Inkomen, bestedingen en vermogen huishoudens; kerncijfers, NR
| Huishoudenskenmerken | Perioden | Totaal bedrag Vermogens Schulden Totaal (mln euro) | Totaal bedrag Vermogens Schulden Woninghypotheken (mln euro) | Totaal bedrag Vermogens Schulden Overige schulden (mln euro) | Gemiddeld bedrag Vermogens Schulden Totaal (1 000 euro) | Gemiddeld bedrag Vermogens Schulden Woninghypotheken (1 000 euro) | Gemiddeld bedrag Vermogens Schulden Overige schulden (1 000 euro) | Gestandaardiseerd bedrag Vermogens Schulden Totaal (1 000 euro) | Gestandaardiseerd bedrag Vermogens Schulden Woninghypotheken (1 000 euro) | Gestandaardiseerd bedrag Vermogens Schulden Overige schulden (1 000 euro) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Totaal | 2023* | 1.054.196 | 851.917 | 202.279 | 122,5 | 99,0 | 23,5 | 83,8 | 67,7 | 16,1 |
| Beschikbaar inkomen 1e 10%-groep | 2023* | 39.338 | 25.383 | 13.954 | 45,7 | 29,5 | 16,2 | 35,3 | 22,8 | 12,5 |
| Beschikbaar inkomen 2e 10%-groep | 2023* | 21.940 | 16.189 | 5.751 | 25,5 | 18,8 | 6,7 | 19,6 | 14,4 | 5,1 |
| Beschikbaar inkomen 3e 10%-groep | 2023* | 29.854 | 23.622 | 6.232 | 34,7 | 27,5 | 7,2 | 26,7 | 21,2 | 5,6 |
| Beschikbaar inkomen 4e 10%-groep | 2023* | 47.970 | 39.568 | 8.403 | 55,7 | 46,0 | 9,8 | 41,0 | 33,8 | 7,2 |
| Beschikbaar inkomen 5e 10%-groep | 2023* | 70.666 | 60.250 | 10.415 | 82,1 | 70,0 | 12,1 | 57,5 | 49,1 | 8,5 |
| Beschikbaar inkomen 6e 10%-groep | 2023* | 96.145 | 83.792 | 12.353 | 111,7 | 97,4 | 14,4 | 74,4 | 64,8 | 9,6 |
| Beschikbaar inkomen 7e 10%-groep | 2023* | 123.682 | 108.807 | 14.875 | 143,7 | 126,4 | 17,3 | 92,0 | 80,9 | 11,1 |
| Beschikbaar inkomen 8e 10%-groep | 2023* | 150.972 | 131.959 | 19.014 | 175,4 | 153,4 | 22,1 | 109,6 | 95,8 | 13,8 |
| Beschikbaar inkomen 9e 10%-groep | 2023* | 183.404 | 156.202 | 27.202 | 213,1 | 181,5 | 31,6 | 130,6 | 111,2 | 19,4 |
| Beschikbaar inkomen 10e 10%-groep | 2023* | 290.225 | 206.145 | 84.080 | 337,3 | 239,6 | 97,7 | 206,1 | 146,4 | 59,7 |
| Eenpersoonshuish.: persoon tot 65 jaar | 2023* | 117.955 | 91.342 | 26.610 | 56,0 | 43,4 | 12,6 | 58,6 | 45,4 | 13,2 |
| Eenpersoonshuish.: persoon vanaf 65 jaar | 2023* | 46.190 | 33.677 | 12.513 | 37,2 | 27,1 | 10,1 | 38,8 | 28,3 | 10,5 |
| Eenouderhuishouden | 2023* | 38.975 | 31.853 | 7.123 | 87,5 | 71,5 | 16,0 | 55,8 | 45,6 | 10,2 |
| Paar: geen kind (thuis), tot 65 jaar | 2023* | 185.356 | 150.876 | 34.480 | 157,8 | 128,5 | 29,4 | 110,0 | 89,5 | 20,5 |
| Paar: geen kind (thuis), vanaf 65 jaar | 2023* | 122.912 | 91.888 | 31.025 | 92,9 | 69,4 | 23,4 | 64,7 | 48,4 | 16,3 |
| Paar met 1 of 2 kind(eren) | 2023* | 353.076 | 302.981 | 50.096 | 247,2 | 212,1 | 35,1 | 123,0 | 105,6 | 17,5 |
| Paar met meer dan 2 kinderen | 2023* | 90.256 | 74.622 | 15.634 | 267,0 | 220,7 | 46,2 | 102,2 | 84,5 | 17,7 |
| Overige huishoudens | 2023* | 99.476 | 74.678 | 24.798 | 181,7 | 136,4 | 45,3 | 74,4 | 55,8 | 18,5 |
| Inkomensbron: gemengd inkomen | 2023* | 132.812 | 90.120 | 42.692 | 220,7 | 149,8 | 70,9 | 134,7 | 91,4 | 43,3 |
| Inkomensbron: beloning van werknemers | 2023* | 661.526 | 571.228 | 90.298 | 175,4 | 151,5 | 23,9 | 111,7 | 96,5 | 15,2 |
| Inkomensbron: uitkering i.v.m. ouderdom | 2023* | 160.024 | 129.036 | 30.988 | 58,1 | 46,9 | 11,3 | 46,8 | 37,7 | 9,1 |
| Inkomensbron: inkomen uit vermogen | 2023* | 36.686 | 13.745 | 22.941 | 544,3 | 203,9 | 340,4 | 373,1 | 139,8 | 233,3 |
| Inkomensbron: overige | 2023* | 63.148 | 47.788 | 15.360 | 44,7 | 33,9 | 10,9 | 29,4 | 22,2 | 7,1 |
| Hoofdkostwinner: tot 35 jaar | 2023* | 135.094 | 109.478 | 25.616 | 84,2 | 68,2 | 16,0 | 66,4 | 53,8 | 12,6 |
| Hoofdkostwinner: 35 tot 45 jaar | 2023* | 229.472 | 198.840 | 30.632 | 174,9 | 151,6 | 23,3 | 105,9 | 91,8 | 14,1 |
| Hoofdkostwinner: 45 tot 55 jaar | 2023* | 270.780 | 226.795 | 43.985 | 189,0 | 158,3 | 30,7 | 106,8 | 89,5 | 17,4 |
| Hoofdkostwinner: 55 tot 65 jaar | 2023* | 232.359 | 179.363 | 52.995 | 148,0 | 114,2 | 33,7 | 96,0 | 74,1 | 21,9 |
| Hoofdkostwinner: 65 jaar of ouder | 2023* | 186.491 | 137.441 | 49.051 | 69,5 | 51,2 | 18,3 | 54,5 | 40,1 | 14,3 |
| Woningbezit: eigen woning | 2023* | 982.954 | 821.511 | 161.443 | 208,2 | 174,0 | 34,2 | 130,7 | 109,3 | 21,5 |
| Woningbezit: huurwoning | 2023* | 71.242 | 30.406 | 40.836 | 18,3 | 7,8 | 10,5 | 14,1 | 6,0 | 8,1 |
| Vermogenssaldo 1e 10%-groep | 2023* | 47.002 | 23.434 | 23.568 | 54,6 | 27,2 | 27,4 | 46,5 | 23,2 | 23,3 |
| Vermogenssaldo 2e 10%-groep | 2023* | 6.116 | 2.187 | 3.928 | 7,1 | 2,5 | 4,6 | 5,7 | 2,0 | 3,7 |
| Vermogenssaldo 3e 10%-groep | 2023* | 13.843 | 8.116 | 5.727 | 16,1 | 9,4 | 6,7 | 12,6 | 7,4 | 5,2 |
| Vermogenssaldo 4e 10%-groep | 2023* | 46.111 | 38.015 | 8.096 | 53,6 | 44,2 | 9,4 | 39,6 | 32,6 | 6,9 |
| Vermogenssaldo 5e 10%-groep | 2023* | 110.506 | 99.951 | 10.555 | 128,4 | 116,2 | 12,3 | 88,2 | 79,8 | 8,4 |
| Vermogenssaldo 6e 10%-groep | 2023* | 138.580 | 126.625 | 11.955 | 161,0 | 147,2 | 13,9 | 105,1 | 96,0 | 9,1 |
| Vermogenssaldo 7e 10%-groep | 2023* | 144.441 | 130.842 | 13.599 | 167,9 | 152,1 | 15,8 | 106,7 | 96,7 | 10,0 |
| Vermogenssaldo 8e 10%-groep | 2023* | 148.757 | 131.936 | 16.822 | 172,9 | 153,3 | 19,5 | 107,6 | 95,4 | 12,2 |
| Vermogenssaldo 9e 10%-groep | 2023* | 157.401 | 134.146 | 23.255 | 182,9 | 155,9 | 27,0 | 111,0 | 94,6 | 16,4 |
| Vermogenssaldo 10e 10%-groep | 2023* | 241.439 | 156.665 | 84.774 | 280,6 | 182,1 | 98,5 | 160,3 | 104,0 | 56,3 |
| Bron: CBS. | ||||||||||
Tabeltoelichting
Deze tabel geeft inzicht in de verdeling van inkomen, consumptie, besparingen en vermogens binnen de huishoudensector, uitgesplitst naar huishoudensgroepen. In tegenstelling tot macro-economische totalen en gemiddelden, die slechts een algemeen beeld geven, maken verdelingsstatistieken zichtbaar hoe economische middelen en ontwikkelingen zijn verdeeld over verschillende delen van de bevolking. Dit is van belang omdat groei van de gehele huishoudenssector niet noodzakelijk betekent dat alle huishoudens daarvan in gelijke mate profiteren. De huishoudens worden onderscheiden naar de voornaamste bron van inkomen, woonsituatie, samenstelling van het huishouden, leeftijdsklasse van de hoofdkostwinner, 10%-inkomensgroepen en 10%-vermogensgroepen.
De cijfers zijn samengesteld door microdata over huishoudens (zoals administratieve gegevens en steekproeven) te combineren met de totalen uit de nationale rekeningen. Daarbij is expliciet gekozen voor consistentie met de nationale rekeningen, zodat de verdelingsuitkomsten optellen tot de officiële macro-economische totalen. Om dit te bereiken zijn verschillen in definities, populatie en methoden tussen micro- en macrostatistieken geanalyseerd en, waar nodig, gecorrigeerd. De nationale rekeningen zijn internationaal geharmoniseerd wat betreft concepten en methoden, waardoor de totalen goed vergelijkbaar zijn tussen landen. Door in deze statistiek expliciet aan te sluiten bij deze totalen wordt die internationale vergelijkbaarheid ook op de verdelingsuitkomsten doorgetrokken.
De gehanteerde methodiek is ontwikkeld in internationaal verband binnen expertgroepen van de OECD, ECB en Eurostat, onder meer in het kader van de werkzaamheden van de Expert Group on Disparities in a National Accounts framework (EG DNA). De methodiek is vastgelegd in het OECD Handbook on the Compilation of Household Distributional Results on Income, Consumption and Saving in Line with National Accounts Totals.
Gegevens beschikbaar vanaf: 2021.
Status van de cijfers:
Alle gegevens zijn voorlopig. De macro cijfers waarop aangesloten wordt van 2023 zijn definitief, echter de gebruikte micro data kennen een wisselende status. De methodologie is internationaal in ontwikkeling.
Wijzigingen per 29 januari 2026:
Geen. Dit is een nieuwe tabel.
Het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft in 2024 de nationale rekeningen gereviseerd. Daarbij worden nieuwe bronnen, methoden en concepten doorgevoerd in de nationale rekeningen, zodat het beeld van de Nederlandse economie weer optimaal aansluit bij alle onderliggende statistieken, bronnen en internationale richtlijnen voor het samenstellen van de nationale rekeningen. Deze tabel geeft de cijfers na revisie weer. Voor meer informatie zie paragraaf 3.
Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Cijfers voor de huishoudensverdelingen komen uiterlijk T+2 beschikbaar.
Toelichting onderwerpen
- Totaal bedrag
- Vermogens
- Vermogen is het saldo van bezittingen en schulden. De bezittingen bestaan vooral uit pensioenrechten, woningen, grond onder woningen, banktegoeden en chartaal geld, en effecten. De schulden omvatten onder meer schulden ten behoeve van een eigen woning en consumptief krediet. De eigen woning en overige onroerende zaken zijn gewaardeerd op marktwaarde.
Enkele zaken zijn bij de berekening van het vermogen niet meegerekend door gebrek aan gegevens. Duurzame consumptiegoederen (met uitzondering van de eigen woning), juwelen en antiek worden niet tot het bezit gerekend.- Schulden
- Schulden zijn bedragen die nog dienen te worden betaald.
- Totaal
- Woninghypotheken
- Totaal van de hypothecaire leningen. Dit zijn langlopende leningen met als onderpand de woning die door de particulier zelf voor bewoning wordt gebruikt. Het betreft hier de waarde van de woninghypotheken aan het einde van de betreffende periode.
- Overige schulden
- Overige schulden zijn bedragen die nog dienen te worden betaald exclusief de woninghypotheken.
- Gemiddeld bedrag
- Bedrag per huishouden.
- Vermogens
- Vermogen is het saldo van bezittingen en schulden. De bezittingen bestaan vooral uit pensioenrechten, woningen, grond onder woningen, banktegoeden en chartaal geld, en effecten. De schulden omvatten onder meer schulden ten behoeve van een eigen woning en consumptief krediet. De eigen woning en overige onroerende zaken zijn gewaardeerd op marktwaarde.
Enkele zaken zijn bij de berekening van het vermogen niet meegerekend door gebrek aan gegevens. Duurzame consumptiegoederen (met uitzondering van de eigen woning), juwelen en antiek worden niet tot het bezit gerekend.- Schulden
- Schulden zijn bedragen die nog dienen te worden betaald.
- Totaal
- Woninghypotheken
- Totaal van de hypothecaire leningen. Dit zijn langlopende leningen met als onderpand de woning die door de particulier zelf voor bewoning wordt gebruikt. Het betreft hier de waarde van de woninghypotheken aan het einde van de betreffende periode.
- Overige schulden
- Overige schulden zijn bedragen die nog dienen te worden betaald exclusief de woninghypotheken.
- Gestandaardiseerd bedrag
- Bedrag per huishouden omgerekend naar eenpersoonshuishouden.
- Vermogens
- Vermogen is het saldo van bezittingen en schulden. De bezittingen bestaan vooral uit pensioenrechten, woningen, grond onder woningen, banktegoeden en chartaal geld, en effecten. De schulden omvatten onder meer schulden ten behoeve van een eigen woning en consumptief krediet. De eigen woning en overige onroerende zaken zijn gewaardeerd op marktwaarde.
Enkele zaken zijn bij de berekening van het vermogen niet meegerekend door gebrek aan gegevens. Duurzame consumptiegoederen (met uitzondering van de eigen woning), juwelen en antiek worden niet tot het bezit gerekend.- Schulden
- Schulden zijn bedragen die nog dienen te worden betaald.
- Totaal
- Woninghypotheken
- Totaal van de hypothecaire leningen. Dit zijn langlopende leningen met als onderpand de woning die door de particulier zelf voor bewoning wordt gebruikt. Het betreft hier de waarde van de woninghypotheken aan het einde van de betreffende periode.
- Overige schulden
- Overige schulden zijn bedragen die nog dienen te worden betaald exclusief de woninghypotheken.