Mestproductie en mineralenuitscheiding; bedrijfstype, regio, 1994 - 2009

Mestproductie en mineralenuitscheiding; bedrijfstype, regio, 1994 - 2009

Bedrijfstype (NEG) Regio's Perioden Stikstofproductie Stikstofproductie per hectare Bedrijven per stikstofproductieklasse 0-170 kg/ha (%) Stikstofproductie Stikstofproductie per hectare Bedrijven per stikstofproductieklasse 170-250 kg/ha (%) Stikstofproductie Stikstofproductie per hectare Bedrijven per stikstofproductieklasse 250-1000 kg/ha (%) Stikstofproductie Stikstofproductie per hectare Bedrijven per stikstofproductieklasse > 1000 kg/ha (%) Fosfaatproductie Fosfaatproductie per hectare Bedrijven per fosfaatproductieklasse 0-60 kg/ha (%) Fosfaatproductie Fosfaatproductie per hectare Bedrijven per fosfaatproductieklasse 60-110 kg/ha (%) Fosfaatproductie Fosfaatproductie per hectare Bedrijven per fosfaatproductieklasse 110-500 kg/ha (%) Fosfaatproductie Fosfaatproductie per hectare Bedrijven per fosfaatproductieklasse > 500 kg/ha (%) Mineralenproductie en gebruiksnormen Geldende gebruiksnormen dierlijke mest Bedrijven zonder overproductie mineralen Aandeel bedrijven zonder overproductie (%) Mineralenproductie en gebruiksnormen Geldende gebruiksnormen dierlijke mest Bedrijven zonder overproductie mineralen Resterende plaatsingsruimte stikstof (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Geldende gebruiksnormen dierlijke mest Bedrijven zonder overproductie mineralen Resterende plaatsingsruimte fosfaat (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Geldende gebruiksnormen dierlijke mest Bedrijven met overproductie mineralen Aandeel bedrijven met overproductie (%) Mineralenproductie en gebruiksnormen Geldende gebruiksnormen dierlijke mest Bedrijven met overproductie mineralen Stikstofoverschot (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Geldende gebruiksnormen dierlijke mest Bedrijven met overproductie mineralen Fosfaatoverschot (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Gebruiksnormen dierlijke mest 2015 Bedrijven zonder overproductie mineralen Aandeel bedrijven zonder overproductie (%) Mineralenproductie en gebruiksnormen Gebruiksnormen dierlijke mest 2015 Bedrijven zonder overproductie mineralen Resterende plaatsingsruimte stikstof (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Gebruiksnormen dierlijke mest 2015 Bedrijven zonder overproductie mineralen Resterende plaatsingsruimte fosfaat (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Gebruiksnormen dierlijke mest 2015 Bedrijven met overproductie mineralen Aandeel bedrijven met overproductie (%) Mineralenproductie en gebruiksnormen Gebruiksnormen dierlijke mest 2015 Bedrijven met overproductie mineralen Stikstofoverschot (1 000 kg) Mineralenproductie en gebruiksnormen Gebruiksnormen dierlijke mest 2015 Bedrijven met overproductie mineralen Fosfaatoverschot (1 000 kg) Aantal landbouwbedrijven (aantal)
Landbouwbedrijven totaal Nederland 2009 54 16 22 9 53 26 12 9 67 143.806 74.098 33 165.667 83.705 66 143.148 51.569 34 172.706 86.894 73.008
Landbouwbedrijven totaal Noord-Nederland 2009 51 22 24 4 50 40 7 4 71 40.283 20.882 29 18.113 8.094 69 40.122 14.456 31 19.297 8.592 12.995
Landbouwbedrijven totaal Oost-Nederland 2009 44 21 25 11 43 31 15 11 62 34.698 17.842 38 53.680 27.654 59 34.428 12.107 41 56.281 28.842 23.334
Landbouwbedrijven totaal West-Nederland 2009 70 12 15 3 69 21 6 3 80 44.149 22.492 20 11.535 5.260 80 44.089 16.036 20 12.037 5.474 18.700
Landbouwbedrijven totaal Zuid-Nederland 2009 53 9 23 15 52 16 17 16 58 24.676 12.882 42 82.338 42.697 57 24.509 8.971 43 85.091 43.986 17.979
Landbouwbedrijven totaal Groningen (provincie) 2009 61 16 20 3 60 30 6 3 74 15.736 8.073 26 4.376 1.951 72 15.679 5.646 28 4.732 2.112 3.380
Landbouwbedrijven totaal Friesland 2009 38 25 34 3 38 51 7 3 62 10.360 5.454 38 8.808 3.689 61 10.330 3.802 39 9.244 3.852 5.785
Landbouwbedrijven totaal Drenthe 2009 60 23 12 5 59 31 6 5 81 14.186 7.354 19 4.929 2.454 78 14.113 5.008 22 5.321 2.628 3.830
Landbouwbedrijven totaal Overijssel 2009 35 26 30 9 35 40 16 9 58 9.008 4.779 42 20.496 10.279 54 8.889 3.084 46 21.628 10.768 8.909
Landbouwbedrijven totaal Flevoland 2009 82 5 11 2 80 11 7 2 84 11.808 6.005 16 2.168 1.055 83 11.763 4.204 17 2.358 1.152 1.923
Landbouwbedrijven totaal Gelderland 2009 45 19 23 13 44 29 15 13 62 13.882 7.058 38 31.017 16.320 59 13.776 4.819 41 32.295 16.922 12.502
Landbouwbedrijven totaal Utrecht (provincie) 2009 37 19 37 7 36 38 19 6 54 2.539 1.320 46 5.258 2.518 53 2.529 936 47 5.451 2.604 2.948
Landbouwbedrijven totaal Noord-Holland 2009 72 14 12 3 72 22 4 3 85 13.403 6.749 15 1.804 736 84 13.391 4.862 16 1.889 769 5.114
Landbouwbedrijven totaal Zuid-Holland 2009 73 10 14 3 73 20 4 3 82 11.474 5.845 18 2.968 1.258 82 11.453 4.181 18 3.102 1.310 7.412
Landbouwbedrijven totaal Zeeland 2009 89 5 4 2 88 7 3 2 92 16.732 8.578 8 1.505 749 91 16.716 6.057 9 1.595 791 3.226
Landbouwbedrijven totaal Noord-Brabant 2009 48 9 26 16 47 17 19 16 54 16.086 8.368 46 60.306 30.541 53 15.966 5.814 47 62.427 31.516 12.985
Landbouwbedrijven totaal Limburg 2009 64 8 14 14 63 13 11 14 69 8.590 4.514 31 22.032 12.155 68 8.543 3.157 32 22.664 12.470 4.994
Landbouwbedrijven totaal Concentratiegebied Oost 2009 35 21 31 13 34 33 19 14 53 13.712 7.090 47 44.329 22.739 50 13.556 4.708 50 46.310 23.641 15.834
Landbouwbedrijven totaal Concentratiegebied Zuid 2009 48 8 26 19 46 15 20 19 52 14.487 7.509 48 78.225 40.699 51 14.361 5.232 49 80.651 41.849 14.197
Landbouwbedrijven totaal Niet-concentratiegebied 2009 63 16 17 4 63 28 6 4 78 115.607 59.499 22 43.113 20.267 76 115.230 41.629 24 45.745 21.404 42.977
Graasdierbedrijven totaal Nederland 2009 34 28 35 4 33 48 16 4 59 39.969 20.906 41 43.870 17.148 56 39.547 14.022 44 48.078 18.740 38.544
Graasdierbedrijven totaal Noord-Nederland 2009 37 30 32 2 36 55 7 2 65 13.025 6.932 35 7.232 2.591 62 12.918 4.667 38 8.005 2.869 9.251
Graasdierbedrijven totaal Oost-Nederland 2009 32 31 32 5 32 48 16 4 61 13.656 7.045 39 15.658 6.460 57 13.446 4.475 43 17.431 7.152 14.586
Graasdierbedrijven totaal West-Nederland 2009 37 26 33 4 37 48 12 4 61 9.523 4.904 39 6.400 2.449 60 9.489 3.549 40 6.780 2.589 8.029
Graasdierbedrijven totaal Zuid-Nederland 2009 28 19 46 6 26 37 31 5 42 3.765 2.024 58 14.580 5.647 39 3.694 1.330 61 15.862 6.130 6.678
Graasdierbedrijven totaal Groningen (provincie) 2009 37 26 34 3 37 52 8 3 61 2.477 1.310 39 1.822 649 58 2.454 915 42 1.986 706 1.856
Graasdierbedrijven totaal Friesland 2009 33 28 38 2 33 58 8 1 60 6.586 3.514 40 4.563 1.618 58 6.561 2.430 42 4.944 1.754 5.045
Graasdierbedrijven totaal Drenthe 2009 44 36 17 2 44 49 6 2 79 3.962 2.109 21 847 324 73 3.903 1.322 27 1.075 410 2.350
Graasdierbedrijven totaal Overijssel 2009 31 33 34 2 30 53 15 2 62 5.591 2.995 38 6.028 2.383 57 5.479 1.820 43 6.867 2.702 6.602
Graasdierbedrijven totaal Flevoland 2009 12 24 59 5 11 53 32 4 30 275 149 70 936 344 27 268 93 73 1.026 376 299
Graasdierbedrijven totaal Gelderland 2009 35 29 29 7 34 44 16 6 62 7.790 3.901 38 8.694 3.734 58 7.699 2.562 42 9.538 4.074 7.685
Graasdierbedrijven totaal Utrecht (provincie) 2009 29 23 44 4 29 48 20 3 51 1.832 957 49 2.759 1.106 49 1.823 674 51 2.917 1.166 2.279
Graasdierbedrijven totaal Noord-Holland 2009 44 28 24 4 44 45 7 4 71 3.856 1.934 29 1.240 450 70 3.847 1.428 30 1.314 477 2.407
Graasdierbedrijven totaal Zuid-Holland 2009 35 26 34 4 35 51 10 4 60 3.153 1.634 40 1.911 713 59 3.144 1.184 41 2.016 749 2.828
Graasdierbedrijven totaal Zeeland 2009 48 27 21 4 46 38 12 4 65 682 380 35 489 180 62 675 264 38 534 197 515
Graasdierbedrijven totaal Noord-Brabant 2009 25 19 50 6 23 37 34 5 39 2.565 1.363 61 12.380 4.795 36 2.511 883 64 13.454 5.199 5.246
Graasdierbedrijven totaal Limburg 2009 40 21 33 6 37 37 21 5 55 1.200 661 45 2.200 852 52 1.183 448 48 2.408 931 1.432
Graasdierbedrijven totaal Concentratiegebied Oost 2009 31 28 35 6 30 46 19 5 57 8.735 4.472 43 13.363 5.583 52 8.595 2.847 48 14.752 6.131 11.063
Graasdierbedrijven totaal Concentratiegebied Zuid 2009 25 17 51 7 23 35 36 6 38 2.351 1.223 62 13.432 5.213 34 2.300 809 66 14.514 5.622 5.295
Graasdierbedrijven totaal Niet-concentratiegebied 2009 37 30 30 3 36 52 9 3 65 28.882 15.210 35 17.076 6.351 62 28.653 10.366 38 18.812 6.987 22.186
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Nederland 2009 4 40 56 0 4 77 19 0 42 11.941 8.071 58 27.513 9.946 36 11.604 3.781 64 30.997 11.188 17.488
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Noord-Nederland 2009 4 43 53 0 5 87 8 0 46 4.216 2.949 54 5.923 2.049 42 4.124 1.422 58 6.633 2.297 4.765
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Oost-Nederland 2009 4 46 50 0 4 78 18 0 49 4.842 3.008 51 7.486 2.806 40 4.659 1.314 60 8.941 3.336 6.289
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven West-Nederland 2009 3 38 59 0 3 82 15 0 39 2.103 1.557 61 4.671 1.690 37 2.084 819 63 4.965 1.792 3.593
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Zuid-Nederland 2009 3 22 74 0 3 52 44 0 21 780 558 79 9.434 3.400 16 737 227 84 10.458 3.763 2.841
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Groningen (provincie) 2009 2 36 61 0 3 85 11 0 37 554 435 63 1.528 526 33 534 202 67 1.681 578 901
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Friesland 2009 2 37 60 0 3 89 8 0 39 1.914 1.447 61 3.914 1.353 37 1.895 722 63 4.265 1.475 2.827
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Drenthe 2009 11 63 25 0 12 84 4 - 73 1.749 1.067 27 481 171 62 1.694 498 38 687 244 1.037
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Overijssel 2009 4 46 50 0 4 79 17 0 49 2.292 1.462 51 3.668 1.373 40 2.194 627 60 4.392 1.636 3.250
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Flevoland 2009 1 23 76 0 1 59 39 0 22 85 57 78 715 251 18 78 22 82 800 281 202
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Gelderland 2009 5 47 47 0 5 78 16 0 51 2.465 1.489 49 3.103 1.182 42 2.386 665 58 3.748 1.419 2.837
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Utrecht (provincie) 2009 2 28 70 0 2 73 25 0 29 451 337 71 1.963 733 27 446 174 73 2.084 778 1.163
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Noord-Holland 2009 4 48 47 1 5 88 7 0 52 823 601 48 878 303 50 818 323 50 936 323 943
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Zuid-Holland 2009 2 38 60 0 3 86 11 0 39 713 540 61 1.503 539 38 710 289 62 1.581 564 1.331
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Zeeland 2009 7 55 38 - 8 77 15 - 44 116 79 56 328 115 35 110 33 65 364 128 156
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Noord-Brabant 2009 2 20 77 1 2 50 47 0 19 560 389 81 8.109 2.930 14 528 153 86 8.968 3.234 2.362
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Limburg 2009 6 32 61 0 7 62 31 0 32 219 168 68 1.326 471 25 209 73 75 1.490 529 479
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Concentratiegebied Oost 2009 4 40 56 0 4 74 22 0 42 2.864 1.784 58 6.297 2.393 34 2.740 744 66 7.428 2.809 4.653
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Concentratiegebied Zuid 2009 2 17 80 1 2 46 52 0 15 425 303 85 8.680 3.134 11 396 116 89 9.541 3.439 2.287
Sterk gespecialiseerde melkveebedrijven Niet-concentratiegebied 2009 4 44 51 0 5 85 10 0 47 8.652 5.985 53 12.537 4.419 43 8.468 2.921 57 14.028 4.940 10.548
Overige melkveebedrijven Nederland 2009 27 29 43 1 29 36 35 1 46 1.318 820 54 2.334 1.043 45 1.316 549 55 2.450 1.104 837
Overige melkveebedrijven Noord-Nederland 2009 46 37 17 1 50 39 11 1 75 467 299 25 173 72 75 467 205 25 180 75 151
Overige melkveebedrijven Oost-Nederland 2009 17 26 56 1 18 32 50 0 36 394 207 64 1.152 535 35 393 139 65 1.214 574 318
Overige melkveebedrijven West-Nederland 2009 38 33 27 2 40 40 19 2 65 343 209 35 235 106 65 343 144 35 245 110 162
Overige melkveebedrijven Zuid-Nederland 2009 20 24 54 1 21 37 41 0 27 114 105 73 774 330 24 113 62 76 812 346 206
Overige melkveebedrijven Groningen (provincie) 2009 39 53 8 - 50 42 8 - 71 89 68 29 26 10 71 89 45 29 26 10 38
Overige melkveebedrijven Friesland 2009 32 43 24 1 35 51 13 1 72 252 130 28 128 53 72 252 96 28 132 55 72
Overige melkveebedrijven Drenthe 2009 76 12 12 - 76 15 10 - 83 126 101 17 20 9 83 126 64 17 22 10 41
Overige melkveebedrijven Overijssel 2009 20 22 57 1 21 28 51 - 36 118 65 64 442 203 33 118 45 67 462 214 114
Overige melkveebedrijven Flevoland 2009 17 50 33 - 17 67 17 - 17 68 32 83 60 23 17 68 25 83 63 25 18
Overige melkveebedrijven Gelderland 2009 16 26 57 2 16 31 52 1 39 208 110 61 650 310 37 207 69 63 689 335 186
Overige melkveebedrijven Utrecht (provincie) 2009 8 29 61 3 13 34 50 3 32 23 16 68 112 57 32 23 10 68 118 59 38
Overige melkveebedrijven Noord-Holland 2009 47 41 10 2 49 45 4 2 84 172 90 16 42 16 84 172 66 16 43 16 51
Overige melkveebedrijven Zuid-Holland 2009 36 36 26 2 38 48 12 2 66 118 67 34 41 18 66 118 47 34 43 19 50
Overige melkveebedrijven Zeeland 2009 70 17 13 - 70 17 13 - 74 30 37 26 40 16 74 30 22 26 41 16 23
Overige melkveebedrijven Noord-Brabant 2009 15 23 60 2 16 35 49 1 22 80 61 78 657 282 19 79 36 81 688 295 150
Overige melkveebedrijven Limburg 2009 34 27 39 - 36 43 21 - 39 35 44 61 117 47 39 35 25 61 124 51 56
Overige melkveebedrijven Concentratiegebied Oost 2009 11 20 67 2 12 26 62 1 28 140 78 72 1.051 498 26 139 48 74 1.100 529 243
Overige melkveebedrijven Concentratiegebied Zuid 2009 14 18 66 2 16 33 51 1 18 55 53 83 746 320 16 54 30 84 779 334 160
Overige melkveebedrijven Niet-concentratiegebied 2009 41 38 21 1 43 43 13 1 68 1.123 690 32 538 225 67 1.122 471 33 571 241 434
Overige graasdierbedrijven Nederland 2009 60 17 15 8 58 23 12 7 74 26.709 12.015 26 14.022 6.159 73 26.628 9.692 27 14.631 6.448 20.219
Overige graasdierbedrijven Noord-Nederland 2009 72 15 9 4 70 19 7 4 85 8.342 3.685 15 1.136 470 84 8.327 3.041 16 1.193 498 4.335
Overige graasdierbedrijven Oost-Nederland 2009 55 20 17 8 54 26 13 8 72 8.420 3.831 28 7.020 3.119 70 8.395 3.022 30 7.276 3.242 7.979
Overige graasdierbedrijven West-Nederland 2009 66 15 11 7 65 19 9 7 79 7.076 3.138 21 1.494 653 78 7.062 2.587 22 1.570 686 4.274
Overige graasdierbedrijven Zuid-Nederland 2009 48 17 24 10 45 25 20 10 60 2.871 1.361 40 4.373 1.917 58 2.844 1.042 42 4.592 2.022 3.631
Overige graasdierbedrijven Groningen (provincie) 2009 71 15 8 5 70 20 6 5 85 1.835 807 15 268 113 83 1.831 668 17 279 118 917
Overige graasdierbedrijven Friesland 2009 73 15 9 3 72 18 7 3 86 4.420 1.937 14 521 212 86 4.414 1.613 14 547 224 2.146
Overige graasdierbedrijven Drenthe 2009 70 15 10 4 68 20 7 4 83 2.087 941 17 346 145 83 2.082 760 17 367 156 1.272
Overige graasdierbedrijven Overijssel 2009 58 21 16 5 56 28 12 4 75 3.181 1.468 25 1.917 807 74 3.167 1.149 26 2.013 852 3.238
Overige graasdierbedrijven Flevoland 2009 41 23 20 16 35 32 18 15 54 122 60 46 161 71 52 122 45 48 163 71 79
Overige graasdierbedrijven Gelderland 2009 54 19 17 11 52 24 14 10 70 5.117 2.303 30 4.941 2.242 68 5.105 1.828 32 5.100 2.319 4.662
Overige graasdierbedrijven Utrecht (provincie) 2009 60 18 15 7 58 23 12 7 75 1.357 604 25 684 317 74 1.354 490 26 715 330 1.078
Overige graasdierbedrijven Noord-Holland 2009 71 14 8 7 70 17 6 7 83 2.861 1.243 17 321 132 82 2.857 1.039 18 334 137 1.413
Overige graasdierbedrijven Zuid-Holland 2009 66 15 11 8 65 19 9 8 80 2.322 1.027 20 368 155 79 2.316 849 21 393 166 1.447
Overige graasdierbedrijven Zeeland 2009 66 14 13 7 63 21 10 6 75 536 263 25 121 49 74 536 209 26 129 53 336
Overige graasdierbedrijven Noord-Brabant 2009 45 18 26 11 42 26 22 10 57 1.925 912 43 3.615 1.583 55 1.904 693 45 3.798 1.670 2.734
Overige graasdierbedrijven Limburg 2009 58 15 17 9 54 22 15 8 69 946 449 31 758 334 67 940 349 33 794 351 897
Overige graasdierbedrijven Concentratiegebied Oost 2009 52 20 18 10 51 26 14 9 69 5.730 2.611 31 6.016 2.692 67 5.715 2.056 33 6.225 2.792 6.167
Overige graasdierbedrijven Concentratiegebied Zuid 2009 45 17 26 12 41 26 22 11 57 1.872 868 43 4.006 1.760 54 1.850 663 46 4.194 1.850 2.848
Overige graasdierbedrijven Niet-concentratiegebied 2009 68 16 11 5 66 20 8 5 82 19.107 8.535 18 4.001 1.707 81 19.062 6.973 19 4.212 1.806 11.204
Bron: CBS
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


De tabel bevat cijfers over de mestproductie en de daarmee uitgescheiden
hoeveelheid stikstof en fosfaat. De productie van de beide mineralen wordt
getoond in klassen (kg per hectare) met daarbij de verdeling van de
landbouwbedrijven over deze klassen. Ook wordt de mestproductie vergeleken
met de plaatsingsruimte volgens de geldende gebruiksnormen en volgens de
gebruiksnormen bij evenwichtsbemesting (geldig vanaf 2015).
Deze tabel is stopgezet en vervangen door de nieuwe tabel href="http://statline.cbs.nl/StatWeb/selection/?DM=SLNL&PA=80885NED"
>Dierlijke mest; mestproductie en mineralenuitscheiding per bedrijfstype.
In de nieuwe tabel zijn de gasvormige stikstofverliezen voor alle
jaren herberekend met de nieuwe geharmoniseerde berekeningsmethodiek van
de Commissie Deskundigen Meststoffenwet. Daarnaast is de vergelijking van
de mestproductie met de gebruiksnormen bij evenwichtsbemesting komen te
vervallen.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1994.

Wijzigingen per 1 december 2010:
De definitieve cijfers over 2009 zijn toegevoegd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Tabel stopgezet per 28 februari 2011.

Toelichting onderwerpen

Stikstofproductie
Stikstofproductie wordt afwijkend gedefinieerd van stikstofuitscheiding.
De stikstofproductie omvat de hoeveelheid stikstof in bewaarde mest in
stallen en mestopslagen, dus exclusief gasvormige stikstofverliezen, plus
de stikstofuitscheiding tijdens het weiden van graasdieren. Het gaat dus
om stikstof in de mest op het moment van feitelijk gebruik (tijdens het
weiden) of bij mogelijk gebruik (bewaarde mest).
In de mestwetgeving wordt deze stikstofproductie getoetst aan
gebruiksnormen.
Voor de jaren 1994 tot en met 1998 zijn alleen gasvormige
stikstofverliezen in de vorm van ammoniak berekend. Vanaf 1999 zijn ook
overige stikstofverliezen berekend (NO, N2O en N2). De stikstofproductie
(stikstofuitscheiding minus gasvormige verliezen) voor de periode
1994-1998 is dus niet zondermeer vergelijkbaar met de berekende
stikstofproductie vanaf 1999.
Stikstofproductie per hectare
De stikstofproductie van landbouwbedrijven gedeeld door de oppervlakte
bemestbare cultuurgrond.
Bemestbare cultuurgrond is beteelbare grond waarop dierlijke mest kan
worden toegepast. Dit omvat alle cultuurgrond behalve cultuurgrond die
braak ligt of die wordt gebruikt voor de teelt van snelgroeiend hout en
groenbemestingsgewassen.
De oppervlakte is in gemeten maat, dat wil zeggen de netto beteelbare
oppervlakte, inclusief voren en paden die voor de teelt noodzakelijk zijn.
Bedrijven per stikstofproductieklasse
Het percentage landbouwbedrijven in elke onderscheiden klasse van
stikstofproductie per hectare.
0-170 kg/ha
Landbouwbedrijven met een stikstofproductie van 0 tot 170 kilogram per
hectare.
170-250 kg/ha
Landbouwbedrijven met een stikstofproductie van 170 tot 250 kilogram per
hectare.
250-1000 kg/ha
Landbouwbedrijven met een stikstofproductie van 250 tot 1000 kilogram per
hectare.
> 1000 kg/ha
Landbouwbedrijven met een stikstofproductie van meer dan 1000 kilogram per
hectare.
Fosfaatproductie
De hoeveelheid fosfaat (als P2O5) in mest die wordt toegepast op
cultuurgrond. Er treden bij fosfaat geen gasvormige verliezen op. De
hoeveelheid fosfaat in mest na bewaring is dus gelijk aan de hoeveelheid
uitgescheiden fosfaat.
Fosfaatproductie per hectare
De fosfaatproductie van landbouwbedrijven gedeeld door de oppervlakte
bemestbare cultuurgrond.
Bemestbare cultuurgrond is beteelbare grond waarop dierlijke mest kan
worden toegepast. Dit omvat alle cultuurgrond behalve cultuurgrond die
braak ligt of die wordt gebruikt voor de teelt van snelgroeiend hout en
groenbemestingsgewassen.
De oppervlakte is in gemeten maat, dat wil zeggen de netto beteelbare
oppervlakte, inclusief voren en paden die voor de teelt noodzakelijk zijn.
Bedrijven per fosfaatproductieklasse
Het percentage landbouwbedrijven in elke onderscheiden klasse van
fosfaatproductie per hectare.
0-60 kg/ha
Landbouwbedrijven met een fosfaatproductie van 0 tot 60 kilogram per
hectare.
60-110 kg/ha
Landbouwbedrijven met een fosfaatproductie van 60 tot 110 kilogram per
hectare.
110-500 kg/ha
Landbouwbedrijven met een fosfaatproductie van 110 tot 500 kilogram per
hectare.
> 500 kg/ha
Landbouwbedrijven met een fosfaatproductie van meer dan 500 kilogram
per hectare.
Mineralenproductie en gebruiksnormen
Mineralenproductie is de productie van stikstof en fosfaat in dierlijke
mest op een landbouwbedrijf. De stikstofproductie wordt afwijkend
gedefinieerd van de stikstofuitscheiding. Stikstofuitscheiding betreft de
uitgescheiden hoeveelheid stikstof en stikstofverbindingen (als N-totaal),
dus inclusief de gasvormige stikstofverbindingen (NH3, N2, NO, N2O) die
vervluchtigen tijdens bewaring van de mest in stal en opslag.
Stikstofproductie heeft betrekking op de hoeveelheid stikstof in bewaarde
mest, dus exclusief de gasvormige stikstofverliezen die optreden in stal
en opslag, plus de stikstofuitscheiding tijdens beweiding van graasdieren.
Het gaat dus om stikstof in de mest op het moment van feitelijk gebruik
(tijdens het weiden) of bij mogelijk gebruik (bewaarde mest). In de
mestwetgeving wordt deze stikstofproductie getoetst aan gebruiksnormen.
Fosfaatuitscheiding betreft de hoeveelheid fosfaat (als P2O5) in de
geproduceerde dierlijke mest. Er zijn bij fosfaat geen gasvormige
verliezen.
Bemestbare cultuurgrond is beteelbare cultuurgrond waarop dierlijke mest
kan worden toegepast. Dit omvat alle cultuurgrond behalve cultuurgrond die
braak ligt of gebruikt wordt voor de teelt van snelgroeiend hout
en groenbemestingsgewassen. De oppervlakte is in gemeten maat, dat wil
zeggen de netto beteelbare oppervlakte, inclusief voren en paden die voor
de teelt noodzakelijk zijn.
Geldende gebruiksnormen dierlijke mest
Vergelijking van de mineralenproductie in dierlijke mest met de
geldende gebruiksnorm voor dierlijke mest.
Tot 1998 gold alleen een gebruiksnorm voor fosfaat in dierlijke mest. Van
1998 tot en met 2005 (in die periode was het Mineralenaangiftesysteem
Minas van kracht) is de gebruiksnorm dierlijke mest afgeleid uit de som
van het toegestane fosfaatverlies en de fosfaatafvoer met het gewas. Voor
stikstof is onder Minas geen gebruiksnorm voor dierlijke mest af te leiden
omdat in het aangiftesysteem de aanvoer van stikstof uit kunstmest is
inbegrepen in het toegestane verlies. Met ingang van 2006 geldt een
gebruiksnorm voor dierlijke mest van 170 kg N/ha. Voor bedrijven waarvan
het areaal voor tenminste 70% uit grasland bestaat, is de gebruiksnorm
250 kg N/ha. De gebruiksnorm voor fosfaat wordt geleidelijk aangescherpt.
In 1994 bedroeg de gebruiksnorm voor dierlijke mest 200 kg P2O5 per
hectare grasland en 125 kg P205 per hectare bouwland. In 2008 mag nog
100 kg P2O5 per hectare grasland en 85 kg P2O5 per hectare bouwland
worden toegepast.
Bedrijven zonder overproductie mineralen
Bedrijven waarbij de stikstof- en fosfaatproductie niet groter is dan de
plaatsingsruimte op basis van de gebruiksnorm. De plaatsingsruimte wordt
berekend door de beschikbare oppervlakte bemestbare cultuurgrond te
vermenigvuldigen met de geldende gebruiksnormen voor stikstof en fosfaat
in dierlijke mest.
Van 1998 tot en met 2005 (Mineralenaangiftesysteem Minas) is de geldende
gebruiksnorm afgeleid uit de som van het toegestane fosfaatverlies en de
fosfaatafvoer met het gewas.
Bij de bepaling van de (resterende) plaatsingsruimte zijn andere factoren
zoals de acceptatie van dierlijke mest in de praktijk, buiten beschouwing
gelaten.
Aandeel bedrijven zonder overproductie
De bedrijven zonder overproductie van stikstof en fosfaat, als percentage
van het totale aantal landbouwbedrijven.
Resterende plaatsingsruimte stikstof
Het verschil tussen plaatsingsruimte en stikstofproductie op bedrijven met
een stikstof- en fosfaatproductie die onder de geldende gebruiksnormen
blijven. In theorie kan op die bedrijven nog stikstof worden aangevoerd.
Bij de bepaling van de resterende plaatsingsruimte zijn andere factoren
zoals de acceptatie van dierlijke mest in de praktijk, buiten beschouwing
gelaten.
Resterende plaatsingsruimte fosfaat
Het verschil tussen plaatsingsruimte en fosfaatproductie op bedrijven met
een fosfaat- en stikstofproductie die onder de geldende gebruiksnormen
blijven. In theorie kan op die bedrijven nog fosfaat worden aangevoerd.
Bij de bepaling van de resterende plaatsingsruimte zijn andere factoren
zoals de acceptatie van dierlijke mest in de praktijk, buiten beschouwing
gelaten.
Bedrijven met overproductie mineralen
Bedrijven waarbij de stikstof- of fosfaatproductie groter is dan de
plaatsingsruimte op basis van de gebruiksnorm. Deze bedrijven zullen het
overschot moeten afvoeren naar bedrijven zonder overproductie. Andere
mogelijkheden zijn mestverwerking en uitvoer van mest.
Bij de bepaling van de (resterende) plaatsingsruimte zijn andere factoren
zoals de acceptatie van dierlijke mest in de praktijk, buiten beschouwing
gelaten.
Aandeel bedrijven met overproductie
De bedrijven met overproductie van stikstof of fosfaat, als percentage
van het totale aantal landbouwbedrijven.
Stikstofoverschot
De stikstofproductie minus de plaatsingsruimte voor stikstof op bedrijven
met overproductie van stikstof.
Het kan voorkomen dat de plaatsingsruimte voor stikstof niet overschreden
wordt, maar wel die van fosfaat. In dat geval moet toch mest worden
afgevoerd en wordt het 'stikstofoverschot' bepaald door de verhouding
tussen stikstof en fosfaat in de af te voeren mest.
Fosfaatoverschot
De fosfaatproductie minus de plaatsingsruimte voor fosfaat op bedrijven
met overproductie van fosfaat.
Het kan voorkomen dat de plaatsingsruimte voor fosfaat niet wordt
overschreden, maar wel die van stikstof. In dat geval moet toch mest
worden afgevoerd en wordt het 'fosfaatoverschot' bepaald door de
verhouding tussen stikstof en fosfaat in de af te voeren mest.
Gebruiksnormen dierlijke mest 2015
Vergelijking van de mineralenproductie in dierlijke mest met de
gebruiksnorm in 2015.
In 2015 zijn de normen voor fosfaat gebaseerd op evenwichtsbemesting, wat
wil zeggen dat er niet meer fosfaat op het land mag worden gebracht dan
door het gewas wordt opgenomen.
Voor stikstof is uitgegaan van de aanname dat de gebruiksnorm dierlijke
mest, met inbegrip van de mogelijkheid om gebruik te maken van
een ruimere stikstofnorm, niet verandert ten opzichte van 2006.
Voor de jaren 1994 tot en met 1998 zijn alleen gasvormige
stikstofverliezen in de vorm van ammoniak berekend. Vanaf 1999 zijn ook
overige stikstofverliezen berekend (NO, N2O en N2). De aan de
gebruiksnorm getoetste stikstofproductie (stikstofuitscheiding minus
gasvormige verliezen) voor de periode 1994-1998 is dus niet zondermeer
vergelijkbaar met de berekende stikstofproductie vanaf 1999. Door
alleen te corrigeren voor ammoniakverliezen ontstaat een te negatief
beeld bij de toetsing aan gebruiksnormen.
Bedrijven zonder overproductie mineralen
Bedrijven waarbij de stikstof- en fosfaatproductie niet groter zijn dan de
plaatsingsruimte op basis van de gebruiksnormen voor stikstof en fosfaat.
De plaatsingsruimte wordt berekend door de beschikbare oppervlakte
bemestbare cultuurgrond te vermenigvuldigen met de vanaf 2015 geldende
gebruiksnormen voor stikstof en fosfaat in dierlijke mest.
Aandeel bedrijven zonder overproductie
De bedrijven zonder overproductie van stikstof en fosfaat als percentage
van het totale aantal landbouwbedrijven.
Resterende plaatsingsruimte stikstof
Het verschil tussen plaatsingsruimte en stikstofproductie op bedrijven met
een stikstof- en fosfaatproductie die onder de geldende gebruiksnormen
blijven. In theorie kan op die bedrijven nog stikstof worden aangevoerd.
Bij de bepaling van de resterende plaatsingsruimte zijn andere factoren
zoals de acceptatie van dierlijke mest in de praktijk, buiten beschouwing
gelaten.
Resterende plaatsingsruimte fosfaat
Het verschil tussen plaatsingsruimte en fosfaatproductie op bedrijven met
een fosfaat- en stikstofproductie die onder de geldende gebruiksnormen
blijven. In theorie kan op die bedrijven nog fosfaat worden aangevoerd.
Bij de bepaling van de resterende plaatsingsruimte zijn andere factoren
zoals de acceptatie van dierlijke mest in de praktijk, buiten beschouwing
gelaten.
Bedrijven met overproductie mineralen
Bedrijven waarbij de stikstof- of de fosfaatproductie groter is dan de
plaatsingsruimte op basis van de gebruiksnormen voor stikstof en fosfaat.
Deze bedrijven zullen het overschot af moeten voeren naar bedrijven zonder
overproductie. Andere mogelijkheden zijn mestverwerking en uitvoer van
mest.
De plaatsingsruimte wordt berekend door de beschikbare oppervlakte
bemestbare cultuurgrond te vermenigvuldigen met de vanaf 2015 geldende
gebruiksnormen voor stikstof en fosfaat in dierlijke mest.
Aandeel bedrijven met overproductie
De bedrijven met overproductie van stikstof of fosfaat, als percentage
van het totale aantal landbouwbedrijven.
Stikstofoverschot
De stikstofproductie minus de plaatsingsruimte voor stikstof op bedrijven
met overproductie van stikstof.
Als de plaatsingsruimte voor stikstof niet wordt overschreden maar wel die
van fosfaat, dan moet toch mest worden afgevoerd. In zulke gevallen wordt
het "stikstofoverschot" bepaald door de verhouding tussen stikstof en
fosfaat in de af te voeren mest.
Fosfaatoverschot
De fosfaatproductie minus de plaatsingsruimte voor fosfaat op bedrijven
met overproductie van fosfaat.
Als niet de plaatsingsruimte voor fosfaat wordt overschreden maar wel die
van stikstof, dan moet toch mest worden afgevoerd. In zulke gevallen wordt
het "fosfaatoverschot" bepaald door de verhouding tussen stikstof en
fosfaat in de af te voeren mest.
Aantal landbouwbedrijven
Het aantal in de landbouwtelling waargenomen bedrijven. In de
landbouwtelling worden alle agrarische bedrijven waargenomen met een in
Nederland gelegen hoofdbedrijfsgebouw en met een bedrijfsomvang van
minstens 3 Nederlandse grootte-eenheden (nge). De nge is een maat voor de
economische omvang van agrarische bedrijven.