Ruilvoet van de buitenlandse handel in goederen, index 2021=100

Ruilvoet van de buitenlandse handel in goederen, index 2021=100

Perioden Indexcijfers Ruilvoet (2021=100) Indexcijfers Invoerprijs (2021=100) Indexcijfers Uitvoerprijs (2021=100) Ontwikkelingen Ruilvoet (%) Ontwikkelingen Invoerprijs (%) Ontwikkelingen Uitvoerprijs (%)
1995 maart 94,7 86,0 81,4 . . .
1996 maart 94,5 86,0 81,3 -0,1 0,0 -0,2
1997 maart 95,0 87,0 82,6 0,5 1,2 1,7
1998 maart 96,8 85,9 83,2 1,8 -1,2 0,6
1999 maart 96,4 81,2 78,2 -0,4 -5,5 -5,9
2000 maart 93,6 87,4 81,8 -2,9 7,6 4,5
2001 maart 97,7 86,9 84,8 4,3 -0,5 3,8
2002 maart 96,9 83,5 80,9 -0,8 -3,9 -4,7
2003 maart 98,8 82,1 81,1 2,0 -1,7 0,2
2004 maart 97,8 81,1 79,3 -1,0 -1,1 -2,1
2005 maart 97,9 84,5 82,7 0,2 4,1 4,2
2006 maart 98,3 87,6 86,2 0,4 3,8 4,2
2007 maart 98,9 88,8 87,8 0,6 1,3 1,9
2008 maart 98,1 93,9 92,1 -0,9 5,8 4,8
2009 maart 100,1 85,3 85,4 2,1 -9,2 -7,2
2010 maart 97,4 90,5 88,2 -2,7 6,1 3,2
2011 maart 96,6 98,8 95,5 -0,8 9,2 8,3
2012 maart 96,8 102,2 98,9 0,2 3,4 3,6
2013 maart 97,4 101,0 98,4 0,6 -1,1 -0,6
2014 maart 97,3 97,7 95,1 0,0 -3,2 -3,3
2015 maart 98,7 94,3 93,1 1,4 -3,5 -2,1
2016 maart 99,6 87,6 87,3 0,9 -7,1 -6,2
2017 maart 99,1 93,6 92,7 -0,6 6,8 6,2
2018 maart 100,0 92,1 92,1 0,9 -1,6 -0,7
2019 maart 100,4 94,1 94,4 0,4 2,2 2,6
2020 maart 102,2 88,5 90,4 1,8 -5,9 -4,3
2021 maart 103,5 92,9 96,2 1,3 5,0 6,4
2022 maart 100,0 118,2 118,1 -3,4 27,2 22,9
2023 maart* 97,9 122,4 119,8 -2,1 3,5 1,4
2024 maart* 103,6 114,1 118,1 5,8 -6,8 -1,4
2025 maart* 103,8 115,8 120,2 0,2 1,5 1,7
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat indexcijfers en procentuele ontwikkelingen van de ruilvoet, de invoerprijs en de uitvoerprijs van goederen. Het betreft de in- en uitvoer van goederen op basis van eigendomsoverdracht. De indexcijfers zijn op basis van 2021=100. De procentuele ontwikkelingen zijn ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder.

Gegevens beschikbaar vanaf 1995.

Status van de cijfers:
De jaargegevens van 1995 tot en met 2023 zijn definitief. De maand- en kwartaalgegevens over 2023, 2024 en 2025 zijn voorlopig.

Wijzigingen per 16 maart 2026:
De cijfers over januari 2026 zijn toegevoegd.

Correctie per 23-07-2025:
Tijdens de wijziging van 11 juli 2025 zijn er verkeerde cijfers over de ruilvoet en invoerprijs in 2022 definitief gemaakt. De definitieve cijfers zijn nu aangepast.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Ongeveer zes tot zeven weken na afloop van een verslagmaand.

Toelichting onderwerpen

Indexcijfers
Indexcijfers op basis 2021=100.

Een indexcijfer geeft de verhouding weer tussen de waarde van een bepaalde variabele in een bepaalde periode en de waarde van diezelfde variabele in de basisperiode. Deze basisperiode heeft het indexcijfer 100.
Ruilvoet
De ruilvoet is de verhouding tussen het prijspeil van de uitvoer en de invoer van goederen.

Als het prijspeil van de uitvoer sneller stijgt dan het prijspeil van de invoer, is er sprake van een ruilvoetverbetering. Als het prijspeil van de invoer sneller stijgt dan het prijspeil van de uitvoer, is er sprake van ruilvoetverslechtering.

Indexcijfers op basis 2021=100.

Een indexcijfer geeft de verhouding weer tussen de waarde van een bepaalde variabele in een bepaalde periode en de waarde van diezelfde variabele in de basisperiode. Deze basisperiode heeft het indexcijfer 100.
Invoerprijs
Invoerprijs van goederen.

Invoer van goederen
De goederenstromen (verkoop, ruil en giften) van niet-ingezetenen naar ingezetenen (in Nederland). Invoer van goederen vindt plaats wanneer de economische eigendom van goederen door een niet-ingezetene wordt overgedragen aan een ingezetene, ongeacht of er sprake is van een fysieke grensoverschrijdende goederenbeweging. Een bedrijf of instantie wordt als Nederlands ingezetene beschouwd wanneer het minimaal een jaar in Nederland actief is. Of dit bedrijf of deze instantie in buitenlandse handen is, doet niet ter zake. Tot de invoer behoren ook voor verwerking in het productieproces benodigde grondstoffen, halffabricaten, brandstoffen en voor investeringen bestemde vaste activa. De goedereninvoer omvat verder goederen die, na hooguit een kleine bewerking te hebben ondergaan, weer zijn uitgevoerd (wederuitvoer).

Indexcijfers op basis 2021=100.

Een indexcijfer geeft de verhouding weer tussen de waarde van een bepaalde variabele in een bepaalde periode en de waarde van diezelfde variabele in de basisperiode. Deze basisperiode heeft het indexcijfer 100.
Uitvoerprijs
Uitvoerprijs van goederen.

Uitvoer van goederen
De goederenstromen (verkoop, ruil en giften) van ingezetenen (in Nederland) naar niet-ingezetenen. Uitvoer van goederen vindt plaats wanneer het economisch eigendom van goederen door een ingezetene wordt overgedragen aan een niet-ingezetene, ongeacht of er sprake is van een fysieke grensoverschrijdende goederenbeweging. Een bedrijf of instantie wordt als Nederlands ingezetene beschouwd wanneer het minimaal een jaar in Nederland actief is. Of dit bedrijf of deze instantie in buitenlandse handen is, doet niet ter zake. De goederenuitvoer omvat ook wederuitvoer, eerder ingevoerde goederen die weer zijn uitgevoerd, na hooguit een kleine bewerking te hebben ondergaan.

Indexcijfers op basis 2021=100.

Een indexcijfer geeft de verhouding weer tussen de waarde van een bepaalde variabele in een bepaalde periode en de waarde van diezelfde variabele in de basisperiode. Deze basisperiode heeft het indexcijfer 100.
Ontwikkelingen
De procentuele ontwikkeling van een bepaalde periode (maand, kwartaal, jaar) ten opzichte van dezelfde periode in het daaraan voorafgaande jaar. Het CBS berekent de ontwikkeling aan de hand van de niet-afgeronde indexcijfers.
Ruilvoet
De ruilvoet is de verhouding tussen het prijspeil van de uitvoer en de invoer van goederen.

Als het prijspeil van de uitvoer sneller stijgt dan het prijspijl van de invoer, is er sprake van een ruilvoetverbetering. Als het prijspeil van de invoer sneller stijgt dan het prijspeil van de uitvoer, is er sprake van ruilvoetverslechtering.

De procentuele ontwikkeling van een bepaalde periode (maand, kwartaal, jaar) ten opzichte van dezelfde periode in het daaraan voorafgaande jaar. Het CBS berekent de ontwikkeling aan de hand van de niet-afgeronde indexcijfers.
Invoerprijs
Invoerprijs van goederen.

Invoer van goederen
De goederenstromen (verkoop, ruil en giften) van niet-ingezetenen naar ingezetenen (in Nederland). Invoer van goederen vindt plaats wanneer de economische eigendom van goederen door een niet-ingezetene wordt overgedragen aan een ingezetene, ongeacht of er sprake is van een fysieke grensoverschrijdende goederenbeweging. Een bedrijf of instantie wordt als Nederlands ingezetene beschouwd wanneer het minimaal een jaar in Nederland actief is. Of dit bedrijf of deze instantie in buitenlandse handen is, doet niet ter zake. Tot de invoer behoren ook voor verwerking in het productieproces benodigde grondstoffen, halffabricaten, brandstoffen en voor investeringen bestemde vaste activa. De goedereninvoer omvat verder goederen die, na hooguit een kleine bewerking te hebben ondergaan, weer zijn uitgevoerd (wederuitvoer).

De procentuele ontwikkeling van een bepaalde periode (maand, kwartaal, jaar) ten opzichte van dezelfde periode in het daaraan voorafgaande jaar. Het CBS berekent de ontwikkeling aan de hand van de niet-afgeronde indexcijfers.
Uitvoerprijs
Uitvoerprijs van goederen.

Uitvoer van goederen
De goederenstromen (verkoop, ruil en giften) van ingezetenen (in Nederland) naar niet-ingezetenen. Uitvoer van goederen vindt plaats wanneer het economisch eigendom van goederen door een ingezetene wordt overgedragen aan een niet-ingezetene, ongeacht of er sprake is van een fysieke grensoverschrijdende goederenbeweging. Een bedrijf of instantie wordt als Nederlands ingezetene beschouwd wanneer het minimaal een jaar in Nederland actief is. Of dit bedrijf of deze instantie in buitenlandse handen is, doet niet ter zake. De goederenuitvoer omvat ook wederuitvoer, eerder ingevoerde goederen die weer zijn uitgevoerd, na hooguit een kleine bewerking te hebben ondergaan.

De procentuele ontwikkeling van een bepaalde periode (maand, kwartaal, jaar) ten opzichte van dezelfde periode in het daaraan voorafgaande jaar. Het CBS berekent de ontwikkeling aan de hand van de niet-afgeronde indexcijfers.