Bedrijven; bedrijfstak (SBI 2025)

Bedrijven; bedrijfstak (SBI 2025)

Bedrijfstakken/branches (SBI 2025) Perioden Totaal bedrijven (aantal) Bedrijfsgrootte 1 werkzaam persoon (aantal) Bedrijfsgrootte 2 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 3 tot 5 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 5 tot 10 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 10 tot 20 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 20 tot 50 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 50 tot 100 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 100 werkzame personen of meer (aantal) Bedrijfsgrootte 0 tot 50 werkzame personen (aantal) Bedrijfsgrootte 0 tot 250 werkzame personen (aantal) Rechtsvorm Natuurlijke personen (aantal) Rechtsvorm Rechtspersonen (aantal)
A-V Totale economie 2026 3e kwartaal* 2.433.985 2.012.670 193.245 90.610 65.875 34.470 21.260 7.260 8.595 2.418.130 2.430.240 1.848.525 585.460
A-F Landbouw en nijverheid 2026 3e kwartaal* 433.470 335.715 45.770 23.170 12.805 7.175 5.065 1.825 1.945 429.700 432.785 358.385 75.080
A Landbouw, bosbouw en visserij 2026 3e kwartaal* 77.430 40.570 19.610 11.885 3.495 1.070 605 125 65 77.235 77.410 66.900 10.530
B-O,excl. L,incl. 95 Business economy 2026 3e kwartaal* 1.669.575 1.360.400 141.240 62.700 49.375 27.135 17.195 5.830 5.695 1.658.045 1.667.490 1.202.305 467.270
B-F Nijverheid en energie 2026 3e kwartaal* 356.040 295.145 26.160 11.280 9.310 6.105 4.460 1.695 1.880 352.460 355.375 291.490 64.550
B-E Nijverheid (geen bouw) en energie 2026 3e kwartaal* 92.700 67.085 8.040 4.475 4.370 3.295 2.790 1.190 1.450 90.055 92.200 61.865 30.835
B Delfstoffenwinning 2026 3e kwartaal* 600 460 30 15 25 15 20 15 20 560 595 335 260
C Industrie 2026 3e kwartaal* 87.635 63.240 7.710 4.270 4.190 3.150 2.645 1.125 1.305 85.205 87.200 59.905 27.730
D-E Energie, water, afvalbeheer 2026 3e kwartaal* 4.470 3.390 305 190 160 125 125 50 120 4.295 4.410 1.625 2.845
D Energievoorziening 2026 3e kwartaal* 2.450 2.045 155 80 50 40 30 15 40 2.400 2.430 680 1.770
E Waterbedrijven en afvalbeheer 2026 3e kwartaal* 2.015 1.345 145 115 110 90 90 40 80 1.895 1.980 940 1.075
F Bouwnijverheid 2026 3e kwartaal* 263.340 228.060 18.115 6.810 4.940 2.810 1.670 505 430 262.405 263.175 229.625 33.715
G-O Commerciële dienstverlening 2026 3e kwartaal* 1.321.135 1.073.780 114.495 50.825 39.825 21.100 12.865 4.250 3.995 1.312.890 1.319.615 893.695 427.440
G-I Handel, vervoer en horeca 2026 3e kwartaal* 432.390 293.425 59.660 30.940 24.700 12.460 7.225 2.135 1.850 428.405 431.745 322.845 109.545
G+I Handel en horeca 2026 3e kwartaal* 362.600 238.910 52.880 28.090 22.570 11.020 6.045 1.710 1.375 359.515 362.135 267.085 95.515
G Handel 2026 3e kwartaal* 280.310 193.265 40.140 19.200 14.005 6.670 4.445 1.410 1.175 277.725 279.905 202.435 77.875
H,J,K Vervoer, informatie, communicatie 2026 3e kwartaal* 209.065 175.130 15.540 6.090 4.845 3.260 2.445 875 885 207.305 208.745 154.520 54.545
H Vervoer en opslag 2026 3e kwartaal* 69.790 54.515 6.785 2.845 2.130 1.440 1.180 425 475 68.890 69.610 55.760 14.030
I Horeca 2026 3e kwartaal* 82.290 45.645 12.735 8.895 8.565 4.350 1.600 300 200 81.790 82.230 64.650 17.640
J Uitgeverijen en mediaorganisaties 2026 3e kwartaal* 37.170 33.365 2.275 690 405 195 130 45 70 37.055 37.145 31.745 5.425
K Informatie- en communicatietechnologie 2026 3e kwartaal* 102.105 87.250 6.480 2.555 2.310 1.625 1.135 405 340 101.355 101.990 67.015 35.090
L Financiële diensten 2026 3e kwartaal* 35.510 29.210 2.875 1.345 960 475 285 150 210 35.155 35.400 7.210 28.300
M Verhuur en handel in onroerend goed 2026 3e kwartaal* 49.170 39.305 5.480 2.430 1.080 395 245 115 125 48.935 49.135 14.880 34.290
N-T Zakelijke en persoonlijke diensten 2026 3e kwartaal* 1.344.005 1.194.345 70.680 29.470 23.580 12.120 7.170 2.590 4.055 1.337.365 1.341.875 1.046.410 297.595
N-O Zakelijke dienstverlening 2026 3e kwartaal* 664.790 591.225 37.725 12.870 10.370 5.950 3.845 1.405 1.400 661.985 664.200 450.000 214.790
N Specialistische zakelijke diensten 2026 3e kwartaal* 531.280 481.695 26.940 8.445 6.905 3.880 2.205 655 555 530.070 531.075 343.085 188.195
O Verhuur en overige zakelijke diensten 2026 3e kwartaal* 133.505 109.525 10.785 4.425 3.465 2.070 1.640 745 845 131.920 133.125 106.915 26.590
P-R Overheid en zorg 2026 3e kwartaal* 366.725 325.615 15.890 7.635 8.025 4.200 2.200 800 2.360 363.560 365.260 328.805 37.920
P Openbaar bestuur en overheidsdiensten 2026 3e kwartaal* 1.120 390 15 15 40 30 45 40 545 535 750 285 835
Q Onderwijs 2026 3e kwartaal* 135.430 124.875 6.285 1.490 840 555 435 210 740 134.480 135.015 126.360 9.070
R Gezondheids- en welzijnzorg 2026 3e kwartaal* 230.175 200.350 9.595 6.130 7.145 3.615 1.720 550 1.075 228.550 229.495 202.155 28.020
S-V Cultuur, recreatie, overige diensten 2026 3e kwartaal* 312.655 277.565 17.090 8.980 5.220 1.995 1.130 385 295 311.980 312.580 267.640 45.015
S-T Cultuur, recreatie, overige diensten 2026 3e kwartaal* 312.495 277.505 17.065 8.965 5.185 1.970 1.125 385 290 311.815 312.415 267.605 44.885
S Kunst, cultuur, sport en recreatie 2026 3e kwartaal* 154.600 141.320 6.880 3.100 1.675 750 515 215 140 154.245 154.555 132.930 21.670
T-V Huishoudens, internat. instellingen 2026 3e kwartaal* 158.060 136.240 10.210 5.880 3.545 1.240 615 175 155 157.730 158.020 134.710 23.345
T Overige dienstverlening 2026 3e kwartaal* 157.895 136.185 10.185 5.865 3.510 1.220 610 170 150 157.570 157.855 134.675 23.220
U Huishoudens 2026 3e kwartaal* 30 25 5 0 0 0 0 0 0 30 30 25 5
V Internationale organisaties 2026 3e kwartaal* 130 30 20 15 35 20 5 0 0 130 130 10 125
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over het aantal bedrijven en instellingen naar economische hoofdactiviteit, gebaseerd op de Standaard Bedrijfsindeling 2025 (SBI 2025). De SBI is in deze tabel uitgesplitst tot en met het laagste niveau. De bedrijven zijn verder ingedeeld naar bedrijfsgrootte op basis van het aantal werkzame personen en naar rechtsvorm. Dit is de bedrijvenpopulatie van Nederland. De bedrijvenpopulatie is een momentopname op de eerste dag van elk kwartaal.

Gegevens beschikbaar vanaf: 1e kwartaal 2014.

Status van de cijfers:
De cijfers zijn voorlopig.

Wijzigingen per 15 juli 2026:
De voorlopige cijfers over het derde kwartaal van 2026 zijn toegevoegd. Gegevens vanaf 2025 kunnen zijn bijgesteld op basis van nagekomen informatie.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
De cijfers van elk kwartaal worden in de eerste maand van elk kwartaal gepubliceerd.

Toelichting onderwerpen

Totaal bedrijven
Bedrijf:
De feitelijke transactor in het productieproces gekenmerkt door zelfstandigheid ten aanzien van de beslissingen over dat proces en door het aanbieden van zijn producten aan derden.

Uit deze definitie en met name uit het element zelfstandigheid volgt dat een bedrijf meer dan één vestiging kan omvatten, maar ook meer dan één juridische eenheid. (Onder juridische eenheden worden zowel natuurlijke als rechtspersonen verstaan). Dit is het geval wanneer de afzonderlijke vestigingen of juridische eenheden niet zelfstandig opereren. Andersom komt het voor dat binnen een juridische eenheid verschillende onderdelen te onderscheiden zijn die wat betreft de productie zelfstandig opereren. Deze vormen dan op grond van de definitie evenzovele bedrijven. Dit laatste doet zich vooral voor bij grotere concerns met uiteenlopende
activiteiten. Wanneer een aldus gedefinieerde eenheid zich uitstrekt over verschillende landen wordt ter wille van de nationale statistiek het Nederlandse deel als een geheel bedrijf beschouwd.

In de officiële CBS-terminologie wordt het bedrijf zoals hier gedefinieerd bedrijfseenheid (BE) genoemd, zodat geen verwarring kan ontstaan met de term bedrijf uit het - in dit opzicht weinig precieze - spraakgebruik.

De statistische eenheid bedrijf is een operationalisering van de kind-of-activity unit, zoals gedefinieerd door Eurostat. Deze definitie combineert twee eisen die strijdig kunnen zijn: bijdragen aan één activiteit versus het overeenkomen met één of meer operationele eenheden. Nederland geeft bij het operationaliseren naar de statistische eenheid bedrijf prioriteit aan de tweede eis.
Het aantal bedrijven is afgerond op een veelvoud van vijf.
Bedrijfsgrootte
De indeling van bedrijven naar het aantal werkzame personen. Het aantal werkzame personen wordt vastgesteld op basis van de werknemers op de loonlijst inclusief meewerkende firmanten, eigenaren en familieleden.

Het aantal werknemers per bedrijf wordt berekend uit loonbelastinggegevens van de Belastingdienst. Voor bedrijven met een bepaalde rechtsvorm, bijvoorbeeld eenmanszaak en vennootschap onder firma, worden afhankelijk van de rechtsvorm één of twee werkzame personen opgeteld bij het loonlijst personeel om het aantal werkzame personen te bepalen.

1 werkzaam persoon
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
2 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
3 tot 5 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
5 tot 10 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
10 tot 20 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
20 tot 50 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
50 tot 100 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
100 werkzame personen of meer
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
0 tot 50 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
0 tot 250 werkzame personen
Werkzame persoon:
Persoon die een baan heeft bij een in Nederland gevestigd bedrijf of bij een particulier huishouden in Nederland.

Werkzame personen kunnen worden onderscheiden in werknemers en zelfstandigen. Ze kunnen woonachtig zijn in Nederland, maar ook in het buitenland.
Rechtsvorm
Vorm van juridische eenheden die in het recht bekend is.

De navolgende rechtsvormen kunnen onder meer worden onderscheiden:
- Nederlandse rechtsvormen zonder rechtspersoonlijkheid: eenmanszaak, vennootschap onder firma, commanditaire vennootschap, maatschap;
- Nederlandse rechtsvormen met rechtspersoonlijkheid: besloten vennootschap, naamloze vennootschap, vereniging, stichting, coöperatie, onderlinge waarborgmaatschappij;
- Europese rechtsvormen: Europees economisch samenwerkingsverband, Europese vennootschap, Europese coöperatieve vennootschap;
- Buitenlandse rechtspersonen.

Formeel is de rechtsvorm een kenmerk van een juridische eenheid en niet van een bedrijf. De statistische eenheid 'bedrijf' kan bestaan uit een of meer juridische eenheden (natuurlijke personen en/of niet-natuurlijke personen). Als een bedrijf uit meer dan één juridische eenheid bestaat, dan heeft het in principe geen eigen rechtsvorm. In de CBS-tabellen worden dergelijke bedrijven opgenomen onder de rechtsvorm van die juridische eenheid die als kern van de combinatie kan worden beschouwd.
Natuurlijke personen
Een mens (individu) die in het recht als rechtssubject is erkend en daarmee drager is van wettelijke rechten en plichten.

Deze rechtsvorm omvat:
- Eenmanszaken
- Maatschappen
- Vennootschappen onder firma
- Commanditaire vennootschappen
- Rederijen
- Samenwerkingsovereenkomst


Rechtspersonen
Een juridische constructie waardoor een organisatie, net als een natuurlijke persoon, in het recht als rechtssubject is erkend als drager van wettelijke rechten en plichten.

Een rechtspersoon kan optreden als een persoon in het rechtsverkeer, d.w.z. bezittingen en schulden hebben, contracten sluiten, rechtszaken aanspannen of aangeklaagd worden.
De rechtspersonen zijn in drie categorieën te verdelen:
- privaatrechtelijke rechtspersonen (bijv. besloten vennootschap, naamloze vennootschap, vereniging en stichting);
- publiekrechtelijke rechtspersonen (bijv. ministerie, provincie, gemeente, waterschap, Sociaal-Economische Raad, Publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie, Zelfstandig bestuursorgaan);
- kerkgenootschappen.
Een rechtspersoon kan bestuurder zijn van een andere rechtspersoon, maar niet een commissaris.

Deze rechtsvorm omvat:
- Besloten vennootschappen
- Naamloze vennootschappen
- Verenigingen
- Stichtingen
- Coöperatieve verenigingen
- Onderlinge waarborgmaatschappijen
- Overheidsorganen (o.a. rijk, provincie, gemeente)
- Rechtsvormen van buitenlandse ondernemingen
- Europees economisch samenwerkingsverband (E.E.S.V.)
- Doelvermogen
- Fonds voor gemene rekening
- Kerkgenootschap
- Buitenlandse rechtsvormen