Personen met een uitkering; soort uitkering, wijken en buurten 2019

Personen met een uitkering; soort uitkering, wijken en buurten 2019

Wijken en buurten Perioden Regioaanduiding Gemeentenaam (naam) Regioaanduiding Soort regio (omschrijving) Regioaanduiding Codering (code) Regioaanduiding Indelingswijziging wijken en buurten (code) Personen per soort uitkering Werkloosheidsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering Bijstandsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering Arbeidsongeschiktheidsuitkering (aantal) Personen per soort uitkering AOW-uitkering (aantal) Personen per soort uitkering, relatief Werkloosheidsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar) Personen per soort uitkering, relatief Bijstandsuitkering (% van het aantal inwoners vanaf 15 jaar)
Nederland 2019 maart NL01 230.160 431.340 735.310 3.065.800 2 3
Nederland 2019 juni NL01 214.670 425.260 730.060 3.068.780 2 3
Nederland 2019 september NL01 204.790 416.190 728.970 3.092.260 1 3
Nederland 2019 december NL01 218.270 414.440 727.660 3.111.050 2 3
Wijk 02 Bredevoort 2019 maart Aalten Wijk WK019702 1 30 20 70 360 2 1
Wijk 02 Bredevoort 2019 juni Aalten Wijk WK019702 1 20 20 70 350 2 1
Wijk 02 Bredevoort 2019 september Aalten Wijk WK019702 1 20 20 70 350 1 1
Wijk 02 Bredevoort 2019 december Aalten Wijk WK019702 1 20 20 70 360 1 1
Verspreide huizen Bredevoort 2019 maart Aalten Buurt BU01970201 1 0 0 10 30 2 0
Verspreide huizen Bredevoort 2019 juni Aalten Buurt BU01970201 1 0 0 10 30 1 1
Verspreide huizen Bredevoort 2019 september Aalten Buurt BU01970201 1 0 0 10 40 1 1
Verspreide huizen Bredevoort 2019 december Aalten Buurt BU01970201 1 0 0 10 40 2 1
Bredevoort 2019 maart Aalten Buurt BU01970204 1 20 20 50 270 2 1
Bredevoort 2019 juni Aalten Buurt BU01970204 1 20 20 50 270 2 2
Bredevoort 2019 september Aalten Buurt BU01970204 1 20 20 50 260 1 1
Bredevoort 2019 december Aalten Buurt BU01970204 1 20 20 50 270 1 1
Redersbuurt 2019 maart Alblasserdam Buurt BU04820102 1 10 20 20 230 1 4
Redersbuurt 2019 juni Alblasserdam Buurt BU04820102 1 10 20 20 230 1 4
Redersbuurt 2019 september Alblasserdam Buurt BU04820102 1 10 30 20 230 1 4
Redersbuurt 2019 december Alblasserdam Buurt BU04820102 1 10 20 20 230 1 4
Staatsliedenbuurt 2019 maart Alblasserdam Buurt BU04820307 1 30 80 60 190 2 6
Staatsliedenbuurt 2019 juni Alblasserdam Buurt BU04820307 1 30 80 60 190 2 6
Staatsliedenbuurt 2019 september Alblasserdam Buurt BU04820307 1 30 80 70 190 2 6
Staatsliedenbuurt 2019 december Alblasserdam Buurt BU04820307 1 20 80 70 190 2 6
Staatsliedenkwartier en Landstraten 2019 maart Alkmaar Buurt BU03610102 1 30 90 170 380 2 5
Staatsliedenkwartier en Landstraten 2019 juni Alkmaar Buurt BU03610102 1 30 90 160 380 2 5
Staatsliedenkwartier en Landstraten 2019 september Alkmaar Buurt BU03610102 1 40 90 160 380 2 5
Staatsliedenkwartier en Landstraten 2019 december Alkmaar Buurt BU03610102 1 30 80 160 380 2 5
Staatsliedenwijk 2019 maart Almere Buurt BU00340209 1 50 240 170 140 2 12
Staatsliedenwijk 2019 juni Almere Buurt BU00340209 1 40 230 170 130 2 12
Staatsliedenwijk 2019 september Almere Buurt BU00340209 1 40 240 170 130 2 12
Staatsliedenwijk 2019 december Almere Buurt BU00340209 1 40 220 170 130 2 11
Stedenwijk 2019 maart Almere Buurt BU00340211 1 200 530 610 1.350 2 6
Stedenwijk 2019 juni Almere Buurt BU00340211 1 170 510 600 1.360 2 6
Stedenwijk 2019 september Almere Buurt BU00340211 1 160 500 610 1.390 2 6
Stedenwijk 2019 december Almere Buurt BU00340211 1 180 490 610 1.410 2 6
Landgoederenbuurt 2019 maart Almere Buurt BU00340306 1 90 120 180 380 3 4
Landgoederenbuurt 2019 juni Almere Buurt BU00340306 1 80 130 190 380 2 4
Landgoederenbuurt 2019 september Almere Buurt BU00340306 1 70 130 190 390 2 4
Landgoederenbuurt 2019 december Almere Buurt BU00340306 1 70 120 180 400 2 3
Edelstenenbuurt 2019 maart Alphen aan den Rijn Buurt BU04840306 1 40 160 160 490 2 7
Edelstenenbuurt 2019 juni Alphen aan den Rijn Buurt BU04840306 1 20 160 160 490 1 7
Edelstenenbuurt 2019 september Alphen aan den Rijn Buurt BU04840306 1 30 160 160 500 1 7
Edelstenenbuurt 2019 december Alphen aan den Rijn Buurt BU04840306 1 20 160 160 500 1 7
Weltevreden 2019 maart Amersfoort Buurt BU03070205 1 10 0 10 50 2 0
Weltevreden 2019 juni Amersfoort Buurt BU03070205 1 10 0 10 50 3 0
Weltevreden 2019 september Amersfoort Buurt BU03070205 1 10 0 10 50 2 0
Weltevreden 2019 december Amersfoort Buurt BU03070205 1 10 0 10 50 3 0
Vredeveldbuurt 2019 maart Amstelveen Buurt BU03620303 1 20 0 20 440 1 0
Vredeveldbuurt 2019 juni Amstelveen Buurt BU03620303 1 10 0 20 430 1 0
Vredeveldbuurt 2019 september Amstelveen Buurt BU03620303 1 10 0 20 430 1 0
Vredeveldbuurt 2019 december Amstelveen Buurt BU03620303 1 10 0 20 440 1 0
Uilenstede, Kronenburg 2019 maart Amstelveen Wijk WK036205 1 20 20 30 10 1 1
Uilenstede, Kronenburg 2019 juni Amstelveen Wijk WK036205 1 10 20 30 10 0 1
Uilenstede, Kronenburg 2019 september Amstelveen Wijk WK036205 1 10 20 30 10 0 1
Uilenstede, Kronenburg 2019 december Amstelveen Wijk WK036205 1 10 20 30 10 0 1
Uilenstede 2019 maart Amstelveen Buurt BU03620501 1 20 20 30 10 1 1
Uilenstede 2019 juni Amstelveen Buurt BU03620501 1 10 20 30 10 0 1
Uilenstede 2019 september Amstelveen Buurt BU03620501 1 10 20 30 10 0 1
Uilenstede 2019 december Amstelveen Buurt BU03620501 1 10 20 30 10 0 1
Frederikspleinbuurt 2019 maart Amsterdam Buurt BU03630707 1 20 20 20 130 2 2
Frederikspleinbuurt 2019 juni Amsterdam Buurt BU03630707 1 20 20 20 130 2 2
Frederikspleinbuurt 2019 september Amsterdam Buurt BU03630707 1 10 20 20 130 1 2
Frederikspleinbuurt 2019 december Amsterdam Buurt BU03630707 1 20 20 20 130 2 2
Staatsliedenbuurt 2019 maart Amsterdam Wijk WK036314 1 260 720 480 1.120 2 6
Staatsliedenbuurt 2019 juni Amsterdam Wijk WK036314 1 250 730 490 1.120 2 6
Staatsliedenbuurt 2019 september Amsterdam Wijk WK036314 1 260 720 490 1.140 2 6
Staatsliedenbuurt 2019 december Amsterdam Wijk WK036314 1 250 720 490 1.150 2 6
Staatsliedenbuurt Noordoost 2019 maart Amsterdam Buurt BU03631402 1 20 80 70 260 2 7
Staatsliedenbuurt Noordoost 2019 juni Amsterdam Buurt BU03631402 1 20 80 80 260 2 7
Staatsliedenbuurt Noordoost 2019 september Amsterdam Buurt BU03631402 1 20 70 70 260 2 7
Staatsliedenbuurt Noordoost 2019 december Amsterdam Buurt BU03631402 1 20 70 80 270 2 7
Frederik Hendrikbuurt 2019 maart Amsterdam Wijk WK036316 1 150 460 310 910 2 6
Frederik Hendrikbuurt 2019 juni Amsterdam Wijk WK036316 1 150 440 320 910 2 6
Frederik Hendrikbuurt 2019 september Amsterdam Wijk WK036316 1 150 420 320 900 2 6
Frederik Hendrikbuurt 2019 december Amsterdam Wijk WK036316 1 150 420 300 870 2 6
Frederik Hendrikbuurt Noord 2019 maart Amsterdam Buurt BU03631600 1 70 190 140 380 2 6
Frederik Hendrikbuurt Noord 2019 juni Amsterdam Buurt BU03631600 1 70 180 140 380 2 5
Frederik Hendrikbuurt Noord 2019 september Amsterdam Buurt BU03631600 1 80 180 130 380 2 5
Frederik Hendrikbuurt Noord 2019 december Amsterdam Buurt BU03631600 1 70 170 130 390 2 5
Frederik Hendrikbuurt Zuidoost 2019 maart Amsterdam Buurt BU03631601 1 60 220 120 280 2 7
Frederik Hendrikbuurt Zuidoost 2019 juni Amsterdam Buurt BU03631601 1 70 210 130 280 2 7
Frederik Hendrikbuurt Zuidoost 2019 september Amsterdam Buurt BU03631601 1 60 200 130 280 2 7
Frederik Hendrikbuurt Zuidoost 2019 december Amsterdam Buurt BU03631601 1 60 200 120 300 2 7
Frederik Hendrikbuurt Zuidwest 2019 maart Amsterdam Buurt BU03631602 1 20 50 60 260 2 4
Frederik Hendrikbuurt Zuidwest 2019 juni Amsterdam Buurt BU03631602 1 20 40 60 250 2 4
Frederik Hendrikbuurt Zuidwest 2019 september Amsterdam Buurt BU03631602 1 20 40 60 250 2 4
Frederik Hendrikbuurt Zuidwest 2019 december Amsterdam Buurt BU03631602 1 20 40 50 190 2 4
Staatsliedenkwartier 2019 maart Apeldoorn Buurt BU02000403 1 50 230 250 370 2 9
Staatsliedenkwartier 2019 juni Apeldoorn Buurt BU02000403 1 50 230 240 370 2 9
Staatsliedenkwartier 2019 september Apeldoorn Buurt BU02000403 1 50 220 240 380 2 9
Staatsliedenkwartier 2019 december Apeldoorn Buurt BU02000403 1 50 210 240 380 2 8
Vredenburg/Kronenburg 2019 maart Arnhem Wijk WK020219 1 130 460 540 1.670 2 6
Vredenburg/Kronenburg 2019 juni Arnhem Wijk WK020219 1 120 460 530 1.660 2 6
Vredenburg/Kronenburg 2019 september Arnhem Wijk WK020219 1 110 460 530 1.670 2 6
Vredenburg/Kronenburg 2019 december Arnhem Wijk WK020219 1 110 450 530 1.680 2 6
Vredenburg 2019 maart Arnhem Buurt BU02021993 1 70 150 270 900 2 4
Vredenburg 2019 juni Arnhem Buurt BU02021993 1 60 150 260 900 2 4
Vredenburg 2019 september Arnhem Buurt BU02021993 1 60 150 260 900 2 4
Vredenburg 2019 december Arnhem Buurt BU02021993 1 60 150 260 900 2 4
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat cijfers over het aantal personen met een sociale zekerheidsuitkering per gemeente, wijk en buurt (indeling 2019). Het betreft de personen met een uitkering voor arbeidsongeschiktheid, werkloosheid, ouderdom en bijstand.
Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee uitkeringen op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)) of twee uitkeringen van verschillende soort (zoals een uitkering op grond van de Werkloosheidswet en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld, in het eerste geval slechts één keer (bij de WAO).
Bij de categorie personen met een uitkering (totaal) wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.

De cijfers over aantallen personen met een uitkering per buurt, wijk of gemeente kunnen in geringe mate afwijken van elders op StatLine gepubliceerde cijfers, doordat gebruik wordt gemaakt van de meest recente gegevens uit de Basisregistratie Personen (BRP). Omdat verschillende StatLine-tabellen op verschillende momenten geactualiseerd worden, kan het voorkomen dat voor de ene tabel een andere versie van de BRP wordt gebruikt dan voor een andere tabel. De laatst gepubliceerde cijfers zijn in dat geval het meest accuraat.
De cijfers hebben betrekking op de laatste dag van de verslagmaand.

Gegevens beschikbaar vanaf: maart 2019

Status van de cijfers:
De cijfers van 2019 zijn definitief.

Wijzigingen per 20 maart 2025:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing.

Toelichting onderwerpen

Regioaanduiding
De gemeenten in Nederland zijn onderverdeeld in wijken en buurten. Buurten vormen het laagste regionale niveau. Wijken zijn optellingen van één of meer aaneengesloten buurten. De gemeente bepaalt zelf de indeling in wijken en buurten. Het CBS coördineert landelijk deze indeling.

Wijk:
Onderdeel van een gemeente waarin een bepaalde vorm van bodemgebruik of bebouwing overheerst. Bijvoorbeeld: industriegebied, woongebied met hoogbouw of laagbouw. Een wijk bestaat uit één of meerdere buurten.

Buurt:
Onderdeel van een gemeente, dat vanuit bebouwingsoogpunt of sociaaleconomische structuur homogeen is afgebakend. Homogeen wil zeggen dat één functie dominant is, bijvoorbeeld woonfunctie (woongebied), werkfunctie (industriegebied) of recreatieve functie (natuurgebied). Functies kunnen echter ook gemengd voorkomen.
Gemeentenaam
De naam van de bestuurlijke gemeente. Deze naam volgt de officiële schrijfwijze.
Soort regio
De gekozen regioaanduiding betreft: Gemeente, Wijk of Buurt.
Codering
Gemeentecode heeft 4 posities, voorafgegaan door ‘GM’.
Wijkcode heeft 6 posities: gemeentecode (4) + wijkcode (2), voorafgegaan door ‘WK’.
Buurtcode heeft 8 posities: gemeentecode (4) + wijkcode (2) + buurtcode (2), voorafgegaan door ‘BU’.
Indelingswijziging wijken en buurten
Deze indicator geeft per wijk en buurt aan of de cijfers uit deze tabel zonder problemen kunnen worden gekoppeld aan en vergeleken met de cijfers van een jaar eerder, of dat er wijzigingen in de Wijk- en Buurtindeling zijn waardoor dit niet kan. Detailinformatie over wijzigingen in de Wijk- en Buurtindeling kan worden verkregen door de wijk- en buurtkaart van twee opeenvolgende jaren met elkaar te vergelijken.

De indicator kent drie mogelijke waarden:
1: De codering en afbakening van deze wijk/buurt is ongewijzigd ten opzichte van het voorgaande jaar. Het is wel mogelijk dat een naamswijziging heeft plaatsgevonden. De cijfers kunnen worden gekoppeld en vergeleken met die van het voorgaande jaar.
2: De codering van de wijk/buurt is veranderd ten opzichte van het voorgaande jaar. De afbakening is ongewijzigd. Om te kunnen koppelen met cijfers van het voorgaande jaar zal eerst moeten worden achterhaald wat de codering van het voorgaande jaar was. Is de koppeling eenmaal geslaagd dan kunnen de cijfers alsnog met elkaar worden vergeleken.
3: De afbakening van de wijk/buurt is veranderd ten opzichte van het voorgaande jaar. Dit kan gepaard zijn gegaan met een gewijzigde codering. De cijfers kunnen niet zonder meer worden vergeleken met die van het voorgaande jaar. Verschillen kunnen immers samenhangen met de verandering in de afbakening van de wijk of buurt.

Voor een wijk of buurt wordt alleen een wijziging in de afbakening geconstateerd wanneer een grens circa 5 meter of meer is verlegd. Kleinere grenswijzigingen worden niet als significant beschouwd.
Personen per soort uitkering
Het aantal personen dat een sociale zekerheidsuitkering ontvangt uitgesplitst naar de soort uitkering.
Het gaat hier om werkloosheidsuitkeringen, bijstandsuitkeringen, bijstandsgerelateerde uitkeringen, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en ouderdomsuitkeringen.

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard ook maar één keer geteld.

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen met de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering. In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW. Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd. Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering. Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Werkloosheidsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidswet (WW).
Bijstandsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Participatiewet (PW).
Personen met een uitkering die verblijven in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook dak- en thuislozen met bijstand zijn niet inbegrepen.

Participatiewet
De Participatiewet vervangt sinds 1 januari 2015 de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) en een groot deel van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).
Arbeidsongeschiktheidsuitkering
Het aantal personen dat een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt in het kader van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ), de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA), de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (wet Wajong).

Het is mogelijk dat een persoon aanspraak maakt op meer dan één uitkering. Dat kunnen uitkeringen zijn van eenzelfde soort (bijvoorbeeld twee WAO-uitkeringen) of twee uitkeringen van verschillend type (zoals een WW en een bijstandsuitkering). In het laatste geval wordt de persoon bij beide soorten uitkeringen meegeteld. In het eerste geval slechts één keer (bij de WAO). Bij de totaaltellingen wordt de persoon uiteraard maar één keer geteld.
AOW-uitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Algemene ouderdomswet (AOW).

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen met de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering. In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW. Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd. Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering. Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Personen per soort uitkering, relatief
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidwet, Bijstandswet, Arbeidsongeschiktheidswet en de Algemene Ouderdomswet in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder per regio.

Algemene ouderdomswet (AOW)
De AOW is een algemene, de gehele bevolking omvattende, verplichte verzekering die personen met de AOW-gerechtigde leeftijd een inkomen garandeert. In het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel is dit een volksverzekering. In principe is iedereen die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt en in Nederland woont, verzekerd voor de AOW. Ook degenen die niet in Nederland wonen, maar in Nederland in dienstbetrekking arbeid verrichten waarover loonbelasting wordt betaald, zijn verzekerd. Voor perioden die men in het buitenland woont, kan men zich verzekeren tegen verlies van aanspraak op een AOW-uitkering. Een uitkering kan, binnen het kader van de wet Beperking export uitkeringen (wet BEU), naar het buitenland worden overgemaakt.

AOW-gerechtigde leeftijd (AOW-leeftijd)
De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop het AOW-pensioen ingaat. De AOW-leeftijd is tot en met 2024 als volgt:
Tot 2013: 65 jaar
2013: 65 jaar en 1 maand
2014: 65 jaar en 2 maanden
2015: 65 jaar en 3 maanden
2016: 65 jaar en 6 maanden
2017: 65 jaar en 9 maanden
2018: 66 jaar
2019-2021: 66 jaar en 4 maanden
2022: 66 jaar en 7 maanden
2023: 66 jaar en 10 maanden
2024: 67 jaar.

Na 2024 zal de AOW-leeftijd niet 1 jaar stijgen per jaar dat we langer leven, maar 8 maanden. De AOW-leeftijd blijft dus gekoppeld aan de levensverwachting, maar in mindere mate.
Werkloosheidsuitkering
Het aantal personen dat een uitkering ontvangt in het kader van de Werkloosheidswet (WW) in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Bijstandsuitkering
Het aantal personen dat een bijstandsuitkering in het kader van de Participatiewet (PW) ontvangt in procenten van het aantal inwoners van 15 jaar en ouder.
Personen met een uitkering die verblijven in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook dak- en thuislozen met bijstand zijn niet inbegrepen.

Participatiewet
De Participatiewet vervangt per 1 januari 2015 de WWB, de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) en een deel van de Wet Wajong.
De Participatiewet komt vrijwel overeen met de WWB, maar nog sterker wordt de nadruk gelegd op participatie aan het arbeidsproces.
Personen die door lichamelijke, verstandelijke of psychische aandoeningen alleen onder aangepaste omstandigheden kunnen werken vallen vanaf 1 januari 2015 onder de Participatiewet en niet meer onder de Wsw.
Ook jonggehandicapten die nog kunnen werken vallen vanaf die datum onder de Participatiewet en niet meer onder de Wet Wajong.