Inkomen van personen; persoonskenmerken, regio (indeling 2025)

Inkomen van personen; persoonskenmerken, regio (indeling 2025)

Geslacht Persoonskenmerken Regio's Perioden Personen met persoonlijk inkomen (x 1 000) Gemiddeld gestandaardiseerd inkomen (1 000 euro) Mediaan gestandaardiseerd inkomen (1 000 euro) Gemiddeld persoonlijk inkomen (1 000 euro) Mediaan persoonlijk inkomen (1 000 euro)
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Nederland 2024* 41,4 28,2
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Noord-Nederland (LD) 2024* 32,8 27,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Oost-Nederland (LD) 2024* 39,5 28,9
Totaal mannen en vrouwen 2017550 West-Nederland (LD) 2024* 44,0 28,0
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zuid-Nederland (LD) 2024* 40,3 28,4
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Groningen (PV) 2024* 31,5 26,6
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Fryslân (PV) 2024* 33,2 27,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Drenthe (PV) 2024* 34,0 28,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Overijssel (PV) 2024* 39,1 28,4
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Flevoland (PV) 2024* 33,5 29,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Gelderland (PV) 2024* 41,2 29,1
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Utrecht (PV) 2024* 44,1 29,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Noord-Holland (PV) 2024* 50,1 27,9
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zuid-Holland (PV) 2024* 40,2 27,6
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zeeland (PV) 2024* 37,1 28,5
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Noord-Brabant (PV) 2024* 43,1 29,1
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Limburg (PV) 2024* 33,9 26,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Oost-Groningen (CR) 2024* 32,2 26,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Delfzijl en omgeving (CR) 2024* 29,3 26,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Overig Groningen (CR) 2024* 31,6 26,4
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Noord-Friesland (CR) 2024* 30,7 26,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zuidwest-Friesland (CR) 2024* 33,7 28,2
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zuidoost-Friesland (CR) 2024* 36,9 27,7
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Noord-Drenthe (CR) 2024* 34,1 29,0
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zuidoost-Drenthe (CR) 2024* 32,7 27,6
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zuidwest-Drenthe (CR) 2024* 35,7 28,2
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Noord-Overijssel (CR) 2024* 45,2 29,7
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zuidwest-Overijssel (CR) 2024* 34,3 28,0
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Twente (CR) 2024* 36,6 27,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Veluwe (CR) 2024* 42,6 30,4
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Achterhoek (CR) 2024* 44,9 28,7
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Arnhem/Nijmegen (CR) 2024* 37,6 27,4
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zuidwest-Gelderland (CR) 2024* 41,1 30,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Utrecht (CR) 2024* 44,1 29,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Kop van Noord-Holland (CR) 2024* 41,6 29,4
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Alkmaar en omgeving (CR) 2024* 47,1 29,6
Totaal mannen en vrouwen 2017550 IJmond (CR) 2024* 40,5 30,0
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Agglomeratie Haarlem (CR) 2024* 62,0 28,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zaanstreek (CR) 2024* 31,5 26,9
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Groot-Amsterdam (CR) 2024* 49,7 26,7
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Het Gooi en Vechtstreek (CR) 2024* 73,5 30,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Agglomeratie Leiden en Bollenstreek (CR) 2024* 44,8 29,6
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Agglomeratie 's-Gravenhage (CR) 2024* 37,9 25,4
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Delft en Westland (CR) 2024* 53,2 28,1
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Oost-Zuid-Holland (CR) 2024* 43,5 30,2
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Groot-Rijnmond (CR) 2024* 37,8 27,5
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zuidoost-Zuid-Holland (CR) 2024* 43,3 30,0
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zeeuwsch-Vlaanderen (CR) 2024* 29,5 25,7
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Overig Zeeland (CR) 2024* 40,8 29,6
Totaal mannen en vrouwen 2017550 West-Noord-Brabant (CR) 2024* 38,9 28,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Midden-Noord-Brabant (CR) 2024* 41,6 28,9
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Noordoost-Noord-Brabant (CR) 2024* 49,5 29,6
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zuidoost-Noord-Brabant (CR) 2024* 43,0 29,2
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Noord-Limburg (CR) 2024* 36,1 27,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Midden-Limburg (CR) 2024* 34,1 28,1
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Zuid-Limburg (CR) 2024* 33,0 26,1
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Flevoland (CR) 2024* 33,5 29,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Aa en Hunze 2024* 33,1 29,4
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Aalsmeer 2024* 62,9 30,0
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Aalten 2024* 35,3 28,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Achtkarspelen 2024* 29,7 26,9
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Alblasserdam 2024* 58,3 29,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Albrandswaard 2024* 41,5 33,4
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Alkmaar 2024* 34,1 27,9
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Almelo 2024* 32,0 26,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Almere 2024* 33,5 29,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Alphen aan den Rijn 2024* 39,7 30,1
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Alphen-Chaam 2024* 60,1 31,9
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Altena 2024* 43,6 32,0
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Ameland 2024* . .
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Amersfoort 2024* 41,0 29,2
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Amstelveen 2024* 59,9 33,1
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Amsterdam 2024* 50,1 24,6
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Apeldoorn 2024* 40,0 29,4
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Arnhem 2024* 33,9 25,0
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Assen 2024* 31,0 28,5
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Asten 2024* 41,6 28,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Baarle-Nassau 2024* 60,4 29,6
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Baarn 2024* 64,5 30,5
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Barendrecht 2024* 49,5 33,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Barneveld 2024* 40,6 32,1
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Beek (L.) 2024* 34,7 27,6
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Beekdaelen 2024* 32,5 28,5
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Beesel 2024* 30,5 27,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Berg en Dal 2024* 40,0 27,7
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Bergeijk 2024* 43,9 32,7
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Bergen (L.) 2024* 35,9 28,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Bergen (NH.) 2024* 93,2 31,7
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Bergen op Zoom 2024* 32,7 28,0
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Berkelland 2024* 33,1 29,2
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Bernheze 2024* 88,4 31,4
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Best 2024* 37,5 33,4
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Beuningen 2024* 42,9 30,5
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Beverwijk 2024* 34,3 26,9
Totaal mannen en vrouwen 2017550 De Bilt 2024* 67,2 30,7
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Bladel 2024* 54,2 32,1
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Blaricum 2024* 249,1 38,3
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Bloemendaal 2024* 164,6 39,0
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Bodegraven-Reeuwijk 2024* 60,8 31,8
Totaal mannen en vrouwen 2017550 Boekel 2024* 38,1 30,2
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over het inkomen van personen, uitgesplitst naar regio en diverse achtergrondkenmerken zoals geslacht, positie in het huishouden, leeftijd en sociaaleconomische categorie. De doelpopulatie omvat alle particuliere huishoudens met bekend inkomen. Peildatum voor de populatie is 1 januari van het verslagjaar, en peildatum voor de gemeentelijke indeling is 1 januari 2025.
Gegevens beschikbaar vanaf: 2011.

Status van de cijfers:
De cijfers in deze tabel voor 2011 t/m 2023 zijn definitief. De cijfers voor 2024 zijn voorlopig.

Wijzigingen per 8 oktober 2025:
Geen, het betreft een nieuwe tabel.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Nieuwe cijfers over 2025 komen in het najaar van 2026 beschikbaar, en zullen verschijnen in een nieuwe tabel.

Toelichting onderwerpen

Personen met persoonlijk inkomen
Het aantal personen met persoonlijk inkomen in particuliere huishoudens, per 1 januari van het verslagjaar.
Gemiddeld gestandaardiseerd inkomen
Het gestandaardiseerd inkomen is het besteedbaar inkomen gecorrigeerd voor verschillen in grootte en samenstelling van het huishouden. Deze correctie vindt plaats met behulp van equivalentiefactoren. In de equivalentiefactor komen de schaalvoordelen tot uitdrukking die het gevolg zijn van het voeren van een gemeenschappelijke huishouding. Met behulp van de equivalentiefactoren worden alle inkomens herleid tot het inkomen van een eenpersoonshuishouden. Op deze wijze is het welvaartsniveau van verschillende typen huishoudens onderling vergelijkbaar gemaakt. Het gestandaardiseerd huishoudensinkomen is toegekend aan alle personen in het huishouden als een maat voor de welvaart.
Mediaan gestandaardiseerd inkomen
Het gestandaardiseerd inkomen is het besteedbaar inkomen gecorrigeerd voor verschillen in grootte en samenstelling van het huishouden. Deze correctie vindt plaats met behulp van equivalentiefactoren. In de equivalentiefactor komen de schaalvoordelen tot uitdrukking die het gevolg zijn van het voeren van een gemeenschappelijke huishouding. Met behulp van de equivalentiefactoren worden alle inkomens herleid tot het inkomen van een eenpersoonshuishouden. Op deze wijze is het welvaartsniveau van verschillende typen huishoudens onderling vergelijkbaar gemaakt. Het gestandaardiseerd huishoudensinkomen is toegekend aan alle personen in het huishouden als een maat voor de welvaart. Het mediane inkomen is gelijk aan het middelste bedrag wanneer de inkomens van alle personen van laag naar hoog worden gerangschikt.
Gemiddeld persoonlijk inkomen
Het persoonlijk inkomen omvat het totaal van inkomen uit arbeid, inkomen uit eigen onderneming, uitkering inkomensverzekeringen en uitkering sociale voorzieningen (m.u.v. kinderbijslag en kindgebonden budget). Premies inkomensverzekeringen (m.u.v. premies voor volksverzekeringen) zijn hierop in mindering gebracht. Het gemiddelde is over de personen met inkomen.
Mediaan persoonlijk inkomen
Het persoonlijk inkomen omvat het totaal van inkomen uit arbeid, inkomen uit eigen onderneming, uitkering inkomensverzekeringen en uitkering sociale voorzieningen (m.u.v. kinderbijslag en kindgebonden budget). Premies inkomensverzekeringen (m.u.v. premies voor volksverzekeringen) zijn hierop in mindering gebracht. Het mediane inkomen is gelijk aan het middelste bedrag wanneer de inkomens van alle personen van laag naar hoog worden gerangschikt. De mediaan is over de personen met inkomen.