Overheidsproductie en -consumptie; transacties, overheidssectoren

Overheidsproductie en -consumptie; transacties, overheidssectoren

Institutionele sectoren Transacties en saldi Perioden Overheidsproductie en -consumptie (mln euro)
Overheid P1 Output 2025* 215.717
Overheid P11 Marktoutput 2025* 9.567
Overheid P12A Investeringen in eigen beheer 2025* 9.048
Overheid P13 Niet-marktoutput 2025* 197.102
Overheid P131 Betalingen voor niet-marktoutput 2025* 17.495
Overheid P132 Overige niet-marktoutput 2025* 179.607
Overheid P2 Intermediair verbruik 2025* 76.708
Overheid B1g Bruto toegevoegde waarde 2025* 139.009
Overheid P51c Verbruik van vaste activa 2025* 34.138
Overheid B1n Netto toegevoegde waarde 2025* 104.871
Overheid D1 Beloning van werknemers 2025* 103.928
Overheid D11 Lonen 2025* 76.406
Overheid D12 Sociale premies t.l.v. werkgevers 2025* 27.522
Overheid D29 Niet-productgebonden belastingen 2025* 1.255
Overheid D39 Niet-productgebonden subsidies 2025* -281
Overheid B2n Netto exploitatieoverschot 2025* -31
Overheid P3 Consumptieve bestedingen 2025* 303.931
Overheid P31 Individuele consumptieve bestedingen 2025* 204.403
Overheid D631 Overdrachten niet-marktproducten 2025* 80.079
Overheid D632 Uitkeringen in natura (aangekocht) 2025* 124.324
Overheid P32 Collectieve consumptieve bestedingen 2025* 99.528
Centrale overheid P1 Output 2025* 90.144
Centrale overheid P11 Marktoutput 2025* 3.249
Centrale overheid P12A Investeringen in eigen beheer 2025* 7.176
Centrale overheid P13 Niet-marktoutput 2025* 79.719
Centrale overheid P131 Betalingen voor niet-marktoutput 2025* 8.036
Centrale overheid P132 Overige niet-marktoutput 2025* 71.683
Centrale overheid P2 Intermediair verbruik 2025* 31.771
Centrale overheid B1g Bruto toegevoegde waarde 2025* 58.373
Centrale overheid P51c Verbruik van vaste activa 2025* 16.838
Centrale overheid B1n Netto toegevoegde waarde 2025* 41.535
Centrale overheid D1 Beloning van werknemers 2025* 41.207
Centrale overheid D11 Lonen 2025* 30.083
Centrale overheid D12 Sociale premies t.l.v. werkgevers 2025* 11.124
Centrale overheid D29 Niet-productgebonden belastingen 2025* 377
Centrale overheid D39 Niet-productgebonden subsidies 2025* -18
Centrale overheid B2n Netto exploitatieoverschot 2025* -31
Centrale overheid P3 Consumptieve bestedingen 2025* 85.860
Centrale overheid P31 Individuele consumptieve bestedingen 2025* 23.723
Centrale overheid D631 Overdrachten niet-marktproducten 2025* 9.546
Centrale overheid D632 Uitkeringen in natura (aangekocht) 2025* 14.177
Centrale overheid P32 Collectieve consumptieve bestedingen 2025* 62.137
Rijksoverheid P1 Output 2025* 51.426
Rijksoverheid P11 Marktoutput 2025* 1.306
Rijksoverheid P12A Investeringen in eigen beheer 2025* 1.363
Rijksoverheid P13 Niet-marktoutput 2025* 48.757
Rijksoverheid P131 Betalingen voor niet-marktoutput 2025* 4.482
Rijksoverheid P132 Overige niet-marktoutput 2025* 44.275
Rijksoverheid P2 Intermediair verbruik 2025* 19.382
Rijksoverheid B1g Bruto toegevoegde waarde 2025* 32.044
Rijksoverheid P51c Verbruik van vaste activa 2025* 7.761
Rijksoverheid B1n Netto toegevoegde waarde 2025* 24.283
Rijksoverheid D1 Beloning van werknemers 2025* 24.028
Rijksoverheid D11 Lonen 2025* 17.247
Rijksoverheid D12 Sociale premies t.l.v. werkgevers 2025* 6.781
Rijksoverheid D29 Niet-productgebonden belastingen 2025* 302
Rijksoverheid D39 Niet-productgebonden subsidies 2025* -16
Rijksoverheid B2n Netto exploitatieoverschot 2025* -31
Rijksoverheid P3 Consumptieve bestedingen 2025* 57.038
Rijksoverheid P31 Individuele consumptieve bestedingen 2025* 15.541
Rijksoverheid D631 Overdrachten niet-marktproducten 2025* 2.778
Rijksoverheid D632 Uitkeringen in natura (aangekocht) 2025* 12.763
Rijksoverheid P32 Collectieve consumptieve bestedingen 2025* 41.497
Overige centrale overheid P1 Output 2025* 38.718
Overige centrale overheid P11 Marktoutput 2025* 1.943
Overige centrale overheid P12A Investeringen in eigen beheer 2025* 5.813
Overige centrale overheid P13 Niet-marktoutput 2025* 30.962
Overige centrale overheid P131 Betalingen voor niet-marktoutput 2025* 3.554
Overige centrale overheid P132 Overige niet-marktoutput 2025* 27.408
Overige centrale overheid P2 Intermediair verbruik 2025* 12.389
Overige centrale overheid B1g Bruto toegevoegde waarde 2025* 26.329
Overige centrale overheid P51c Verbruik van vaste activa 2025* 9.077
Overige centrale overheid B1n Netto toegevoegde waarde 2025* 17.252
Overige centrale overheid D1 Beloning van werknemers 2025* 17.179
Overige centrale overheid D11 Lonen 2025* 12.836
Overige centrale overheid D12 Sociale premies t.l.v. werkgevers 2025* 4.343
Overige centrale overheid D29 Niet-productgebonden belastingen 2025* 75
Overige centrale overheid D39 Niet-productgebonden subsidies 2025* -2
Overige centrale overheid B2n Netto exploitatieoverschot 2025* 0
Overige centrale overheid P3 Consumptieve bestedingen 2025* 28.822
Overige centrale overheid P31 Individuele consumptieve bestedingen 2025* 8.182
Overige centrale overheid D631 Overdrachten niet-marktproducten 2025* 6.768
Overige centrale overheid D632 Uitkeringen in natura (aangekocht) 2025* 1.414
Overige centrale overheid P32 Collectieve consumptieve bestedingen 2025* 20.640
Lokale overheid P1 Output 2025* 119.632
Lokale overheid P11 Marktoutput 2025* 6.306
Lokale overheid P12A Investeringen in eigen beheer 2025* 1.839
Lokale overheid P13 Niet-marktoutput 2025* 111.487
Lokale overheid P131 Betalingen voor niet-marktoutput 2025* 9.459
Lokale overheid P132 Overige niet-marktoutput 2025* 102.028
Lokale overheid P2 Intermediair verbruik 2025* 41.536
Lokale overheid B1g Bruto toegevoegde waarde 2025* 78.096
Lokale overheid P51c Verbruik van vaste activa 2025* 17.166
Lokale overheid B1n Netto toegevoegde waarde 2025* 60.930
Lokale overheid D1 Beloning van werknemers 2025* 60.325
Lokale overheid D11 Lonen 2025* 44.599
Lokale overheid D12 Sociale premies t.l.v. werkgevers 2025* 15.726
Lokale overheid D29 Niet-productgebonden belastingen 2025* 868
Lokale overheid D39 Niet-productgebonden subsidies 2025* -263
Lokale overheid B2n Netto exploitatieoverschot 2025* 0
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat gegevens over de productie en consumptie van de sector overheid.
De overheidsproductie (output) wordt berekend vanuit de som van de productiekosten, die bestaan uit intermediair verbruik, beloning van werknemers, afschrijvingen, niet-productgebonden belastingen (betaalde), niet-productgebonden subsidies (ontvangen) en het netto exploitatieoverschot. Doordat de ontvangen subsidies de kosten verlagen hebben de subsidies een negatieve waarde in deze tabel.
Het merendeel van overheidsproductie wordt gebruikt als overige niet-marktoutput vrijelijk beschikbaar gesteld aan de burgers via de overheidsconsumptie. Het resterende en kleinere deel van de overheidsproductie wordt verkocht op de markt, gebruikt voor investeringen in eigen beheer, of wordt weliswaar verstrekt als niet-marktoutput, maar met een gedeeltelijke vergoeding.

Overheidsconsumptie is onder te verdelen naar individuele en collectieve consumptieve bestedingen. De individuele overheidsconsumptie is gelijk aan de sociale overdrachten in natura van de overheid, die deels door de overheid zelf is geproduceerd en voor ander deel is aangekocht bij marktproducenten. Bij de individuele overheidsconsumptie gaat het om uitgaven voor de rechtstreekse bevrediging van individuele behoeften of wensen van leden van de samenleving. De collectieve overheidsconsumptie is het resterende deel van de overheidsconsumptie en heeft betrekking op de collectieve behoeften en wensen van leden van de samenleving. Het onderscheid tussen de individuele en de collectieve overheidsconsumptie wordt gemaakt op basis van de 'Classification of the Functions of Government' (COFOG).

De gebruikte begrippen sluiten aan bij de Nationale rekeningen. De Nationale rekeningen zijn gebaseerd op de internationale definities van het Europees Systeem van Rekeningen (ESR 2010). Het transactiemoment bepaalt het moment van boeken. De gepresenteerde gegevens sluiten aan bij de publicaties over de Nationale rekeningen. Er kunnen kleine tijdelijke verschillen met de publicaties van de Nationale rekeningen optreden doordat de gepubliceerde cijfers van de overheidsrekeningen soms actueler zijn.

Gegevens beschikbaar vanaf:
Jaarcijfers vanaf 1995.

Status van de cijfers:
Het verslagjaar 2025 heeft de status voorlopig, de verslagjaren 2024 en eerder hebben de status definitief.

Wijzigingen per 1 juli 2026:
Cijfers over het jaar 2025 zijn beschikbaar.
De cijfers over jaar 2024 zijn nu definitief.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
De eerste jaarcijfers worden zes maanden na afloop van het verslagjaar gepubliceerd.
Vervolgens worden de jaarcijfers na 18 maanden gereviseerd. Hiernaast kunnen er tussentijdse actualisaties plaatsvinden om eind maart en eind september de meest actuele gegevens over de overheid aan de Europese Commissie te verstrekken.
Informatie over het revisiebeleid van Nationale rekeningen is te vinden onder paragraaf 3 'relevante artikelen'.

Toelichting onderwerpen

Overheidsproductie en -consumptie
Overheidsproductie en overheidsconsumptie

De overheidsproductie (output P1) wordt berekend vanuit de som van de productiekosten, die bestaan uit intermediair verbruik P2, beloning van werknemers D1, afschrijvingen P51c, (betaalde) niet-productgebonden belastingen D29, (ontvangen) niet-productgebonden subsidies D39 en het netto exploitatieoverschot B2n:
P1 = P2 + D1 + P51c + D29 + D39 + B2n
Doordat de ontvangen subsidies de kosten verlagen hebben de subsidies een negatieve waarde in deze tabel.
Een deel van de overheidsproductie P1 wordt verkocht op de markt P11, gebruikt voor investeringen in eigen beheer P12A, of wordt verstrekt met een vergoeding voor de niet-marktoutput P131. Het grootste deel van overheidsproductie wordt gebruikt voor overige niet-marktoutput P132. Er geldt dus:
P1 = P11 + P12A + P131 + P132
Overheidsconsumptie P3 is onder te verdelen naar individuele P31 en collectieve consumptieve bestedingen P32:
P3 = P31 + P32
De individuele overheidsconsumptie is gelijk aan de sociale overdrachten in natura van de overheid, die voor een deel door de overheid zelf is geproduceerd D631 en voor het andere deel is aangekocht bij marktproducenten D632:
P31 = D631 + D632
De collectieve overheidsconsumptie P32 is het deel van overige niet markt-output P132, dat niet aan individuele overheidsconsumptie D631 is besteed. Er geldt dus ook:
P132 = D631 + P32
Voor de saldi geldt:
B1g = P1 - P2 = B1n + P51c
B1n = D1 + D29 + D39 + B2n