Akkerbouwgewassen; productie naar regio

Akkerbouwgewassen; productie naar regio

Gewassen Perioden Regio's Beteelde oppervlakte (ha) Geoogste oppervlakte (ha) Bruto opbrengst per ha (1 000 kg) Totale bruto opbrengst (1 000 kg)
Zaai-uien na uitval 2000 Nederland 13.988 13.244 60,0 788.483
Zaai-uien na uitval 2017 Nederland 26.683 26.123 50,6 1.322.482
Zaai-uien na uitval 2018 Nederland 25.359 24.979 33,1 827.334
Zaai-uien na uitval 2019 Nederland 27.583 27.206 46,9 1.276.784
Zaai-uien na uitval 2020* Nederland . .
Aardappelen (totaal) 2000 Nederland 180.200 174.929 46,5 8.126.799
Aardappelen (totaal) 2017 Nederland 162.671 160.791 46,0 7.391.881
Aardappelen (totaal) 2018 Nederland 164.973 164.597 36,6 6.025.365
Aardappelen (totaal) 2019 Nederland 167.523 165.733 42,0 6.961.230
Aardappelen (totaal) 2020* Nederland 165.614 165.614 42,8 7.089.712
Consumptieaardappelen (totaal) 2000 Nederland 87.439 84.044 53,1 4.465.429
Consumptieaardappelen (totaal) 2017 Nederland 76.304 74.775 52,8 3.950.307
Consumptieaardappelen (totaal) 2018 Nederland 76.348 76.060 41,2 3.132.639
Consumptieaardappelen (totaal) 2019 Nederland 78.887 77.544 47,9 3.716.187
Consumptieaardappelen (totaal) 2020* Nederland 76.706 76.706 48,5 3.719.252
Consumptieaardappelen op klei 2000 Nederland 61.809 59.463 53,2 3.165.512
Consumptieaardappelen op klei 2017 Nederland .
Consumptieaardappelen op klei 2018 Nederland . . . .
Consumptieaardappelen op klei 2019 Nederland .
Consumptieaardappelen op klei 2020* Nederland .
Consumptieaardappelen op zand of veen 2000 Nederland 25.632 24.580 52,9 1.299.914
Consumptieaardappelen op zand of veen 2017 Nederland .
Consumptieaardappelen op zand of veen 2018 Nederland .
Consumptieaardappelen op zand of veen 2019 Nederland .
Consumptieaardappelen op zand of veen 2020* Nederland .
Pootaardappelen (totaal) 2000 Nederland 41.801 41.509 36,0 1.495.767
Pootaardappelen (totaal) 2017 Nederland 42.326 41.978 36,9 1.547.843
Pootaardappelen (totaal) 2018 Nederland 43.548 43.460 31,0 1.346.578
Pootaardappelen (totaal) 2019 Nederland 43.688 43.240 35,8 1.545.981
Pootaardappelen (totaal) 2020* Nederland 43.803 43.803
Pootaardappelen op klei 2000 Nederland 34.706 34.458 36,8 1.268.852
Pootaardappelen op klei 2017 Nederland .
Pootaardappelen op klei 2018 Nederland . . . .
Pootaardappelen op klei 2019 Nederland .
Pootaardappelen op klei 2020* Nederland .
Pootaardappelen op zand of veen 2000 Nederland 7.096 7.052 32,2 226.914
Pootaardappelen op zand of veen 2017 Nederland .
Pootaardappelen op zand of veen 2018 Nederland .
Pootaardappelen op zand of veen 2019 Nederland .
Pootaardappelen op zand of veen 2020* Nederland .
Zetmeelaardappelen 2000 Nederland 50.958 49.376 43,9 2.165.606
Zetmeelaardappelen 2017 Nederland 44.041 44.041 43,0 1.893.758
Zetmeelaardappelen 2018 Nederland 45.077 45.077 34,3 1.546.148
Zetmeelaardappelen 2019 Nederland 44.949 44.949 37,8 1.699.063
Zetmeelaardappelen 2020* Nederland 45.106 45.106
Zaai-uien 2000 Nederland 13.988 13.244 62,0 821.022
Zaai-uien 2017 Nederland 26.683 26.123 55,7 1.453.789
Zaai-uien 2018 Nederland 25.359 24.979 35,5 887.052
Zaai-uien 2019 Nederland 27.583 27.206 50,3 1.369.020
Zaai-uien 2020* Nederland 27.280 27.280 49,5 1.350.338
Poot- en plantuien (2e jaars) 2000 Nederland
Poot- en plantuien (2e jaars) 2017 Nederland
Poot- en plantuien (2e jaars) 2018 Nederland
Poot- en plantuien (2e jaars) 2019 Nederland
Poot- en plantuien (2e jaars) 2020* Nederland 6.487 6.487 53,9 349.617
Gerst, winter 2000 Nederland 3.635 3.630 5,8 20.876
Gerst, winter 2017 Nederland 9.299 9.284 8,6 79.843
Gerst, winter 2018 Nederland 8.244 8.199 8,1 66.043
Gerst, winter 2019 Nederland 11.134 11.092 9,1 100.389
Gerst, winter 2020* Nederland 9.711 9.711 8,8 85.095
Gerst, zomer 2000 Nederland 43.537 43.391 6,2 266.967
Gerst, zomer 2017 Nederland 20.905 20.436 6,1 124.473
Gerst, zomer 2018 Nederland 27.911 27.775 6,7 187.361
Gerst, zomer 2019 Nederland 22.570 22.297 6,6 147.797
Gerst, zomer 2020* Nederland 28.965 28.965 6,3 183.729
Haver 2000 Nederland 2.404 2.366 5,6 13.315
Haver 2017 Nederland 1.495 1.455 4,6 6.728
Haver 2018 Nederland 1.447 1.411 5,0 7.011
Haver 2019 Nederland 1.535 1.430 6,0 8.558
Haver 2020* Nederland 1.568 1.568 5,6 8.826
Maïs, corn cob mix 2000 Nederland 7.219 7.219 18,5 133.274
Maïs, corn cob mix 2017 Nederland 3.589 3.575 13,4 47.956
Maïs, corn cob mix 2018 Nederland 4.511 4.345 7,7 33.501
Maïs, corn cob mix 2019 Nederland 6.632 6.585 10,3 67.773
Maïs, corn cob mix 2020* Nederland 6.732 6.732 8,7 58.342
Maïs, korrelmaïs 2000 Nederland 20.298 20.298 16,9 343.505
Maïs, korrelmaïs 2017 Nederland 8.690 8.671 13,5 116.711
Maïs, korrelmaïs 2018 Nederland 9.735 9.415 9,0 84.788
Maïs, korrelmaïs 2019 Nederland 12.668 12.424 10,3 127.395
Maïs, korrelmaïs 2020* Nederland 12.835 12.835 7,6 97.134
Rogge 2000 Nederland 5.961 5.850 5,0 29.033
Rogge 2017 Nederland 1.496 1.365 3,2 4.385
Rogge 2018 Nederland 1.599 1.557 2,9 4.457
Rogge 2019 Nederland 1.875 1.491 3,6 5.428
Rogge 2020* Nederland 1.903 1.903 3,5 6.690
Tarwe (totaal) 2000 Nederland 136.686 136.072 8,4 1.142.695
Tarwe (totaal) 2017 Nederland 116.429 115.923 9,1 1.054.151
Tarwe (totaal) 2018 Nederland 112.044 111.660 8,8 984.874
Tarwe (totaal) 2019 Nederland 121.064 120.546 9,6 1.157.429
Tarwe (totaal) 2020* Nederland 109.621 109.621 9,4 1.030.620
Tarwe, winter 2000 Nederland 120.510 119.929 8,6 1.032.342
Tarwe, winter 2017 Nederland 108.015 107.574 9,3 996.379
Tarwe, winter 2018 Nederland 96.273 95.971 9,1 874.353
Tarwe, winter 2019 Nederland 112.203 111.756 9,8 1.095.086
Tarwe, winter 2020* Nederland 92.824 92.824 9,8 909.734
Tarwe, zomer 2000 Nederland 16.176 16.143 6,8 110.354
Tarwe, zomer 2017 Nederland 8.414 8.349 6,9 57.772
Tarwe, zomer 2018 Nederland 15.771 15.689 7,0 110.522
Tarwe, zomer 2019 Nederland 8.861 8.790 7,1 62.343
Tarwe, zomer 2020* Nederland 16.797 16.797 7,2 120.879
Triticale 2000 Nederland 6.646 6.609 5,4 36.009
Triticale 2017 Nederland 1.227 1.225 5,2 6.395
Triticale 2018 Nederland 1.154 1.098 5,0 5.450
Triticale 2019 Nederland 1.334 1.326 5,4 7.208
Triticale 2020* Nederland 1.183 1.183 5,8 6.847
Cichorei 2000 Nederland 4.756 4.124 44,7 184.431
Cichorei 2017 Nederland 3.235 3.142 48,6 152.640
Cichorei 2018 Nederland 3.151 3.142 43,4 136.451
Cichorei 2019 Nederland 4.041 3.975 43,2 171.888
Cichorei 2020* Nederland 3.853 3.853 39,7 152.909
Hennep 2000 Nederland 792 792 5,9 4.651
Hennep 2017 Nederland 2.272 1.272 7,5 9.539
Hennep 2018 Nederland 2.122 1.990 7,7 15.323
Hennep 2019 Nederland 1.877 1.877 7,5 14.074
Hennep 2020* Nederland 1.827 1.827 7,1 12.895
Koolzaad (totaal) 2000 Nederland 854 853 3,4 2.907
Koolzaad (totaal) 2017 Nederland 1.947 1.940 4,1 7.894
Koolzaad (totaal) 2018 Nederland 2.048 2.015 2,9 5.836
Koolzaad (totaal) 2019 Nederland 1.794 1.775 3,4 6.038
Koolzaad (totaal) 2020* Nederland 1.695 1.695 3,6 6.116
Lijnzaad 2000 Nederland 4.379 4.373 0,9 4.000
Lijnzaad 2017 Nederland 2.564 2.494 0,6 1.496
Lijnzaad 2018 Nederland 2.232 2.218 0,7 1.508
Lijnzaad 2019 Nederland 2.291 2.291 0,9 2.149
Lijnzaad 2020* Nederland 2.377 2.377 0,7 1.771
vezelvlas 2000 Nederland 4.379 4.379 6,1 26.860
vezelvlas 2017 Nederland 2.564 2.494 4,1 10.224
vezelvlas 2018 Nederland 2.232 2.218 4,0 8.783
vezelvlas 2019 Nederland 2.291 2.291 5,8 13.356
vezelvlas 2020* Nederland 2.377 2.377 3,8 9.081
Bruine bonen 2000 Nederland 1.126 1.126 2,8 3.153
Bruine bonen 2017 Nederland 1.347 1.347 3,5 4.648
Bruine bonen 2018 Nederland 1.036 1.016 1,8 1.829
Bruine bonen 2019 Nederland 1.413 1.413 2,5 3.505
Bruine bonen 2020* Nederland 2.127 2.127 2,7 5.637
Suikerbieten 2000 Nederland 110.998 109.714 61,3 6.727.494
Suikerbieten 2017 Nederland 85.352 85.352 93,3 7.959.266
Suikerbieten 2018 Nederland 85.196 85.196 76,4 6.506.309
Suikerbieten 2019 Nederland 79.176 79.176 83,9 6.644.707
Suikerbieten 2020* Nederland 81.450 81.450 82,9 6.749.731
Maïs, snijmaïs 2000 Nederland 205.321 205.321 39,7 8.154.177
Maïs, snijmaïs 2017 Nederland 205.249 203.511 48,9 9.955.458
Maïs, snijmaïs 2018 Nederland 205.574 203.220 39,9 8.103.000
Maïs, snijmaïs 2019 Nederland 187.400 186.226 43,0 8.014.566
Maïs, snijmaïs 2020* Nederland 195.756 195.756 36,2 7.078.299
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel geeft per akkerbouwgewas informatie over de beteelde en de geoogste oppervlakte, de opbrengst per hectare en de totale opbrengst in een oogstjaar. De gegevens zijn beschikbaar voor Nederland totaal en per provincie.

Met het toepassen van vruchtwisseling voorkomt een akkerbouwer dat de grond uitgeput raakt. Jaarlijks wordt daarom een bouwplan opgesteld dat er voor zorgt dat niet jaar in, jaar uit op hetzelfde perceel hetzelfde gewas wordt verbouwd. Doorgaans bestaat het akkerbouwareaal uit een derde graan (vooral wintertarwe en zomergerst), een kwart aardappelen, een achtste suikerbieten en een tiende deel voor zowel akkerbouwgroenten (vooral uien), als groenvoedergewassen (vooral snijmaïs).

Om tot het cijfer voor de opbrengst te komen wordt eerst een voorlopige oogstraming gemaakt. Dat gebeurt in de maanden augustus tot en met oktober.

De cijfers van de definitieve oogstraming worden deels gepubliceerd eind januari en deels eind maart van het jaar na het oogstjaar.
Deze cijfers staan in deze tabel dan nog als voorlopig tot eind september in het jaar na het oogstjaar.

De opbrengsten per hectare zijn afgerond op 100 kilogram, de totale opbrengsten op 1000 kilogram.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1994.

Status van de cijfers:
De cijfers tot en met 2019 zijn definitief; de cijfers van 2020 zijn voorlopig.

Wijziging per 30 oktober 2020:
De voorlopige cijfers van 2020 voor de bruto opbrengst per hectare en voor de totale bruto opbrengst zijn toegevoegd voor de gewassen: maïs, bruine bonen, vlas, lijnzaad, cichorei, hennep, aardappelen, suikerbieten en uien.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
De voorlopige ramingen worden voor de granen gepubliceerd eind september en voor alle gewassen gepubliceerd eind oktober van het oogstjaar. De cijfers van de definitieve oogstraming worden deels gepubliceerd eind januari en deels eind maart van het jaar na het oogstjaar. Deze cijfers kunnen dan tot eind september nog worden gewijzigd.

Toelichting onderwerpen

Beteelde oppervlakte
Oppervlakte cultuurgrond in gebruik voor de teelt.
Geoogste oppervlakte
Bij de voorlopige raming is dit in principe gelijk aan de beteelde
oppervlakte. Echter op basis van informatie van experts over verwachte
misoogst kan ook bij de voorlopige raming al een inschatting van de
vermoedelijk niet-oogstbare oppervlakte worden gemaakt. In dit geval is de
geoogste oppervlakte kleiner dan de beteelde oppervlakte.
Bij de definitieve oogstraming is dit de oppervlakte waarvan al
geoogst is of naar verwachting nog geoogst zal worden. Dat is dus de
oppervlakte waarop daadwerkelijk productie heeft plaatsgevonden. Dit kan
door omstandigheden (bijvoorbeeld wateroverlast) minder zijn dan de
oorspronkelijk beteelde oppervlakte.
Bruto opbrengst per ha
Bij de bepaling van de opbrengst per hectare (de gemiddelde opbrengst)
wordt alleen gerekend met de hectares die daadwerkelijk geoogst zijn of
nog geoogst zullen worden. Hectares die beteeld waren maar waarvan de
opbrengst verloren is gegaan (bijvoorbeeld door wateroverlast) tellen dus
niet mee.
De opbrengsten van korrelmaïs en corn cob mix zijn berekend in de situatie
waarin deze geoogste gewassen 35 procent vocht zouden bevatten. Bij
snijmaïs is dit gewicht berekend bij een vochtgehalte van 65 procent.
De opbrengst van graan (tarwe, gerst, haver, rogge en triticale) wordt in
de voorlopige raming bepaald als het bruto gewicht van de geoogste
korrels. In de definitieve raming is dit het gewicht in de situatie
waarin elke korrel 16 procent vocht zou bevatten.
Toelichting:
Graan met 16 procent vocht (of minder) is zodanig droog dat het zonder
problemen bewaard kan worden. Meer vocht zou betekenen dat het graan
eerst gedroogd moet worden voordat het opgeslagen kan worden. Dat drogen
kost geld en de bedrijven zullen dus bij voorkeur oogsten bij 16 procent
vochtgehalte. Maar dat lukt niet altijd; in werkelijkheid kan het graan
meer vocht bevatten. Om toch tot een goede schatting te komen van de
daadwerkelijke 'droge' opbrengst worden alle individuele opgaven van de
opbrengsten per hectare (waarvan ook het werkelijke vochtgehalte bekend
is) omgerekend naar de situatie met 16 procent vocht in de korrels.
Totale bruto opbrengst
Tot de totale opbrengst (totale bruto productie) behoort alles wat
geoogst is of (vermoedelijk) geoogst gaat worden. Tot de totale opbrengst
behoort ook dat deel van de productie dat om bijzondere redenen niet
geschikt is voor zijn oorspronkelijke bestemming. Dit geldt echter alleen
als het nog wel voor andere normale bedrijfsdoeleinden kan worden
aangewend (bijv. aardappelen, die alleen nog voor veevoeder te gebruiken
zijn). Hierdoor is de totale bruto opbrengst niet gelijk aan de
handelsproductie.
De opbrengsten van korrelmaïs en corn cob mix zijn berekend in de
situatie waarin deze geoogste gewassen 35 procent vocht zouden bevatten.
Bij snijmaïs is dit gewicht berekend bij een vochtgehalte van 65 procent.
De opbrengst van graan (tarwe, gerst, haver, rogge en triticale) wordt in
de voorlopige raming bepaald als het bruto gewicht van de geoogste
korrels. In de definitieve raming is dit het gewicht in de situatie
waarin elke korrel 16 procent vocht zou bevatten.
Toelichting:
Graan met 16 procent vocht (of minder) is zodanig droog dat het zonder
problemen bewaard kan worden. Meer vocht zou betekenen dat het graan
eerst gedroogd moet worden voordat het opgeslagen kan worden. Dat drogen
kost geld en de bedrijven zullen dus bij voorkeur oogsten bij 16 procent
vochtgehalte. Maar dat lukt niet altijd; in werkelijkheid kan het graan
meer vocht bevatten. Om toch tot een goede schatting te komen van de
daadwerkelijke 'droge' opbrengst worden alle individuele opgaven van de
opbrengsten per hectare (waarvan ook het werkelijke vochtgehalte bekend
is) omgerekend naar de situatie met 16 procent vocht in de korrels.