Mestproductie en mineralenuitscheiding; bedrijfstype, regio, 1994 - 2009

Mestproductie en mineralenuitscheiding; bedrijfstype, regio, 1994 - 2009

Bedrijfstype (NEG) Regio's Perioden Mineralenproductie en gebruiksnormen Geldende gebruiksnormen dierlijke mest Bedrijven zonder overproductie mineralen Aandeel bedrijven zonder overproductie (%) Mineralenproductie en gebruiksnormen Geldende gebruiksnormen dierlijke mest Bedrijven zonder overproductie mineralen Resterende plaatsingsruimte stikstof (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Geldende gebruiksnormen dierlijke mest Bedrijven zonder overproductie mineralen Resterende plaatsingsruimte fosfaat (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Geldende gebruiksnormen dierlijke mest Bedrijven met overproductie mineralen Aandeel bedrijven met overproductie (%) Mineralenproductie en gebruiksnormen Geldende gebruiksnormen dierlijke mest Bedrijven met overproductie mineralen Stikstofoverschot (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Geldende gebruiksnormen dierlijke mest Bedrijven met overproductie mineralen Fosfaatoverschot (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Gebruiksnormen dierlijke mest 2015 Bedrijven zonder overproductie mineralen Aandeel bedrijven zonder overproductie (%) Mineralenproductie en gebruiksnormen Gebruiksnormen dierlijke mest 2015 Bedrijven zonder overproductie mineralen Resterende plaatsingsruimte stikstof (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Gebruiksnormen dierlijke mest 2015 Bedrijven zonder overproductie mineralen Resterende plaatsingsruimte fosfaat (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Gebruiksnormen dierlijke mest 2015 Bedrijven met overproductie mineralen Aandeel bedrijven met overproductie (%) Mineralenproductie en gebruiksnormen Gebruiksnormen dierlijke mest 2015 Bedrijven met overproductie mineralen Stikstofoverschot (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Gebruiksnormen dierlijke mest 2015 Bedrijven met overproductie mineralen Fosfaatoverschot (1 000 kg)
Landbouwbedrijven totaal Nederland 2009 67 143.806 74.098 33 165.667 83.705 66 143.148 51.569 34 172.706 86.894
Landbouwbedrijven totaal Noord-Nederland 2009 71 40.283 20.882 29 18.113 8.094 69 40.122 14.456 31 19.297 8.592
Landbouwbedrijven totaal Oost-Nederland 2009 62 34.698 17.842 38 53.680 27.654 59 34.428 12.107 41 56.281 28.842
Landbouwbedrijven totaal West-Nederland 2009 80 44.149 22.492 20 11.535 5.260 80 44.089 16.036 20 12.037 5.474
Landbouwbedrijven totaal Zuid-Nederland 2009 58 24.676 12.882 42 82.338 42.697 57 24.509 8.971 43 85.091 43.986
Landbouwbedrijven totaal Groningen (provincie) 2009 74 15.736 8.073 26 4.376 1.951 72 15.679 5.646 28 4.732 2.112
Landbouwbedrijven totaal Friesland 2009 62 10.360 5.454 38 8.808 3.689 61 10.330 3.802 39 9.244 3.852
Landbouwbedrijven totaal Drenthe 2009 81 14.186 7.354 19 4.929 2.454 78 14.113 5.008 22 5.321 2.628
Landbouwbedrijven totaal Overijssel 2009 58 9.008 4.779 42 20.496 10.279 54 8.889 3.084 46 21.628 10.768
Landbouwbedrijven totaal Flevoland 2009 84 11.808 6.005 16 2.168 1.055 83 11.763 4.204 17 2.358 1.152
Landbouwbedrijven totaal Gelderland 2009 62 13.882 7.058 38 31.017 16.320 59 13.776 4.819 41 32.295 16.922
Landbouwbedrijven totaal Utrecht (provincie) 2009 54 2.539 1.320 46 5.258 2.518 53 2.529 936 47 5.451 2.604
Landbouwbedrijven totaal Noord-Holland 2009 85 13.403 6.749 15 1.804 736 84 13.391 4.862 16 1.889 769
Landbouwbedrijven totaal Zuid-Holland 2009 82 11.474 5.845 18 2.968 1.258 82 11.453 4.181 18 3.102 1.310
Landbouwbedrijven totaal Zeeland 2009 92 16.732 8.578 8 1.505 749 91 16.716 6.057 9 1.595 791
Landbouwbedrijven totaal Noord-Brabant 2009 54 16.086 8.368 46 60.306 30.541 53 15.966 5.814 47 62.427 31.516
Landbouwbedrijven totaal Limburg 2009 69 8.590 4.514 31 22.032 12.155 68 8.543 3.157 32 22.664 12.470
Landbouwbedrijven totaal Concentratiegebied Oost 2009 53 13.712 7.090 47 44.329 22.739 50 13.556 4.708 50 46.310 23.641
Landbouwbedrijven totaal Concentratiegebied Zuid 2009 52 14.487 7.509 48 78.225 40.699 51 14.361 5.232 49 80.651 41.849
Landbouwbedrijven totaal Niet-concentratiegebied 2009 78 115.607 59.499 22 43.113 20.267 76 115.230 41.629 24 45.745 21.404
Graasdierbedrijven totaal Nederland 2009 59 39.969 20.906 41 43.870 17.148 56 39.547 14.022 44 48.078 18.740
Graasdierbedrijven totaal Noord-Nederland 2009 65 13.025 6.932 35 7.232 2.591 62 12.918 4.667 38 8.005 2.869
Graasdierbedrijven totaal Oost-Nederland 2009 61 13.656 7.045 39 15.658 6.460 57 13.446 4.475 43 17.431 7.152
Graasdierbedrijven totaal West-Nederland 2009 61 9.523 4.904 39 6.400 2.449 60 9.489 3.549 40 6.780 2.589
Graasdierbedrijven totaal Zuid-Nederland 2009 42 3.765 2.024 58 14.580 5.647 39 3.694 1.330 61 15.862 6.130
Graasdierbedrijven totaal Groningen (provincie) 2009 61 2.477 1.310 39 1.822 649 58 2.454 915 42 1.986 706
Graasdierbedrijven totaal Friesland 2009 60 6.586 3.514 40 4.563 1.618 58 6.561 2.430 42 4.944 1.754
Graasdierbedrijven totaal Drenthe 2009 79 3.962 2.109 21 847 324 73 3.903 1.322 27 1.075 410
Graasdierbedrijven totaal Overijssel 2009 62 5.591 2.995 38 6.028 2.383 57 5.479 1.820 43 6.867 2.702
Graasdierbedrijven totaal Flevoland 2009 30 275 149 70 936 344 27 268 93 73 1.026 376
Graasdierbedrijven totaal Gelderland 2009 62 7.790 3.901 38 8.694 3.734 58 7.699 2.562 42 9.538 4.074
Graasdierbedrijven totaal Utrecht (provincie) 2009 51 1.832 957 49 2.759 1.106 49 1.823 674 51 2.917 1.166
Graasdierbedrijven totaal Noord-Holland 2009 71 3.856 1.934 29 1.240 450 70 3.847 1.428 30 1.314 477
Graasdierbedrijven totaal Zuid-Holland 2009 60 3.153 1.634 40 1.911 713 59 3.144 1.184 41 2.016 749
Graasdierbedrijven totaal Zeeland 2009 65 682 380 35 489 180 62 675 264 38 534 197
Graasdierbedrijven totaal Noord-Brabant 2009 39 2.565 1.363 61 12.380 4.795 36 2.511 883 64 13.454 5.199
Graasdierbedrijven totaal Limburg 2009 55 1.200 661 45 2.200 852 52 1.183 448 48 2.408 931
Graasdierbedrijven totaal Concentratiegebied Oost 2009 57 8.735 4.472 43 13.363 5.583 52 8.595 2.847 48 14.752 6.131
Graasdierbedrijven totaal Concentratiegebied Zuid 2009 38 2.351 1.223 62 13.432 5.213 34 2.300 809 66 14.514 5.622
Graasdierbedrijven totaal Niet-concentratiegebied 2009 65 28.882 15.210 35 17.076 6.351 62 28.653 10.366 38 18.812 6.987
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Nederland 2009 42 11.941 8.071 58 27.513 9.946 36 11.604 3.781 64 30.997 11.188
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Noord-Nederland 2009 46 4.216 2.949 54 5.923 2.049 42 4.124 1.422 58 6.633 2.297
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Oost-Nederland 2009 49 4.842 3.008 51 7.486 2.806 40 4.659 1.314 60 8.941 3.336
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven West-Nederland 2009 39 2.103 1.557 61 4.671 1.690 37 2.084 819 63 4.965 1.792
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Zuid-Nederland 2009 21 780 558 79 9.434 3.400 16 737 227 84 10.458 3.763
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Groningen (provincie) 2009 37 554 435 63 1.528 526 33 534 202 67 1.681 578
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Friesland 2009 39 1.914 1.447 61 3.914 1.353 37 1.895 722 63 4.265 1.475
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Drenthe 2009 73 1.749 1.067 27 481 171 62 1.694 498 38 687 244
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Overijssel 2009 49 2.292 1.462 51 3.668 1.373 40 2.194 627 60 4.392 1.636
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Flevoland 2009 22 85 57 78 715 251 18 78 22 82 800 281
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Gelderland 2009 51 2.465 1.489 49 3.103 1.182 42 2.386 665 58 3.748 1.419
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Utrecht (provincie) 2009 29 451 337 71 1.963 733 27 446 174 73 2.084 778
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Noord-Holland 2009 52 823 601 48 878 303 50 818 323 50 936 323
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Zuid-Holland 2009 39 713 540 61 1.503 539 38 710 289 62 1.581 564
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Zeeland 2009 44 116 79 56 328 115 35 110 33 65 364 128
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Noord-Brabant 2009 19 560 389 81 8.109 2.930 14 528 153 86 8.968 3.234
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Limburg 2009 32 219 168 68 1.326 471 25 209 73 75 1.490 529
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Concentratiegebied Oost 2009 42 2.864 1.784 58 6.297 2.393 34 2.740 744 66 7.428 2.809
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Concentratiegebied Zuid 2009 15 425 303 85 8.680 3.134 11 396 116 89 9.541 3.439
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Niet-concentratiegebied 2009 47 8.652 5.985 53 12.537 4.419 43 8.468 2.921 57 14.028 4.940
Overige melkveebedrijven Nederland 2009 46 1.318 820 54 2.334 1.043 45 1.316 549 55 2.450 1.104
Overige melkveebedrijven Noord-Nederland 2009 75 467 299 25 173 72 75 467 205 25 180 75
Overige melkveebedrijven Oost-Nederland 2009 36 394 207 64 1.152 535 35 393 139 65 1.214 574
Overige melkveebedrijven West-Nederland 2009 65 343 209 35 235 106 65 343 144 35 245 110
Overige melkveebedrijven Zuid-Nederland 2009 27 114 105 73 774 330 24 113 62 76 812 346
Overige melkveebedrijven Groningen (provincie) 2009 71 89 68 29 26 10 71 89 45 29 26 10
Overige melkveebedrijven Friesland 2009 72 252 130 28 128 53 72 252 96 28 132 55
Overige melkveebedrijven Drenthe 2009 83 126 101 17 20 9 83 126 64 17 22 10
Overige melkveebedrijven Overijssel 2009 36 118 65 64 442 203 33 118 45 67 462 214
Overige melkveebedrijven Flevoland 2009 17 68 32 83 60 23 17 68 25 83 63 25
Overige melkveebedrijven Gelderland 2009 39 208 110 61 650 310 37 207 69 63 689 335
Overige melkveebedrijven Utrecht (provincie) 2009 32 23 16 68 112 57 32 23 10 68 118 59
Overige melkveebedrijven Noord-Holland 2009 84 172 90 16 42 16 84 172 66 16 43 16
Overige melkveebedrijven Zuid-Holland 2009 66 118 67 34 41 18 66 118 47 34 43 19
Overige melkveebedrijven Zeeland 2009 74 30 37 26 40 16 74 30 22 26 41 16
Overige melkveebedrijven Noord-Brabant 2009 22 80 61 78 657 282 19 79 36 81 688 295
Overige melkveebedrijven Limburg 2009 39 35 44 61 117 47 39 35 25 61 124 51
Overige melkveebedrijven Concentratiegebied Oost 2009 28 140 78 72 1.051 498 26 139 48 74 1.100 529
Overige melkveebedrijven Concentratiegebied Zuid 2009 18 55 53 83 746 320 16 54 30 84 779 334
Overige melkveebedrijven Niet-concentratiegebied 2009 68 1.123 690 32 538 225 67 1.122 471 33 571 241
Overige graasdierbedrijven Nederland 2009 74 26.709 12.015 26 14.022 6.159 73 26.628 9.692 27 14.631 6.448
Overige graasdierbedrijven Noord-Nederland 2009 85 8.342 3.685 15 1.136 470 84 8.327 3.041 16 1.193 498
Overige graasdierbedrijven Oost-Nederland 2009 72 8.420 3.831 28 7.020 3.119 70 8.395 3.022 30 7.276 3.242
Overige graasdierbedrijven West-Nederland 2009 79 7.076 3.138 21 1.494 653 78 7.062 2.587 22 1.570 686
Overige graasdierbedrijven Zuid-Nederland 2009 60 2.871 1.361 40 4.373 1.917 58 2.844 1.042 42 4.592 2.022
Overige graasdierbedrijven Groningen (provincie) 2009 85 1.835 807 15 268 113 83 1.831 668 17 279 118
Overige graasdierbedrijven Friesland 2009 86 4.420 1.937 14 521 212 86 4.414 1.613 14 547 224
Overige graasdierbedrijven Drenthe 2009 83 2.087 941 17 346 145 83 2.082 760 17 367 156
Overige graasdierbedrijven Overijssel 2009 75 3.181 1.468 25 1.917 807 74 3.167 1.149 26 2.013 852
Overige graasdierbedrijven Flevoland 2009 54 122 60 46 161 71 52 122 45 48 163 71
Overige graasdierbedrijven Gelderland 2009 70 5.117 2.303 30 4.941 2.242 68 5.105 1.828 32 5.100 2.319
Overige graasdierbedrijven Utrecht (provincie) 2009 75 1.357 604 25 684 317 74 1.354 490 26 715 330
Overige graasdierbedrijven Noord-Holland 2009 83 2.861 1.243 17 321 132 82 2.857 1.039 18 334 137
Overige graasdierbedrijven Zuid-Holland 2009 80 2.322 1.027 20 368 155 79 2.316 849 21 393 166
Overige graasdierbedrijven Zeeland 2009 75 536 263 25 121 49 74 536 209 26 129 53
Overige graasdierbedrijven Noord-Brabant 2009 57 1.925 912 43 3.615 1.583 55 1.904 693 45 3.798 1.670
Overige graasdierbedrijven Limburg 2009 69 946 449 31 758 334 67 940 349 33 794 351
Overige graasdierbedrijven Concentratiegebied Oost 2009 69 5.730 2.611 31 6.016 2.692 67 5.715 2.056 33 6.225 2.792
Overige graasdierbedrijven Concentratiegebied Zuid 2009 57 1.872 868 43 4.006 1.760 54 1.850 663 46 4.194 1.850
Overige graasdierbedrijven Niet-concentratiegebied 2009 82 19.107 8.535 18 4.001 1.707 81 19.062 6.973 19 4.212 1.806
Bron: CBS
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


De tabel bevat cijfers over de mestproductie en de daarmee uitgescheiden
hoeveelheid stikstof en fosfaat. De productie van de beide mineralen wordt
getoond in klassen (kg per hectare) met daarbij de verdeling van de
landbouwbedrijven over deze klassen. Ook wordt de mestproductie vergeleken
met de plaatsingsruimte volgens de geldende gebruiksnormen en volgens de
gebruiksnormen bij evenwichtsbemesting (geldig vanaf 2015).
Deze tabel is stopgezet en vervangen door de nieuwe tabel href="http://statline.cbs.nl/StatWeb/selection/?DM=SLNL&PA=80885NED"
>Dierlijke mest; mestproductie en mineralenuitscheiding per bedrijfstype.
In de nieuwe tabel zijn de gasvormige stikstofverliezen voor alle
jaren herberekend met de nieuwe geharmoniseerde berekeningsmethodiek van
de Commissie Deskundigen Meststoffenwet. Daarnaast is de vergelijking van
de mestproductie met de gebruiksnormen bij evenwichtsbemesting komen te
vervallen.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1994.

Wijzigingen per 1 december 2010:
De definitieve cijfers over 2009 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Tabel stopgezet per 28 februari 2011.

Toelichting onderwerpen

Mineralenproductie en gebruiksnormen
Mineralenproductie is de productie van stikstof en fosfaat in dierlijke
mest op een landbouwbedrijf. De stikstofproductie wordt afwijkend
gedefinieerd van de stikstofuitscheiding. Stikstofuitscheiding betreft de
uitgescheiden hoeveelheid stikstof en stikstofverbindingen (als N-totaal),
dus inclusief de gasvormige stikstofverbindingen (NH3, N2, NO, N2O) die
vervluchtigen tijdens bewaring van de mest in stal en opslag.
Stikstofproductie heeft betrekking op de hoeveelheid stikstof in bewaarde
mest, dus exclusief de gasvormige stikstofverliezen die optreden in stal
en opslag, plus de stikstofuitscheiding tijdens beweiding van graasdieren.
Het gaat dus om stikstof in de mest op het moment van feitelijk gebruik
(tijdens het weiden) of bij mogelijk gebruik (bewaarde mest). In de
mestwetgeving wordt deze stikstofproductie getoetst aan gebruiksnormen.
Fosfaatuitscheiding betreft de hoeveelheid fosfaat (als P2O5) in de
geproduceerde dierlijke mest. Er zijn bij fosfaat geen gasvormige
verliezen.
Bemestbare cultuurgrond is beteelbare cultuurgrond waarop dierlijke mest
kan worden toegepast. Dit omvat alle cultuurgrond behalve cultuurgrond die
braak ligt of gebruikt wordt voor de teelt van snelgroeiend hout
en groenbemestingsgewassen. De oppervlakte is in gemeten maat, dat wil
zeggen de netto beteelbare oppervlakte, inclusief voren en paden die voor
de teelt noodzakelijk zijn.
Geldende gebruiksnormen dierlijke mest
Vergelijking van de mineralenproductie in dierlijke mest met de
geldende gebruiksnorm voor dierlijke mest.
Tot 1998 gold alleen een gebruiksnorm voor fosfaat in dierlijke mest. Van
1998 tot en met 2005 (in die periode was het Mineralenaangiftesysteem
Minas van kracht) is de gebruiksnorm dierlijke mest afgeleid uit de som
van het toegestane fosfaatverlies en de fosfaatafvoer met het gewas. Voor
stikstof is onder Minas geen gebruiksnorm voor dierlijke mest af te leiden
omdat in het aangiftesysteem de aanvoer van stikstof uit kunstmest is
inbegrepen in het toegestane verlies. Met ingang van 2006 geldt een
gebruiksnorm voor dierlijke mest van 170 kg N/ha. Voor bedrijven waarvan
het areaal voor tenminste 70% uit grasland bestaat, is de gebruiksnorm
250 kg N/ha. De gebruiksnorm voor fosfaat wordt geleidelijk aangescherpt.
In 1994 bedroeg de gebruiksnorm voor dierlijke mest 200 kg P2O5 per
hectare grasland en 125 kg P205 per hectare bouwland. In 2008 mag nog
100 kg P2O5 per hectare grasland en 85 kg P2O5 per hectare bouwland
worden toegepast.
Bedrijven zonder overproductie mineralen
Bedrijven waarbij de stikstof- en fosfaatproductie niet groter is dan de
plaatsingsruimte op basis van de gebruiksnorm. De plaatsingsruimte wordt
berekend door de beschikbare oppervlakte bemestbare cultuurgrond te
vermenigvuldigen met de geldende gebruiksnormen voor stikstof en fosfaat
in dierlijke mest.
Van 1998 tot en met 2005 (Mineralenaangiftesysteem Minas) is de geldende
gebruiksnorm afgeleid uit de som van het toegestane fosfaatverlies en de
fosfaatafvoer met het gewas.
Bij de bepaling van de (resterende) plaatsingsruimte zijn andere factoren
zoals de acceptatie van dierlijke mest in de praktijk, buiten beschouwing
gelaten.
Aandeel bedrijven zonder overproductie
De bedrijven zonder overproductie van stikstof en fosfaat, als percentage
van het totale aantal landbouwbedrijven.
Resterende plaatsingsruimte stikstof
Het verschil tussen plaatsingsruimte en stikstofproductie op bedrijven met
een stikstof- en fosfaatproductie die onder de geldende gebruiksnormen
blijven. In theorie kan op die bedrijven nog stikstof worden aangevoerd.
Bij de bepaling van de resterende plaatsingsruimte zijn andere factoren
zoals de acceptatie van dierlijke mest in de praktijk, buiten beschouwing
gelaten.
Resterende plaatsingsruimte fosfaat
Het verschil tussen plaatsingsruimte en fosfaatproductie op bedrijven met
een fosfaat- en stikstofproductie die onder de geldende gebruiksnormen
blijven. In theorie kan op die bedrijven nog fosfaat worden aangevoerd.
Bij de bepaling van de resterende plaatsingsruimte zijn andere factoren
zoals de acceptatie van dierlijke mest in de praktijk, buiten beschouwing
gelaten.
Bedrijven met overproductie mineralen
Bedrijven waarbij de stikstof- of fosfaatproductie groter is dan de
plaatsingsruimte op basis van de gebruiksnorm. Deze bedrijven zullen het
overschot moeten afvoeren naar bedrijven zonder overproductie. Andere
mogelijkheden zijn mestverwerking en uitvoer van mest.
Bij de bepaling van de (resterende) plaatsingsruimte zijn andere factoren
zoals de acceptatie van dierlijke mest in de praktijk, buiten beschouwing
gelaten.
Aandeel bedrijven met overproductie
De bedrijven met overproductie van stikstof of fosfaat, als percentage
van het totale aantal landbouwbedrijven.
Stikstofoverschot
De stikstofproductie minus de plaatsingsruimte voor stikstof op bedrijven
met overproductie van stikstof.
Het kan voorkomen dat de plaatsingsruimte voor stikstof niet overschreden
wordt, maar wel die van fosfaat. In dat geval moet toch mest worden
afgevoerd en wordt het 'stikstofoverschot' bepaald door de verhouding
tussen stikstof en fosfaat in de af te voeren mest.
Fosfaatoverschot
De fosfaatproductie minus de plaatsingsruimte voor fosfaat op bedrijven
met overproductie van fosfaat.
Het kan voorkomen dat de plaatsingsruimte voor fosfaat niet wordt
overschreden, maar wel die van stikstof. In dat geval moet toch mest
worden afgevoerd en wordt het 'fosfaatoverschot' bepaald door de
verhouding tussen stikstof en fosfaat in de af te voeren mest.
Gebruiksnormen dierlijke mest 2015
Vergelijking van de mineralenproductie in dierlijke mest met de
gebruiksnorm in 2015.
In 2015 zijn de normen voor fosfaat gebaseerd op evenwichtsbemesting, wat
wil zeggen dat er niet meer fosfaat op het land mag worden gebracht dan
door het gewas wordt opgenomen.
Voor stikstof is uitgegaan van de aanname dat de gebruiksnorm dierlijke
mest, met inbegrip van de mogelijkheid om gebruik te maken van
een ruimere stikstofnorm, niet verandert ten opzichte van 2006.
Voor de jaren 1994 tot en met 1998 zijn alleen gasvormige
stikstofverliezen in de vorm van ammoniak berekend. Vanaf 1999 zijn ook
overige stikstofverliezen berekend (NO, N2O en N2). De aan de
gebruiksnorm getoetste stikstofproductie (stikstofuitscheiding minus
gasvormige verliezen) voor de periode 1994-1998 is dus niet zondermeer
vergelijkbaar met de berekende stikstofproductie vanaf 1999. Door
alleen te corrigeren voor ammoniakverliezen ontstaat een te negatief
beeld bij de toetsing aan gebruiksnormen.
Bedrijven zonder overproductie mineralen
Bedrijven waarbij de stikstof- en fosfaatproductie niet groter zijn dan de
plaatsingsruimte op basis van de gebruiksnormen voor stikstof en fosfaat.
De plaatsingsruimte wordt berekend door de beschikbare oppervlakte
bemestbare cultuurgrond te vermenigvuldigen met de vanaf 2015 geldende
gebruiksnormen voor stikstof en fosfaat in dierlijke mest.
Aandeel bedrijven zonder overproductie
De bedrijven zonder overproductie van stikstof en fosfaat als percentage
van het totale aantal landbouwbedrijven.
Resterende plaatsingsruimte stikstof
Het verschil tussen plaatsingsruimte en stikstofproductie op bedrijven met
een stikstof- en fosfaatproductie die onder de geldende gebruiksnormen
blijven. In theorie kan op die bedrijven nog stikstof worden aangevoerd.
Bij de bepaling van de resterende plaatsingsruimte zijn andere factoren
zoals de acceptatie van dierlijke mest in de praktijk, buiten beschouwing
gelaten.
Resterende plaatsingsruimte fosfaat
Het verschil tussen plaatsingsruimte en fosfaatproductie op bedrijven met
een fosfaat- en stikstofproductie die onder de geldende gebruiksnormen
blijven. In theorie kan op die bedrijven nog fosfaat worden aangevoerd.
Bij de bepaling van de resterende plaatsingsruimte zijn andere factoren
zoals de acceptatie van dierlijke mest in de praktijk, buiten beschouwing
gelaten.
Bedrijven met overproductie mineralen
Bedrijven waarbij de stikstof- of de fosfaatproductie groter is dan de
plaatsingsruimte op basis van de gebruiksnormen voor stikstof en fosfaat.
Deze bedrijven zullen het overschot af moeten voeren naar bedrijven zonder
overproductie. Andere mogelijkheden zijn mestverwerking en uitvoer van
mest.
De plaatsingsruimte wordt berekend door de beschikbare oppervlakte
bemestbare cultuurgrond te vermenigvuldigen met de vanaf 2015 geldende
gebruiksnormen voor stikstof en fosfaat in dierlijke mest.
Aandeel bedrijven met overproductie
De bedrijven met overproductie van stikstof of fosfaat, als percentage
van het totale aantal landbouwbedrijven.
Stikstofoverschot
De stikstofproductie minus de plaatsingsruimte voor stikstof op bedrijven
met overproductie van stikstof.
Als de plaatsingsruimte voor stikstof niet wordt overschreden maar wel die
van fosfaat, dan moet toch mest worden afgevoerd. In zulke gevallen wordt
het "stikstofoverschot" bepaald door de verhouding tussen stikstof en
fosfaat in de af te voeren mest.
Fosfaatoverschot
De fosfaatproductie minus de plaatsingsruimte voor fosfaat op bedrijven
met overproductie van fosfaat.
Als niet de plaatsingsruimte voor fosfaat wordt overschreden maar wel die
van stikstof, dan moet toch mest worden afgevoerd. In zulke gevallen wordt
het "fosfaatoverschot" bepaald door de verhouding tussen stikstof en
fosfaat in de af te voeren mest.