gerekend wordt tot de huishoudens zonder
(waargenomen) belastbaar inkomen.