Sociaal-economische status; scores per wijk en buurt, regio-indeling 2024

Sociaal-economische status; scores per wijk en buurt, regio-indeling 2024

Wijken en buurten Perioden Gestandaardiseerd inkomen 1e tot en met 40e percentielgroep (%) Gestandaardiseerd inkomen 41e tot en met 80e percentielgroep (%) Gestandaardiseerd inkomen 81e tot en met 100e percentielgroep (%) Gestandaardiseerd inkomen Gemiddelde percentielgroep (Getal)
WK003411 2023JJ00 28,2 40,5 31,3 59,6
BU00341101 2023JJ00 6,8 46,9 46,4 73,3
BU00341102 2023JJ00 57,6 31,8 10,6 41,0
WK020016 2023JJ00 30,1 44,3 25,6 57,7
BU02001602 2023JJ00 35,4 46,5 18,2 53,5
WK020207 2023JJ00 59,5 30,3 10,2 37,2
BU02020732 2023JJ00 65,2 28,6 6,2 32,7
BU02020733 2023JJ00 66,2 26,0 7,7 33,5
BU02021159 2023JJ00 31,1 38,2 30,7 58,1
BU17210210 2023JJ00 17,7 55,1 27,2 63,9
BU03100803 2023JJ00 . . . .
WK001419 2023JJ00 27,5 36,3 36,2 61,8
BU00141902 2023JJ00 24,3 45,6 30,2 62,1
BU00141905 2023JJ00 . . . .
GM0417 2023JJ00 29,2 29,6 41,2 62,5
WK041703 2023JJ00 29,2 29,6 41,2 62,5
BU04170320 2023JJ00 28,6 29,2 42,2 62,3
BU04170321 2023JJ00 . . . .
WK026202 2023JJ00 29,7 43,4 26,9 57,8
BU02620200 2023JJ00 37,7 46,1 16,3 51,3
WK068711 2023JJ00 39,8 40,1 20,1 50,6
BU06871111 2023JJ00 47,4 40,2 12,3 43,1
BU06871112 2023JJ00 15,9 46,5 37,6 67,6
BU08260603 2023JJ00 40,6 42,4 17,0 49,8
WK173000 2023JJ00 31,2 48,5 20,2 54,9
BU17300000 2023JJ00 34,1 45,0 20,9 54,0
BU17300009 2023JJ00 . . . .
WK173003 2023JJ00 33,8 27,4 38,9 59,7
BU17300300 2023JJ00 . . . .
BU17300309 2023JJ00 . . . .
WK173004 2023JJ00 31,7 47,6 20,6 53,9
BU17300400 2023JJ00 28,6 52,3 19,1 55,5
BU17300401 2023JJ00 31,6 39,7 28,7 55,9
BU17300402 2023JJ00 . . . .
BU17300403 2023JJ00 . . . .
WK028502 2023JJ00 25,8 45,7 28,4 59,8
BU02850200 2023JJ00 27,9 51,9 20,2 56,7
BU02850208 2023JJ00 27,9 36,4 35,8 61,1
BU02850209 2023JJ00 . . . .
BU03010201 2023JJ00 38,9 43,7 17,4 50,0
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat cijfers over de sociaal-economische status (SES-WOA) van gemeenten, wijken en buurten in Nederland. Deze status wordt beschreven in termen van de financiële welvaart, het opleidingsniveau en het recente arbeidsverleden van particuliere huishoudens op 1 januari van het verslagjaar. Particuliere huishoudens waarvan het inkomen niet bekend is worden buiten beschouwing gelaten. Dit gaat vaak om migranten, expats en personeel van buitenlandse ondernemingen/instellingen. Voor alle gegevens, ongeacht verslagjaar, geldt dat de gemeente/wijk/buurt-indeling van 2024 is toegepast.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2014

Status van de cijfers:
De cijfers over verslagjaar 2023 zijn voorlopig. De overige cijfers in deze tabel zijn definitief.

Wijzigingen per 19 maart 2025:
Geen, dit is een nieuwe tabel.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Onregelmatig.

Toelichting onderwerpen

Gestandaardiseerd inkomen
Gestandaardiseerd inkomen
Het besteedbare inkomen van een huishouden bestaat uit het bruto-inkomen (inkomen uit arbeid, eigen onderneming en vermogen, uitkeringen en ontvangen overdrachten) verminderd met betaalde overdrachten (bijv. partneralimentatie), premies en belasting op inkomen en vermogen. Het besteedbaar inkomen wordt gestandaardiseerd door te corrigeren voor verschillen in grootte en samenstelling van het huishouden. Dit gebeurt door het huishoudensinkomen te delen door een equivalentiefactor die uitdrukt hoe groot het schaalvoordeel is bij het voeren van een gemeenschappelijke huishouding, gebaseerd op de uitgaven voor levensonderhoud (bestedingen). Hierbij is het eenpersoonshuishouden als norm gekozen.
1e tot en met 40e percentielgroep
1e tot en met 40e percentielgroep
De toekenning aan percentielgroepen is gebaseerd op alle particuliere huishoudens in Nederland. Deze worden van laag naar hoog gerangschikt op inkomen en vervolgens ingedeeld in honderd opeenvolgende groepen van gelijke omvang: de percentielgroepen. Voor huishoudens in de 1e t/m 40e percentielgroep geldt dus dat deze behoren tot de 40% huishoudens met het laagste inkomen. Nb. Studentenhuishoudens worden per definitie bij deze groep ingedeeld.

41e tot en met 80e percentielgroep
41e tot en met 80e percentielgroep
De toekenning aan percentielgroepen is gebaseerd op alle particuliere huishoudens in Nederland. Deze worden van laag naar hoog gerangschikt op inkomen en vervolgens ingedeeld in honderd opeenvolgende groepen van gelijke omvang: de percentielgroepen. Voor huishoudens in de 41e t/m 80e percentielgroep geldt dus dat 40% van de huishoudens een lager inkomen heeft en 20% van de huishoudens een hoger inkomen.
81e tot en met 100e percentielgroep
81 tot en met 100e percentielgroep
De toekenning aan percentielgroepen is gebaseerd op alle particuliere huishoudens in Nederland. Deze worden van laag naar hoog gerangschikt op inkomen en vervolgens ingedeeld in honderd opeenvolgende groepen van gelijke omvang: de percentielgroepen. Voor huishoudens in de 81e t/m 100e percentielgroep geldt dus dat deze behoren tot de 20% huishoudens met het hoogste inkomen.

Gemiddelde percentielgroep
Gemiddelde percentielgroep
De gemiddelde percentielgroep wordt berekend door de percentielgroepen waartoe de huishoudens in de regio behoren op te tellen en vervolgens te delen door het totaal aantal huishoudens in de regio.