Wmo-cliënten; type maatwerkvoorziening (detail), regio

Wmo-cliënten; type maatwerkvoorziening (detail), regio

Type maatwerkvoorziening Regio's Perioden Wmo-cliënten (aantal) Wmo-cliënten per 1 000 inwoners (per 1 000 inwoners)
Totaal Laarbeek 2025* 1.520 65
Totaal exclusief verblijf en opvang Laarbeek 2025* 1.520 65
Hulp bij het huishouden Laarbeek 2025* 540 23
Ondersteuning thuis, totaal Laarbeek 2025* 170 7
Begeleiding Laarbeek 2025* 140 6
Persoonlijke verzorging Laarbeek 2025* . .
Kortdurend verblijf Laarbeek 2025* . .
Ov. ondersteuning individu of huishouden Laarbeek 2025* . .
Dagbesteding Laarbeek 2025* 40 2
Overige groepsgerichte ondersteuning Laarbeek 2025* . .
Hulpmiddelen en diensten, totaal Laarbeek 2025* 1.205 52
Woondiensten Laarbeek 2025* . .
Vervoersdiensten Laarbeek 2025* 1.060 45
Rolstoelen Laarbeek 2025* 175 7
Vervoervoorzieningen Laarbeek 2025* 190 8
Woonvoorzieningen Laarbeek 2025* 145 6
Overige hulpmiddelen Laarbeek 2025* . .
Verblijf en opvang, totaal Laarbeek 2025* . .
Beschermd wonen Laarbeek 2025* . .
Opvang Laarbeek 2025* . .
Spoedopvang Laarbeek 2025* . .
Overige beschermd wonen en opvang Laarbeek 2025* . .
Overig totaal Laarbeek 2025* . .
Overige maatwerkarrangementen Laarbeek 2025* . .
Generieke toewijzing Laarbeek 2025* . .
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


In deze tabel wordt het aantal cliënten met een maatwerkvoorziening in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) getoond. De cijfers zijn zowel op landelijk niveau als per gemeente beschikbaar en kunnen worden uitgesplitst naar type maatwerkvoorziening.
Deze tabel is samengesteld op basis van gegevens die gemeenten aan CBS hebben geleverd in het kader van de Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein.

Deze tabel is de opvolger van de tabel 'Wmo-cliënten; type maatwerkvoorziening, detail, regio, 2019-2023' (zie paragraaf 3, link 'Archief'). Er is een verbeterde methode toegepast en de cijfers over 2017 en 2018 zijn toegevoegd waardoor de cijfers in deze tabel minder goed te vergelijken zijn met de voorgaande tabel. Voor meer informatie over de wijzigingen en de gevolgen, zie de korte onderzoekbeschrijving, paragraaf 4.

Gegevens beschikbaar vanaf: 2017

Status van de cijfers:
De cijfers over het eerste halfjaar van 2025 zijn nader voorlopig. De cijfers over het tweede halfjaar van 2025 en heel 2025 zijn voorlopig. De overige cijfers zijn definitief.
De landelijke cijfers voor het tweede halfjaar van 2025, eerste halfjaar van 2024 en over 2023 van Verblijf en Opvang en beschermd wonen zijn een som van alle gemeenten, omdat deze categorieën compleet zijn aangeleverd door centrumgemeenten.

Wijzigingen per 28 mei 2026:
- De voorlopige cijfers over het eerste halfjaar van 2025 zijn vervangen door nader voorlopige cijfers;
- De voorlopige cijfers over het tweede halfjaar van 2025 en geheel 2025 zijn toegevoegd.

Wijzigingen per 30 januari 2026:
De cijfers over het tweede halfjaar van 2024 en heel 2024 zijn aangepast, omdat het bronbestand niet compleet was. Als gevolg hiervan is het totaal aantal cliënten in het tweede halfjaar van 2024 en heel 2024 gemiddeld toegenomen met 1 procent. Op gemeenteniveau heeft de aanpassing alleen invloed als een gemeente cijfers over het tweede halfjaar van 2024 opnieuw had aangeleverd in het najaar van 2025.

Wijzigingen per 9 december 2025:
- Er zijn landelijke totalen van rolstoelen, vervoervoorzieningen en woonvoorzieningen toegevoegd aan de tabel. De voorgaande jaren zijn aangevuld met deze cijfers en vanaf heden worden deze cijfers halfjaarlijks geactualiseerd.
- De cijfers over 2017 en 2018 zijn aangepast, omdat het bronbestand niet compleet was. Als gevolg hiervan is het totaal aantal cliënten in 2017 gemiddeld toegenomen met 1 procent en is het aantal cliënten in 2018 gemiddeld toegenomen met 2,5 procent. De uitwerking hiervan verschilt per gemeente.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
De definitieve cijfers over het eerste halfjaar van 2025, het tweede halfjaar van 2025 en heel 2025 worden in december 2026 gepubliceerd.

Toelichting onderwerpen

Wmo-cliënten
Aantal personen dat ten minste één maatwerkvoorziening in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) heeft gehad.
Wmo-cliënten per 1 000 inwoners
Aantal personen dat ten minste één maatwerkvoorziening in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) heeft gehad, uitgedrukt per 10.000 inwoners.