Energie: bestedingen en verbruik van huishoudens

Tabeltoelichting

Bestedingen aan energie, aardgas, elektriciteit, collectieve
verwarming, motorbrandstoffen
1980 - 2000
Gewijzigd op 01 december 2003.
Verschijningsfrequentie: Stopgezet.

Toelichting onderwerpen

Bestedingen aan energie
De tabel bestaat uit een tijdreeks met gegevens over energiebestedingen
(in euro's en aandelen) en -verbruik (in hoeveelheden) van huishoudens.
Het betreft zowel energietotalen als onderverdelingen naar
verschillende soorten energie. Afzonderlijke energiesoorten zijn: aardgas,
elektriciteit, collectieve verwarming, overige huisbrandstoffen en
motorbrandstoffen. Bij de bestedingen zijn betalingen voor vastrecht
afzonderlijk opgenomen.
Bestedingen aan energie in euro's
Het betreft zowel energietotalen als onderverdelingen naar verschillende
soorten energie. Afzonderlijke energiesoorten zijn: aardgas,
elektriciteit, collectieve verwarming, overige huisbrandstoffen en
motorbrandstoffen.
Aardgas
De geleverde hoeveelheid wordt gemeten in kubieke meters (m3). De
bestedingen (in euro's) hebben betrekking op het aantal geleverde m3 en
op het bedrag aan gas dat in de huur begrepen is.
Vastrecht is niet inbegrepen.
Bestedingsaandeel aan energie in 0/00
Betreft de totale bestedingen aan energie van de huishoudens in
aandelen promille.
Promille betekent 'per duizend'. 1 promille is 1 duizendste deel.
Aardgas
De bestedingsaandelen (in promille) van aardgas ten opzichte van de
totale bestedingen.
Promille betekent 'per duizend'. 1 promille is 1 duizendste deel.
Aardgas
De geleverde hoeveelheid wordt gemeten in kubieke meters (m3). De
bestedingen hebben betrekking op het aantal geleverde m3 en op het bedrag
aan gas dat in de huur begrepen is.
Alle huishoudens
Hoeveelheid aardgas per huishouden (m3)
Vastrecht aardgas (euro)
Centrale gasverwarming
% huishoudens met centrale gasverwarming.
Lokale gasverwarming
% huishoudens met lokale gasverwarming.
Geen gasverwarming
% huishoudens zonder gasverwarming.
Warm water op aardgas
% huishoudens met warm water op aardgas. De stijging van 61% in 1991
naar 85% in 1992 is hoofdzakelijk veroorzaakt doordat tot en met 1991
het verwarmen van water met de eigen (gasgestookte) Centrale Verwarming
niet werd waargenomen.
Koken op aardgas
% huishoudens met koken op aardgas.
Aardgasverbruik per afnemer
Totaal per afnemer
Totaal aardgasverbruik per afnemer in m3 (kubieke meter, meeteenheid van
gas).
Met CV op gas
Verbruik van Centrale Verwarming op gas in m3 (kubieke meter, meeteenheid
van gas).
Lokale gasverwarming
Verbruik van lokale gasverwarming in m3 (kubieke meter, meeteenheid van
gas).
Geen verwarming
In m3 (kubieke meter, meeteenheid van gas) per afnemer. Aardgas wordt niet
gebruikt voor verwarming, alleen voor koken en/of warm water op gas.