Musea; bedrijfsopbrengsten en -kosten

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat uitkomsten over bedrijfsopbrengsten en -kosten van musea.
Vanaf 2015 is de onderzoekspopulatie herijkt. Daardoor zijn de resultaten van 1993 tot en met 2013 niet meer goed te vergelijken met de uitkomsten in deze tabel.

Gegevens beschikbaar: vanaf 2015

Status van de cijfers
De cijfers over de jaren 2015 t/m 2021 zijn definitief. De cijfers vanaf 2022 zijn voorlopig.

Wijzigingen per 18 december 2025:
- De voorlopige cijfers over 2024 zijn toegevoegd.
- De voorlopige cijfers over 2022 en 2023 zijn bijgesteld.
- De cijfers over de jaren 2020 en 2021 hebben een definitieve status gekregen.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
In het vierde kwartaal 2026 verschijnen de voorlopige cijfers over 2025. De voorlopige cijfers over eerdere jaren worden dan zoveel mogelijk definitief gemaakt.

Toelichting onderwerpen

Bedrijfsopbrengsten
De opbrengsten uit de eigenlijke bedrijfsvoering, i.c. de verkopen van goederen en diensten, subsidies en (schade)uitkeringen.
Directe opbrengsten
De opbrengsten uit de eigenlijke bedrijfsvoering, i.c. de verkopen van goederen en diensten.

Hieronder worden verstaan: inkomsten uit entreegelden, vergoedingen museumkaart, sponsoring, (pacht)inkomsten uit horeca en winkel, opbrengsten bruikleenverkeer en dergelijke.
Overige inkomsten
Totaal overige inkomsten
Inkomsten winkel
De totale omzet van alle verkopen in de winkel van het museum. Bij een eventueel verpachte winkel worden ook de pachtinkomsten hiertoe gerekend.
Inkomsten horeca
De totale omzet van alle restaurant- en cateringactiviteiten tijdens openingstijden. Bij een eventueel verpachte horecagelegenheid worden ook de pachtinkomsten hiertoe gerekend.
Overige inkomsten
Hieronder vallen opbrengsten van lezingen, rondleidingen, kinderactiviteiten, cursussen, speciale evenementen, verhuur van roerende of onroerende goederen, opbrengsten uit bruikleenverkeer en verkoop van museumstukken.
Indirecte opbrengsten
Opbrengsten uit subsidies en (schade)uitkeringen en inkomsten uit publieke en private middelen. Bijvoorbeeld: overheidssubsidies, subsidies en bijdragen uit publieke en private middelen incl. (in 2020-2022) bijdragen i.v.m. coronasteunmaatregelen.
Subsidies overheid
Betalingen om niet die door de overheid of de Instellingen van de Europese Unie worden gedaan aan ingezeten producenten, met het doel de productieniveaus, de prijzen of de beloning van de productiefactoren te beïnvloeden.
Rijk
Alle ministeries (inclusief alle diensten die deel uitmaken van de eigen organisatie), de begrotingsfondsen en de agentschappen.
Overige ministeries
Overige subsidies en bijdragen
Het betreft hier inkomsten uit publieke middelen zoals Europese projecten, overheidsfondsen en dergelijke en inkomsten uit private middelen zoals uitkeringen verzekeringen voor schade en ziekte en giften van private fondsen en goede doelen loterijen. Voor 2020-2022 zijn in deze categorie ook bijdragen opgenomen uit coronasteunmaatregelen vanuit de overheid en overige steun i.v.m. corona (bijvoorbeeld vanuit private fondsen).
Totaal overige subsidies/bijdragen
Publieke middelen
Inkomsten uit Europese projecten en overheidsfondsen en (in 2020-2022) bijdragen i.v.m. coronasteunmaatregelen.
Overige publieke middelen
Inkomsten uit overheidsfondsen zoals het Mondriaanfonds, subsidie uit regionale cultuurfondsen zoals het Amsterdams Fonds voor de Kunst. Voor 2020-2022 zijn in deze categorie ook bijdragen uit coronasteunmaatregelen opgenomen
Private middelen
Fondsen die gefinancierd worden uit particulier geld. Bijvoorbeeld: VSB, Prins Bernhard Cultuurfonds, Ammodofonds, fondsen op naam, etc. Voor 2020-2022 zijn in deze categorie ook bijdragen uit private fondsen en overige steun i.v.m. corona opgenomen.
Bedrijfskosten
De kosten die zijn gemaakt om de bedrijfsopbrengsten te realiseren, t.w. de inkoopwaarde van de omzet, de arbeidskosten (PS), de afschrijvingen op vaste activa en de zgn. overige bedrijfskosten.
Arbeidskosten
Overige personele lasten
Kosten woon-werkverkeer, opleiding/vakliteratuur, wervingskosten, werkkleding, e.d.
Huisvestingskosten
De kosten voor huur, lease, reparatie, onderhoud, schoonmaak en verzekering van gebouwen en terreinen, waterverbruik, inrichting. Verder ook milieuheffingen en onroerendzaakbelastingen.
Overige huisvestingskosten
OZB, premies opstalverzekeringen, inventaris, beveiliging, schoonmaakmiddelen.
Andere kosten
Inkoop van artikelen voor winkel en horeca, tentoonstellingskosten, kosten voor marketing en communicatie en overige kosten
Overige kosten
Tot de overige kosten worden o.a. gerekend de kosten van restauratie, verzekeringen en andere uitgaven ten behoeve van de collectie, kantoorbenodigdheden, automatiseringskosten, reis- en verblijfskosten, kosten vergaderingen, bank-, administratie-, beheers-, bestuurs-, accountantskosten, kosten brandstof bedrijfsauto's, belastingen en heffingen en dergelijke.