Arbeidsdeelname; arbeidsgehandicapten 2003-2014

Arbeidsdeelname; arbeidsgehandicapten 2003-2014

Geslacht Persoonskenmerken Arbeidsgehandicapten Perioden Beroeps- en niet-beroepsbevolking (x 1 000) Beroepsbevolking Beroepsbevolking (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Werknemer Werknemer (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Werknemer Werknemer met vaste arbeidsrelatie (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Werknemer Werknemer met flexibele arbeidsrelatie (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Zelfstandige Zelfstandige (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Zelfstandige Zelfstandige zonder personeel (zzp) (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Zelfstandige Zelfstandige met personeel (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Zelfstandige Meewerkend gezinslid (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Positie in de werkkring onbekend (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd Deeltijd (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd Minder dan 20 uur per week Minder dan 20 uur per week (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd Minder dan 20 uur per week Minder dan 12 uur per week (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd Minder dan 20 uur per week 12 tot 20 uur per week (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd 20 tot 35 uur per week 20 tot 35 uur per week (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd 20 tot 35 uur per week 20 tot 28 uur per week (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd 20 tot 35 uur per week 28 tot 35 uur per week (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Voltijd (x 1 000) Beroepsbevolking Werkloze beroepsbevolking (x 1 000) Beroepsbevolking Werkloosheidspercentage (%) Niet-beroepsbevolking (x 1 000) Bruto arbeidsparticipatie (%) Netto arbeidsparticipatie (%)
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2003 3.948 2.377 2.197 1.964 1.532 433 233 147 68 19 0 1.060 611 392 219 450 242 207 1.137 180 7,6 1.571 60,2 55,6
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2004 3.758 2.294 2.105 1.877 1.456 421 227 140 71 17 0 1.023 598 394 204 426 235 191 1.081 190 8,3 1.464 61,1 56,0
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2005 3.703 2.252 2.047 1.812 1.362 450 235 146 74 16 0 1.017 605 391 214 412 221 191 1.030 205 9,1 1.451 60,8 55,3
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2006 3.660 2.245 2.066 1.824 1.334 490 241 157 68 16 0 1.021 608 402 206 413 220 194 1.044 179 8,0 1.415 61,3 56,4
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2007 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2008 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2009 3.539 2.267 2.102 1.843 1.272 571 259 173 71 14 0 1.094 624 404 220 470 252 218 1.008 164 7,2 1.272 64,0 59,4
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2010 3.393 2.142 1.955 1.718 1.201 517 237 153 64 19 0 1.035 596 390 205 439 253 187 920 188 8,8 1.251 63,1 57,6
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2011 3.370 2.175 2.002 1.762 1.285 477 239 162 62 15 0 1.068 607 389 218 461 251 210 934 173 8,0 1.195 64,5 59,4
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2012 3.253 2.110 1.912 1.676 1.194 482 235 164 56 15 0 1.045 603 391 212 442 231 211 867 198 9,4 1.144 64,8 58,8
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2013 2.956 1.908 1.688 1.491 1.024 468 197 141 44 12 0 973 568 386 181 405 230 176 715 220 11,5 1.049 64,5 57,1
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2014 2.987 1.894 1.660 1.454 955 499 206 143 52 11 0 944 565 386 179 379 207 172 716 233 12,3 1.093 63,4 55,6
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2003 889 336 300 262 217 46 37 26 9 2 0 145 65 34 30 80 47 33 155 37 10,9 552 37,8 33,7
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2004 802 301 267 238 199 39 29 19 8 2 0 132 65 37 28 67 40 27 135 35 11,5 500 37,6 33,3
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2005 789 291 254 222 183 39 32 21 9 1 0 129 62 32 29 67 36 31 125 37 12,6 499 36,8 32,2
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2006 798 294 257 221 175 45 37 26 9 2 0 133 63 36 27 70 41 29 124 37 12,5 504 36,9 32,3
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2007 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2008 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2009 753 292 264 230 173 58 34 24 8 2 0 151 70 38 33 81 42 39 113 28 9,5 461 38,8 35,1
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2010 668 239 206 178 143 35 29 19 7 2 0 122 58 32 26 64 40 24 84 32 13,6 430 35,7 30,9
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2011 605 206 178 155 122 33 23 19 3 1 0 111 59 34 25 52 28 24 67 28 13,6 399 34,1 29,4
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2012 576 189 158 141 109 32 17 13 3 1 0 101 49 26 23 52 28 24 57 30 16,1 387 32,8 27,5
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2013 607 199 164 141 112 29 23 16 5 1 0 109 54 36 19 54 33 21 55 36 17,9 407 32,9 27,0
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2014 621 180 146 126 93 33 21 15 5 1 0 97 48 28 20 50 32 18 49 34 18,7 442 29,0 23,6
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2003 3.060 2.040 1.897 1.702 1.315 387 195 121 58 16 0 915 546 358 188 369 195 174 982 143 7,0 1.019 66,7 62,0
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2004 2.956 1.993 1.838 1.640 1.257 382 198 120 62 16 0 892 533 357 176 358 194 164 946 155 7,8 963 67,4 62,2
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2005 2.914 1.961 1.793 1.590 1.179 411 203 125 64 14 0 888 543 358 185 345 184 160 905 168 8,6 953 67,3 61,5
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2006 2.862 1.951 1.808 1.603 1.159 444 205 131 59 14 0 888 545 366 179 343 179 165 920 143 7,3 911 68,2 63,2
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2007 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2008 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2009 2.786 1.975 1.838 1.613 1.100 514 225 150 63 12 0 943 554 367 187 389 209 180 895 136 6,9 811 70,9 66,0
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2010 2.724 1.904 1.748 1.540 1.058 482 208 135 57 17 0 913 537 358 179 375 212 163 836 155 8,2 821 69,9 64,2
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2011 2.765 1.969 1.823 1.607 1.162 444 216 144 59 14 0 957 548 355 193 409 223 186 867 145 7,4 796 71,2 65,9
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2012 2.677 1.921 1.753 1.535 1.085 450 218 152 52 14 0 944 554 365 189 390 203 187 809 168 8,7 757 71,7 65,5
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2013 2.350 1.708 1.524 1.350 911 439 174 125 39 10 0 864 513 351 163 351 196 154 660 184 10,8 642 72,7 64,9
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2014 2.365 1.714 1.514 1.328 862 466 186 128 47 10 0 847 517 358 160 330 176 154 667 200 11,7 651 72,5 64,0
Mannen Onderwijsniveau: laag Totaal 2003 1.861 1.346 1.256 1.113 899 214 144 92 47 4 0 305 169 130 39 136 47 89 951 89 6,6 515 72,3 67,5
Mannen Onderwijsniveau: laag Totaal 2004 1.781 1.298 1.201 1.062 854 208 140 85 51 3 0 286 168 129 39 118 40 78 915 96 7,4 483 72,9 67,5
Mannen Onderwijsniveau: laag Totaal 2005 1.752 1.268 1.170 1.021 797 224 149 92 53 3 0 289 172 133 39 117 36 81 881 98 7,7 484 72,4 66,8
Mannen Onderwijsniveau: laag Totaal 2006 1.759 1.284 1.198 1.042 787 255 156 102 51 3 0 310 184 147 37 126 41 85 887 86 6,7 475 73,0 68,1
Mannen Onderwijsniveau: laag Totaal 2007 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Mannen Onderwijsniveau: laag Totaal 2008 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Mannen Onderwijsniveau: laag Totaal 2009 1.725 1.293 1.206 1.033 742 290 173 115 55 3 0 349 204 152 52 145 54 91 857 87 6,8 432 75,0 69,9
Mannen Onderwijsniveau: laag Totaal 2010 1.647 1.203 1.105 941 679 262 164 110 50 5 0 318 192 150 42 126 53 73 787 98 8,1 444 73,0 67,1
Mannen Onderwijsniveau: laag Totaal 2011 1.652 1.205 1.116 958 727 231 158 108 46 5 0 324 194 144 50 129 47 82 793 89 7,4 447 72,9 67,6
Mannen Onderwijsniveau: laag Totaal 2012 1.600 1.176 1.076 918 666 252 157 109 43 5 0 326 199 151 48 128 38 89 749 100 8,5 425 73,5 67,2
Mannen Onderwijsniveau: laag Totaal 2013 1.471 1.073 950 814 563 251 136 97 35 4 0 323 204 161 43 119 44 75 627 123 11,5 398 73,0 64,6
Mannen Onderwijsniveau: laag Totaal 2014 1.468 1.057 933 794 542 252 140 98 38 3 0 314 193 154 39 121 47 74 620 123 11,7 412 72,0 63,6
Mannen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2003 408 197 181 157 134 22 24 17 7 1 0 52 19 12 7 33 16 17 129 17 8,4 210 48,4 44,4
Mannen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2004 353 169 153 135 117 18 18 11 6 0 0 39 16 9 7 23 12 11 114 16 9,6 184 47,8 43,3
Mannen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2005 353 164 145 126 107 19 19 13 6 0 0 40 14 8 6 26 12 14 105 18 11,1 190 46,3 41,2
Mannen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2006 349 168 152 127 104 23 24 17 7 0 0 45 18 13 5 27 13 14 107 16 9,5 181 48,1 43,5
Mannen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2007 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Mannen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2008 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Mannen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2009 339 167 152 131 101 30 21 15 6 0 0 56 21 12 9 35 18 17 96 15 9,0 172 49,2 44,8
Mannen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2010 303 134 114 96 81 15 19 11 7 1 0 43 16 10 5 27 15 11 72 20 14,8 169 44,1 37,6
Mannen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2011 271 109 96 81 66 15 14 12 2 0 0 39 18 11 7 21 9 12 56 13 12,3 162 40,3 35,3
Mannen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2012 250 98 82 71 54 17 11 9 2 0 0 33 15 9 6 19 7 11 49 16 16,3 151 39,4 33,0
Mannen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2013 270 105 84 70 55 14 15 10 4 0 0 38 19 15 5 19 10 9 46 20 19,6 165 38,8 31,2
Mannen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2014 263 94 76 62 48 14 15 10 5 0 0 34 13 9 4 21 12 9 42 18 18,8 169 35,8 29,1
Mannen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2003 1.453 1.149 1.076 956 765 192 119 75 41 4 0 253 150 118 32 103 31 73 823 73 6,3 305 79,0 74,0
Mannen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2004 1.428 1.129 1.049 927 737 190 122 74 45 3 0 247 152 120 32 95 29 66 802 80 7,1 299 79,1 73,4
Mannen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2005 1.398 1.104 1.024 895 690 205 129 79 47 3 0 249 157 124 33 92 24 67 775 80 7,2 294 79,0 73,2
Mannen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2006 1.410 1.116 1.046 914 683 232 131 85 44 2 0 265 166 134 32 99 28 71 781 70 6,3 294 79,2 74,2
Mannen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2007 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Mannen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2008 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Mannen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2009 1.386 1.126 1.054 902 641 261 152 101 49 3 0 293 183 140 43 110 36 74 761 72 6,4 260 81,3 76,0
Mannen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2010 1.344 1.069 991 845 598 247 145 98 43 4 0 275 176 139 37 99 38 62 716 78 7,3 275 79,5 73,7
Mannen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2011 1.382 1.096 1.021 876 661 215 144 96 44 5 0 284 176 133 43 108 37 70 737 75 6,9 286 79,3 73,9
Mannen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2012 1.351 1.077 993 847 612 235 146 101 41 5 0 293 184 142 42 109 31 78 700 84 7,8 273 79,8 73,5
Mannen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2013 1.201 969 866 744 508 236 122 86 31 4 0 285 185 147 38 100 34 66 581 102 10,6 233 80,6 72,1
Mannen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2014 1.206 963 857 732 494 238 125 89 34 3 0 279 180 145 35 100 36 64 578 106 11,0 243 79,9 71,1
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2003 2.087 1.031 941 851 633 219 89 55 20 14 0 755 442 262 180 313 195 118 185 90 8,8 1.056 49,4 45,1
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2004 1.977 997 903 816 603 213 88 54 19 14 0 738 430 265 165 308 195 113 166 93 9,4 980 50,4 45,7
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2005 1.952 984 877 791 565 226 87 54 20 13 0 728 433 258 175 295 185 110 149 107 10,8 968 50,4 45,0
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2006 1.901 961 868 782 547 235 86 55 18 13 0 711 424 255 170 287 179 108 157 93 9,7 940 50,6 45,6
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2007 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2008 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2009 1.814 974 897 810 530 281 86 58 17 11 0 746 420 252 168 325 198 127 151 77 7,9 840 53,7 49,4
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2010 1.746 940 850 777 522 255 73 44 15 14 0 717 404 240 164 313 200 113 133 90 9,5 806 53,8 48,7
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2011 1.718 970 885 804 558 247 81 55 16 10 0 744 413 245 168 331 204 128 141 85 8,7 748 56,5 51,5
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2012 1.653 934 836 758 528 230 78 55 13 11 0 719 405 240 165 314 193 122 117 98 10,5 719 56,5 50,6
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2013 1.485 834 738 677 460 217 60 44 9 7 0 650 363 225 138 286 186 101 88 97 11,6 651 56,2 49,7
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Totaal 2014 1.518 837 727 660 413 247 67 45 14 8 0 630 372 232 141 258 160 98 96 110 13,2 681 55,1 47,9
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2003 481 139 119 106 82 24 13 9 3 2 0 93 46 22 24 48 31 17 26 20 14,5 342 28,9 24,7
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2004 448 133 114 103 82 21 11 8 2 1 0 93 49 27 21 44 29 15 21 19 14,0 316 29,6 25,4
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2005 436 127 108 96 76 20 13 8 3 1 0 89 47 24 23 42 25 17 19 18 14,6 309 29,1 24,9
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2006 449 126 106 93 71 22 12 9 2 1 0 88 45 23 22 43 28 15 18 21 16,5 323 28,1 23,5
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2007 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2008 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2009 414 125 112 99 71 28 13 9 2 1 0 96 49 25 24 47 25 22 16 13 10,3 289 30,2 27,1
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2010 365 105 92 82 62 20 10 7 1 2 0 79 43 22 21 37 25 12 13 13 12,0 260 28,7 25,3
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2011 335 97 82 74 56 17 9 6 1 1 0 72 41 23 18 30 19 12 11 15 15,1 237 29,0 24,6
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2012 326 90 76 70 55 15 6 4 1 1 0 68 34 17 18 33 21 13 8 14 15,9 236 27,7 23,3
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2013 337 95 80 72 57 15 8 5 1 1 0 71 35 21 14 36 23 13 9 15 16,1 242 28,1 23,6
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Arbeidsgehandicapten 2014 359 86 70 64 45 19 6 5 0 1 0 63 35 19 16 28 20 8 7 16 18,5 273 23,9 19,5
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2003 1.606 892 822 746 550 195 76 46 17 13 0 662 396 240 156 266 165 101 159 70 7,9 714 55,5 51,2
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2004 1.529 864 789 713 521 192 77 46 18 13 0 645 381 237 144 264 166 98 145 75 8,7 664 56,5 51,6
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2005 1.515 857 769 695 489 206 74 46 17 11 0 639 386 234 152 253 160 93 130 88 10,3 658 56,6 50,7
Vrouwen Onderwijsniveau: laag Niet-arbeidsgehandicapten 2006 1.452 835 762 689 476 213 73 46 16 12 0 623 379 232 147 244 151 93 139 72 8,7 617 57,5 52,5
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat jaarcijfers van 2003 tot en met 2014 over de arbeidsdeelname van wel en niet-arbeidsgehandicapten in Nederland. Zowel arbeidsgehandicapten als niet- arbeidsgehandicapten van 15 tot 65 jaar (exclusief de institutionele bevolking) worden ingedeeld in de werkzame, werkloze en niet-beroepsbevolking. De werkzamen worden verder ingedeeld op basis van de positie in de werkkring en de gemiddelde arbeidsduur. Voor de verschillende indelingen is een uitsplitsing naar geslacht, leeftijd en onderwijsniveau beschikbaar.

Gegevens beschikbaar: 2003-2014

Status van de cijfers:
Cijfers op basis van de EBB zijn altijd definitief.

Wijzigingen per 25 november 2016:
Deze tabel is stopgezet.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?

Deze tabel is stopgezet vanwege een breuk in de cijferreeks vanwege een wijziging in de vragenlijst vanaf 2015. Vanaf 2015 wordt de vraag naar arbeidshandicap aan iedereen gesteld, dus ook aan personen die eerder hebben aangegeven niet (voltijd) te willen/kunnen werken of te gaan stoppen met werken vanwege ziekte/arbeidsongeschiktheid. Daarnaast is de leeftijdsgrens verschoven van 65 naar 75 jaar in overeenstemming met de nieuwe definitie beroepsbevolking.

Toelichting onderwerpen

Beroeps- en niet-beroepsbevolking
Personen die tot de werkzame, de werkloze of de niet-beroepsbevolking behoren.  

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens in deze tabel worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 65 jaar.
Beroepsbevolking
Personen:
- die betaald werk hebben (werkzame beroepsbevolking), of
- die geen betaald werk hebben, recent naar betaald werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn (werkloze beroepsbevolking).

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens in deze tabel worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 65 jaar.
Beroepsbevolking
Personen:
- die betaald werk hebben (werkzame beroepsbevolking), of
- die geen betaald werk hebben, recent naar betaald werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn (werkloze beroepsbevolking).
Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens in deze tabel worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 65 jaar.
Werkzame beroepsbevolking
Personen die betaald werk hebben.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens in deze tabel worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 65 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Werkzame beroepsbevolking
Personen die betaald werk hebben.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens in deze tabel worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 65 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Positie in de werkkring
Indeling van de werkzame beroepsbevolking naar:
Werknemer
- met een vaste arbeidsrelatie
- met een flexibele arbeidsrelatie
Zelfstandige
- zonder personeel
- met personeel
- meewerkend gezinslid

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Werknemer
Een persoon die in een arbeidsovereenkomst afspraken met een economische eenheid maakt om arbeid te verrichten waartegenover een financiële beloning staat.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Werknemer
Een persoon die in een arbeidsovereenkomst afspraken met een economische eenheid maakt om arbeid te verrichten waartegenover een financiële beloning staat.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Werknemer met vaste arbeidsrelatie
Een werknemer met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd én een vast aantal uren per week.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Werknemer met flexibele arbeidsrelatie
Een werknemer met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd óf een flexibel aantal uren per week.
Tot de werknemers met een flexibele arbeidsrelatie behoren:
- Werknemer tijdelijk, uitzicht op vast
- Werknemer tijdelijk >=1 jaar
- Werknemer tijdelijk <1 jaar
- Oproep/-invalkracht
- Uitzendkracht
- Werknemer vast, geen vaste uren
- Werknemer tijdelijk, geen vaste uren

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Zelfstandige
Een persoon die voor eigen rekening of risico arbeid verricht
- in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer),
- als directeur-grootaandeelhouder (dga),
- in het bedrijf of de praktijk van een gezinslid (meewerkend gezinslid), of
- als overige zelfstandige.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Zelfstandige
Een persoon die voor eigen rekening of risico arbeid verricht
- in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer),
- als directeur-grootaandeelhouder (dga),
- in het bedrijf of de praktijk van een gezinslid (meewerkend gezinslid), of
- als overige zelfstandige.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Zelfstandige zonder personeel (zzp)
Een persoon die voor eigen rekening of risico arbeid verricht in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer) of als directeur-grootaandeelhouder (dga) en die geen personeel in dienst heeft. Overige zelfstandigen worden ook tot de zelfstandigen zonder personeel gerekend.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Zelfstandige met personeel
Een persoon die voor eigen rekening of risico arbeid verricht in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer) of als directeur-grootaandeelhouder (dga) en die personeel in dienst heeft.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Meewerkend gezinslid
Een persoon die zonder schriftelijke  overeenkomst arbeid verricht in het bedrijf of de praktijk van een gezinslid.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Positie in de werkkring onbekend
Arbeidsduur
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Deeltijd
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Deeltijd
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Minder dan 20 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 20 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Minder dan 20 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 20 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Minder dan 12 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 12 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
12 tot 20 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 12 tot 20 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
20 tot 35 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 20 tot 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
20 tot 35 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 20 tot 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
20 tot 28 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 20 tot 28 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
28 tot 35 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 28 tot 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Voltijd
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 35 uur of meer.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Werkloze beroepsbevolking
Personen zonder betaald werk, die recent naar werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens in deze tabel worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 65 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Werkloosheidspercentage
De werkloze beroepsbevolking als percentage van de (werkzame en werkloze) beroepsbevolking.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens in deze tabel worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 65 jaar.
Niet-beroepsbevolking
Personen zonder betaald werk die niet recent naar werk hebben gezocht of daarvoor niet direct beschikbaar zijn.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens in deze tabel worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 65 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Bruto arbeidsparticipatie
Het aandeel van de (werkzame en werkloze) beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en niet-beroepsbevolking).
  
Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens in deze tabel worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 65 jaar.
Netto arbeidsparticipatie
Het aandeel van de werkzame beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en niet-beroepsbevolking).

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens in deze tabel worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 65 jaar.