Innovatie bij bedrijven; 1996-1998
| SBI '93 | Aantal bedrijven en innovatoren Als percentage van onderzoekspopulatie (%) | Gerealiseerde vernieuwende activiteiten Als percentage van onderzoekspopulatie (%) | Bedrijven met vernieuwde producten Ontwikkeling is combinatie van beide (%) | Bedrijven met vernieuwde processen Ontwikkeling is combinatie van beide (%) | Producten nieuw voor: Het bedrijf Als percentage van de omzet (%) | Producten nieuw voor: De markt Als percentage van de omzet (%) | Gebruik van informatiebronnen van(uit): Aantal bedrijven (aantal) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 25 VV producten van rubber en kunststof | 73 | 70 | 37 | 51 | 27 | 14 | 365 |
| 28 VV producten van metaal (geen .. | 52 | 45 | 32 | 35 | 32 | 11 | 964 |
| DM Vervaardiging van transportmiddelen | 62 | 57 | 26 | 42 | 36 | 18 | 315 |
| C Winning van delfstoffen | 59 | 53 | 25 | 53 | 26 | 22 | 52 |
| E Productie en distributie van en .. | 74 | 53 | 36 | 69 | 7 | 3 | 49 |
| Bron: CBS | |||||||
Tabeltoelichting
Het CBS houdt om de twee jaar een Innovatie-enquête. Hiermee wordt een
beeld verkregen van de stand van zaken wat betreft innovatie bij
Nederlandse bedrijven. Het onderzoek omvat een grote diversiteit aan
aspecten van het begrip innovatie.
Eén enquête omvat drie verslagjaren (dit is de verslagperiode). Het laatste
jaar in de ene enquête is daarbij hetzelfde als het eerste jaar in de
volgende. Omdat in iedere nieuwe Innovatie-enquête weer nieuwe onderwerpen
worden opgenomen, worden de resultaten per enquête in een afzonderlijke
tabel weergegeven. Dèze tabel bevat alle resultaten van de
Innovatie-enquête voor de verslagperiode 1996-1998.
De eerste Innovatie-enquête vond plaats over de verslagperiode 1994-1996.
Vanaf deze eerste verslagperiode tot en met verslagperiode 2000-2002 is de
enquête gehouden bij in Nederland gevestigde bedrijven met 10 of meer
werknemers.
In de verslagperiodes 1996-1998 en 1998-2000 zijn ook bedrijven met 1 tot
10 werknemers geënquêteerd.
Vanaf de verslagperiode 2002-2004 betreft de populatie alle bedrijven in
Nederland met 10 of meer werkzame personen.
Het belangrijkste verschil tussen werknemers en werkzame personen is dat
werknemers alleen de personen betreft die op de loonlijst van een bedrijf
voorkomen, terwijl tot de werkzame personen ook de de eigenaren en
meewerkende gezinsleden die niet op de loonlijst voorkomen worden gerekend.
Zie voor de exacte definities de link naar Methoden/Begrippen: href="http://www.cbs.nl/NR/exeres/76ABB32E-7C99-4D65-84E0-1B740B64A0F7"
>Methoden/Begrippen.
Gegevens beschikbaar vanaf: 1994-1996.
Status van de cijfers: definitief.
Wijzigingen ten opzichte van de vorige versie: geen.
Toelichting onderwerpen
- Aantal bedrijven en innovatoren
- Een bedrijf wordt als innovator beschouwd als in de periode 1996-1998
vernieuwde producten of diensten en/of vernieuwde productieprocessen
zijn gerealiseerd, alsmede als er innovatieprojecten zijn uitgevoerd die
(nog) niet tot gerealiseerde vernieuwingen hebben geleid. Een voorwaarde
voor vernieuwing is dat er sprake moet zijn van de inzet van nieuwe
technieken of kennis.
De onderzoekspopulatie bestaat uit alle bedrijven (uit de beschouwde
bedrijfsklassen) met 10 of meer werknemers. Het gaat om 48 596 bedrijven.- Als percentage van onderzoekspopulatie
- De percentages in deze kolom geven aan hoeveel innovatoren er eind
1998 zijn ten opzichte van alle bedrijven met tenminste 10 werknemers.
- Gerealiseerde vernieuwende activiteiten
- Innovatieprojecten, vanaf 1996, die succesvol waren en die eind 1998
waren afgerond.- Als percentage van onderzoekspopulatie
- De percentages in deze kolom geven aan hoeveel innovatoren er eind
1998 zijn ten opzichte van alle bedrijven met tenminste 10 werknemers.
- Bedrijven met vernieuwde producten
- Technologisch nieuwe of verbeterde producten in de periode 1996-1998.
Verbeterd: bestaand product van het bedrijf dat - vergeleken met eerdere
versies - duidelijk verbeterde technische specificaties heeft en/of meer
toepassingsmogelijkheden voor de eindgebruiker biedt.
Nieuw: product dat niet vergelijkbaar is met eerder door het bedrijf
verkochte producten en waarvoor geavanceerde nieuwe technologie is
gebruikt.
Voor de dienstensector is geen verschil gemaakt tussen producten en
processen en tevens is er voor de dienstensector geen onderscheid gemaakt
naar innovatie-activiteiten die in eigen bedrijf, door derden of door
een combinatie daarvan zijn ontwikkeld.- Ontwikkeling is combinatie van beide
- Het percentage bedrijven met innovatie-activiteiten, dat producten
zowel in eigen beheer als met behulp van derden heeft ontwikkeld.
Voor de dienstensector is geen verschil gemaakt tussen producten en
processen en tevens is er voor de dienstensector geen onderscheid gemaakt
naar innovatie-activiteiten die in eigen bedrijf, door derden of door
een combinatie daarvan zijn ontwikkeld.
- Bedrijven met vernieuwde processen
- Technologisch verbeterde of nieuwe processen die in de periode 1996-1998
in gebruik zijn genomen.
Verbeterd : bestaande productieprocessen binnen het bedrijf, waarbij
sprake is van duidelijk toegenomen productieprestaties, van lagere
productiekosten en/of meer productiebetrouwbaarheid.
Nieuw : niet eerder toegepaste processen binnen het bedrijf waardoor
nieuwe productiemogelijkheden ontstaan en waarbij geavanceerde, nieuwe
technologieën zijn gebruikt.
Voor de dienstensector is geen verschil gemaakt tussen producten en
processen en tevens is er voor de dienstensector geen onderscheid gemaakt
naar innovatie-activiteiten die in eigen bedrijf, door derden of door
een combinatie daarvan zijn ontwikkeld.- Ontwikkeling is combinatie van beide
- Het percentage bedrijven met innovatie-activiteiten, dat processen
zowel in eigen beheer als met behulp van derden heeft ontwikkeld.
Voor de dienstensector is geen verschil gemaakt tussen producten en
processen en tevens is er voor de dienstensector geen onderscheid gemaakt
naar innovatie-activiteiten die in eigen bedrijf, door derden of door
een combinatie daarvan zijn ontwikkeld.
- Producten nieuw voor:
- Nieuw wil hier zeggen: technologisch nieuw of sterk verbeterd.
Voor de dienstensector geldt het volgende: van de 7 211 innovatoren uit de
dienstensector met vernieuwde producten/diensten geeft bijna de helft van
de bedrijven aan dat de bijdrage in de totale omzet van nieuwe of (sterk)
verbeterde producten/diensten niet (globaal) is aan te geven. Voor de
overige 3 633 bedrijven is het gemiddelde omzetaandeel als weergegeven in
de tabel.- Het bedrijf
- Bedrijven die in de periode 1996-1998 technologisch nieuwe of verbeterde
producten op de markt hebben gebracht.(Sommige van deze producten zullen
tevens nieuw voor de markt zijn.)- Als percentage van de omzet
- Betreft de omzet behaald in 1998 met producten waarvan in de periode
1996-1998 een nieuwe of duidelijk verbeterde versie op de markt is
gebracht, uitgedrukt als percentage van de totale omzet in 1998.
- De markt
- Producten, die niet alleen voor het bedrijf, maar ook voor de afzetmarkt
technologisch nieuw of verbeterd waren.- Als percentage van de omzet
- Betreft de omzet behaald in 1998 met producten waarvan in de periode
1996-1998 een nieuwe of duidelijk verbeterde versie op de markt is
gebracht, uitgedrukt als percentage van de totale omzet in 1998.
- Gebruik van informatiebronnen van(uit):
- Voor innovatoren is nagegaan van welke informatiebronnen in 1996-1998
gebruik is gemaakt om innovatie-projecten te starten of af te ronden.
Voor alle informatiebronnen die hier genoemd worden geldt dat de
bedrijven als percentage worden weergegeven van alle innovatoren die
genoemde informatiebron van belang vinden.- Aantal bedrijven
- Het aantal innovatoren in 1996-1998.