Bevolkingskernen 2001; steden en dorpen in Nederland

Bevolkingskernen 2001; steden en dorpen in Nederland

Bevolkingskernen Bevolkingsamenstelling Personen in huishoudens Totaal personen in huishoudens (aantal) Bevolkingsamenstelling Personen in huishoudens Personen in particuliere huishoudens (aantal) Bevolkingsamenstelling Personen in huishoudens Personen in institutionele huishoudens (aantal) Huishoudens naar grootte 2 personen (aantal) Huishoudens naar grootte 3 personen (aantal) Huishoudens naar grootte 4 personen (aantal) Huishoudens naar grootte 5 personen (aantal) Huishoudens naar grootte 6 personen of meer (aantal) Werkzame beroepsbevolking Werkzame personen naar leeftijd Totaal (aantal) Werkzame beroepsbevolking Werkzame personen naar leeftijd 15 tot 25 jaar (aantal) Werkzame beroepsbevolking Werkzame personen naar leeftijd 25 tot 40 jaar (aantal) Werkzame beroepsbevolking Werkzame personen naar leeftijd 40 tot 55 jaar (aantal) Werkzame beroepsbevolking Werkzame personen naar leeftijd 55 tot 65 jaar (aantal) Werkzame beroepsbevolking Werkzame personen naar leeftijd 65 tot 74 jaar (aantal) Werkzame beroepsbevolking Werkzame personen naar bedrijfssectoren Totaal bedrijfssectoren (aantal) Werkzame beroepsbevolking Werkzame personen naar bedrijfssectoren Primaire sector (aantal) Werkzame beroepsbevolking Werkzame personen naar bedrijfssectoren Secundaire sector (aantal) Werkzame beroepsbevolking Werkzame personen naar bedrijfssectoren Tertiaire sector (aantal)
Hoek van Holland-Kern 8.708 8.644 64 1.389 540 535 133 39 4.033 598 1.582 1.480 350 23 4.033 273 584 3.176
Hoek van Holland-Strand 155 155 0 26 13 9 2 1 67 8 20 31 8 0 67 1 8 58
Sas van Gent 3.854 3.775 79 711 236 194 44 11 1.507 212 575 561 151 8 1.507 4 477 1.026
Van Ewijcksluis 214 214 0 43 17 12 1 1 117 13 37 56 9 2 117 7 31 79
Veendam/Wildervank 25.147 24.669 478 3.941 1.504 1.591 457 109 10.285 1.560 4.063 3.759 841 62 10.285 81 2.869 7.335
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In Nederland was het bij de traditionele naoorlogse volkstellingen tot 1971 gebruikelijk om een overzicht van bevolkingsconcentraties met de bijbehorende inwonertallen te verstrekken. Daarvoor werd de zogenaamde plaatselijke indeling gebruikt.
Al bij de Volkstelling van 1947 werd het bestuurlijke niveau van de gemeenten minder geschikt geacht voor het schetsen van een beeld van de verspreiding van de bevolking over het land, vanwege de sterke verschillen in omvang en uitgestrektheid van de gemeenten.
Inmiddels is, sinds 1947, het aantal gemeenten ruimschoots gehalveerd. Een landelijk overzicht van de ruimtelijke spreiding van de bevolking is daarom, meer nog dan vijftig jaar geleden, van belang, temeer omdat het laatste overzicht dateert van drie decennia geleden.
Bij gelegenheid van de Nederlandse virtuele volkstelling 2001 heeft het CBS deze draad weer opgepakt.
Daarbij heeft de wens van de Europese Commissie om via het Europese Volkstellingprogramma 2001 statistische informatie te verkrijgen over de bevolking van de zogenaamde 'urban areas' ook een rol gespeeld.
Naar aanleiding van dit programma heeft het CBS voor alle bevolkingskernen de statistische gegevens samengesteld, en niet alleen voor die kernen die als 'urban areas' door de Europese Unie worden aangemerkt.

Gegevens: verslagjaar 2001.

Wijzigingen ten opzichte van de vorige versie.
Met ingang van 7 december 2012 is de naamgeving van de bevolkingskernen in Friesland met de Friese naamgeving aangevuld.

Status van de cijfers: definitief

Toelichting onderwerpen

Bevolkingsamenstelling
Betreft de geregistreerde bevolking van Nederland op 1 januari 2001 naar
leeftijd, nationaliteit en positie in het huishouden.
Personen in huishoudens
Totaal personen in huishoudens
Personen in particuliere huishoudens
Een particulier huishouden bestaat uit een verzameling van één of meer
personen die een woonruimte bewonen en zichzelf particulier, dat wil
zeggen niet-bedrijfsmatig, voorzien in huisvesting en dagelijkse
levensbehoeften.
Personen in institutionele huishoudens
Een institutioneel huishouden bestaat uit een verzameling van twee of
meer personen die een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden
voorzien van huisvesting en dagelijkse levensbehoeften.
Bij bewoners in institutionele huishoudens gaat het om de bewoners van
instellingen zoals verpleeg-, bejaarden- en kindertehuizen,
gezinsvervangende tehuizen, revalidatiecentra en gevangenissen, die daar
in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Huishoudens naar grootte
2 personen
3 personen
4 personen
5 personen
6 personen of meer
Werkzame beroepsbevolking
Werkzame beroepsbevolking definitie (ILO).
Internationale Labour Organisation.
Werkzame personen naar leeftijd
Totaal
15 tot 25 jaar
25 tot 40 jaar
40 tot 55 jaar
55 tot 65 jaar
65 tot 74 jaar
Werkzame personen naar bedrijfssectoren
Volgens NACE.
Nomenclature des Activités économiques des Communautés Européenne.
Totaal bedrijfssectoren
NACE groepen A tot en met Q.
Primaire sector
NACE groepen A en B.
Secundaire sector
NACE groepen C tot en met F.
Tertiaire sector
NACE groepen G tot en met Q.