Bedrijven; bedrijfstak (SBI 2025)

Bedrijven; bedrijfstak (SBI 2025)

Bedrijfstakken/branches (SBI 2025) Perioden Totaal bedrijven (aantal) Bedrijfsgrootte 1 werkzaam persoon (aantal) Bedrijfsgrootte 2 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 3 tot 5 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 5 tot 10 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 10 tot 20 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 20 tot 50 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 50 tot 100 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 100 werkzame personen of meer (aantal) Bedrijfsgrootte 0 tot 50 werkzame personen (aantal)
Q Onderwijs 2026 2e kwartaal* 134.140 123.665 6.220 1.490 840 555 425 210 735 133.195
85 Onderwijs 2026 2e kwartaal* 134.140 123.665 6.220 1.490 840 555 425 210 735 133.195
851 Kleuteronderwijs 2026 2e kwartaal* 5 5 0 0 0 0 0 0 0 5
8510 Kleuteronderwijs 2026 2e kwartaal* 5 5 0 0 0 0 0 0 0 5
85100 Kleuteronderwijs 2026 2e kwartaal* 5 5 0 0 0 0 0 0 0 5
852 Basisonderwijs en speciaal onderwijs 2026 2e kwartaal* 1.455 550 25 15 65 165 155 95 390 970
8520 Basis- en speciaal onderwijs 2026 2e kwartaal* 1.455 550 25 15 65 165 155 95 390 970
85201 Regulier basisonderwijs 2026 2e kwartaal* 1.230 480 15 10 40 140 130 75 330 825
85202 Speciaal basisonderwijs 2026 2e kwartaal* 145 40 5 5 20 20 20 10 20 115
85203 Speciaal onderwijs incl. VSO 2026 2e kwartaal* 80 25 0 0 0 0 5 10 35 35
853 Voortgezet onderwijs 2026 2e kwartaal* 1.330 890 35 30 35 25 35 35 245 1.050
8531 Voortgezet onderwijs incl. MBO 2026 2e kwartaal* 1.055 715 25 15 25 20 25 30 195 830
85312 Praktijkonderwijs 2026 2e kwartaal* 60 40 5 0 5 0 5 5 0 55
8532 Middelbaar beroepsonderwijs 2026 2e kwartaal* 270 175 10 10 5 5 10 5 50 215
85320 Middelbaar beroepsonderwijs 2026 2e kwartaal* 270 175 10 10 5 5 10 5 50 215
854 Hoger onderwijs 2026 2e kwartaal* 600 475 25 10 10 15 10 10 50 540
8540 Hoger onderwijs 2026 2e kwartaal* 600 475 25 10 10 15 10 10 50 540
85401 Hoger beroepsonderwijs 2026 2e kwartaal* 300 220 15 5 5 10 5 5 35 260
85402 Universitair hoger onderwijs 2026 2e kwartaal* 300 255 10 5 5 5 0 5 15 280
855 Overig onderwijs 2026 2e kwartaal* 127.330 118.605 5.975 1.390 710 330 210 60 45 127.225
8551 Sport- en recreatieonderwijs 2026 2e kwartaal* 25.140 23.360 1.240 365 130 30 15 0 0 25.135
85510 Sport- en recreatieonderwijs 2026 2e kwartaal* 25.140 23.360 1.240 365 130 30 15 0 0 25.135
8552 Cultureel onderwijs 2026 2e kwartaal* 17.165 16.390 570 100 55 20 20 10 0 17.155
8559 Overig onderwijs (rest) 2026 2e kwartaal* 75.655 70.595 3.440 735 420 225 145 45 45 75.565
85599 Studiebegeleiding,onderwijs (rest) 2026 2e kwartaal* 48.375 46.045 1.730 325 145 70 45 10 10 48.355
856 Dienstverlening voor het onderwijs 2026 2e kwartaal* 3.420 3.140 155 45 25 25 15 10 5 3.405
8569 Ov. onderwijsondersteunende act. 2026 2e kwartaal* 3.360 3.085 150 45 20 25 15 10 5 3.345
85690 Ov. onderwijsondersteunende act. 2026 2e kwartaal* 3.360 3.085 150 45 20 25 15 10 5 3.345
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over het aantal bedrijven en instellingen naar economische hoofdactiviteit, gebaseerd op de Standaard Bedrijfsindeling 2025 (SBI 2025). De SBI is in deze tabel uitgesplitst tot en met het laagste niveau. De bedrijven zijn verder ingedeeld naar bedrijfsgrootte op basis van het aantal werkzame personen en naar rechtsvorm. Dit is de bedrijvenpopulatie van Nederland. De bedrijvenpopulatie is een momentopname op de eerste dag van elk kwartaal.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1e kwartaal 2014.

Status van de cijfers:
De cijfers zijn voorlopig.

Wijzigingen per 24 april 2026:
De cijfers over bedrijven in de bedrijfsgrootte 100 werkzame personen of meer zijn aangepast. In de vorige versie waren deze een factor 10 te klein. Dit is in deze versie gecorrigeerd.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
De cijfers van elk kwartaal worden in de eerste maand van elk kwartaal gepubliceerd.

Toelichting onderwerpen

Totaal bedrijven
Bedrijf:
De feitelijke transactor in het productieproces gekenmerkt door zelfstandigheid ten aanzien van de beslissingen over dat proces en door het aanbieden van zijn producten aan derden.

Uit deze definitie en met name uit het element zelfstandigheid volgt dat een bedrijf meer dan één vestiging kan omvatten, maar ook meer dan één juridische eenheid. (Onder juridische eenheden worden zowel natuurlijke als rechtspersonen verstaan). Dit is het geval wanneer de afzonderlijke vestigingen of juridische eenheden niet zelfstandig opereren. Andersom komt het voor dat binnen een juridische eenheid verschillende onderdelen te onderscheiden zijn die wat betreft de productie zelfstandig opereren. Deze vormen dan op grond van de definitie evenzovele bedrijven. Dit laatste doet zich vooral voor bij grotere concerns met uiteenlopende
activiteiten. Wanneer een aldus gedefinieerde eenheid zich uitstrekt over verschillende landen wordt ter wille van de nationale statistiek het Nederlandse deel als een geheel bedrijf beschouwd.

In de officiële CBS-terminologie wordt het bedrijf zoals hier gedefinieerd bedrijfseenheid (BE) genoemd, zodat geen verwarring kan ontstaan met de term bedrijf uit het - in dit opzicht weinig precieze - spraakgebruik.

De statistische eenheid bedrijf is een operationalisering van de kind-of-activity unit, zoals gedefinieerd door Eurostat. Deze definitie combineert twee eisen die strijdig kunnen zijn: bijdragen aan één activiteit versus het overeenkomen met één of meer operationele eenheden. Nederland geeft bij het operationaliseren naar de statistische eenheid bedrijf prioriteit aan de tweede eis.
Het aantal bedrijven is afgerond op een veelvoud van vijf.
Bedrijfsgrootte
De indeling van bedrijven naar het aantal werkzame personen. Het aantal werkzame personen wordt vastgesteld op basis van de werknemers op de loonlijst inclusief meewerkende firmanten, eigenaren en familieleden.

Het aantal werknemers per bedrijf wordt berekend uit loonbelastinggegevens van de Belastingdienst. Voor bedrijven met een bepaalde rechtsvorm, bijvoorbeeld eenmanszaak en vennootschap onder firma, worden afhankelijk van de rechtsvorm één of twee werkzame personen opgeteld bij het loonlijst personeel om het aantal werkzame personen te bepalen.

1 werkzaam persoon
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
2 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
3 tot 5 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
5 tot 10 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
10 tot 20 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
20 tot 50 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
50 tot 100 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
100 werkzame personen of meer
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
0 tot 50 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.