Importgecorrigeerde opbouw van de bbp-groei

Met de nieuwe tijdreeksen kunnen onder meer importgecorrigeerde decomposities van de bbp-groei worden gemaakt. Daarbij wordt de invoer toegerekend aan de bestedingen waarvoor deze invoer direct of indirect wordt gebruikt. Als huishoudens bijvoorbeeld meer kleding kopen, telt niet de volledige consumptiegroei mee als bijdrage aan het Nederlandse bbp. Het deel van de kleding of de gebruikte materialen dat is ingevoerd, wordt toegerekend aan de invoer. Alleen de binnenlandse toegevoegde waarde, bijvoorbeeld van Nederlandse winkels, transporteurs en andere dienstverleners, draagt bij aan de bbp-groei. Hierdoor ontstaat een zuiverder beeld van de bijdrage van binnenlandse bestedingen en uitvoer aan de economische groei, gecorrigeerd voor de invoer die daarvoor nodig is.

Voor de bijdrage van de uitvoer aan de economie is van belang hoeveel Nederlandse toegevoegde waarde in de uitgevoerde goederen en diensten besloten ligt. Hoe groter het aandeel Nederlandse toegevoegde waarde, hoe hoger de bijdrage aan het bbp per euro uitvoer. De uitvoer van diensten bevat gemiddeld relatief veel Nederlandse toegevoegde waarde, omdat er doorgaans minder invoer nodig is om deze uitvoer te realiseren. Bij wederuitvoer is de Nederlandse toegevoegde waarde juist relatief laag, omdat ingevoerde goederen na weinig of geen bewerking weer worden uitgevoerd.