Ondernemingsklimaat; marktwerking internationaal vergeleken 1990-2011


Deze tabel geeft voor Nederland en een vaste groep van referentielanden een indicatie van de marktwerking via een overzicht van indicatoren op het gebied van regelgeving, overheidsmaatregelen en andere barrières die marktwerking (kunnen) beïnvloeden. Deze indicatoren geven informatie over de concurrentiedruk en mark-up (winstmarge), prijsconvergentie, werknemersbescherming, openbare aanbestedingen en staatssteun. Voor het ondernemingsklimaat is het belangrijk dat marktwerking (nationaal en internationaal) zo min mogelijk wordt belemmerd door regelgeving of andere barrières die het voor andere bedrijven moeilijk maken om tot de markt toe te treden.

Let op: Om een internationale vergelijking mogelijk te maken is bij de bepaling van de hier gepresenteerde cijfers gebruikgemaakt van internationaal vergelijkbare definities, die soms afwijken van de normaal door het CBS gehanteerde definities. Hierdoor kunnen verschillen optreden tussen deze cijfers en elders op de CBS-website gepubliceerde nationale cijfers.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1990 tot en met 2011.

Status van de cijfers:
De externe bronnen van deze cijfers leveren regelmatig bijgestelde gegevens over voorgaande perioden. Deze bijgestelde gegevens worden in de tabel niet als zodanig gekenmerkt.

Wijzigingen per 22 december 2017:
Geen, tabel is stop gezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet.

Ondernemingsklimaat; marktwerking internationaal vergeleken 1990-2011

Landen Perioden Mark-upTotale economie (ratio) Mark-upNaar bedrijfstakken/branches0000b Landbouw, bosbouw, visserij (A+B) (ratio) Mark-upNaar bedrijfstakken/branches1000g Industrie, winning en .. (ratio) Mark-upNaar bedrijfstakken/branchesD Industrie (ratio) Mark-upNaar bedrijfstakken/branchesF Bouwnijverheid (ratio) Mark-upNaar bedrijfstakken/branchesDiensten (ratio) Openbare aanbestedingenGerelateerd aan bbp (%) Openbare aanbestedingenGerelateerd aan totale publieke inkoop (%) BelemmeringenVoor ondernemerschap (schaal 0-6) BelemmeringenVoor handel en investeringen (schaal 0-6) Prijsconvergentie (Index prijsniveau EU-27=100) Kosten van ontslag (Aantal weken salaris) Ontslagbescherming (Index (0-100)) Staatssteun (% van het bruto binnenlands product)
Denemarken 1990 1,84 4,64 1,24 . 1,35 1,57 . . . . . . . .
Denemarken 1995 1,92 4,84 1,21 1,67 1,45 1,64 2,6 16,0 . . 138,4 . . 0,66
Denemarken 2000 1,90 3,99 1,36 1,90 1,50 1,56 3,6 20,0 . . 130,3 . . 0,98
Denemarken 2005 1,88 2,24 1,32 1,96 1,43 1,52 2,2 15,0 . . 140,4 0 10 0,80
Denemarken 2010 1,80 2,39 1,27 1,92 1,41 1,49 4,4 25,0 . . 142,4 . . 0,91
Denemarken 2011 1,81 2,74 1,31 1,92 1,34 1,50 . . . . 142,2 . . .
Duitsland 1990 . . . . . . . . . . . . . .
Duitsland 1995 1,82 2,70 1,28 1,40 1,36 1,81 0,9 5,0 . . 118,8 . . 1,38
Duitsland 2000 1,84 3,04 1,25 1,43 1,39 1,79 0,9 5,6 . . 106,6 . . 0,80
Duitsland 2005 1,95 2,87 1,34 1,57 1,50 1,87 1,6 10,0 . . 103,3 69 40 0,75
Duitsland 2010 1,96 3,01 1,50 1,61 1,49 1,83 1,3 6,9 . . 104,3 . . 0,64
Duitsland 2011 1,95 3,40 1,51 1,63 1,53 1,79 . . . . 103,4 . . .
Finland 1990 1,82 5,91 1,40 1,62 1,56 1,47 . . . . . . . .
Finland 1995 2,02 5,71 1,53 1,92 1,82 1,64 1,3 8,0 . . 133,1 . . 2,85
Finland 2000 2,12 5,47 1,66 2,03 1,99 1,73 2,0 13,0 . . 120,9 . . 1,37
Finland 2005 2,04 4,28 1,73 1,93 1,83 1,68 3,3 20,0 . . 123,7 26 40 1,34
Finland 2010 1,95 4,51 1,41 1,84 1,66 1,64 4,6 23,0 . . 123,5 . . 1,14
Finland 2011 1,99 4,51 1,43 1,89 1,73 1,66 . . . . 125,2 . . .
Nederland 1990 1,92 6,35 1,37 1,92 1,62 1,68 . . . . . . . .
Nederland 1995 1,96 5,47 1,40 1,94 1,64 1,70 1,0 4,6 . . 111,3 . . 0,37
Nederland 2000 1,97 4,33 1,47 1,98 1,67 1,71 2,1 10,0 . . 100,1 . . 0,50
Nederland 2005 2,02 3,50 1,54 2,18 1,75 1,71 1,6 6,7 . . 104,7 17 70 0,41
Nederland 2010 1,96 3,21 1,58 2,26 1,71 1,65 1,9 6,1 . . 107,6 . . 0,53
Nederland 2011 1,96 3,05 1,62 2,35 1,79 1,65 . . . . 108,0 . . .
Verenigd Koninkrijk 1990 1,80 3,16 2,03 1,56 1,38 1,60 . . . . . . . .
Verenigd Koninkrijk 1995 1,90 3,86 1,94 1,77 1,55 1,63 3,2 16,0 . . 92,4 . . 0,37
Verenigd Koninkrijk 2000 1,83 2,88 1,81 1,72 1,42 1,57 3,7 23,0 . . 120,0 . . 0,22
Verenigd Koninkrijk 2005 1,85 2,51 2,00 1,70 1,39 1,61 3,5 20,0 . . 109,8 22 10 0,24
Verenigd Koninkrijk 2010 1,82 1,78 1,94 1,68 1,39 1,59 6,5 28,0 . . 100,3 . . 0,29
Verenigd Koninkrijk 2011 1,84 2,58 2,08 1,71 1,42 1,58 . . . . 101,7 . . .
Verenigde Staten 1990 1,73 3,91 1,46 1,63 1,41 1,57 . . . . . . . .
Verenigde Staten 1995 1,75 3,27 1,49 1,68 1,49 1,59 . . . . 88,3 . . .
Verenigde Staten 2000 1,71 3,64 1,50 1,60 1,50 1,58 . . . . 121,2 . . .
Verenigde Staten 2005 1,78 3,98 1,55 1,85 1,71 1,61 . . . . 92,6 0 0 .
Verenigde Staten 2010 1,81 . . . . . . . . . 92,4 . . .
Verenigde Staten 2011 1,81 . . . . . . . . . 88,0 . . .
Zweden 1990 1,70 3,68 1,30 1,60 1,40 1,50 . . . . . . . .
Zweden 1995 1,91 4,31 1,33 1,92 1,76 1,56 2,3 10,0 . . 125,9 . . 0,53
Zweden 2000 1,83 3,27 1,24 1,81 1,70 1,55 3,4 18,0 . . 127,6 . . 0,45
Zweden 2005 1,84 1,96 1,31 1,86 1,68 1,56 3,2 17,0 . . 119,1 26 40 0,97
Zweden 2010 1,88 2,68 1,34 1,97 1,68 1,57 4,9 24,0 . . 121,6 . . 0,83
Zweden 2011 1,90 2,76 1,41 1,98 1,72 1,61 . . . . 127,8 . . .
Bron: CBS.
Verklaring van tekens