Sociaal-economische status; scores per wijk en buurt, regio-indeling 2025

Sociaal-economische status; scores per wijk en buurt, regio-indeling 2025

Wijken en buurten Perioden Gestandaardiseerd inkomen 1e tot en met 40e percentielgroep (%) Gestandaardiseerd inkomen 41e tot en met 80e percentielgroep (%) Gestandaardiseerd inkomen 81e tot en met 100e percentielgroep (%) Gestandaardiseerd inkomen Gemiddelde percentielgroep (Getal)
Ossenkoppelerhoek 2024* 60,7 35,4 3,9 35,9
Ossenkoppelerhoek Oost 2024* 60,6 34,9 4,4 34,8
Ossenkoppelerhoek Midden Noord 2024* 59,6 34,8 5,5 37,3
Ossenkoppelerhoek West 2024* 44,4 50,4 5,2 43,4
Ossenkoppelerhoek Midden Zuid 2024* 71,3 26,1 2,6 30,4
Osseveld-West 2024* 30,9 42,9 26,2 58,1
Osseveld-Oost 2024* 25,2 48,3 26,5 59,3
Weebosserweg-Breerijt 2024* . . . .
Heeswijkse Bosschen 2024* 52,9 33,2 13,9 41,9
Ridderoordsche Bossen 2024* . . . .
Verspr.h. Linde, Mossel en Wildenborch 2024* 29,8 40,4 29,8 57,9
Rossinibuurt 2024* 10,6 42,1 47,2 73,0
Ossehaar 2024* 11,9 62,6 25,5 64,7
Bedrijventerrein De Mossel 2024* . . . .
Wijk 17 Rossum 2024* 26,6 47,0 26,4 59,1
Rossum kern 2024* 28,1 49,1 22,8 57,6
Verspreide huizen Rossum 2024* 24,1 43,8 32,1 61,5
Oosseld / Vijverberg 2024* 33,3 44,1 22,6 54,6
Oosseld / Vijverberg - zuidwest 2024* 35,7 45,7 18,6 52,5
De Bossen 2024* 19,0 53,3 27,7 62,2
Vossenakker-De Pal 2024* 24,5 52,4 23,1 58,7
Bedrijventerrein Vossendaal 2024* . . . .
Wijk 05 Bosschenhoofd 2024* 31,1 43,4 25,6 57,6
Bosschenhoofd 2024* 33,5 42,9 23,6 55,8
Verspreide huizen Bosschenhoofd 2024* 17,9 45,8 36,3 66,9
Weibossen 2024* 15,3 42,4 42,4 69,9
Vossenberg 2024* 51,0 40,4 8,5 41,4
Vossenbelt Zuid 2024* 24,6 50,1 25,3 60,2
Vossenbelt Noord 2024* 17,1 48,5 34,4 65,5
Het Bossche Broek 2024* . . . .
De Bossche Pad 2024* 54,2 33,0 12,8 40,7
Vosselaankwartier 2024* 39,6 44,0 16,5 50,2
Vossepolder 2024* 25,0 44,6 30,4 60,4
Oud-Beijerland Bedrijventerr. De Bossche 2024* . . . .
Vossenbrink en De Braak 2024* 23,0 47,3 29,7 61,6
Mossen 2024* 21,8 43,0 35,2 63,6
Ossenisse 2024* 27,7 50,0 22,3 56,2
Kern Ossenisse 2024* . . . .
Buitengebied Ossenisse 2024* . . . .
Losse Landen 2024* 28,0 52,9 19,2 56,5
Vossepark & Helicon 2024* 37,3 44,5 18,2 50,2
Vossepark 2024* 35,4 45,7 19,0 51,6
Rossenberg 2024* 22,8 52,3 24,8 61,0
Vossenberg (west) 2024* 35,4 50,6 14,1 52,1
Vossenberg (oost) 2024* 26,7 49,3 24,0 58,5
Losser 2024* 37,7 45,1 17,2 51,2
Wijk 00 Losser 2024* 37,4 46,8 15,8 51,0
Losser-West 2024* 31,0 51,0 18,0 54,4
Bedrijfsterrein Losser 2024* . . . .
Losser-Oost 2024* 47,7 41,3 11,0 45,1
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat cijfers over de sociaal-economische status (SES-WOA) van gemeenten, wijken en buurten in Nederland. Deze status wordt beschreven in termen van de financiële welvaart, het opleidingsniveau en het recente arbeidsverleden van particuliere huishoudens op 1 januari van het verslagjaar. Particuliere huishoudens waarvan het inkomen niet bekend is worden buiten beschouwing gelaten. Dit gaat vaak om migranten, expats en personeel van buitenlandse ondernemingen/instellingen. Voor alle gegevens, ongeacht verslagjaar, geldt dat de gemeente/wijk/buurt-indeling van 2025 is toegepast.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2014

Status van de cijfers:
De cijfers over verslagjaar 2024 zijn voorlopig. De overige cijfers in deze tabel zijn definitief.

Wijzigingen per 3 juni 2026:
Geen, dit is een nieuwe tabel.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Onregelmatig.

Toelichting onderwerpen

Gestandaardiseerd inkomen
Gestandaardiseerd inkomen
Het besteedbare inkomen van een huishouden bestaat uit het bruto-inkomen (inkomen uit arbeid, eigen onderneming en vermogen, uitkeringen en ontvangen overdrachten) verminderd met betaalde overdrachten (bijv. partneralimentatie), premies en belasting op inkomen en vermogen. Het besteedbaar inkomen wordt gestandaardiseerd door te corrigeren voor verschillen in grootte en samenstelling van het huishouden. Dit gebeurt door het huishoudensinkomen te delen door een equivalentiefactor die uitdrukt hoe groot het schaalvoordeel is bij het voeren van een gemeenschappelijke huishouding, gebaseerd op de uitgaven voor levensonderhoud (bestedingen). Hierbij is het eenpersoonshuishouden als norm gekozen.
1e tot en met 40e percentielgroep
1e tot en met 40e percentielgroep
De toekenning aan percentielgroepen is gebaseerd op alle particuliere huishoudens in Nederland. Deze worden van laag naar hoog gerangschikt op inkomen en vervolgens ingedeeld in honderd opeenvolgende groepen van gelijke omvang: de percentielgroepen. Voor huishoudens in de 1e t/m 40e percentielgroep geldt dus dat deze behoren tot de 40% huishoudens met het laagste inkomen. Nb. Studentenhuishoudens worden per definitie bij deze groep ingedeeld.

41e tot en met 80e percentielgroep
41e tot en met 80e percentielgroep
De toekenning aan percentielgroepen is gebaseerd op alle particuliere huishoudens in Nederland. Deze worden van laag naar hoog gerangschikt op inkomen en vervolgens ingedeeld in honderd opeenvolgende groepen van gelijke omvang: de percentielgroepen. Voor huishoudens in de 41e t/m 80e percentielgroep geldt dus dat 40% van de huishoudens een lager inkomen heeft en 20% van de huishoudens een hoger inkomen.
81e tot en met 100e percentielgroep
81 tot en met 100e percentielgroep
De toekenning aan percentielgroepen is gebaseerd op alle particuliere huishoudens in Nederland. Deze worden van laag naar hoog gerangschikt op inkomen en vervolgens ingedeeld in honderd opeenvolgende groepen van gelijke omvang: de percentielgroepen. Voor huishoudens in de 81e t/m 100e percentielgroep geldt dus dat deze behoren tot de 20% huishoudens met het hoogste inkomen.

Gemiddelde percentielgroep
Gemiddelde percentielgroep
De gemiddelde percentielgroep wordt berekend door de percentielgroepen waartoe de huishoudens in de regio behoren op te tellen en vervolgens te delen door het totaal aantal huishoudens in de regio.