Innovatie bij bedrijven; 2002-2004

Innovatie bij bedrijven; 2002-2004

SBI '93 Gebruik informatiebronnen innovatoren Interne bronnen Binnen eigen bedrijf/concern Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Commerciële (markt-)bronnen Leveranciers Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Commerciële (markt-)bronnen Afnemers Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Commerciële (markt-)bronnen Concurrenten Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Commerciële (markt-)bronnen Consultants en dergelijke Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Institutionele bronnen Universiteiten Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Institutionele bronnen Overheidsinstellingen Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Overige bronnen Conferenties, beurzen of exposities Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Overige bronnen Vakliteratuur Bron niet gebruikt (%) Gebruik informatiebronnen innovatoren Overige bronnen Beroeps- en brancheverenigingen Bron niet gebruikt (%)
Totaal bedrijven 8 12 23 26 53 69 72 34 31 37
D Industrie 7 10 17 26 51 64 70 27 25 37
DA VV voedings- en genotmiddelen 7 12 19 23 40 62 65 24 22 27
1700a Textiel, kleding en .. - 17 21 37 51 59 66 23 36 36
21 VV papier, karton en papier- en .. 5 6 x 25 49 73 78 28 x 41
22 Uitgeverijen, drukkerijen en repro .. 17 7 30 34 62 77 80 27 22 32
23 Aardolie- en steenkoolverwerkende .. - x x x x 68 79 x x x
2410a Basischemie en vervaardiging .. 2 x 9 10 34 25 34 x 7 38
244 VV farmaceutische producten 13 11 7 25 46 x 62 29 33 x
2420b Overige chemische eindproducten .. 3 15 15 22 x x 66 20 15 x
25 VV producten van rubber en kunststof 4 5 11 21 37 59 69 21 17 36
27 Basismetaalindustrie - 3 25 x 43 55 64 x 20 58
28 VV producten van metaal (geen .. 9 10 21 33 64 66 76 33 33 37
29 VV machines en apparaten 7 10 12 23 51 63 69 32 28 43
DL VV elektrische en optische .. 1 11 12 28 46 53 63 22 19 43
DM Vervaardiging van transportmiddelen 3 5 5 16 43 61 69 18 26 29
2000d Hout-, bouwmaterialen-, .. 12 10 19 20 61 72 74 26 30 34
5000f Commerciële en .. 8 13 24 25 54 71 72 37 34 38
51 Groothandel en handelsbemiddeling .. 3 11 16 20 44 72 70 26 31 41
52 Detailhandel en reparatie voor .. 14 12 42 35 75 78 88 58 60 38
5000e Autobranche en horeca 13 8 37 24 69 88 75 40 x 23
I Vervoer, opslag en communicatie 11 11 25 27 50 77 75 44 39 35
JA Financiële instellingen 6 20 25 33 49 69 75 33 28 27
72 Computerservice- en .. 2 11 11 21 49 62 69 23 21 42
7411b Juridische en administratieve .. 14 20 35 30 67 69 80 61 39 44
742 Architecten-, ingenieurs- en .. 10 18 15 25 50 42 55 26 20 41
7000f Verhuur en overige zakelijke .. 5 15 26 27 50 70 70 41 40 39
90 Milieudienstverlening x - 18 13 30 64 66 20 x 26
93 Overige dienstverlening x 23 49 33 63 73 83 41 30 30
0100d Landbouw, winning, energie en bouw 11 12 38 30 51 73 73 41 34 34
0000b Landbouw, bosbouw, visserij (A+B) 9 17 x 25 46 71 72 46 40 43
C Winning van delfstoffen - x x 26 x 40 70 40 37 53
E Productie en distributie van en .. - x 26 25 x 50 39 34 x 37
F Bouwnijverheid 13 8 42 33 56 76 75 38 x 29
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Het CBS houdt om de twee jaar een Innovatie-enquête. Hiermee wordt een
beeld verkregen van de stand van zaken wat betreft innovatie bij
Nederlandse bedrijven. Het onderzoek omvat een grote diversiteit aan
aspecten van het begrip innovatie. Eén enquête omvat drie verslagjaren
(dit is de verslagperiode). Het laatste jaar in de ene enquête is daarbij
hetzelfde als het eerste jaar in de volgende.
Omdat in iedere nieuwe Innovatie-enquête weer nieuwe onderwerpen worden
opgenomen, worden de resultaten per enquête in een afzonderlijke tabel
weergegeven. Dèze tabel bevat alle resultaten van de Innovatie-enquête voor
de verslagperiode 2002-2004.

De eerste Innovatie-enquête vond plaats over de verslagperiode 1994-1996.
Vanaf deze eerste verslagperiode tot en met verslagperiode 2000-2002 is de
enquête gehouden bij in Nederland gevestigde bedrijven met 10 of meer
werknemers.
In de verslagperiodes 1996-1998 en 1998-2000 zijn ook bedrijven met 1 tot
10 werknemers geënquêteerd.
Vanaf de verslagperiode 2002-2004 betreft de populatie alle bedrijven in
Nederland met 10 of meer werkzame personen.
Het belangrijkste verschil tussen werknemers en werkzame personen is dat
werknemers alleen de personen betreft die op de loonlijst van een bedrijf
voorkomen, terwijl tot de werkzame personen ook de de eigenaren en
meewerkende gezinsleden die niet op de loonlijst voorkomen worden gerekend.
Zie voor de exacte definities de link naar Methoden/Begrippen: href="http://www.cbs.nl/NR/exeres/76ABB32E-7C99-4D65-84E0-1B740B64A0F7"
>Methoden/Begrippen
.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1994-1996

Status van de cijfers: definitief

Wijzigingen ten opzichte van de vorige versie: geen

De resultaten van de Innovatie-enquête 2004-2006 worden in het eerste
kwartaal van 2008 gepubliceerd.

Toelichting onderwerpen

Gebruik informatiebronnen innovatoren
Voor innovatoren is nagegaan van welke informatiebronnen in de
beschouwde periode gebruik is gemaakt om innovatieprojecten te starten
of die bijdroegen aan de uitvoering van bestaande innovatieprojecten.
Interne bronnen
Binnen eigen bedrijf/concern
Bronnen binnen het eigen bedrijf of andere bedrijven binnen het concern.
Bron niet gebruikt
In procenten van de innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Commerciële (markt-)bronnen
Leveranciers
Leveranciers van apparatuur, materialen, componenten of software.
Bron niet gebruikt
In procenten van de innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Afnemers
Bron niet gebruikt
In procenten van de innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Concurrenten
Concurrenten of andere bedrijven in uw bedrijfstak.
Bron niet gebruikt
In procenten van de innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Consultants en dergelijke
Consultants, commerciële laboratoria of particuliere R&D-instituten.
Bron niet gebruikt
In procenten van de innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Institutionele bronnen
Universiteiten
Universiteiten of andere instellingen voor hoger onderwijs.
Bron niet gebruikt
In procenten van de innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Overheidsinstellingen
Overheids- of openbare onderzoeksinstellingen.
Bron niet gebruikt
In procenten van de innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Overige bronnen
Conferenties, beurzen of exposities
Bron niet gebruikt
In procenten van de innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Vakliteratuur
Wetenschappelijke tijdschriften en vak-/technische publicaties.
Bron niet gebruikt
In procenten van de innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.
Beroeps- en brancheverenigingen
Bron niet gebruikt
In procenten van de innovatoren die 1 of meer van de informatiebronnen
hebben gebruikt.