Arbeidsdeelname; regionale indeling 2024

Arbeidsdeelname; regionale indeling 2024

Persoonskenmerken Regio's Perioden Beroeps- en niet-beroepsbevolking (x 1 000) Beroepsbevolking Beroepsbevolking (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking (x 1 000) Beroepsbevolking Werkloze beroepsbevolking (x 1 000) Beroepsbevolking Werkloosheidspercentage (%) Niet-beroepsbevolking (x 1 000) Bruto arbeidsparticipatie (%) Netto arbeidsparticipatie (%)
Geslacht: vrouwen Nederland 2024 6.694 4.815 4.630 185 3,8 1.878 71,9 69,2
Geslacht: vrouwen Noord-Nederland (LD) 2024 647 457 440 17 3,8 190 70,6 67,9
Geslacht: vrouwen Oost-Nederland (LD) 2024 1.398 1.012 976 36 3,5 386 72,4 69,8
Geslacht: vrouwen West-Nederland (LD) 2024 3.252 2.359 2.263 96 4,1 893 72,5 69,6
Geslacht: vrouwen Zuid-Nederland (LD) 2024 1.396 987 951 36 3,7 409 70,7 68,1
Geslacht: vrouwen Groningen (PV) 2024 227 161 154 7 4,2 66 71,0 68,0
Geslacht: vrouwen Fryslân (PV) 2024 238 170 164 6 3,6 68 71,5 68,9
Geslacht: vrouwen Drenthe (PV) 2024 182 126 121 4 3,5 57 69,0 66,6
Geslacht: vrouwen Overijssel (PV) 2024 432 313 302 11 3,5 119 72,4 69,9
Geslacht: vrouwen Flevoland (PV) 2024 170 123 118 5 4,1 47 72,4 69,4
Geslacht: vrouwen Gelderland (PV) 2024 796 576 556 19 3,4 220 72,4 69,9
Geslacht: vrouwen Utrecht (PV) 2024 529 396 382 15 3,7 133 74,9 72,1
Geslacht: vrouwen Noord-Holland (PV) 2024 1.138 832 798 34 4,1 305 73,2 70,2
Geslacht: vrouwen Zuid-Holland (PV) 2024 1.445 1.031 987 44 4,3 413 71,4 68,3
Geslacht: vrouwen Zeeland (PV) 2024 141 99 96 3 3,3 42 70,3 68,0
Geslacht: vrouwen Noord-Brabant (PV) 2024 975 704 678 25 3,6 272 72,1 69,6
Geslacht: vrouwen Limburg (PV) 2024 421 284 273 11 3,8 137 67,4 64,8
Geslacht: vrouwen Oost-Groningen (CR) 2024 49 33 32 1 3,6 16 67,1 64,6
Geslacht: vrouwen Delfzijl en omgeving (CR) 2024 16 11 10 0 3,6 5 66,5 64,1
Geslacht: vrouwen Overig Groningen (CR) 2024 161 117 112 5 4,4 44 72,6 69,4
Geslacht: vrouwen Noord-Friesland (CR) 2024 120 86 82 3 3,8 34 71,7 69,0
Geslacht: vrouwen Zuidwest-Friesland (CR) 2024 50 37 35 1 3,2 14 72,4 70,1
Geslacht: vrouwen Zuidoost-Friesland (CR) 2024 68 48 46 2 3,6 20 70,3 67,8
Geslacht: vrouwen Noord-Drenthe (CR) 2024 71 50 48 2 3,3 21 70,5 68,2
Geslacht: vrouwen Zuidoost-Drenthe (CR) 2024 62 41 40 2 3,8 21 66,1 63,6
Geslacht: vrouwen Zuidwest-Drenthe (CR) 2024 49 35 34 1 3,5 15 70,5 68,0
Geslacht: vrouwen Noord-Overijssel (CR) 2024 141 105 102 3 3,2 36 74,6 72,2
Geslacht: vrouwen Zuidwest-Overijssel (CR) 2024 60 43 42 1 3,5 16 72,5 70,0
Geslacht: vrouwen Twente (CR) 2024 232 165 159 6 3,7 67 71,0 68,4
Geslacht: vrouwen Veluwe (CR) 2024 261 191 185 6 3,2 71 73,0 70,7
Geslacht: vrouwen Achterhoek (CR) 2024 148 104 101 3 3,2 44 70,3 68,1
Geslacht: vrouwen Arnhem/Nijmegen (CR) 2024 292 212 204 8 3,7 80 72,6 69,9
Geslacht: vrouwen Zuidwest-Gelderland (CR) 2024 94 69 67 2 3,2 25 73,3 71,0
Geslacht: vrouwen Utrecht (CR) 2024 529 396 382 15 3,7 133 74,9 72,1
Geslacht: vrouwen Kop van Noord-Holland (CR) 2024 142 101 98 3 3,4 40 71,5 69,1
Geslacht: vrouwen Alkmaar en omgeving (CR) 2024 95 68 65 2 3,5 27 71,6 69,1
Geslacht: vrouwen IJmond (CR) 2024 74 54 52 2 3,4 21 72,3 69,8
Geslacht: vrouwen Agglomeratie Haarlem (CR) 2024 88 64 62 2 3,8 23 73,2 70,4
Geslacht: vrouwen Zaanstreek (CR) 2024 66 47 45 2 3,9 19 70,8 68,0
Geslacht: vrouwen Groot-Amsterdam (CR) 2024 584 434 414 20 4,6 150 74,3 70,9
Geslacht: vrouwen Het Gooi en Vechtstreek (CR) 2024 89 65 62 2 3,5 24 72,6 70,0
Geslacht: vrouwen Agglomeratie Leiden en Bollenstreek (CR) 2024 170 126 121 5 3,8 44 74,0 71,2
Geslacht: vrouwen Agglomeratie 's-Gravenhage (CR) 2024 349 243 232 11 4,7 106 69,7 66,4
Geslacht: vrouwen Delft en Westland (CR) 2024 90 66 63 3 4,0 24 73,5 70,5
Geslacht: vrouwen Oost-Zuid-Holland (CR) 2024 128 94 91 3 3,3 34 73,8 71,3
Geslacht: vrouwen Groot-Rijnmond (CR) 2024 569 402 383 18 4,6 167 70,6 67,4
Geslacht: vrouwen Zuidoost-Zuid-Holland (CR) 2024 139 101 97 4 3,6 39 72,3 69,6
Geslacht: vrouwen Zeeuwsch-Vlaanderen (CR) 2024 38 25 24 1 3,5 13 66,9 64,5
Geslacht: vrouwen Overig Zeeland (CR) 2024 103 74 72 2 3,2 29 71,6 69,3
Geslacht: vrouwen West-Noord-Brabant (CR) 2024 242 172 166 6 3,6 70 71,2 68,6
Geslacht: vrouwen Midden-Noord-Brabant (CR) 2024 189 139 134 5 3,6 50 73,3 70,7
Geslacht: vrouwen Noordoost-Noord-Brabant (CR) 2024 250 181 175 6 3,3 68 72,6 70,2
Geslacht: vrouwen Zuidoost-Noord-Brabant (CR) 2024 294 211 203 8 3,9 83 71,8 69,0
Geslacht: vrouwen Noord-Limburg (CR) 2024 107 76 74 3 3,7 30 71,6 69,0
Geslacht: vrouwen Midden-Limburg (CR) 2024 88 60 58 2 3,6 28 68,0 65,6
Geslacht: vrouwen Zuid-Limburg (CR) 2024 226 147 141 6 4,0 79 65,2 62,6
Geslacht: vrouwen Flevoland (CR) 2024 170 123 118 5 4,1 47 72,4 69,4
Geslacht: vrouwen Aa en Hunze 2024 9 7 6 0 3,1 3 69,3 67,1
Geslacht: vrouwen Aalsmeer 2024 12 10 9 0 3,2 3 78,0 75,5
Geslacht: vrouwen Aalten 2024 10 7 7 0 3,0 3 71,8 69,7
Geslacht: vrouwen Achtkarspelen 2024 10 7 7 0 3,3 3 70,8 68,5
Geslacht: vrouwen Alblasserdam 2024 7 5 5 0 3,4 2 72,6 70,1
Geslacht: vrouwen Albrandswaard 2024 10 7 7 0 3,3 2 74,8 72,3
Geslacht: vrouwen Alkmaar 2024 43 31 29 1 3,6 12 71,7 69,1
Geslacht: vrouwen Almelo 2024 27 19 18 1 4,3 9 68,2 65,3
Geslacht: vrouwen Almere 2024 88 63 60 3 4,4 25 71,8 68,6
Geslacht: vrouwen Alphen aan den Rijn 2024 42 31 30 1 3,4 11 74,1 71,6
Geslacht: vrouwen Alphen-Chaam 2024 4 3 3 0 3,0 1 70,9 68,8
Geslacht: vrouwen Altena 2024 21 16 15 0 3,0 5 73,9 71,7
Geslacht: vrouwen Ameland 2024 1 1 1 0 3,2 0 72,2 69,8
Geslacht: vrouwen Amersfoort 2024 61 47 45 2 4,0 15 76,0 72,9
Geslacht: vrouwen Amstelveen 2024 36 26 25 1 4,9 10 72,5 68,9
Geslacht: vrouwen Amsterdam 2024 380 282 268 14 5,0 98 74,1 70,4
Geslacht: vrouwen Apeldoorn 2024 61 44 42 1 3,4 17 71,5 69,1
Geslacht: vrouwen Arnhem 2024 64 47 45 2 4,3 17 73,8 70,7
Geslacht: vrouwen Assen 2024 26 18 17 1 3,8 7 70,9 68,2
Geslacht: vrouwen Asten 2024 6 5 4 0 3,2 2 74,1 71,8
Geslacht: vrouwen Baarle-Nassau 2024 3 2 2 0 3,4 1 68,4 66,1
Geslacht: vrouwen Baarn 2024 9 6 6 0 3,5 2 72,4 69,8
Geslacht: vrouwen Barendrecht 2024 18 13 13 1 3,8 5 73,7 70,9
Geslacht: vrouwen Barneveld 2024 22 17 16 0 3,0 5 76,1 73,8
Geslacht: vrouwen Beek (L.) 2024 6 4 4 0 3,3 2 69,2 67,0
Geslacht: vrouwen Beekdaelen 2024 13 9 8 0 3,2 4 67,0 64,8
Geslacht: vrouwen Beesel 2024 5 3 3 0 3,3 2 69,3 67,0
Geslacht: vrouwen Berg en Dal 2024 13 9 9 0 3,3 4 70,1 67,7
Geslacht: vrouwen Bergeijk 2024 7 5 5 0 3,0 2 71,8 69,7
Geslacht: vrouwen Bergen (L.) 2024 5 3 3 0 3,4 1 69,7 67,3
Geslacht: vrouwen Bergen (NH.) 2024 11 7 7 0 3,2 4 66,4 64,3
Geslacht: vrouwen Bergen op Zoom 2024 26 18 17 1 3,7 8 68,5 66,0
Geslacht: vrouwen Berkelland 2024 16 11 11 0 3,0 5 70,2 68,0
Geslacht: vrouwen Bernheze 2024 12 9 8 0 3,0 3 74,2 71,9
Geslacht: vrouwen Best 2024 12 9 8 0 3,3 3 73,2 70,8
Geslacht: vrouwen Beuningen 2024 10 7 7 0 3,1 3 73,5 71,3
Geslacht: vrouwen Beverwijk 2024 16 11 11 0 3,7 4 72,3 69,6
Geslacht: vrouwen De Bilt 2024 16 11 11 0 3,3 4 72,7 70,3
Geslacht: vrouwen Bladel 2024 7 6 5 0 2,9 2 74,3 72,1
Geslacht: vrouwen Blaricum 2024 5 3 3 0 3,5 1 69,0 66,6
Geslacht: vrouwen Bloemendaal 2024 8 6 6 0 3,4 2 71,0 68,6
Geslacht: vrouwen Bodegraven-Reeuwijk 2024 13 10 10 0 2,8 3 74,6 72,5
Geslacht: vrouwen Boekel 2024 4 3 3 0 2,9 1 76,0 73,7
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat jaarcijfers over de arbeidsdeelname in Nederland voor diverse regionale indelingen. De bevolking van 15 tot 75 jaar wordt ingedeeld in de werkzame, werkloze en de niet-beroepsbevolking. De werkzame beroepsbevolking wordt verder ingedeeld op basis van positie in de werkkring en beroepsniveau. Voor de verschillende indelingen is een uitsplitsing naar geslacht, leeftijd en onderwijsniveau beschikbaar. De indeling naar gemeenten is gebaseerd op de woongemeenten van 1 januari 2024.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2013.

Status van de cijfers:
De cijfers in deze tabel zijn definitief.

Wijzigingen per 28 februari 2025:
Geen, dit is een nieuwe tabel. Deze tabel is samengesteld op basis van de Enquête Beroepsbevolking (EBB). Vanwege wijzigingen in het onderzoeksdesign en de vragenlijst van de EBB zijn de cijfers vanaf 2021 en later niet zonder meer vergelijkbaar met de cijfers tot en met 2020. De kerncijfers in deze tabel zijn daarom consistent gemaakt met de (niet-seizoengecorrigeerde) cijfers in de tabel Arbeidsdeelname, kerncijfers seizoengecorrigeerd (zie paragraaf 4), waarin de uitkomsten voor de periode 2013-2020 zijn herberekend om aan te sluiten op de uitkomsten vanaf 2021. Bij verdere detaillering van de uitkomsten naar baan- en persoonskenmerken kunnen er van 2020 op 2021 desondanks verschillen zijn als gevolg van de nieuwe methode.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Nieuwe cijfers worden gepubliceerd in februari 2026.

Toelichting onderwerpen

Beroeps- en niet-beroepsbevolking
Personen die tot de werkzame, de werkloze of de niet-beroepsbevolking behoren.  

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar.
Beroepsbevolking
Personen:
- die betaald werk hebben (werkzame beroepsbevolking), of
- die geen betaald werk hebben, recent naar betaald werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn (werkloze beroepsbevolking).

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Beroepsbevolking
Personen:
- die betaald werk hebben (werkzame beroepsbevolking), of
- die geen betaald werk hebben, recent naar betaald werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn (werkloze beroepsbevolking).

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Werkzame beroepsbevolking
Personen die betaald werk hebben.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Werkzame beroepsbevolking
Personen die betaald werk hebben.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Werkloze beroepsbevolking
Personen zonder betaald werk, die recent naar werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Werkloosheidspercentage
De werkloze beroepsbevolking als percentage van de (werkzame en werkloze) beroepsbevolking.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar.
Niet-beroepsbevolking
Personen zonder betaald werk die niet recent naar werk hebben gezocht of daarvoor niet direct beschikbaar zijn.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Bruto arbeidsparticipatie
Het aandeel van de (werkzame en werkloze) beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en niet-beroepsbevolking).  

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar.
Netto arbeidsparticipatie
Het aandeel van de werkzame beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en niet-beroepsbevolking).

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar.