Arbeidsdeelname; arbeidsgehandicapten 2015-2017

Arbeidsdeelname; arbeidsgehandicapten 2015-2017

Geslacht Persoonskenmerken Arbeidsgehandicapten Perioden Beroeps- en niet-beroepsbevolking (x 1 000) Beroepsbevolking Beroepsbevolking (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Werknemer Werknemer (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Werknemer Werknemer met vaste arbeidsrelatie (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Werknemer Werknemer met flexibele arbeidsrelatie (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Zelfstandige Zelfstandige (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Zelfstandige Zelfstandige zonder personeel (zzp) (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Zelfstandige Zelfstandige met personeel (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Zelfstandige Meewerkend gezinslid (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Positie in de werkkring Positie in de werkkring onbekend (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd Deeltijd (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd Minder dan 20 uur per week Minder dan 20 uur per week (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd Minder dan 20 uur per week Minder dan 12 uur per week (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd Minder dan 20 uur per week 12 tot 20 uur per week (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd 20 tot 35 uur per week 20 tot 35 uur per week (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd 20 tot 35 uur per week 20 tot 28 uur per week (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Deeltijd 20 tot 35 uur per week 28 tot 35 uur per week (x 1 000) Beroepsbevolking Werkzame beroepsbevolking Arbeidsduur Voltijd (x 1 000) Beroepsbevolking Werkloze beroepsbevolking (x 1 000) Beroepsbevolking Werkloosheidspercentage (%) Niet-beroepsbevolking (x 1 000) Bruto arbeidsparticipatie (%) Netto arbeidsparticipatie (%)
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Totaal 2015 3.836 3.180 3.053 2.499 2.083 416 554 420 125 9 0 1.260 301 152 149 959 395 563 1.793 127 4,0 655 82,9 79,6
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Totaal 2016 3.922 3.247 3.136 2.570 2.116 454 565 430 127 7 0 1.283 299 150 150 983 392 591 1.853 111 3,4 675 82,8 80,0
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Totaal 2017 4.056 3.339 3.247 2.646 2.161 485 602 454 141 7 0 1.354 313 160 153 1.041 412 629 1.893 92 2,7 716 82,3 80,1
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Arbeidsgehandicapten 2015 308 172 156 121 106 15 34 29 5 0 0 84 27 13 14 57 25 32 72 17 9,6 135 56,0 50,6
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Arbeidsgehandicapten 2016 320 158 143 108 94 14 35 26 8 2 0 88 29 14 14 60 33 27 54 15 9,5 162 49,3 44,7
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Arbeidsgehandicapten 2017 372 191 180 135 109 26 45 39 5 1 0 110 42 22 20 68 34 34 70 11 5,8 182 51,2 48,2
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Niet-arbeidsgehandicapten 2015 3.528 3.008 2.897 2.377 1.977 401 520 391 120 9 0 1.176 274 140 134 902 370 532 1.722 111 3,7 520 85,3 82,1
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Niet-arbeidsgehandicapten 2016 3.602 3.089 2.993 2.463 2.023 440 530 405 120 6 0 1.194 271 135 135 924 360 564 1.798 96 3,1 513 85,8 83,1
Totaal mannen en vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Niet-arbeidsgehandicapten 2017 3.683 3.148 3.068 2.511 2.051 460 557 415 136 6 0 1.245 272 138 133 973 379 594 1.823 81 2,6 535 85,5 83,3
Mannen Onderwijsniveau: 3 hoog Totaal 2015 1.981 1.659 1.597 1.258 1.086 172 339 243 93 3 0 326 105 66 39 221 62 159 1.271 62 3,8 322 83,7 80,6
Mannen Onderwijsniveau: 3 hoog Totaal 2016 2.001 1.682 1.632 1.287 1.093 193 345 247 95 3 0 331 101 62 38 230 63 167 1.301 50 3,0 319 84,1 81,5
Mannen Onderwijsniveau: 3 hoog Totaal 2017 2.041 1.711 1.660 1.306 1.094 212 353 250 102 2 0 359 112 72 40 246 65 181 1.301 52 3,0 330 83,8 81,3
Mannen Onderwijsniveau: 3 hoog Arbeidsgehandicapten 2015 142 78 68 51 46 4 17 13 4 0 0 25 9 5 4 16 7 9 43 10 12,8 64 55,0 48,0
Mannen Onderwijsniveau: 3 hoog Arbeidsgehandicapten 2016 134 69 62 45 41 5 17 11 4 2 0 27 9 5 4 17 9 9 36 7 9,9 65 51,6 46,5
Mannen Onderwijsniveau: 3 hoog Arbeidsgehandicapten 2017 155 85 78 57 44 12 22 18 3 1 0 35 17 9 8 18 8 9 43 7 7,8 70 55,0 50,6
Mannen Onderwijsniveau: 3 hoog Niet-arbeidsgehandicapten 2015 1.840 1.581 1.529 1.207 1.040 168 322 230 89 3 0 302 96 61 34 206 55 150 1.227 52 3,3 259 85,9 83,1
Mannen Onderwijsniveau: 3 hoog Niet-arbeidsgehandicapten 2016 1.867 1.613 1.569 1.242 1.053 189 328 235 91 1 0 304 91 57 35 213 54 159 1.265 43 2,7 254 86,4 84,1
Mannen Onderwijsniveau: 3 hoog Niet-arbeidsgehandicapten 2017 1.886 1.626 1.581 1.249 1.049 200 332 232 99 1 0 323 95 63 32 229 57 172 1.258 45 2,8 260 86,2 83,8
Vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Totaal 2015 1.854 1.521 1.456 1.241 996 244 216 177 32 6 0 933 196 86 110 737 333 404 523 65 4,3 333 82,0 78,5
Vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Totaal 2016 1.921 1.565 1.504 1.284 1.023 261 220 183 32 5 0 952 199 87 112 753 329 424 552 61 3,9 356 81,5 78,3
Vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Totaal 2017 2.014 1.628 1.588 1.340 1.067 273 248 204 39 5 0 996 201 88 113 795 348 447 592 40 2,5 387 80,8 78,8
Vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Arbeidsgehandicapten 2015 166 94 88 70 59 11 17 16 1 0 0 59 18 8 10 41 18 23 28 7 7,0 72 56,9 52,9
Vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Arbeidsgehandicapten 2016 186 89 80 63 53 10 18 14 4 0 0 62 19 9 11 42 24 19 19 8 9,2 97 47,7 43,3
Vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Arbeidsgehandicapten 2017 218 106 101 78 65 13 23 21 2 1 0 75 24 13 11 50 26 25 27 4 4,1 112 48,5 46,5
Vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Niet-arbeidsgehandicapten 2015 1.688 1.427 1.368 1.170 937 233 198 162 31 6 0 874 178 78 100 696 315 381 494 58 4,1 262 84,5 81,1
Vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Niet-arbeidsgehandicapten 2016 1.735 1.476 1.423 1.221 970 251 202 169 29 5 0 890 179 79 101 711 305 405 533 53 3,6 259 85,1 82,0
Vrouwen Onderwijsniveau: 3 hoog Niet-arbeidsgehandicapten 2017 1.797 1.522 1.487 1.262 1.002 260 225 183 37 5 0 921 177 76 101 744 322 422 565 36 2,3 275 84,7 82,7
Bron: CBS.
Verklaring van tekens

Tabeltoelichting


Deze tabel bevat jaarcijfers over de arbeidsdeelname van wel en niet-arbeidsgehandicapten in Nederland. Zowel arbeidsgehandicapten als niet- arbeidsgehandicapten van 15 tot 75 jaar (exclusief de institutionele bevolking) worden ingedeeld in de werkzame, werkloze en niet-beroepsbevolking. De werkzamen worden verder ingedeeld op basis van de positie in de werkkring en de gemiddelde arbeidsduur. Voor de verschillende indelingen is een uitsplitsing naar geslacht, leeftijd en onderwijsniveau beschikbaar.

Gegevens beschikbaar van 2015-2017.

Status van de cijfers:
Cijfers op basis van de EBB zijn altijd definitief.
Wijzigingen per 18 mei 2018:
Geen, deze tabel is stopgezet.

Wiizigingen per 1 mei 2018:
De methoden die worden gebruikt voor het afleiden van het onderwijsniveau en de onderwijsrichting zijn verbeterd. Dit heeft gevolgen voor de cijfers over het onderwijsniveau in deze tabel.
Daarnaast wordt nu de Standaard Onderwijsindeling (SOI) 2016 gebruikt in plaats van die van 2006. Dit heeft gevolgen voor de cijfers over alle verslagperioden. Voor meer informatie, zie paragraaf 4 van de tabeltoelichting.

Wanneer komen er nieuwe cijfers?
Niet meer van toepassing. De gegevens in deze tabel worden (deels) opgevolgd in de tabel ‘Niet-werkzame bevolking; arbeidsbelemmering door langdurige ziekte’. Zie paragraaf 3.

Toelichting onderwerpen

Beroeps- en niet-beroepsbevolking
Personen die tot de werkzame, de werkloze of de niet-beroepsbevolking behoren.  

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar.
Beroepsbevolking
Personen:
- die betaald werk hebben (werkzame beroepsbevolking), of
- die geen betaald werk hebben, recent naar betaald werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn (werkloze beroepsbevolking).

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Beroepsbevolking
Personen:
- die betaald werk hebben (werkzame beroepsbevolking), of
- die geen betaald werk hebben, recent naar betaald werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn (werkloze beroepsbevolking).

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Werkzame beroepsbevolking
Personen die betaald werk hebben.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Werkzame beroepsbevolking
Personen die betaald werk hebben.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Positie in de werkkring
Indeling van de werkzame beroepsbevolking naar:
Werknemer
- met een vaste arbeidsrelatie
- met een flexibele arbeidsrelatie
Zelfstandige
- zonder personeel
- met personeel
- meewerkend gezinslid

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Werknemer
Een persoon die in een arbeidsovereenkomst afspraken met een economische eenheid maakt om arbeid te verrichten waartegenover een financiële beloning staat.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Werknemer
Een persoon die in een arbeidsovereenkomst afspraken met een economische eenheid maakt om arbeid te verrichten waartegenover een financiële beloning staat.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Werknemer met vaste arbeidsrelatie
Een werknemer met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd én een vast aantal uren per week.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Werknemer met flexibele arbeidsrelatie
Een werknemer met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd óf een flexibel aantal uren per week.
Tot de werknemers met een flexibele arbeidsrelatie behoren:
- Werknemer tijdelijk, uitzicht op vast
- Werknemer tijdelijk >=1 jaar
- Werknemer tijdelijk <1 jaar
- Oproep/-invalkracht
- Uitzendkracht
- Werknemer vast, geen vaste uren
- Werknemer tijdelijk, geen vaste uren

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Zelfstandige
Een persoon die voor eigen rekening of risico arbeid verricht
- in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer),
- als directeur-grootaandeelhouder (dga),
- in het bedrijf of de praktijk van een gezinslid (meewerkend gezinslid), of
- als overige zelfstandige.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Zelfstandige
Een persoon die voor eigen rekening of risico arbeid verricht
- in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer),
- als directeur-grootaandeelhouder (dga),
- in het bedrijf of de praktijk van een gezinslid (meewerkend gezinslid), of
- als overige zelfstandige.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Zelfstandige zonder personeel (zzp)
Een persoon die voor eigen rekening of risico arbeid verricht in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer) of als directeur-grootaandeelhouder (dga) en die geen personeel in dienst heeft. Overige zelfstandigen worden ook tot de zelfstandigen zonder personeel gerekend.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Zelfstandige met personeel
Een persoon die voor eigen rekening of risico arbeid verricht in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer) of als directeur-grootaandeelhouder (dga) en die personeel in dienst heeft.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Meewerkend gezinslid
Een persoon die zonder schriftelijke  overeenkomst arbeid verricht in het bedrijf of de praktijk van een gezinslid.

Als een persoon meer dan één baan of werkkring heeft, dan wordt uitgegaan van de baan of werkkring waaraan de meeste tijd wordt besteed.
Positie in de werkkring onbekend
Arbeidsduur
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Deeltijd
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Deeltijd
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Minder dan 20 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 20 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Minder dan 20 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 20 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Minder dan 12 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is minder dan 12 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
12 tot 20 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 12 tot 20 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
20 tot 35 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 20 tot 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
20 tot 35 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 20 tot 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
20 tot 28 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 20 tot 28 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
28 tot 35 uur per week
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 28 tot 35 uur.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Voltijd
Het aantal uren dat een persoon in een normale of gemiddelde werkweek werkt, is 35 uur of meer.

In de gemiddelde arbeidsduur worden overuren en onbetaalde uren niet meegerekend.
Werkloze beroepsbevolking
Personen zonder betaald werk, die recent naar werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Werkloosheidspercentage
De werkloze beroepsbevolking als percentage van de (werkzame en werkloze) beroepsbevolking.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar.
Niet-beroepsbevolking
Personen zonder betaald werk die niet recent naar werk hebben gezocht of daarvoor niet direct beschikbaar zijn.

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar. Bij betaald werk gaat het om werkzaamheden ongeacht de arbeidsduur.
Bruto arbeidsparticipatie
Het aandeel van de (werkzame en werkloze) beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en niet-beroepsbevolking).
  
Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar.
Netto arbeidsparticipatie
Het aandeel van de werkzame beroepsbevolking in de bevolking (beroeps- en niet-beroepsbevolking).

Deze definitie heeft betrekking op personen die in Nederland wonen (exclusief de institutionele bevolking). De gegevens worden meestal gepresenteerd voor de bevolking van 15 tot 75 jaar.